Het was 0.00 uur.
Niet dat ik gillend aan het aftellen was geweest, omringd door allemaal minstens zo blije mensen als ikzelf.
Niet dat ik in een bezwete bomvolle kroeg stond, waar ik omgeven door te blije mensen, mij nog verdrietiger zou voelen.
Ik was niet blij. Al een paar jaar niet.
Het enige wat mij omringde was mijn dekbed waar ik mij onder had verstopt, zoals ik vaak deed als ik wilde ontsnappen aan de boze wereld, die leek te worden bevolkt door deurwaarders en nog meer figuren die mijn wondere wereld niet leken te kunnen of willen volgen.
Ik drukte mijn hondje tegen me aan. Hij en ik tegen de rest van de wereld.
Boos slikte ik de bloemkool in mijn keel weg en kneep mijn ogen nog harder dicht in een poging de tranen terug te dringen.
Ik vluchtte in mijn eigen wereld waar het allemaal voorbij was.
Om half 1 sliep ik.
Het was 0.00.
Niet dat ik aan het aftellen was geweest.
Niet dat ik op een feestje was waar er niet viel te ontkomen aan de jaarwisseling.
Ik proostte op mij en dronk in een teug het glaasje alcohol leeg.
‘Dat ik volgend jaar een keer gelukkig mag zijn met oudejaars avond, beste God,’ sprak ik hardop uit terwijl ik mijn lege glas in de lucht hief.
God zou mij vast niet horen, schatte ik in, toen ik even later naar bed ging.
Want hoe ik ook mijn best deed, het was blijkbaar nooit goed genoeg.
Ik was een bug in God’s software.
Het is straks 0.00.
Terwijl ik dit stukje typ, gaat mijn blik naar de keuken.
Daar staat hij. De ernstige blik in zijn ogen verraad opperste concentratie bij het maken van één van onze lievelingsgerechten.
Uit de speakers klinken per ongeluk droevige klanken.
‘Zielig liedje,!, schreeuwt hij vanuit de keuken, ‘dat wil ik niet.’
Ik schiet in de lach. Hij heeft gelijk: de tijd van zielig, treurig, verdrietig is voorbij.
Althans, wel dat type schrijnende, stille verdriet waarin ik eenzaam in mijn eigen cocon was opgesloten.
Ik nestel mij nog dieper in de bank.
Genietend van hem, de hondjes, de kaarsjes, de zoete geur van wierook en de woest rappende Lil’Kim uit de speakers.
Voor iedereen die zich te goed herkent in het eerste deel van dit stukje, zijn de volgende woorden.
Lieve jij,
Het wordt beter, leuker, anders. Echt.
Hou vol en weet, je bent niet alleen. Niet echt.
Het gaat voorbij. Echt.
Koester wie en wat jij bent, dan komt het echt wel goed…




