Eigen volk heerst

Regelmatig is er via de ventilatie kanalen in onze Amsterdamse woning, in het trappenhuis of op het balkon een vleugje pure Hollandse natuur te ruiken.
Wie deze buurman of vrouw is met erg groene wietvingers weten we niet.
In mijn buurt hebben we fatsoen, dus peinst niemand er over om de woningbouwvereniging of politie te informeren.
Dat doe je gewoon niet.

Er zijn tal van dingen die je in mijn buurt gewoon niet doet.
Een ontzettend belangrijke op de lijst van dingen die je niet doet, is Het Systeem helpen. Het Systeem is in onze buurt vertegenwoordigd in de vorm van politie.
Regelmatig worden scooter jongetjes achtervolgd door een politie peloton.
Bewoners ergeren zich kapot aan datzelfde scooter jongetje, maar zij ergeren zich nog veel meer aan de politie helikopter die dagelijks boven de huizen cirkelt waardoor het horen en zien je vergaat.
Dus wint de scooter jongen, immers is elke vorm waarbij de politie kan worden tegengewerkt, goed. Ook als zij zichzelf daarmee in de vingers snijden.
Buitenstaanders die hier niet de logica van inzien, zullen het nooit snappen, al is het alleen al omdat zij maar niet inzien dat de politie een natuurlijke vijand van de mens is.
Nu zou het zomaar kunnen gebeuren dat als het scooter jongetje of een van zijn vrienden uit de buurt weet wie een wiettuintje er op na houdt, de hovenier op een dag een leeggehaalde woning aantreft, maar ook dit wordt zelf wel opgelost want snitchen bij de politie dat doe je gewoon niet.
Nee zeg, we houden het natuurlijk wel netjes, hè. En gezellig, dat ook.

Verleden jaar zomer stonden elke dag rond het middaguur ineens veel buurmannen gierend van het lachen op hun balkon aan de achterzijde van de woningen, dat uitkijkt op de gemeenschappelijke tuin die wordt omringd door een groot huizenblok.
Van de een op de andere dag klonk er namelijk op alle dagen van de week rond hetzelfde tijdstip hysterisch hard vrouwen gegil, dat werd afgewisseld met snoeiharde, kletsende geluiden.
In eerste instantie werd gedacht dat er een vrouw in ernstige nood verkeerde en zij dagelijks een pak rammel kreeg.
Nader deskundig onderzoek door diverse werkeloze/hosselende buren die het balkon op renden bij het horen van de kreten, wees uit dat de dame in kwestie met een mannelijk lid er van langs kreeg.
Binnen enkele dagen stond praktisch het halve huizenblok rond het middaguur op het balkon; lachend, druk gebarend naar elkaar en gissend uit welke woning het kwam.
Het werd een soort ritueel dat af en toe ruw werd verstoord door die ene buurman die nachtdiensten draaide.
Hij was in tegenstelling tot de andere buurmannen, not amused en hing woedend uit zijn slaapkamerraam om op karakteristieke wijze die mijn wijk eigen is, zijn ongenoegen  te ventileren: ‘Is het godverdomme nou eens afgelopen die kankerherrie?! Ik heb nachtdienst gehad, klootzakken!’
Een andere buurman nam het geluid van de orgasmerende dame zelfs op met zijn mobiele telefoon en liet dat tijdens de buren ouwehoer conferentie voor de deur, aan alle buurtgenoten horen.
Het werd zijn missie om uit te zoeken waar het geluid vandaan kwam en nog belangrijker: wie de dame en heer in kwestie waren.
Hij zou dat uiteraard nooit kunnen achterhalen, ons huizenblok heeft minimaal 200 woningen, redeneerden Echtgenoot en ik.
Het kostte hem slechts één week.
Een week posten, volgen, weinig slapen en uitpluizen.
Natuurlijk deed hij heel geheimzinnig over de wijze waarop hij het had weten te achterhalen.
Het is dan ook redelijk beschamend te moeten vertellen dat dit je 24/7 tijdsbesteding is.
Maar eerlijk is eerlijk, wij hingen allemaal aan zijn lippen toen hij wist te vertellen dat het die ene alleenstaande man van om de hoek was, die dagelijks de erg getrouwde, zeer streng gelovige mevrouw van drie straten verderop naar binnen liet sluipen, om haar na dik een uur weer net zo stiekem naar buiten te laten sneaken.
Moe, maar voldaan na gedane buitenechtelijke arbeid.

Ach, niets menselijks is ons vreemd.  Alhoewel…
Ik werd even stil en vervolgens ietwat onpasselijk toen ik hoorde over mijn buurvrouw.
Die ene smoezelige buurvrouw van 62 die ontbijt met Heineken, altijd te hard praat, te hard lacht en over ministens 20 kinderen en 30 kleinkinderen beschikt. Ze woont, net als haar oudste dochter, in met pluisjes en poezenharen bedekte rose en zachtblauwe joggingpakken. Ongeacht of het zomer of winter is.
Ze is al een paar keer aangetroffen met de 150 kilo wegende, ongedouchte buurman met wie zij diepgaand oraal contact onderhoudt.
In de kelderbox.
Sinds dit wereldnieuws bekend werd heet zij de boxtopper.
Het deert haar niet, want het boeit haar niet.

De gemeente is hard bezig mijn wijk te verbeteren.
Amsterdammers zijn heel goed in kankeren op wat er allemaal niet deugt, dus waren de bewoners in eerste instantie blij toen zij hoorden dat de buurt ‘eindelijk’ zou worden opgeknapt.
Natuurlijk waren ze vooraf geïnformeerd middels keurige brieven die ongeopend werden weg geflikkerd en waren ze herhaaldelijk uitgenodigd om een presentatie van de plannen bij te wonen, die ze vanzelfsprekend nooit bezochten.
Het zou goed komen, dachten de bewoners, want het was overduidelijk voor iedereen wat er moest worden verbeterd: aanpak van de buurt straatrovers omdat ze troep veroorzaakten op hun hangplek, minder fouilleer acties van de politie, afschaffen van die klote politie helikopter, aanpak van buurt gajes (de import studenten) en meer inzet van de stadsreiniging om de troep van de bewoners op te ruimen.

Het kwam niet helemaal niet goed, beseften geschrokken bewoners toen zij ‘ineens, zomaar uit het niets, zonder te zijn ingelicht!’ geconfronteerd werden met de gerealiseerde plannen: import mensen!
Bakfieten die hun straten vervuilden!
Het gekanker was en is niet van de lucht vanwege de tsunami ‘import’ en ‘kakkers’ die voormalige sociale huurwoningen ‘inpikten’ door deze te kopen van de woningbouwvereniging.
Wie nu s’avonds naar binnen gluurt, ziet dat de kanten kitsch vitrages en luxe Leen Bakker lamellen in toenemende mate plaatsmaken voor kale inkijk ramen.
Woningen, ingericht volgens de duurste woonmagazines waar papa Cees en mama Francine met Cees junior en dochter Lisa aan een design eettafel hun avond eten nuttigen, in plaats van gezellig en normaal met z’n allen met een bord op hun schoot voor de schallende tv te eten.

Ik zei het al eerder: in mijn wijk hebben ze goed fatsoen, vinden de oorspronkelijke bewoners.
Kakken in je eigen nest door je eigen mensen te beroven of bij hen in te breken doe je dus niet (tenzij ze een wietplantage hebben en je de eigenaar niet zo goed kent ).
Het is avond en Echtgenoot en ik zijn op weg naar huis.
Mijn blik gaat naar een recent betrokken Casper en Francine woning en glijdt over de peperdure inrichting.
Ik slaak een diepe zucht en schud mijn hoofd. Mij ondertussen afvragend hoelang zij, de import mensen die nooit zullen vallen onder ‘eigen mensen’, nog die Bang & Olufsen aan hun muur zullen hebben die behalve door mij, door veel, héél veel anderen in mijn wijk zijn te zien vanaf de straatkant.

Wanneer ik voor elk jaar celstraf dat ooit is uitgezeten door mensen uit mijn buurt een euro zou krijgen, zou ik wellicht de villa van zangeres Anouk kunnen kopen.
Maar zeg nu zelf, wat zou ik toch moeten in een buurt waar ik mij nooit meer kan ergeren aan de muziek die uit een stilstaande auto voor de deur bonkt en mijn ramen laat trillen?
Wat zou ik toch moeten in een huis waar nooit een vleugje wiet is te ruiken?
Waar zou ik toch zijn, zonder alle dwazen, gekken, wilden, irritante, schreeuwende, lachende, ruzie makende mensen waar ik mij bij thuis voel?
Mijn buurt is nagenoeg perfect.
Op een ding na: die toename van bakfietsen en hun nette eigenaren.
Dát is een ontwikkeling die mij ernstige zorgen baart.
[facebook_ilike]

 

Dit bericht is geplaatst in OverLeven, Straatrumoer. Bookmark de permalink.

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Verplichte velden zijn gemarkeerd met *

*

De volgende HTML tags en attributen zijn toegestaan: <a href="" title=""> <abbr title=""> <acronym title=""> <b> <blockquote cite=""> <cite> <code> <del datetime=""> <em> <i> <q cite=""> <strike> <strong>