Alleen voor grote mensen.
Nakken doen we dus niet ©
Niets uit deze teksten mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand en/of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of op enige andere manier zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteur Mrs. Bruja- oralistisch.nl‘Vind jij leuk’
-
Laatste blogs
- Kiekje
- Mensen
- C’est la vie
- Bellen blazen
- Soul scars
- De verhalen op mijn huid
- Braziliaanse wake up call (part II)
- Ingezonden gedicht van ‘Miss Fiducia’ (16 jaar)
- Echte liefde
- Cirkels
- Beste meneer Teeven
- 2013
- Haar bezette mannen fetish
- Beste mannen (dit gaat over SEX!)
- ‘Hunnie’
- 1 december
- ‘Pedofilie netwerken open: ritueel kindermisbruik’
- Van die mensen
- Spiritueel tuig
- Welcome in the darkness
- Kado tip: een onsje mededogen
- Liever stiekem
- ‘A good dick is hard… (to find)’
- HTTP 500: Internal Server Error Mrs Bruja (part II)
- Dance with the devil
- Soul scars
- Dun drama
- Mama’s natte krant
- Sex saboteersters
- Nooit goed genoeg
Categorieën
- Een kijkje in Bruja's hoofd (30)
- Man vs Vrouw en ander relatie gedoe (38)
- Mannen (9)
- Media & meer (40)
- Ouders & opvoeding (27)
- OverLeven (63)
- Straatrumoer (40)
- Vrouwen (23)
- XXX met een ;-) (16)
Het Archief
Zoek en Gij zal vinden
Kiekje
Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd
Een reactie plaatsen
Mensen
Sommigen zijn er een paar jaar, een seizoen, een dag of een nacht
Sommigen zijn er oppervlakkig, maar evengoed waardevol
Sommigen zijn er nooit, al geloof je het tegendeel omdat ze er fysiek altijd zijn
En sommigen waren er ooit zomaar heel even
maar blijven voorgoed in je leven

Geplaatst in OverLeven
Een reactie plaatsen
C’est la vie
‘Waarom overkomt MIJ dit altijd?!’ *dramatische/huilerige toon*
Omdat het leven zo nu en dan eenvoudigweg kut is. Daarom. Zo uniek ben je dus niet.
‘ALTIJD heb ik pech!!’
Nee. Niet. Zie bovenstaand antwoord.
Geluk belt niet aan. Geluk wordt ook niet bezorgd door de postbode.
Geluk creëer je deels zelf door te genieten, te relativeren en simpelweg actief iets te ondernemen. Maak er wat van…
Geplaatst in OverLeven
Een reactie plaatsen
Bellen blazen
Ik heb minstens zoveel slechte eigenschappen als goede. Een daarvan is mijn manipulatieve vermogen. Manipulatie wordt geassocieerd met negatief: iemand naar je hand zetten, bewerken, ergens toe aanzetten wat in je eigenbelang is.
Opvoeden of iemand opleiden als docent, bijvoorbeeld. Of nee toch niet, hè? Dat heet geen manipuleren maar bijbrengen, sturen en begeleiden.
Wat ik maar bedoel aan te geven is dat manipuleren niet per definitie slecht hoeft te zijn. Het kan slecht worden gebruikt, maar dat hoeft niet.
Ik was mij als jonge blom niet zo goed bewust van dit talent. Dus manipuleerde ik mij helemaal kapot, zonder dat ik zelf doorhad wat ik deed.
Ik kreeg het trouwens uiteindelijk wel door. Vooral toen ik menigmaal op mijn bek was gegaan nadat ik, – achteraf bekeken dan – bozig, verdrietig of zelfs razend mij af zat te vragen waarom iets was uitgedraaid op een mislukking: ik had er verdomme toch zó hard mijn best voor gedaan, om het voor elkaar te krijgen!?
Het kwartje viel. Eigenlijk hele geldwagens vol kwartjes vielen er toen ik, de doorzetter die ik ben (want drammer klinkt zo akelig) het verband begon te zien met mijn eigen handelswijze en de zoveelste Ware En Nu De Echte Ware, die toch ook geen Ware bleek te zijn na 3 maanden (of na 8 jaar).
Het is zo verleidelijk. Het is zo eenvoudig. Het gebeurt zo snel dat je het zelf eigenlijk niet eens door hebt: iemand waar je verliefd op bent en waarvan jij alleen nog maar even die ander moet overtuigen dat jij ook De Ware bent voor hem of haar.
Als je over basis manipulatie skills beschikt is de kans best groot dat het je zal lukken en als je een ware prof manipulator bent, neemt die kans toe. Je zal die ander krijgen en vangen en hebben.
Probleem: het is niet echt. De prijs die je daarvoor uiteindelijk betaalt is hoog. Iets wat zuiver en puur hoort te zijn zoals de liefde, kan nooit groeien wanneer de wortels onoprecht, egoïstisch, onzuiver en gemanipuleerd zijn. Dat mag je best met mij oneens zijn, trouwens, maar ik ben hier inmiddels van overtuigd, dankzij de schade en schande die ik heb ondervonden.
Waarom doen we het? Waarom creëren we iets, forceren we iets, knutselen we een leugenachtige waarheid?
Simpel: omdat we het zo graag willen. Omdat het verdomd veel zeer doet als je eenzaam bent, alleen bent of die ene zó ontzettend graag wilt als partner.
Maar wanneer je jouw Ware moet overtuigen dat jij zijn of haar Ware bent, gaat er iets niet helemaal goed en zou je eens moeten overwegen of diegene wel je Ware is (schrale troost: de praktijk wijst uit dat we meer dan 1 Ware hebben in ons leven).
Ik heb lesgeld betaald. En geloof me, dat was een van de hoogste rekeningen die ik ooit heb betaald.
Toch heeft het me wakker geschud en ben ik dus alsnog blij. En tijdens mijn boetedoening nam ik mij een ding heel stellig voor: nooit meer.
Ik wilde echt en ik wilde dus dat de ander net zo graag wilde als ik. Moeite doen voor een ander is prima. Jezelf in bochten wringen om met de volhardendheid van een pitbull vast te houden aan iets of iemand is allesbehalve prima.
Ik leerde Hem kennen, de huidige Echtgenoot, en hoe stralend van verliefdheid ik ook was, ik waakte er voor om niet te manipuleren. Dat kostte moeite, maar mijn missie slaagde: het en hij en wij waren echt. Zijn daardoor nog steeds echt.
Een ander laten geloven is mooi. Maar een ander en zijn of haar gevoelens zelf leren kennen en laten tonen, is zoveel mooier.
Want een realiteit is altijd nog beter dan leven in een leugen: je verdient beter immers zoveel beter dan te leven in een bubble…
Geplaatst in Man vs Vrouw en ander relatie gedoe
Een reactie plaatsen
Soul scars
Afgelopen week woonde ik een conferentie bij. Woorden als ‘conferentie’, ‘nascholing’ en ‘studiedag’ roepen bij mij in eerste instantie vaak weerstand op. Ellenlange monotone monologen. Saai. Weet ik al. Kan ik al. Doe ik al. Kleffe broodjes met dik boter en smerige kaas. Te donker gebakken ranzige kroketten. Slappe thee. Dat zo ongeveer.
Daarom ben ik nogal selectief geworden wat ik bezoek. Deze conferentie ging over automutilatie (het beschadigen van jezelf) en (dreigende) zelfdoding onder jongeren en kinderen.
Ik ben snel uitgekeken en verveel mij snel. Zo was mijn gemiddelde verblijfsduur op een school gemiddeld 3 tot 12 maanden per schooljaar. Later in mijn leven een dienstverband gemiddeld 2 tot maximaal 6 maanden. En eigenlijk gold dat ook wel voor vriendjes. Kortom, ik ben een asshole, raak snel verveeld en uitgekeken én heb een extreem groot concentratieprobleem. Het verdient dus alle lof dat ik tijdens deze conferentie welgeteld 7 uur lang ademloos en geboeid alles heb gevolgd.
Ik zal nog een informatief stukje schrijven voor mensen die meer over dit onderwerp willen weten, inclusief cijfers en feiten, alarmerende signalen, gesprekstips en handelswijze na vaststellen.
Al drie dagen spoken de schrijnende verhalen door mijn hoofd die werden verteld, naast alle informatie en tips. Het verhaal van de jonge ervaringsdeskundige Charlie Bee die overigens twee boeken heeft geschreven, raakte mijn hart door haar wijsheid en oprechtheid.
Het verhaal van Debby, verteld door haar ex-docente, die nu, op 27 jarige leeftijd, in een gesloten instelling woont en zichzelf letterlijk van top tot teen snijdt. Gek? Haar vader en ons rechtssysteem, ja. Die zijn gek. Haar vader die haar als kind jarenlang seksueel misbruikte (‘ik kreeg 2,50 per wip’) en slechts tot 3 jaar werd veroordeeld toen het misbruik uitkwam. Haar vader, die daarna aan het werk ging als conciërge op een school.
Debby haar leven is kapot. Zelfs de snijwonden en littekens zullen ons nooit precies kunnen vertellen hoeveel pijn zij lijdt en heeft geleden.
De dag werd mooi afgesloten door de vrouw die Debby’s verhaal vertelde en tevens een van de trainsters en spreeksters was: ‘Als jullie na deze dag een kind kunnen helpen doordat jullie hebben geleerd signalen te herkennen, is mijn doel bereikt.’
Een mooi doel waar ik graag aan zal proberen bij te dragen door de opgedane kennis ook weer te delen met mensen die mijn stukjes lezen.
Geplaatst in Ouders & opvoeding, OverLeven
Een reactie plaatsen
De verhalen op mijn huid
Het zal de meeste mensen niet zijn ontgaan: ik hou van tattoos. Ik heb er zelf dan ook aardig wat. Nu ik dus redelijk onder de inkt zit en uiteraard al zo’n 23 jaar reacties en vragen krijg, heb ik nu maar eens de meest stupide, raarste, opmerkelijkste, brutaalste en wtf-moet-ik-hier-nou-mee vragen/opmerkingen op een rijtje gezet:
1- ‘Wat groot!!!!’ *geschokte of vragende blik*
WTF moet ik hier nou mee? Wat denk je nou zelf? Dat ik iets zet waarvan mijn bedoeling was om het niet groter dan 2 centimeter te laten worden en toen het af was ik ineens zag dat het mijn hele rug bedekte?
2- ‘Krijg je daar nou geen spijt van later?’ *uitdrukking op gezicht alsof persoon poep ruikt*
Nee. Eenmaal oud zijn jij en ik allebei lelijk, gerimpeld, zeer waarschijnlijk dik of tenminste uitgezakt en hebben een treurige huid. Mét of zonder tattoos maakt dan echt geen ruk meer uit, hoor: we will both look like shit.
Los daarvan, ik vind het nu mooi. Ik denk na over wat ik zet en waar ik het zet.
Los daarvan part II: welke ‘later’?
Ik bén al ‘later’. Ik ben oud en ook nog eens oud genoeg om te weten dat ik nooit in bepaalde beroepen/sectoren zal werken waar dit niet geaccepteerd is en waar ik dus ook nooit zou willen werken.
3- ‘Wat vind je man daar nou van?’ *huishoudbeurs bezoekers gezicht*
Fantastisch. Hij heeft mij met tattoos leren kennen en is ontzettend blij met mij: met of zonder tattoos, maar liever mét. En als hij dat niet had gevonden en mij op grond daarvan niet had gemoeten, was het dus niet mijn type man geweest.
4- ‘Vind jij niet dat je toch een soort voorbeeld hoort te zijn voor jongeren en tja, met die tattoos…’ *zuinig mondje*
Ik ben een uitstekend voorbeeld. Sowieso zal ik elke jongere afraden op te jonge leeftijd tattoos te nemen, omdat je dan vaak nog niet weet wie en wat je bent. Ik praat dus met ze
daarover en ik geloof dat ik daardoor eerder jongeren behoed voor het stiekem zetten van stomme, impulsieve tattoos.
Maar los daarvan: ik ben mezelf. Ik kom er voor uit wie en wat ik ben. Dat vind ik op zich al een goed voorbeeld zijn. Bovendien vind ik het prima dat mensen leren en zeker dus ook jongeren, om verder te kijken dan alleen een buitenkant, het uiterlijk. Vooroordelen hebben we al genoeg in de wereld, toch?
Enne…wie bepaalt dat tattoos ‘slechte voorbeelden’ zijn? De maatschappij? De ‘echt fatsoenlijke’ mensen? *kuch*
Ik vind het kunst en het is mijn huid, mijn lichaam. Niemand komt mij ooit nog opleggen hoe ik er uit ‘hoor’ te zien.
5- ‘Deed het zeer?’ *angstige blik*
Ja.
6- ‘Ik vind het niet mooi.’ *Zo! dat zeg ik dus gewoon, ja!-gezicht*
Aha. Nou, ik kan je beloven dat ik er werkelijk geen seconde wakker van zal liggen, geen moment woelend in mijn bed lig, mij ondertussen enorme zorgen makend dat jij het lelijk vindt.
Uh…wat laat je trouwens denken dat iemand met een tattoo op jouw oordeel zit te wachten? Een mening, reactie of oordeel waar ze in veel gevallen niet eens om vroegen.
7- ‘Zonde! Echt zonde!’
Jouw persoonlijkheid ook.
Veel mensen die een tattoo zetten, doen dat met een reden.
Soms is die reden meer dan jij ooit zal weten, wellicht omdat je het belangrijker vond diegene te veroordelen in plaats van te luisteren wanneer je je zogenaamde vraag stelde waarom diegene een tattoo zette. Het was namelijk geen vraag van je: je zocht gewoon een ingang om je afkeuring en veroordeling te spuien.
Mijn tattoos zijn mijn stille getuigen. Mijn reminders. Mijn inspiratiebronnen.
Mijn geheimen. Mijn verzet. Mijn sieraden van mijn geest en mijn ziel, vastgelegd in een tekening op mijn huid.
Jij ziet een naam, een bloem, een tekst. Jij zegt dat je het mooi vindt of lelijk. Ik glimlach en voel me meestal niet geroepen om het voor jou onzichtbare verhaal te vertellen achter die naam, die bloem, die tekst.
Ik hou van mijn tattoos. Ik vraag je niet om er ook van te houden. Ik vraag je alleen om andere mensen in hun waarde te laten. Precies zoals jij ook graag in je waarde wilt worden gelaten.
Mijn tattoos vertellen meer dan alle verhalen, gedachten en gevoelens die ik typ of schrijf.
Maar niet iedereen kan geheimschrift lezen.
Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd, OverLeven
1 reactie
Braziliaanse wake up call (part II)
Ze zijn een plaag in de toeristische Braziliaanse plaatsen. In het gunstige geval bedelen ze, in een ongunstiger gevallen beroven ze je. Het leven bestaat voor hen uit dagelijks overleven en vaak snappen ze niet dat wij het zo betitelen. Het zijn daders en slachtoffers. De grens tussen die twee loopt vanuit hun eigen perceptie nogal eens door elkaar, bijvoorbeeld wanneer vieze, oude mannen hun lusten op hen botvieren in ruil voor wat geld waar ze lijm voor kopen die ze opsnuiven uit de smerig ogende, bruine papieren zakjes.
Het zijn meestal jongetjes. Deze twee waren 9 en 11 jaar oud en al op onze eerste avond aan de boulevard waar hun werkgebied lag, spraken ze ons aan en vroegen om geld om eten te kopen.
Pedagogisch verantwoord nam ik ze mee naar de supermarkt. Daar waren ze niet zo blij mee: ze hadden om geld gevraagd, niet om een mevrouw die eten voor ze kocht.
Ze wezen mierzoete koekjes aan en na mijn afkeurende blik, wezen ze naar hardroze, ongezonde vla waar ongetwijfeld miljoen kleurstoffen aan waren toegevoegd. Ik probeerde ze nog over te halen om fruit te eten, maar dat werd geweigerd.
Vanaf die eerste avond zagen wij hen elke dag. Wandelend op hun blote voeten of vergane slippers, met enkel een piepklein half vergaan boxershortje aan hun onderontwikkelde, dunne lijfjes waar de witte vlekken op hun bruine huid zichtbaar waren: het gevolg van lijmverslaving en ondervoeding. In het schijnsel van de lantaarns waren de talloze vlekken nog maar nauwelijks zichtbaar.
Elke dag gaven we ze wel iets: eten, wat kleingeld of koekjes. Maar het was nooit genoeg om mijn schuldgevoel en schaamte weg te nemen. Toen ik op een avond de kleinste op zijn kop gaf omdat wij de avond daarvoor hadden gezien hoe hij mijn zorgvuldig ingepakte rijst, garnalen en groente doodleuk bij een dealer aanbood om dit te ruilen voor lijm, lachte zijn vriendje hem hard uit. Bedremmeld stond de kleine jongen voor me, zijn hoofd schuldbewust gebogen.
Mijn vinger ging naar zijn kin en tilde zijn koppie omhoog. Zijn bruine ogen vonden de mijne toen ik hem waarschuwde mij dit niet meer te flikken. Hij leek bijna blij te zijn met mijn preek.
‘We gaan morgenochtend terug naar Nederland.’
Hun ogen drukten een mengeling van onverschilligheid en spijt uit. We stonden op de inmiddels bijna verlaten boulevard, het was al laat. Besluiteloos keken we elkaar aan. Even aarzelde ik en voelde me voor het eerst in jaren onzeker tegenover een kind. Ik slikte en deed een stap naar voren. Mijn armen sloot ik heel voorzichtig om het kleine kinderlijf dat ik direct onder mijn aanraking voelde verstijven. Shit, had ik toch de verkeerde beslissing genomen, schoot door mijn hoofd en vervloekte mezelf.
Net toen ik hem los wilde laten, voelde ik twee kleine armpjes om mij heen die mij na een korte aarzeling, steeds steviger vasthielden. Na enkele seconden maakte ik mij voorzichtig los uit zijn omhelzing. Mijn handen omsloten zijn gezichtje en voorzichtig drukte ik twee kusjes op beide wangen en kreeg twee kusjes terug. Hetzelfde deed ik bij zijn iets oudere vriendje. De kleinste begon te peuteren aan een piepklein touwtje aan zijn pols: zijn enige bezit, samen met de boxershort die hij droeg.
Na wat gepeuter kreeg hij het los en probeerde het zwijgend om te binden om de pols van mijn man.
Deze trok op zijn beurt zijn tshirt uit en gaf het aan hem. Hij weigerde en gebaarde dat het te koud nu was voor mijn man om met ontbloot bovenlichaam terug te moeten lopen naar het hotel. Ik verbeet mijn tranen en trok het t-shirt bij hem aan.
Teruglopend naar het hotel draaide ik mij nog een paar keer om. Het t-shirt wapperde door de wind rondom zijn magere benen terwijl hij en zijn vriendje ons uitzwaaiden tot we de twee kleine gestaltes niet meer zagen in de duisternis.
Mijn keel kneep zich samen, mijn tranen beten in de verbrande huid van mijn gezicht.
Het armbandje hebben we nog steeds. Het ligt op het dressoir en elke keer wanneer mensen op bezoek zijn en vragen wat het toch is, vertel ik een verhaal.
Een verhaal over een klein kind, een straatrat, een rover, een verslaafde en een boef, ergens in Brazilië, dat vrijwel niets bezat en het weinige wat hij wel bezat, weggaf aan een mevrouw en een meneer die zich schaamden voor hun rijkdom. Maar die mevrouw en die meneer, die hielden van hem en zouden hem niet vergeten. Nooit meer.
Geplaatst in OverLeven, Straatrumoer
Een reactie plaatsen
Ingezonden gedicht van ‘Miss Fiducia’ (16 jaar)
Zwak en naïef dat zij was, durfde ze nooit haar mond te openen.
Maar die sterke en onafhankelijke meid was na die ene dag verschenen
Pijn is iets dat zij niet verdiende, maar wel kreeg.
Iets dat haar brak, maar ze zweeg
Een lach bedekte alle wonden die zij had
Op een dag moest alles eruit, alle woede die zij bezat
Zij probeerde iedereen tevreden te houden, maar dat ging ten koste van zichzelf
maar tot die ene dag kwam zij op voor zichzelf
Die ene klap brak iets van binnen
Het was genoeg, een andere tijd zou beginnen
Die laatste traan deed de emmer overlopen
Die tijden van stil zijn en Ja knikken zijn afgelopen
Zij verzamelde al haar moed en gooide haar leven om
het ging altijd mis, maar waarom?
Vallen en opstaan, wissen en opslaan
Op weg naar de top of onderweg kapot gaan?
Zij koos voor de top en kreeg een idee
Zij bleef lachen, maar dit keer lachten haar ogen mee
Geschreven door ‘Miss Fiducia’: een hele bijzondere, sterke, wijze en lieve jonge meid.
Im so proud of this young girl…
Geplaatst in OverLeven
15 Reacties
Echte liefde
Ze waren 14 en 23 jaar oud. Van liefde op het eerste gezicht was geen sprake: lust op het eerste gezicht, dat was er zeker. Maar na het blussen van de eerste wellustige vuurzee, groeide de liefde.
Het zou vast geen stand houden, want zo gaat dat nu eenmaal met tienerliefdes, redeneerde iedereen.
Ik ken de talloze verhalen over hen: letterlijk vechtend door de Leidsestraat, zonder twijfel omdat de ander weer eens buiten de pot had gepiest, waarbij de een de ander door een etalage ruit van een brillenwinkel had gegooid. Daar was hij nog voor opgepakt omdat ze dachten dat hij brillen wilde jatten uit de etalage. Daar waren ze allebei trouwens goed in: buiten de pot piesen maar soms deden ze dat gerust ook gezellig samen. Net als drinken, feesten en nog veel meer ontzettend fijne dingen. Ze leefden het leven als een groot feest. Als kind ontging mij een hoop, maar ik vond het wel altijd hártstikke gezellig wanneer ik als hun nichtje op bezoek bij ze ging.
Dat had behalve met de vrolijkheid, ook wel te maken met de enorme borden patat die ik kreeg: thuis kreeg ik dat niet en als ik het al kreeg, dan was het zelfgemaakte patat, gebakken in oergezonde vetvrije fituurvet. Die waren lang niet zo lekker als de vette patatten met een enorme klodder mayo die ik bij hun kreeg. Oh en de flipperkast, die midden in de woonkamer stond: dat droeg ook altijd bij tot mijn blijdschap tijdens een familiebezoek aan hen.
‘Mama, waarom heb ik twee ooms? Waarom heeft mijn oom geen tante?’ vroeg ik mijn moeder als jong meisje tijdens het afwassen.
‘Omdat je oom niet verliefd wordt op meisjes. Hij wordt verliefd op jongens,’ antwoordde mijn moeder en zette een glas in het afwas rek. Ik knikte na deze uitermate duidelijke en goede verklaring. Logisch, vond ik het en repte er nooit meer een woord over. Het was pas in mijn tienertijd dat ik geconfronteerd werd met homohaat: ik begreep het niet. En nu, als volwassen vrouw, weiger ik om het te begrijpen.
Ze waren 14 en 23 jaar oud en de tienerlust die liefde werd, hield stand. De een na de ander in onze familie ging scheiden, maar zij twee bleven. Zo nu en dan tegen elkaar gillend, schreeuwend, scheldend, tierend en vechtend door de Leidsestraat en ongetwijfeld nog heel veel andere straten, maar uiteindelijk kwamen ze altijd weer thuis. Samen.
‘Ik ben je oom altijd trouw geweest,’ zei hij afgelopen zomer nog tegen mij. ‘Hier ben ik hem altijd trouw geweest,’ en legde zijn hand op zijn hart. Ik knikte instemmend. ‘Ik weet het. Hij jou ook.’
De laatste dagen gleed hij langzaam maar zeker weg tot hij uiteindelijk in een comateuze toestand zweefde waarin het nog slechts een kwestie van uren of dagen was.
Eergister ontwaakte hij ineens midden in de nacht en sprak hij zijn laatste woorden uit tegen mijn oom: ‘Ik hou verschrikkelijk veel van je.’
Liefde, échte liefde gaat verder dan een ja-woord. Echte liefde doorstaat verstoting door mensen, soms zelfs uit je naaste omgeving, vanwege je geaardheid. Echte liefde kent geen ras, kleur, geloof of geaardheid.
Echte liefde is als je na 45 jaar samenzijn je op je sterfbed die laatste, mooiste woorden uitspreekt tegen diegene met wie je bent vergroeit. Je geliefde. Je maatje. Je wettelijke echtgenoot. Maar bovenal je soulmate.
Die ene in je leven, met wie je zo verschrikkelijk blij was.
Tot je laatste moment op aarde.
Rust zacht lieve oom Cor en we maken er een mooi feest van tijdens je uitvaart.
Ik weet dat jij de versie van Frank Sinatra wilt horen op die bijzondere dag, maar nu beluister ik de Spaanse versie voor je.
xxx
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
Geplaatst in OverLeven
Een reactie plaatsen
Cirkels
De uitspraken van veel ouders over hoe zwaar zij het pas écht hadden, hoeveel meer zij moesten doen, hoeveel minder zij hadden en kregen. Maar vooral over hoeveel harder de klappen waren die zij kregen en hoe verschrikkelijk veel zwaarder, erger de straffen waren die zij moesten ondergaan van hun eigen vader of moeder die ook nog eens niet schuwde om de riem, een stok of alles wat er maar onder handbereik lag te gebruiken tijdens een afstraffing.
Ik ken al die verhalen. Ik ken al die uitspraken van dit soort ouders.
En eigenlijk heb ik dan alleen maar wat vragen na hun tirade waarin ze willen aantonen, willen bewijzen tegenover mij dat de klappen die zij hun eigen kinderen nu uitdelen, ‘dus helemaal niets voorstellen’.
‘Hoe voelde u zich als kind, toen u volkomen machteloos stond, u soms bijna doodsangst voelde voor uw eigen moeder of vader? Waren al die harde woorden, keiharde straffen achteraf gezien nu werkelijk nodig alle keren? Bent u wie u bent vandaag de dag dankzij of ondanks die klappen? En wat zei uw eigen vader of moeder, wanneer u huilde vanwege de pijn en de straffen, wat zei uw vader en moeder dan over zijn of haar eigen jeugd…?’
Om een cirkel te doorbreken, zul je moeten stoppen met vergelijken en te beginnen je eigen pijn te erkennen en helen in plaats van deze te ontkennen en op een verwijtende manier in te zetten tegenover je eigen kinderen…
En weet je, wij denken dat wij degenen zijn die kinderen moeten leren, maar kinderen kunnen ons als geen ander leren hoe we onze pijnen kunnen helen en hoe we moeten liefhebben, aangezien dit hen nog niet is afgeleerd.
Nog niet…
♥

Geplaatst in Ouders & opvoeding
1 reactie
Beste meneer Teeven
‘In 2005 werden circa 250.000 VOG-aanvragen gedaan. Dit aantal is ruim verdubbeld naar meer dan 560.000 aanvragen in 2012, zo telde de bewindsman.’
Beste meneer Teeven,
Een hele gekke vraag waar u en uw consorten ongetwijfeld allang een antwoord op hebben: waarom is er nog steeds geen Europese of nog beter, wereldwijde database van veroordeelde zedendelinquenten waar o.a. pedofiele sollicitanten kunnen worden gescreend door kinderdagverblijven, scholen, jeugdhulpinstanties e.d.? Dat had vast een paar honderd minder slachtoffertjes van Robert Mikelsons gescheeld, daar hij in Duitsland al eerder veroordeelt was voor hetzelfde.
Nu ik toch het woord tot u richt:
- Het doel van detentie is behalve genoegdoening voor slachtoffers, ook de veroordeelde tot inkeer te brengen: door de straf leert de boef hopelijk dat hij dit niet meer moet doen. Toch?
Dus als het even meezit, begint Boris Boef met een schone lei en gaat met frisse moed solliciteren als hij vrijkomt.
Maar helaas, Meneer Boef komt in de meeste beroepen niet aan de bak want tja: die Verklaring Omtrent Gedrag hè, die blijft nog minimaal 5 jaar staan (afhankelijk van het gepleegde delict). Dus wat doet Boris? Boris blijft geduldig 5 jaar afwachten tot hij wél aan wordt genomen als tramconducteur, jongerenwerker, postbesteller of brandweerman (rrrright).
Dat Boris na zijn uitgezeten straf dus nóg 5 jaar voor de boeg heeft, dat is natuurlijk niet waar, aldus uw theorie: hij is immers vrij. Bovendien zeggen alle GeenStijl wijsgeren dat het Boris zijn eigen schuld: had ie het maar niet moeten doen! Dat het doel van de gevangenisstraf, namelijk bewustwording van een verkeerde keuze zodat Boris niet in de herhaling valt, dankzij de huidige vorm van de VOG nooit kan worden bereikt, wordt gemakshalve van tafel geveegd. En dan heb ik het nog niet over het feit dat de kans dus aannemelijk is dat Boris gebruik zal gaan maken van een uitkering die dus ook weer geld kost.
- Er zijn veel MBO leerlingen die, nadat ze de fout in zijn geweest, geen stageplek kunnen krijgen omdat ook stageopleiders in toenemende mate om een VOG vragen. Zonder stage kunnen de leerlingen hun opleiding nooit afronden. Wat denkt u wat het gevolg hiervan is?
- Er zijn delicten, met op nummer 1 zedendelicten waar kinderen slachtoffer van zijn geweest, waarvoor dit systeem fantastisch zou kunnen zijn (zie 1e alinea) aangezien de ervaring heeft geleerd dat pedofiele kinderverkrachters graag werken in omgevingen waar kinderen zijn.
Ik heb ook best begrip wanneer een bank liever geen fraudeur aanneemt of een jeugdinstelling sollicitanten grondig wilt screenen.
Maar waarom is het niet mogelijk dat deze potentiële werkgevers samen met de veroordeelde sollicitant zélf de keuze mogen maken? Bijvoorbeeld door de sollicitant de kans te geven het een en ander toe te lichten nadat hij toestemming heeft gegeven op inzage in zijn strafdossier? Ook zou de reclassering hier een goede rol in kunnen spelen. Momenteel wordt slechts gecommuniceerd dat er geen VOG kan worden verstrekt aan de persoon wegens een veroordeling. Ruimte om toe te lichten om wat voor delict het gaat, hoelang het is geleden en achtergrond zaken die enige nuance zouden kunnen aanbrengen, is er niet.
Dan heb ik het nog niet eens over mensen die onschuldig zijn veroordeeld (jazeker: ook die bestaan).
Waarom is het niet mogelijk enige ruimte en rek aan te brengen in het huidige starre systeem?
Natuurlijk zijn er een hoop ‘maren’ te bedenken en is het veel makkelijker om een veroordeelde te brandmerken, terzijde te schuiven en daarmee buiten te sluiten. Los van het menselijke aspect, lijkt me deze constructie ook financieel niet erg efficiënt en zal de huidige vorm van het VOG systeem in veel gevallen onherroepelijk leiden tot een terugval in criminaliteit en/of oude verslavingen dat negatief van invloed is op de maatschappelijke veiligheid: de cirkel is rond.
Ik ken ex bajes klanten die zoveel zouden kunnen bereiken, efficiënter te werk zouden gaan in vergelijk met jongerenwerkers die blij wapperend met hun VOG in hun hand solliciteren.
Van veel jongerenwerkers bestaat de levenservaring voornamelijk uit een rimpelloze jeugd waarin zij een vlekkeloos doorlopen schoolcarrière hebben afgerond en zijn geslaagd met torenhoge cijfers. Maar er zijn lessen en ervaringen die je op geen enkele school leert. Nooit.
Een systeem dat mensen louter op basis van fouten uit hun verleden en volgetypte dossiers onherroepelijk en zonder enige ruimte voor een aanvullende uitleg brandmerkt en uitsluit zal nooit zijn doel bereiken. Een mens is meer dan alleen een dossier.
Ik wil benadrukken dat ik niet tegen het VOG systeem ben. Ik ben wel tegen de huidige vorm van het VOG systeem.
Tot slot: geldt het VOG systeem ook voor dubieuze (ex) politici en rechters die o.a. gelinkt worden aan kindermisbruik of hooggeplaatste pieten die verantwoordelijk zijn voor financieel wanbeleid (klinkt mooier dan ‘fraude’ en ‘diefstal’) waardoor talloze mensen hun banen verloren?
Geplaatst in Media & meer, OverLeven, Straatrumoer
Een reactie plaatsen
2013
Blijf scherp. Blijf boos. Blijf strijden. Blijf gepassioneerd.
Maar blijf vooral genieten van hele kleine dingen die blij maken en je bewust maken hoe gezegend je bent.
Geplaatst in Straatrumoer
Een reactie plaatsen
Haar bezette mannen fetish
‘Alle leuke, goeie mannen zijn bezet.’
‘Ik heb altijd de pech dat ik mannen tref die al een vrouw en een hele kinderkaravaan hebben.’
‘Echt! Ik wist niet eens dat hij gebonden is!’
(Liar liar pants on fire)
Lieve vrouwen met een fetish voor gebonden mannen,
Wees gerust: dit wordt geen aanval namens het getrouwde vrouwen-genootschap die buitenvrouwen, minnaressen, neukertjes e.d. van gebonden mannen fileert via dit stukkie.
Veel nummer 1 vrouwen doen dat graag: die andere vrouw aanvallen, haar naam veranderen in ‘die hoer’ en de schuld volledig bij haar neerleggen. Wel zo makkelijk. Dat verschaft hen namelijk een pracht excuus om haar man als slachtoffer van die feeks te zien waardoor zij, de vaste vrouw die hij nooit zal verlaten, haar relatie in stand kan houden met een gesust geweten en kan doen tegenover de buitenwereld dat het echt vooral de schuld is van ‘die hoer’.
Het kan gebeuren dat je als een blok valt voor een man die reeds gevangen is door een andere vrouw waarmee hij een monogame relatie heeft (of althans dat had ‘ie of dat denkt zijn vrouw).
Dat kan gebeuren. Dat je een keer verliefd wordt op zo’n man. Dat je een nachtje of zelfs nachtenlang aan het rollebollen bent met hem.
Maar ik heb het nu over vrouwen bij wie het áltijd gebeurt. Vrouwen die een fetish hebben voor hem, de onbereikbare.
Het zijn de groep vrouwen die zichzelf als slachtoffer zien van het leven terwijl dat natuurlijk gelul is. Ze houden vol altijd ‘de pech’ te hebben om op een gebonden exemplaar te vallen, omdat dit leugen zoveel makkelijker is dan de waarheid onder ogen te zien. De waarheid dat het eigenlijk wel zo veilig voelt: zo’n onbereikbare.
Want hij zal nooit echt iets van haar verwachten. Hij zal nooit echt voor haar gaan. Hij zal nooit van haar eisen dat ze zich werkelijk kwetsbaar opstelt. Zij kan hem dus ook nooit echt teleurstellen. Want het, hij, hun stiekeme affaire, gaat toch wel weer voorbij.
De rol van 5e wiel vindt ze uiteindelijk toch per ongeluk een stuk prettiger dan die van de eerste viool.
Nee, niet alle leuke mannen zijn al gebonden.
Nee, je bent geen slachtoffer van God of het leven. Hoogstens slachtoffer van jezelf, omdat je gebrek aan zelfrespect, liefde voor jezelf jou dit aandoet. Omdat je misschien een bereikbare niet spannend genoeg vindt, je houdt van de drama, de strijd en je zou je eigenlijk geen raad weten wanneer een ongebonden, echt leuke man tegen je zou zeggen: ‘Jezus, wat ben jij een top vrouw. Ik wil met jou de rest van mijn leven doorbrengen. Ik ga voor jou en wil dat jij ook voor mij gaat.’
Ik veroordeel je niet. Dat doet de rest van de wereld wel en niet te vergeten: jijzelf.
Want wanneer je savonds alleen in het donker ligt, je hoofd op je kussen legt en je in de stilte helemaal alleen bent met je gedachten en gevoelens, is dat stemmetje niet meer te negeren.
Dat stemmetje dat fluisterend zegt dat je een leugen leeft, een leugen bent. Maar als je goed luistert, hoor je dat stemmetje ook zeggen dat je de moeite waard bent. Jij je grootste angsten aan moet gaan en nadat je deze hebt verslagen, jij je zal realiseren dat je inderdaad echt de moeite waard bent.
De moeite waard om van te houden, lief te hebben en dat alles gewoon, omdat jij bent wie en wat je bent.
De keuze van je partner en je relatie is niets meer dan een reflectie van jouw zelfbeeld.
En als je goed kijkt in de spiegel, past een echt leuke man beter aan je zijde dan al die onbereikbaren die nooit naast of achter je zullen staan.
♥
Geplaatst in Man vs Vrouw en ander relatie gedoe
Een reactie plaatsen
Beste mannen (dit gaat over SEX!)
Zo, nu ik direct jullie aandacht heb en jullie ogen over deze tekst vliegen (‘Waar is het?! Welk deel gaat over sex? Fok die intro!’) wil ik jullie toch even vragen rustig dit te lezen. Dus: ga terug naar start. Ik hou het kort en zal niet te lange zinnen maken, want dat haten jullie over het algemeen. Natuurlijk geldt alles wat ik hier schrijf niet voor alle mannen, maar om het zo kort mogelijk te houden, zal ik generaliseren (scheelt toch weer wat woorden).
Uiteraard praten wij vrouwen teveel en dan vooral ook onnodig veel.
Natuurlijk zeiken wij en smeren wij shit onnodig lang uit.
Goed, vooruit, ook wij hebben onze akelige dingen. Maar dat alles valt eigenlijk in het niet bij jullie stomste ding: jullie manier van communiceren. Of beter gezegd: het gebrek daaraan.
Ik zal het uitleggen: wanneer jij tegen haar zegt dat je ‘van de week effe wat gaat drinken met de jongens’, dan snappen wij niet dat jullie het ‘dus’ logisch vinden wanneer je op een niet aangekondigde dag de halve nacht weg blijft zonder dit te hebben gezegd.
‘Ja maar ik hád het toch gezegd?’ roept hij oprecht verbijsterd uit wanneer zij hem eindelijk via zijn mobiel te pakken krijgt en in zijn oor hysterisch van woede gilt waar de fok hij blijft en uithangt.
Jullie mannen zeggen een losse flodder, liefst niet meer dan 3 of maximaal 4 woorden en gaan er dan vanuit dat anderen ‘dus’ de conclusie daarvan wel snappen. Want dat is logisch, volgens de mannen wereld. En wanneer jullie dan geconfronteerd worden met misverstanden, woede en gekrijs, kunnen jullie na de verbijstering ook nog wrevelig, zelfs boos worden: ‘Ja Jezus! Dat snap je toch wel?!’
Ook zoiets: jullie mannen zijn verdomd slechte ruziemakers. Jullie hullen je als een verongelijkt, bozig knulletje in stilzwijgen, weigeren te praten en lopen stampvoetend weg als zij doorpraat.
Het liefst maken jullie kort, bondig en efficiënt (althans dat denken jullie, dat het efficiënt is) ruzie in deze volgorde: 1- discussie 2- ruzie 3- zwijgen 4-biertje drinken 5- opgelost. (‘biertje drinken’ moet in geval van een relatie ruzie vervangen worden door ‘make up sex’).
Uitpraten vinden jullie eigenlijk zonde van de tijd en als het langer duurt dan 5 minuten al helemaal: ‘Het is toch opgelost? Het is toch weer goed?’ zeggen jullie dan en snappen er geen reet van als zij woest uitkrijst dat het ‘helemáál niet is opgelost!’
Ja, tuurlijk is het opgelost als het gaat om het om een niet zo heel erg feit gaat, bijvoorbeeld dat je weer te laat kwam aankakken of niet direct opnam toen je werd gebeld.
Maar er zijn dingen die wel serieus storend zijn en een biertje drinken of rollebollen, vooral als het een steeds terugkerend iets is, werkt dan niet.
Tot slot nog eentje, waar trouwens ook genoeg vrouwen zich schuldig aan maken: ‘Ja, ik weet dat dat niet goed is, ik ben nu eenmaal zo.’ *zucht en stilte*
Die stilte die daarop volgt is dus een punt achter de uitgesproken zin.
What the fuck is die punt? Daar moet een komma staan! Een komma die het volgende deel aankondigt: ‘…, dus ik ga mijn best doen om daaraan te werken van mezelf want ik zie dat ik mezelf en anderen met dat gedrag schaadt.’
Natuurlijk moet je altijd jezelf zijn en blijven. Maar sommige ergernissen die je veroorzaakt bij anderen, zijn voor jou een kleine moeite om te veranderen. En sommige klote gedragingen zeggen vaak meer dan alleen dat gedrag. Het gedrag vloeit voort uit iets, is het resultaat, het gevolg van iets. Dat zijn het soort gedragingen waar iets heel anders achterzit en niet zelden is dat oud zeer en angst, dat zich uit met stom, onredelijk of oneerlijk gedrag dat gebaseerd is op oude wonden die nooit zijn geheeld.
Zo, dit stukkie is slechts 700 woorden. Viel mee, toch?
Oh ja, dat het over sex zou gaan, was natuurlijk een lokkertje. Toch kan ik er wel mee afsluiten: make up sex is dope en het kan ook prima de ergste woede en negatieve spanning er af halen, maar zelfs het beste orgasme zal serious issues niet wegspuiten (nee, ook niet door jou xxx-PK).
♥
Geplaatst in Man vs Vrouw en ander relatie gedoe
Een reactie plaatsen
‘Hunnie’

3 dec 2012 'De 41-jarige grensrechter die gisteren werd mishandeld in Almere is vanmiddag alsnog overleden.'
Niet hunnie. Niet zij. Niet hij.
Niet meelopen in de zoveelste stille tocht.
Niet wijzen. Niet schreeuwen. Niet beschuldigen.
Maar eenvoudigweg alles wat je nu zo hard veroordeelt, toepassen op jezelf.
Zodat je niet, net als zij doen die jij nu zo hard veroordeelt, zal uitroepen wanneer shit is geëscaleerd: ‘Ja maar dit is heel wat anders! Ja maar als hij/zij/hunnie niet hadden…dan had ik niet…’
Ik zegen de dag dat we niet meer de zoveelste stille tocht hoeven te organiseren.
Ik zegen de dag dat het niet meer nodig zal zijn of in ieder geval niet meer zo verschrikkelijk vaak.
Niet hunnie. Niet zij. Niet hij.
Maar jij en ik.
Geplaatst in Media & meer, OverLeven
Een reactie plaatsen
‘Pedofilie netwerken open: ritueel kindermisbruik’
Deze documentaires zijn NIET geschikt voor minderjarigen.
Quote grenswetenschap.nl
‘We openen met een waarschuwing: niet voor gevoelige zieltjes.
We tikken dit stukje terwijl we zelf nog bijkomen van het bekijken van de DocuDinsdagDocu van vandaag. Zelden zó vaak kippenvel gekregen tijdens het zien van een reportage/documentaire. En dan hebben we het nog maar over een sneeuwvlok op het topje van de ijsberg. Wat u zult zien zijn getuigen die praten over het pedofilie-netwerk dat schijnt te bestaan. En we durven onszelf meteen te corrigeren: het bestaat.
Geen haar op onze schaamstreek die daar over twijfelt. Tot in hoge kringen.
Justitie. Internationaal.
U zult onder andere de getuigenis zien van Naomi, die als kind via haar vader actief deelnam in rituelen met soms de dood tot gevolg. Ze vertelt over wat ze deed, omdat haar vader bevel gaf, en wat ze zag.
Het gaat over snuff, moorden, satanisme, verkrachten en soms allemaal tegelijkertijd. En dan is er nog het tunnelnetwerk dat volgens justitie niet bestaat, maar dat wel op camera kan vastgelegd worden. Omdat het dus wel bestaat. Recentelijk dichtgemetseld, zelfs de hoofdingang vanuit de lokale kerk (!), maar de pedo’s hebben duidelijk één en ander qua faciliteiten. En dan de link naar het Nederlandse Zandvoort, en de connectie met Dutroux. We willen het niet eens allemaal samenvatten. Of u nu zelf kinderen heeft of niet, deze moét u bekijken. Om te weten hoe de wereld óver de grens is. En om te beseffen dat de wereld waarin de Nederlandse justitie (lees: Joris Demmink en vermeend netwerk) zich schijnt te begeven niet zo héél vergezocht is…’
Directe link naar de docu ARD N24 – Ritueel kindermisbruik
Zelfde onderwerp, andere docu:
Kinderporno netwerk ontmaskerd in Nederland
Geplaatst in Media & meer, Ouders & opvoeding
Een reactie plaatsen
Van die mensen
Van die mensen die je keer op keer op keer vergeeft. Hun wangedrag jegens jou en andere mensen bedekt met de mantel der liefde.
Van die mensen waar je ondanks alles, zoveel van houdt.
Van die mensen die je partner, je beste vriend of een familielid zijn.
Want ooit, toen, vroeger hebben ze het zo zwaar gehad. En jij weet dat als geen ander.
Dus je slikt, vergeeft, schuift onder het kleed en houdt krampachtig vast aan het leugen dat als je maar genoeg liefhebt, het ooit beter zal worden.
Van die mensen die daar misbruik van maken.
Van die mensen die je nu of ooit, achter laat omdat de liefde voor jezelf het godzijdank wint van het eerdere gebrek aan liefde voor jezelf toen je te druk was met het liefhebben van die mensen.
Van die mensen.
Geplaatst in OverLeven
Een reactie plaatsen
Spiritueel tuig
Dit zal mij ongetwijfeld een aantal aanhangsters kosten, maar ja, laten we wel zijn, blijkbaar past die schoen dan iets te goed die ik nu in de aanbieding ga gooien.
Een ecologische, biologische, gerecyclede schoen is het trouwens.
Ik word er zo langzamerhand écht dood en doodziek van.
Wat zeg ik?! Ik krijg er spontane diarree aanvallen van! Kokhals neigingen! 
Hysterische woede aanvallen! Hoorntjes die onmiddellijk uit mijn voorhoofd groeien! Vloeken en schelden wil ik! Hard, gemeen en lang!
Voor ik mijn verbale diarree aanval hier echt ga spuien, wil ik eerst opmerken (liever vooraf dan achteraf, want voordat ze uitgelezen zijn, zullen alle sandelhout gelovigen zo boos zijn dat ze het niet eens meer lezen) dat ik heel erg vóór spiritualiteit ben.
Ik hou van nadenken. Ik hou ook op z’n tijd van ‘soft’ gelul: ik maak mij daar zelf graag schuldig aan.
Ik brand wierook.
Ik ben gelovig. Heel erg zelfs.
Ik lees graag, waaronder ook wollige boeken.
Maar waar ik dus écht heel aards schijtziek van wordt, zijn al die chronische wolligerds.
De miljarden aura zienende zwevers. De busladingen vol Reiki meesters. De kabbalah krijsers. De biologische geteelde, overdaad aan oksel/schaam/been/bovenlip haar dragende extremisten, die zo verblind zijn door hun eigen overtuigingen dat ze behalve bloedirritant, jeukoproepend en zwaar veroordelend zijn (waarvan ze zeggen dit níet te zijn!), bovenal zélf vaak mad issues hebben.
Niet de gewone huis, tuin en keuken issues die bijna iedereen heeft, oh nee was het maar zo eenvoudig. We hebben het over hysterische issues.
Issues van het soort dat je jezelf verbijsterd afvraagt na een woest agressieve reactie van de Zen Zwever op jouw eenvoudige opmerking of grapje: ‘WTF!? Wat heb ik gemist?! Waar was ik?! Woman, what da fuck is wrong with you!?’
Woman, ja.
Want het valt mij ook op dat het meestal om vrouwen gaat.
Ze beweren met droge ogen dat alles een hoger doel heeft en zij, de Grote Alleszieners (eigenlijk zijn ze allemaal God) al die hogere doelen kunnen Zien, Voelen, Horen, Proeven, Ruiken.
Ze kunnen het ook aanraken, er mee jongleren en er daarna heel spiritueel mee dansen en vrijen, met al die hogere energie shit.
Ze zijn energetisch ontzettend in balans, want ze eten geen dood voedsel, zien agenda’s die niet verkrijgbaar zijn bij de Bruna of Hema en kijken vaak of heel serieus (zou ik ook doen als ik alleen gras van mezelf mocht eten trouwens) of hebben een gelukzalige glimlach die niet van hun gezicht af is te rammen.
TOTDAT… *capslock en onheilspellende drie puntjes*
Tótdat ze om voor mij en jou volstrekt onduidelijke reden ineens omslaan in een soort demonische verschijning waar zelfs satan nog diep van onder de indruk is.
Ineens is de kabbelende kabbalist een ware tsunami van razernij en gekwetstheid.
En dat is dan ‘jouw schuld……!!!!!!!!!!!!!!!’
Terwijl ik op zo’n moment dan wat appelig de krijser aantuur of de geschreven reactie voor de 10e keer lees in de hoop iets te zien wat mij eerder was ontgaan, valt het kwartje.
Vroeger viel íe trouwens niet. Vroeger ging ik het dan uitleggen (‘Echt! het was een grappie!’), verantwoording afleggen (‘Maar ik bedoelde het helemaal niet zo!’), de discussie aan gaan (‘Wat lul je nou? Dat zeg ik toch helemaal niet!? Je praat over iets totaal anders dan ik zeg!’).
Maar inmiddels heb ik er een redelijke neus voor ontwikkeld: het herkennen van deze wanna be toverkollen.
De Gruwelijke Waarheid achter dit schorem is minstens zo hilarisch als intens droevig: ze willen het namelijk allemaal zo graag zijn.
Ze willen zo graag zijn wat ze ooit op een dag voor zichzelf hadden ontworpen, bedacht of genakt van een echte.
Eindelijk interessant zijn. Mysterieus. Spannend. Wijs. Diepzinnig.
Maar de pijnlijke waarheid is dat velen van hen eenvoudigweg de echte realiteit helemaal niet aan kunnen: de realiteit van hun eigen issues die ze diep wegstoppen door te vluchten in een waan wereld waarin zij hun eigen God zijn.
Maar wanneer zij door jouw of mijn opmerking dan ineens met oud verstopt zeer worden geconfronteerd, overigens zonder dat je ook maar die bedoeling had want je wist immers helemaal niets van hun oud zeer aangezien dit top geheim is, barst het geweld los.
Weg zen. Weg wijsgeer. Weg AllesVoelende.
Welkom Ware Gezicht.
Misschien snap ik het allemaal niet zo goed, al dat hoge sensitieve waarbij ik toch iedere keer weer concludeer dat het verdomd veel overeenkomsten vertoont met een bipolaire stoornis. Maar dat zal uiteraard weer de volkomen foute, aardse uitleg zijn. Overigens heb ik niets tegen mensen met bipolaire shit, in tegendeel: ik struikel over de manisch depressievellingen, moodswingers, sociopaten, adhd-ers, borderliners en overige ontzettend leuke, aparte, creatieve en bijzondere mensen in mijn leven, waaronder ikzelf.
Ik denk alleen dat het niet zo handig is om dit soort dingen achter een wierookgordijn te verhullen.
‘Het is heel zielig voor die mensen dat je zoiets zegt!,’ is mij weleens verweten wanneer ik dit soort uitspraken deed.
Het zal best. Maar ik vind de mensen die ernstige last ondervinden van deze groep energetische helers nog altijd veel en veel zieliger.
Maar goed, nogmaals: ik ben en blijf natuurlijk in dit geval de aardse, onverlichte domoor die deze negatieve shit neer typt.
Negatief is in dit verband trouwens naar mijn mening een ander woord voor ‘realistische’.
Toch heb ik nog een kleine boodschap aan al dit ego trippende wanna be spirituele tuig: mijn aura is zo zwart als roet wanneer ik te maken heb met dit type fake ass wijsgeren.
Daar heb ik helemaal geen aura lezing of energie foto voor nodig, hoor. Ik ben graag de slechterik, de onverlichte en de hatelijke voor dit soort personen.
Begin eerst eerlijk tegen jezelf te zijn, voor je tegenover anderen een kruising tussen Jomanda, Rasti Rostelli, Deepak Chopra en God uithangt.
Wat ik misschien nog wel het walgelijkste daaraan vindt, zijn de onwetende, naïeve mensen die in hun kwetsbaarheid ook nog werkelijk geloven in de stront van deze schijn-heiligen en achteraf gedesillusioneerd en gekwetst achter blijven wanneer de Alles Bergrijpende toch maar niet alles begreep.
Zo.
Dat was ‘m.
Oh en iedereen die zich ernstig gekwetst (en dus aangesproken) voelt door deze tekst: ontvriend, delete, vergeet, verban mij alsjeblieft direct. Ik wens je ontzettend veel oprechte wijsheid, liefde, licht en een kilo of 100 eerlijkheid toe: daar geloof ik namelijk in.
Leef en wees wat je pretendeert te zijn.
Voor alle mensen die een spirituele leefwijze hebben, maar zich nooit geroepen voelen dit dag en nacht op te dringen aan anderen en het vooral op zichzelf toepassen: keep up the good spirit…
♥
UPDATE: zojuist las ik dit bericht op Nu.nl en dit is dus exact waar ik op doel bij bovenstaande posting
‘OM eist 1,5 jaar cel tegen gewelddadige therapeute’
Geplaatst in OverLeven
3 Reacties
Welcome in the darkness
Zijn lippen vormden een glimlach.
Hij knikte begripsvol.
Hij antwoordde vriendelijk.
Zijn benen liepen zoals hij ze opdroeg te lopen. En laatst toen was hij er zelf verbaast over geweest dat zijn ogen vochtig werden.
Hij deed het allemaal, kon het allemaal. Maar voelen?
Nee, dat gevoel kende hij niet.
Dat anderen zijn glimlach, vriendelijke gelaat en prachtige woorden interpreteerden als gevoel, leerde hij vrij snel. Want goed leren was een van zijn kwaliteiten.
Net als aanpassen. Zolang het maar niet teveel, te diep, te lang werd.
Al scheelde het enorm dat het merendeel van de mensen uitermate dom waren. Althans, wel in vergelijk met hem.
Zijn triomf en iets wat anderen zouden betitelen als een soort teleurstelling streden onafgebroken in hem wanneer er een nieuw iemand in zijn leven kwam. Maar de triomf won tot nu toe altijd.
‘Er is een stukje in jou waar ik niet bij kan. Ik weet ook niet of ik daar bij wil komen. Je doet dan ook goed je best om dat stukje verborgen te houden.’
Nadat ze deze woorden had uitgesproken was er in zijn bijna uitdrukkingsloze ogen een fractie van een seconde iets te zien wat anderen zouden betitelen als emotie.
Hij had haar enkele seconden zwijgend aangekeken. Ze had haar ogen niet neergeslagen. Ze had niet de meelevende, zachte blik in haar ogen gehad die hem zo bekend was geweest van talloze anderen die werkelijk dachten hem te begrijpen, hem te kunnen raken. Het feit dat ze dat alleen al dachten, was het bewijs dat ze hier nooit toe in staat zouden zijn.
Hij was er altijd trots op geweest: zijn gave om in een oogopslag van de ander een profiel scan te kunnen maken. Hij had er nog nooit naast gezeten. Hij gaf dan een beetje en wanneer de ander dan verheugd of juist agressief reageerde op zijn woorden of blik, was dat voor hem de bevestiging.
Het was altijd prettig om de ander te laten denken dat ze zelf reageerden.
Hij had nooit de behoefte gevoeld om die ander aan te tonen dat hij hen liet reageren zoals hij dat wilde.
Hij wist dat ze hielden van de illusie van zelfcontrole. Hij hield er ook van, al was het alleen al omdat hij zijn belangen en doelen op die manier efficiënter kon bereiken.
Ze had gelijk gehad. Er was een stukje waar hij niemand bij liet. Het feit dat ze geen enkele emotie in haar woorden had gelegd maar deze had uitgesproken als een constatering, bijna steriel, had hem aangenaam verrast.
Even aarzelde hij voor hij op haar uitspraak reageerde. Niet dat hij niet in staat zou zijn haar te overtuigen dat ze er compleet naast zat. Oh nee. Maar het was misschien best prettig om een keer het anders te doen. Bovendien ging het de laatste tijd niet zo heel goed.
Zijn drang naar fout nam weer de overhand en enige hulp bij het in bedwang houden van zijn demonische duisternis kon geen kwaad. De ervaring had geleerd dat fout tot last leidde. Niet dat hij daar bang voor was, welnee. Angst was hem net als een geweten, laat staan een knagend geweten, volkomen vreemd. Principes die had hij wel. Meer nog dan alle anderen. Zijn principes waren zijn surrogaat geweten.
Na haar woorden glimlachte hij flauwtjes. Dat was voor nu meer dan genoeg bevestiging.
De reis die leidde naar zijn duisternis waarin zij hem, de reisleider, mocht vergezellen, duurde jaren.
En eenmaal op de bestemming aangekomen, had hij alsnog zijn tijd genomen voor hij haar stukje bij beetje had toegelaten in zijn eigen dark room, ergens achterin zijn hoofd gelegen.
In het begin had hij voorzichtig de deur naar die kamer centimeter voor centimeter geopend en elke keer gecheckt of ze niet terug was gedeinsd. Gewone mensen schrikken altijd zo snel.
Zelfs toen de deur geopend was geweest, had ze niet geaarzeld om zijn hand te pakken toen hij haar, voorzichtig!, mee had genomen naar binnen.
In de duisternis hadden ze gepraat. Had ze geluisterd. 
Het was wat onwennig en zo nu en dan duwde hij haar zelf de kamer uit.
Dan ging ze weg en wachtte geduldig tot hij haar weer uitnodigde.
Zo deden ze dat. Jaar in, jaar uit.
En zomaar per ongeluk had hij iets ervaren toen zij haar onzichtbare hand geruststellend op zijn schouder had gelegd en geen een keer zijn kamer was ontvlucht.
Anderen zouden die ervaring als het ultieme gevoel omschrijven.
Ze zouden overstromen van blijdschap omdat er iemand was die hen accepteerde, liefhad en niet afwees. Hun hart zou warm worden tijdens het vertellen.
Liefde, genegenheid, hoe prachtig: dát voelden ze allemaal.
Hij ook.
Wel vanuit zijn wereld. Hij waardeerde haar enorm.
Geplaatst in OverLeven
Een reactie plaatsen
Kado tip: een onsje mededogen
‘Heb je geen usb stick?’
‘Nee, die moet ik nog steeds halen.’
‘Is er geen geld voor thuis?’
‘Jawel! Ja hoor, geen probleem! Maar ja, nou… Ze zijn helemaal niet zo duur hoor, je hebt echt hele goedkope. Ik ga het morgen ofzo wel halen. Ik ga mijn moeder wel vragen van de week.’
‘Geen geld hebben is geen schande. Heel veel mensen hebben het zwaar op dit moment. Zeg me gewoon, het geeft niet. Is er geen geld voor thuis?’
Hij tuurde naar de grond.
Vanmiddag gaf ik hem een usb stickje.
Even stond hij doodstil. Hij zette toen zijn tas neer, aarzelde eventjes, besloot toen schijt te hebben, stikte mij in een omhelzing en bedankte me.
Ik maakte een grappie om het schrijnende er af te halen er af te halen.
Zijn omhelzing was minstens zo lief als zijn woorden van dank.
De blik in zijn ogen was onbetaalbaar en zeiden zoveel meer dan duizenden woorden ooit zouden kunnen zeggen.
Teveel mensen schamen zich voor de armoede die zij momenteel doormaken.
Nog meer mensen staan hier te weinig bij stil.
Open je ogen in plaats van te kijken.
Luister in plaats van alleen te horen. Maar vooral: lees tussen de regels door.
Het is soms zo’n ontzettend kleine moeite om iemand met iets te helpen wat voor jou een klein gebaar is.
Het kan voor die ander een enorm gebaar zijn dat ook nog eens zoveel meer geeft dan alleen dat artikeltje dat je geeft.
Want je geeft troost, hoop, power, liefde, begrip, de moed om door te gaan.
En dat soort shit is zoveel waardevoller dan de waarde van het artikel.
Ik hoop dat jij die dit nu leest terugdenkt aan deze posting.
Dat jij straks, vandaag of morgen, wanneer je iemand ziet en tussen de uitgesproken of onuitgesproken regels leest, het verschil uitmaakt voor die persoon.
Geplaatst in OverLeven
Een reactie plaatsen
Liever stiekem
Een van mijn vele stokpaardjes: daar ga ik het maar weer eens over hebben.
Rare uitdrukking.
‘Op haar/zijn stokpaardje zitten: lievelingsthema bespreken/altijd weer over hetzelfde klagen.’
Dat komt dan goed uit in dit verband: ik klaag graag en het is een van mijn lievelingsbezigheden, net als de praktische invulling van dit onderwerp.
Daarin verschil ik niet van de meeste mensen, trouwens.
Alleen die giechelen, liegen of zwijgen er liever over: dat is namelijk ‘wel zo netjes.’
Nederland is ontzettend tolerant. Ruimdenkend. Vrijdenkend.
Hier geldt ‘moet kunnen’ en ook ‘leven en laten leven’.
Nederlanders zijn hier erg trots op en roepen het graag en veelvuldig: al die vrijheid van doen en laten die hier geldt.
Ze verzwijgen tijdens hun verkondigingen alleen wel de kleine lettertjes.
De onuitgesproken kleine lettertjes waar je wel direct mee geconfronteerd wordt wanneer je buiten de keurige en piepkleine knellende kaders van al die ruimdenkendheid en tolerantie durft te stappen.
Praten over seks mag best. Vooral als het informatief, veel libido killende woorden bevat en medisch is.
Lezen over seks mag ook. Sowieso als het dus informatief is, maar ook als het zielige verhalen zijn over de akelige kanten van seks en sinds kort mag het ook weer als het een maatschappelijk geaccepteerd boek is zoals ’50 tinten grijs’. Op de cover staat immers ‘roman’ en het heeft een verhaal, dus is het dan automatisch geen porno.
Kijken naar seks mag ook nog. Zolang het maar in een sensationele reportage is van SBS waar mannen een luier fetish hebben of we er heel hard om kunnen lachen zoals in de voorheen razend populaire serie ‘Sex and the city’.
Het wordt hele andere koek zodra je als gewoon mens het waagt om vrijuit te spreken over sex.
Vooral als je een normaal beroep uitoefent of, helemaal not done, wanneer je een hoge positie bekleed of werkzaam bent in de wollige, spirituele industrie.
Want dan is het raar. Vies. Porno. Niet passend. Onprofessioneel. Zelfs onderontwikkeld.
Een regeringsleider, een docente, een arts, een yoga docente hebben seks en nooit sex. Maar daar mogen zij niet over praten en als zij dit dan toch doen, dan graag nooit openlijk en vrijuit.
Als kind in Nederland leerden we namelijk al heel snel dat dit niet netjes is. Niet hoort.
Dat dit gek is.
En al helemaal als je een goed geschoold, ontwikkeld mens bent: beláchelijk dat je sex en seks überhaupt er toe vindt doen en al helemaal onacceptabel als je daar van durft te genieten zoals je ook geniet van een goede maaltijd of een mooi gesprek.
Als geschoold en ontwikkeld mens getuigt het namelijk van gebrek aan diepgang als je daarover spreekt.
Seks en sex dient bij deze mensen geen hoge prioriteit te hebben in de agenda’s.
Dat dienen zij stiekem prioriteit nummer 1 te geven.
We worden al jong in de keurige, knellende, piepkleine kaders geduwd waar we leren om te verkondigen dat ‘seks heel natuurlijk en mooi is’, maar toch ook eigenlijk niet.
Hoe zou onze wereld er uit zien wanneer mensen zou worden bijgebracht van jongs af aan om zonder schaamte om te gaan met seksualiteit en hun ontwikkeling en eigen grenzen op dit gebied?
Hoeveel minder seksueel gefrustreerde, verknipte geesten zou dit schelen?
Hoeveel mensen zouden dan nog hun toevlucht zoeken tot steeds extremere porno die met 1 klik shit laat zien waar zelfs hun eigen fucked up mind nog niet over had gefantaseerd?
Begrijp mij niet verkeerd: ik ben niet tegen porno, in tegendeel. Maar porno is speelgoed dat voor volwassenen is bedoeld en dan nog kan het speelgoed zijn waarvan sommigen het liever aan de kant gooien.
Een kinderhoofd is te klein voor porno. Een kind toestaan porno te laten kijken is als datzelfde kind toestaan om een motor te rijden terwijl het nog moet leren om zonder zijwieltjes te fietsen op de stoep.
Ander negatief effect: in toenemende mate wandelen er tieners rond in de overtuiging dat Het zo hoort: rauw, hard, grof en liefdeloos.
Tegelijk: wanneer volwassenen minder verkrampt, beschaamd, angstig zouden zijn wat betreft seks en sex, zou dat een hoop schelen. Het is dan namelijk ook een stuk makkelijker om grenzen aan te geven en een jong iemand te leren waar zijn of haar grenzen liggen.
Verkramptheid, schaamte en angst wekken beelden op van vuurrode verkeersborden met schreeuwerige verboden.
En laten we wel zijn: waren en zijn dat niet de allerleukste dingen om te ontdekken?
Door iets te onderdrukken en ontkennen zal het groeien, toenemen, stimuleren waarna het kan uitmonden in precies datgene of zelfs nog erger, wat er met man en macht werd geprobeerd te onderdrukken en voorkomen.
Wanneer ik een groep jongeren vraag de vingers op te steken als ze het eens zijn met de stelling dat seks/sex fout is, gaan er altijd een fors aantal handen omhoog.
Zonder uitzondering blijven er ook altijd enkele handen omlaag.
Soms stellen deze jongeren al de vraag aan hun leeftijdsgenoten die ik na mijn stelling standaard stel: ‘Maar als seks fout, vies en raar is, hoe ben jij dan ontstaan?’
Seks kent veel goede, praktische informatieve kanten.
Seks kent akelige, afschuwelijke, litteken veroorzakende kanten die mensen tekenen, traumatiseren, mismaken voor het leven.
Dat daar nog meer aandacht aan moet worden besteed, zal ik als eerste aanmoedigen.
Sterker nog, ik draag daar mijn steentje in bij door mensen bewuster te maken door zelf na te denken waar hun grenzen liggen op dat vlak en hoe je die grenzen aan moet geven.
Maar de leuke, prachtige, mooie, lekkere, spannende kanten van sex verdient minstens zoveel aandacht, in plaats van de veroordeling van anderen wanneer een enkeling hierover vrijuit durft te spreken of schrijven.
Een veroordeling die niets meer is dan de ander monddood willen maken.
Een veroordeling die zegt: ‘Ga jij eens even heel snel terug in dat kleine, knellende en keurige kadertje!’
Wanneer we onze schaamte en angst los zouden laten, de veroordelingen achterwege laten en de kaders stuk zouden trappen, zouden de werkelijk belangrijke grenzen wat betreft dit onderwerp een stuk duidelijker en zichtbaar zijn en worden.
De grens dat ‘nee’ echt geldt als ‘nee’. De grens om trouw te zijn en blijven aan wie je echt bent en wat je echt wilt, zonder dat dit is opgelegd omdat we in een kader zijn gedwongen.
Dat zou zomaar wat toekomstige littekens, verstoorde relaties en akeligheid kunnen schelen.
Vrijheid betekent niet automatisch ‘alles moet kunnen’.
Vrijheid betekent naar mijn mening eerlijk, kritisch en liefdevol naar jezelf kijken en durven te leven zoals je dat graag wilt waarbij je tegelijk constant bewust bent dat jouw grenzen niet die van een ander hoeven te zijn.
Reden te meer om eerst jezelf te kennen voor je een ander veroordeelt omdat hij of zij alles is, leeft, doet en laat wat jij misschien deep down inside ook zou willen, maar nooit zal kunnen of durven.
Geplaatst in OverLeven
Een reactie plaatsen
‘A good dick is hard… (to find)’
Arme mannen.
Arme, arme mannen die geloven dat vrouwen, liefst vlak nadat hij is vertrokken, onderling alleen even de zojuist geteste afmeting bespreken.
Laten wij hen in de waan dat dit werkelijk het enige is dat wij onder onze vlijmscherpe vrouwen loep nemen? Mag dat? Kan dat?
Natuurlijk kan en mag dat.
Maar dan kan ik dit stukkie niet schrijven.
Laten we beginnen met de afmeting.
Dat is namelijk inderdaad het eerste wat wij rapporteren aan elkaar zodra er een nieuwe in ons leven is. Tenzij er iets anders is, wat zó belachelijk, raar of goed was: dan krijgt dat onderdeel voorrang.
De afmeting doet er toe.
Vergeet alle artikelen, onderzoeken en anonieme online enquêtes die het tegendeel beweren. Ongetwijfeld zijn deze stiekem ook door talloze kleinbezitters ingevuld om de uitslag in hun voordeel uit te laten vallen.
De afmeting is van belang en doet er dus wél toe.
Maar, er zijn een paar ‘maren’ die hopelijk wat geruststellen: het hoeft niet perse een apparaat te zijn. Dat mag best, maar het is geen must.
Een gemiddelde of kleinere biedt voordelen: je kan makkelijker en sneller los gaan zonder dat zij haar lasagne uitkotst of enkele dagen niet meer kan lopen.
Bijkomend voordeel is dat eigenaren van een gewone hun ’tekort’, – wat zij helemaal niet zo hoeft te ervaren maar hij dat klaarblijkelijk wel zo ziet van bovenaf bekeken – compenseren door veel aandacht aan haar lichaam te geven tijdens de inleiding.
Mannen zijn van de ‘meten = weten’ en willen graag concrete cijfertjes lezen.
Terwijl hij dit leest, vloekt hij binnensmonds want wanneer gaat ze verdomme nou eindelijk concrete afmetingen geven?!
Wanneer weet hij of hij smakelijk en opgelucht kan lachen tijdens het lezen of dat hij zich stilletjes terug moet trekken?
Vooruit. Komt ‘ie dan.
Als eerste: zij heeft liever een bredere kleinere, dan een dunne soepstengel. Dat heeft met haar inwendige lay out te maken waardoor zij een bredere beter voelt dan een smalletje.
De gemiddelde afmeting in Nederland is tussen de 15 en 17 cm. Tussen de 17 en 19 mag je best al spreken van een serieus handwapen en boven de 20 cm heb je een waar oorlogskanon.
Een machine. Een apparaat.
Moet je daar trots op zijn? Nee. Je hebt ‘m immers niet zelf gekleid.
De ervaring heeft bovendien geleerd dat eigenaren van een oorlogskanon nogal eens in de veronderstelling verkeren dat het Stoer is om haar pijn te doen of de andere variant: denken dat ze al ‘klaar’ zijn dankzij hun afmeting.
Fout! Een grootbezitter dient nog meer dan zijn kleinere broeders, met beleid, geduld en vakmanschap zijn apparaat te gebruiken.
We zitten nu al op dik 400 woorden en dan hebben we het alleen nog maar gehad over Het Formaat. Dit geeft al iets aan.
We gaan verder met het onthullen van de naakte waarheid. 
Naast de afmeting, bespreken wij vrouwen alle overige onderdelen.
‘Onderdelen…?’ vraagt hij zich nu af en kijkt verontrust fronsend naar beneden, naarstig op zoek naar al die onderdelen waarvan hij nooit van het bestaan heeft afgeweten.
Jazeker, onderdelen.
Besneden, half besneden of onbesneden? In het 2e of 3e geval: oogde het fijn of hing er aan het uiteinde een droevige tuut, een wat verloren slurfje aan? Kortgeknipt, geschoren of nog altijd chillende in de jaren ’60 met een zware bebossing? Een rechte, een linkse, een rechtse of een Gonzo? Handtas, jutezak of knikkerzakje? Kleur of kleurverschillen en zo ja, was het matching of vloekte het?
Let wel: dit is nog uitsluitend de basis bespreking. Dan hebben we het dus nog absoluut niet gehad over zijn technieken, zijn al dan niet getoonde passie, zijn flow, zijn geluiden, uithoudingsvermogen, geur, smaak, hoeveelheid, sproei/spuitvermogen en kracht, vloeistof samenstelling, eventueel gebruik van rekwisieten en de afronding.
De eerlijkheid gebiedt mij te vermelden dat de lijst van te bespreken onderdelen niet alleen groeit, maar ook uitgebreider wordt besproken naarmate de betrokken vrouw ouder wordt.
Hoe jonger, hoe beschaamder en hoe minder ervaren.
Natuurlijk worden wij vrouwen ontzettend woest wanneer wij er achter komen dat hij ‘zomaar alles!’ heeft gedeeld met zijn vriend of vrienden.
Dat dit ‘zomaar alles!’ meestal een korte samenvatting is geweest (cupmaat, bilformaat, bijzondere truukjes en overige vaardigheden) valt in het niet bij wat zij allemaal heeft verteld aan haar vriendinnen.
Maar dat maakt geen zak uit voor haar: zij wordt alsnog woedend. Want wat wij vrouwen doen, ja komop zeg!, dat is natuurlijk ‘iets heel anders!’ maar vooral: hij kan niet weten dat zij nog veel en veel meer aan haar vriendinnen heeft verteld.
Dus zwijgt hij bedremmeld na haar tirade. Hij vervloekt zijn vrienden die het nodig vonden na de diepe stilte in lachen uit te barsten toen zij zich mengde in een discussie over tanden poetsen en zij luidkeels verkondigde dat zij ‘nóóit kokhalst!’ wanneer zij haar tong poetst omdat ze weet hoe zij een kokhals neiging goed kan onderdrukken en dat het ‘echt serieus!, gewoon een kwestie is van oefenen!’
Maar lieve mannen, wees gerust.
Wij vrouwen zullen nooit laten blijken wanneer jij voor het eerst wordt voorgesteld aan al haar vriendinnen, dat wij het allang weten.
Feitelijk zit je op dat verjaardagsfeestje waar jij je uiterste best doet goed over te komen, gewoon in je blote reet op de bank en loop je naakt naar de keuken om wat te drinken te halen voor je kersverse vriendin terwijl al haar vriendinnen je gadeslaan.
Maar dat geeft eigenlijk helemaal niets, want je weet dit allemaal niet.
Geplaatst in XXX met een ;-)
Een reactie plaatsen
HTTP 500: Internal Server Error Mrs Bruja (part II)
Deel I lees je via deze link
Hem over een tafel heentrekken in de armoedige snackbar met de zuur smakende patat en zijn neus net zo lang slaan, tot het verbrijzeld is.
Of nee, hem pakken op het pleintje zodat vooral zoveel mogelijk van zijn vrienden het zien.
En dan slaan, met een hele dikke hondenketting, omdat hij zo van kettingen houdt, toch?
Niet mijn man, niet mijn vrienden, maar ik zal het doen. Los van het feit dat ik het graag zelf wil doen omdat het mij heerlijke genoegdoening zal schenken, staat mijn ego het niet toe dat een ander opdraait voor mijn shit, maar eigenlijk zijn shit.
Maar bovenal wil ik het zelf doen, omdat het de vernedering af maakt, compleet maakt, de kers op mijn stukkie taart is: een gruwelijk pak slaag, liefst met blijvend letsel of dan in ieder geval een chronisch scheefstaande neus, van een vrouw.
Een Vrouw.
Ik zou hem zijn gejatte broek van zijn kippenkont aftrekken. Hem in zijn blote reet als een klein kind afrossen terwijl hij huilend probeerde weg te komen.
Ik zou…
De pijn in mijn gespannen kaken en de door mijzelf stuk gekrabde huid aan de zijkant van mijn duim, verstoren mijn gedachten.
Zuchtend draai ik mij voor de zoveelste keer om in bed: 03.00 is het. Weer.
Een maand lang heb ik elke nacht wakker gelegen, talloze scenario’s doorgenomen.
‘Laat het los,’ zeiden ze. ‘Je gaat er never achterkomen wie het was.’
Ik kwam er achter wie het was.
‘Maak het niet groter dan het is. Gebruik je energie voor positieve dingen, dit is killing voor jezelf, dat is hij echt niet waard,’ zeiden ze toen.
Nou en of hij het waard was.
En ik vond het hartstikke positief om mij vast te houden aan mijn obsessie genaamd Ayman, die mij in mijn eigen straat had beroofd door mij van achter aan te vallen en in een fractie van een seconde mijn ketting van mijn hals had gerukt om er daarna net zo snel vandoor te gaan als de andere ratten die we snachts vaak weg zagen schieten.
De optie ‘Laat het los’ was geen optie, net als het eerdere ‘Je komt er toch nooit achter’.
‘Hij moet zich melden bij mij. Ik geef mijn woord dat ik hem niet sla, tenzij hij brutaal doet natuurlijk. Ik geef ook mijn woord dat ik geen geld hoef, want dan worden nog meer vrouwen slachtoffer omdat hij mij moet betalen. Ik draag hem ook niet over aan de politie omdat ik het nut er niet van inzie dat kleine poeplappen als hij daar terecht komen. Klappen en vastzitten heeft hij al te vaak gehad en het heeft geen reet geholpen,’ eindigde ik en keek de twee jongemannen tegenover mij aan.
‘Klopt,’ klonk het direct na mijn laatste zin, ‘Kijk maar naar mij.’
We schuilden in een portiek tegen de regen. Ik duwde mijn capuchon af en drukte mijn handen toen diep in mijn zakken.
‘Je gaat hem niet slaan?’ vroeg de ene met een doordringende blik van onder de rand van zijn pet uit. In zijn ogen was een mengeling van ongeloof en wantrouwen af te lezen.
Logisch: deze jongens kenden drie reacties als ze gepakt werden: een pak slaag van thuis, de ‘kofferbak’ oplossing van de straat of ook vervelend maar lang niet zo vernederend en fysiek pijnlijk: politie en justitie.
Ik schaamde mij dat ik hem ontzettend graag een kofferbakje wilde geven.
Ik was even stil, keek voor mij uit en antwoordde toen: ‘Nee. Ik zou niets liever, maar ik kan het niet maken. Ik kan het niet maken tegenover mezelf, vanwege alles waar ik in geloof en probeer over te brengen aan jullie. Ik kan het niet maken omdat het mijn baan kan kosten. Ik kan het niet maken omdat ik nu moet aantonen dat ik zelf doe, waarover ik altijd loop te preken.
Neemt niet weg dat ik hem alsnog de tering sla als hij bijdehand doet: dan is het geoorloofd naar mijn eigen rechtssysteem, snap je?’
Ze knikten. Zwijgend pakte de ene zijn blackberry en typte een bericht op de ping.
‘Hij heb zich vergist, dat weet ik heel zeker. Jou had íe nooit mogen beroven,’ reageerde hij terwijl zijn vingers over de toetsen van zijn telefoon gingen. Onbewust had hij de nadruk gelegd op het woord ‘jou’.
Ik keek hem kort aan met opgetrokken wenkbrauwen en een flauwe glimlach om mijn lippen.
‘Ja, nee,’ haastte hij zich te zeggen, ‘hij moet sowieso natuurlijk niet doen, dit soort dingen, maar ja…je weet toch.’
Ja.
Ik weet toch.
‘Hij krijgt een week om zich te melden. Doet hij dat niet, dan dwingt hij mij andere stappen te nemen. De optie ‘ze laat het er wel bij zitten’, nou, díe optie bestaat dus niet. Dus dan dwingt hij mij om hem op te gaan zoeken in zijn buurt. Dat is niet handig, want dan loopt het zeker uit de hand. Dus tja, dan kan ik niet anders dan naar de politie gaan, hoe zeer ik dat ook liever niet wil doen. Trouwens, dan nog. Hij is toch zo stoer om vrouwen van achter te beroven? Laat me zien hoe gangster hij is als hij voor me zit.’
Ze zijn stil en knikken langzaam na mijn laatste woorden.
‘Ik vind het echt fok op voor je,’ zegt de ene. ‘Deze jonge gastjes snappen het niet. Hoe dan ga je roven in je eigen buurt? Hij is een kankerdomme poeplap. Maar hij is psychisch, hè, maar dat had je al gehoord, hè. Hij is niks.’ Hij spuugt op de grond, inhaleert diep de rook van zijn joint, blaast deze uit en geeft ‘m aan zijn gabber.
‘Ik heb echt respect voor hoe je dit aanpakt. Ik ga mijn best doen, oke?’
Zijn vriend knikt instemmend en inhaleert ondertussen tot in zijn tenen.
We kletsen nog wat, ze spugen nog wat, we lachen nog wat, ze inhaleren nog wat en zeggen elkaar dan gedag.
Ik krijg een hand en omhels hen daarna allebei.
Zij zijn de oudere gasten waar jongens als mijn straatrovertje zo tegenop kijken.
Zij hebben hun strepen allang verdient.
Zij zijn inmiddels ‘rustig geworden’ of hebben promotie gemaakt en hebben straatroof, auto kraken en andere ‘kleuter’ criminaliteit ingeruild voor het echte werk: de ene is net vrij na een ‘OV’tje’ en vertelt dat hij net is gestart met een nieuwe opleiding, de ander heeft te horen gekregen dat als hij nu nog een keer voor moet komen, hij langdurig mag vertoeven in een TBS kliniek.
Zij zijn mijn buurjongens en de nachtmerrie van Telegraaf lezend Nederland.
Ze weten wie ik ben. Ze weten waar ik vandaan kom. Ze weten hoe ik leef.
Ze weten dat ik hen en hun manier van leven begrijp.
Maar ze weten ook dat mijn begrip iets anders is, dan mijn goedkeuring.
Net zo goed dat bepaalde acties afkeuren, weer iets heel anders is dan oordelen of het veroordelen van de persoon die verantwoordelijk is voor die acties.
De straat heeft de afmeting van een Madurodam weggetje.
De straat is een hele wijk en niet zelden ook de omringende wijken.
De straat is Volendam: minstens zo roddelziek, bemoeizuchtig en burgerlijk.
Ons kent ons en praten is een van de belangrijkste daginvullingen als er niet wordt ‘gewerkt’.
Dat mijn straatrover wordt belaagd, verbaast mij dan ook niet. Voldoening stroomt door mijn vaten wanneer er dingen in mijn oor worden gefluisterd.
In eerste instantie had hij nog trots gelachen toen hem werd gezegd dat hij degene was die ‘die ketting had genakt’.
Het werd wat ongemakkelijker toen het aantal mensen, zowel uit onze eigen buurtje als uit oud-zuid en west, hem vertelden dat hij ‘de verkeerde had gepakt’.
Hij kreeg het benauwd toen de mensen behalve in aantal, ook in fysieke grootte en omvang toenamen en in vriendelijkheid afnamen.
Hij raakte in paniek toen hem werd ingefluisterd dat ‘ze’ alles wisten. Ook zijn adres.
De boodschap dat hij zich moest melden negeerde hij door steeds luider te verkondigen dat niet hij, maar die ene die verderop woonde, het had gedaan. Die ene, waar hij ook mee hing ja. Die ene die hij nu keihard nakte door hem de schuld in de schoenen proberen te schuiven. Juist ja, zijn eigen mati.
‘Ze’ wisten inderdaad inmiddels alles. Veel meer dan ze ooit zouden vertellen.
Mijn interne oorlog ging in rap tempo richting een hoogtepunt naarmate mijn insomnia toenam en mijn oververmoeidheid mijn krankzinnige razernij extra voedde.
De eerste dag nadat het was gebeurd had ik gezegd dat ik hem wilde spreken.
Een paar dagen later riep ik dat hij best wat klappen mocht krijgen, graag met wat letsel zodat hij mij nooit meer zou vergeten.
Een week later schreeuwde ik doldriest van woede dat hij kapot moest.
Ik huilde kokende tranen. 
Tranen van toen die weer tranen van nu waren geworden.
En alleen al daarom moest hij boeten.
‘Laat het gaan,’ zeiden ze zachtjes, terwijl hun blik bezorgd over mijn bleke, verbeten gezicht ging.
‘Nee,’ reageerde ik en onderdrukte mijn woorden die ik hen toe wilde schreeuwen.
Over hoezeer ze het niet snapten. Over dat dit over veel meer ging dan een stomme ketting.
Fok die ketting. Hem wilde ik. Ik wilde hem tegenover mij en luisteren zou hij, dát moest hij.
‘Maar oke, je weet nu wie het is. Wat denk je er nou helemaal uit te kunnen halen als je hem te spreken krijgt? Denk je echt dat je hem kan veranderen? Tot hem door kan dringen? Ik ben zo bang dat je jezelf alleen maar nog meer pijn doet als je hem ziet en het dan alsnog escaleert,’ zeiden ze.
‘Nee. Niet.’
Ik zuchtte vermoeid voor ik besloot het nog een keer uit te leggen.
‘Als jij nou moet schijten, hè, boeit het jou dan hoe jouw stront in de pot beland of in welke pot? Nee toch? Nou, zo voelt het voor mij. Ik heb een berg stront die ik kwijt moet en Ayman is de pot waar ik het in ga leggen en hoe die stront weggespoeld wordt, zal mij aan mijn reet roesten. Ik doe dit niet voor hem, ik doe dit voor mij. Niemand, maar dan ook echt helemaal niemand gaat mij daarvan weerhouden: jij niet, jullie niet, de politie niet.’
Tuurlijk meldde hij zich niet binnen de gestelde termijn van een week.
Ik had het even gehoopt, maar na alle informatie die ik over hem had gekregen, wist ik al snel dat hij daar het IQ en het karakter niet voor had.
Hij was immers een poeplap.
Een geboren loser. Letterlijk. Vanaf zijn geboorte leek zijn agenda in dit leven al vast te staan: professionele loser.
Ondanks de hulp, de medicijnen en de liefde van zijn ouders die inmiddels radeloos waren.
De schande waren ze noodgedwongen allang voorbij.
Een dag na zijn 16e verjaardag werd hij smorgens vroeg van zijn bed gelicht.
Ik liet op straat weten dat dit mijn speciale verjaardagskado voor hem was geweest en ik daarmee, in tegenstelling tot hem, dus wél mijn woord was nagekomen.
Ondanks ik de belangrijkste regel had verbroken door hem over te dragen aan de politie, wisten ze ook dat ik in mijn recht stond om zo te handelen: hij had de kans gekregen om het onder elkaar recht te zetten en hij had deze kans niet gepakt. Het alternatief voor de politie zou de kofferbak zijn: dat weigerde ik.
Door die kans te geven, had ik ook al een belangrijke regel overtreden: ik was aardig geweest tegen iemand die dit allesbehalve verdiende. Maar ja, soms toont het niet laten gelden van je macht, juist nog krachtiger je hoeveelheid macht aan: vooral als zij weten dat je er ook voor had kunnen kiezen je macht wel te laten gelden.
Dit gegeven compenseerde mijn onterechte, misplaatste aardigheid die in dit geval niet meer als zwakheid of angst kon worden betiteld.
Met mijn ene voet in hun wereld die deels ook de mijne was en mijn andere voet in de andere wereld, balanceerde ik.
Soms was het verdomde lastig om mij staande te houden en vast te houden aan mijn overtuigingen.
Op straat geldt een heel ander wetboek.
Los van mijn ego en rechtvaardigheidsgevoel, werd ik na deze roof actie gedwongen te reageren, wilde ik ooit nog normaal en met opgeheven hoofd door mijn wijk kunnen fietsen en mijzelf recht in de spiegel aan kunnen kijken.
‘Reageren’ is op straat iets anders dan een gesprek aan gaan waarbij ‘elkaars standpunt en emoties worden gerespecteerd en erkend in een veilige, open en eerlijke communicatie die constant wordt bewaakt en dus wordt gewaarborgd opdat er ruimte is in dit proces voor het ventileren en kanaliseren van emoties teneinde tot een overeenstemming te komen.’
‘Reageren’ is op straat uithalen. Liefst zo hard, zo snel en zo vernederend mogelijk.
Maar wat als dat niet strookt met hetgeen waarin je gelooft?
Wat als je diezelfde straatjongeren elke dag weer probeert bij te brengen dat geweld een laatste en niet de eerste oplossing is? Je hen onderwijst, bewust probeert te maken over de gevolgen van wapenbezit, je de pijn vertelt en laat zien van de mensen die een naaste hebben verloren door dat soort geweld?
Wat als je jezelf er dan op betrapt, dat je elke nacht wakker ligt, omdat je op dit moment niets liever zou willen dan te reageren zoals op straat gebeurt…?
En wat als je weet dat de mensen in je omgeving staan te trappelen om te reageren? Sommigen van hen bijna ruzie met je maken, omdat je nog steeds weigert te zeggen waar die kleine straatrat woont?
Mijn hoofd stond op ontploffen.
‘Ik waardeer jullie inspanningen, maar weet je, voor mij hoeft ie niet eens vast te zitten. Het helpt toch niet. Ik wil hem gewoon spreken. Ik geloof niet in gevangenisstraf bij dit soort kneuzen. Met alle respect,’ voegde ik er nog plichtmatig aan toe en keek de rechercheur aan die zich enorm aan het inspannen was om de bewijslast van mijn dader dicht te spijkeren. Het dossier van mijn dader had inmiddels het formaat van een telefoonboek, wist ik.
Hij knikte langzaam, slaakte een zucht, beaamde mompelend wat ik zei en ik vond hem zomaar per ongeluk aardig toen ik zag dat hij heel goed begreep wat ik wilde.
‘Ongeacht wat justitie met hem doet, ik zál hem spreken,’ vervolgde ik. ‘Ook als hij daarna aangifte tegen mij wilt doen omdat ik hem op ga zoeken. Ik kan dit niet loslaten zolang ik hem niet tegenover mij heb. Hij moet leren de verantwoording te nemen voor de shit die hij doet. Naar mijn normen en waarden houdt dat in dat hij de confrontatie aan gaat met mij. Ik wil zien wat voor held ‘ie is,’ voegde ik er nog toe.
Een week later stapte ik de kamer binnen van zijn rector die plaats had genomen achter zijn bureau: ik had hem mijn woord gegeven dat ik zijn pupil, mijn straatrover, niet zou slaan.
Daar zat ‘ie dan. Naast zijn moeder en zijn begeleidster.
Hij kon mij niet aankijken. Mijn blik gleed over zijn te dunne, te kleine lijf. De knokige knietjes staken door zijn dure, maar alsnog armoedige, afgedragen spijkerbroek. Zijn Gucci petje zette hij constant op en weer af.
Hij had nog niet eens baardgroei.
‘Ik heb het niet gedaan!,’ riep hij voor de zoveelste keer, maar nu op huilerige toon uit.
‘Kijk me aan,’ zei ik.
‘Ja maar ik heb het niet gedaan! Ik zou toch niet huilen als ik het had gedaan? Als ik het had gedaan zou ik gewoon lachen maar ik heb nog nooit diefstal met geweld geleegd!’
Er viel een pijnlijke stilte na zijn laatste, correct uitgesproken juridische term, afkomstig uit zijn onderontwikkelde, ongeschoolde mond. Hij had het zelf niet eens door: te dom en bovendien op dit moment te druk om er een paar tranen uit te persen.
‘Kijk mij aan,’ doorbrak ik de stilte.
Voor de eerste keer in het gesprek keek hij mij recht aan.
Mijn donkere ogen doorboorden de zijne en in de twee seconden stilte die volgde waarin wij elkaar aankeken, bereikte mijn interne strijd waar mijn blinde haat alles op alles zette om te winnen, het ultieme hoogtepunt.
Maar ik won.
‘Ik heb heel veel tranen van kinderen gezien. Maar jouw tranen overtuigen mij geen seconde. Berg ze dus maar op. Draai de kraan dicht. Shit werkt niet.’
‘Nou oke dan zeg ik niks, oke, ik heb het niet gedaan, ik krijg zomaar de schuld, maar laat maar! Ik zeg niks oke, ik zeg wel niks meer,’ riep hij nog steeds huilerig uit en vouwde toen als een verontwaardigde kleuter zijn armen over elkaar.
‘Heel goed. Zeg inderdaad maar niks. Ik heb jouw bekentenis of ontkenning niet nodig. Ik wil alleen dat je luistert,’ zei ik. Ik was naar voren gebogen en bracht mijn lichaam en gezicht dichter bij hem.
Hij deed zijn best ontspannen, onverschillig over te komen, maar ik voelde zijn angst en hij wist, dat ik het wist.
Ik liet een stilte vallen en verzekerde mij er van dat ik zijn aandacht had. Dat was al moeilijk genoeg, had ik vastgesteld in het afgelopen half uur: beroepsdeformatie, heet dat geloof ik.
Gedurende het hele gesprek had ik hem onbewust geobserveerd. Ik had gezien hoe zijn ogen constant heen en weer schoten. Ik zag hoe zijn kinderlijk kleine handen aan zijn petje en aan broek frummelden en op zijn blaas drukten: precies zoals een kleuter doet wanneer hij heel nodig moet plassen, maar dit zelf nog niet echt doorheeft. Geen seconde kon hij stilzitten. Het merendeel van het gesprek, vooral als zijn rector, moeder of begeleidster spraken, was hij er niet. Hij keek voor zich uit en de cocon waarin hij zich dan bevond, was bijna zichtbaar.
Drie had ik er tot nu toe geteld.
Drie verschillende gezichten met ieder zijn eigen karakter: de stoere straat gast, de treurige, zwakbegaafde jongen met een stoornis en een gigantische ontwikkelingsachterstand en de sociaal wenselijke straat gluiperd die zich in deze situatie voordeed als de bange jongen die zijn moeder zo graag nog in hem had willen zien.
‘Je hebt je niet gemeld. Dat vind ik jammer want dit, dit gesprek was het enige wat ik van jou wilde. Ook dat wist je. Ik weet wie allemaal naar jou zijn gegaan en met je hebben gepraat.
Elke dag roof jij. Je steelt, je rooft en dan noem ik nog niet eens al het andere wat ik van je weet.’
Ik liet een waarschuwende stilte vallen waarin ik direct de geschrokken uitdrukking in zijn ogen een fractie van een seconde zag waarna hij zijn ogen weer neersloeg.
Boodschap overgekomen en correct ontvangen.
Ik ging verder.
‘Je rooft omdat je er verslaafd aan bent: aan de spanning, aan de manier van leven, de macht die je voelt als jij weer een vrouw van achter pakt en de angst in haar ogen ziet voor jou. Je kan ook eigenlijk niets anders en je bent er ook nog eens ontzettend goed in. Daarnaast hoop je er eindelijk een keer bij te horen. Respect te krijgen. Maar weet je, ze kakken op je. Dat weet ik namelijk ook. En weet je hoe dat komt? Kijk naar mij. Kijk naar wat ik draag. Ik draag geen merk. Ik doe mijn best niet om erbij te horen. Toch krijg ik meer respect en liefde dan jij. En ik weet, dat jij dat ook weet. Als ik dat stukje respect en die liefde niet zou krijgen van de straat, dan zat ik hier niet en had ik nooit geweten wat ik nu allemaal weet van en over jou.’
De kamer vulde zich met mijn woorden en bleven hangen boven Ayman’s hoofd. Langzaam daalden ze naar beneden en druppelden binnen in zijn systeem.
Hij keek weer op.
Er was een ding dat mij bij was gebleven tijdens de beroving: de uitdrukkingsloze ogen. Hij had geen ziel, had ik gezegd na afloop.
Ik keek weer in zijn donkere, lege ogen. Ik zag niets.
‘Zou het niet mooi zijn, als de jongens uit je buurt over jou zouden zeggen als je over het plein loopt: ‘Hey dat is Ayman, hij is echt een dope gast. Hij is een aardige jongen die je helpt als je het nodig hebt. Hij is geen nakker.’ Of als mama een keer tegen jou zou kunnen zeggen hoeveel ze van je houdt, hoe trots ze op je is, hoe blij ze met je is? Respect krijg je niet door dat gejatte G-Shock klokkie, een geroofde Dr Dre headset of Gucci petjes. Respect krijg je door wie en wat jij echt bent, hier, van binnen,’ zei ik en drukte mijn hand op mijn borst bij mijn laatste woorden.
De snik van zijn moeder klonk oorverdovend.
Langzaam vulden zijn ogen zich met tranen en voor het eerst in het gesprek zag ik het vierde gezicht.
Zijn gezicht.
Twintig minuten later stond ik op.
‘Nog een ding, ik herhaal het nog een keer zodat ik heel zeker weet dat je het begrijpt. Ik kan jou vergeven. Maar kom nooit, hoor je me? kom nooit meer in mijn buurt. Er zijn maar twee redenen waarom jij naar mij toe mag komen: als je je diploma hebt gehaald of als je echt verandering wilt in je leven. Verder: als wij elkaar zien in de buurt, dan draai je je smoel af en je kijkt naar de grond. Je kijkt mij niet aan, je zegt niets. Gewoon bek houden, smoel afdraaien, doorlopen. Duidelijk?’
Hij knikte.
Ik stak mijn hand uit.
Hij aarzelde. Niet uit dissrespect. Niet omdat hij onfatsoenlijk was. Oh nee, zeker niet.
Zijn hand waarmee hij de ketting van mijn hals had getrokken, legde hij toen behoedzaam in de mijne.
Een kinderhand.
Ik pakte zijn hand stevig beet, kneep er hard in, hield het net zolang vast tot hij mij kort aankeek.
Hij sloeg zijn ogen snel neer. Ik liet zijn hand los.
Zijn ogen staarden leeg naar de muur van de kamer.
Op weg naar huis woog ik 30 kilo lichter dan op de heenweg.
Naast de verlossing van mijn haat en het daarmee gepaarde gevoel van opluchting en bevrijding, was ik stiekem verdrietig om hem.
Deze jongen zou het nooit redden. Niet in dit leven.
Het getekende gezicht van zijn moeder brandde nog op mijn netvlies. Verslagen was ze. Ik had haar schaamte en zachte excuses aan mij weggewuifd door mijn hand over de hare heen te leggen.
De wind blies de laatste resten uit mijn hoofd. 
Ik had mijn eigen oorlog voor het eerst in mijn leven overwonnen.
En tegen beter weten in, hoop ik sinds dit moment nog steeds dat die droevige jongen met die lege ogen op een dag mij aan zal schieten om mij te zeggen met een krachtige blik in zijn ogen: ‘Ik heb mijn diploma gehaald, ik leef goed nu en mijn moeder is trots op me.’
‘The mind of a child is where the revolution begins
So if the solution has never been to look in yourself,
How is it that you expect to find it anywhere else?’
Immortal Technique – Caught in a hustle
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd, Straatrumoer
9 Reacties
Dance with the devil
De straat verleidt, lokt, nodigt uit.
De straat is vrijheid, verzet, de middelvinger naar het systeem.
De straat troost, omarmt, heeft lief.
De straat is vriendschap, loyaliteit, liefde.
De straat laat lachen, waar anderen om huilen.
De straat veroordeelt niet, accepteert, vraagt nooit naar het waarom.
‘Is geen doorzetter,’ schreeuwden de letters vanaf zijn laatste rapport hem tegemoet.
Het kartonnen hoekje krult om, rolt zich op en eet de magere cijferlijst en de venijnige woorden op.
Hij kan de hitte al voelen en daagt zichzelf uit door het brandende rapport zolang mogelijk vast te houden. Pas als de vlammen zijn duim raken, laat hij los en vallen de zwarte snippers op de grond voor hem neer.
Als ze zouden weten met hoeveel inzet, passie en vastberadenheid hij de regels van de straat zich eigen had gemaakt, zouden ze nog versteld staan.
Twaalf jaar was hij geweest, toen het spelen plaatsmaakte voor andere zaken.
Zaken.
Dingen, waarmee je geld kon verdienen maar nog veel belangrijker; aanzien kreeg.
Echt gezien werd. Meetelde. Angst en dus respect afdwong.
Hij leerde snel. Veel sneller dan hij ooit op school had gekund.
Fuck school. Fuck thuis. Fuck iedereen.
Tuurlijk wilde hij wel.
Tuurlijk deed de zwijgende, verwijtende blik van zijn moeder hem pijn.
Tuurlijk kromp hij ineen onder de minachtende blik van zijn vader.
Maar nooit genoeg om het nu eens niet alleen bij beloften te laten.
Hun verdriet verschafte hem een pracht excuus om terug te keren naar daar, waarvan zij en diep van binnen hij zelf ook, dachten dat hij er niet echt thuishoorde.
Ooit was het spannend. Leverde het geld op.
De onvoorspelbaarheid bracht afwisseling. En zonder dat hij het zich realiseerde, gleed hij steeds een stukje verder af met elk stukje streetcredibility dat hij op straat verdiende.
Zijn welverdiende strepen, zijn straat CV, die hem liet gloeien van trots.
Tot nu dan.
Dit was zijn laatste kans, hadden zijn ouders gesmeekt.
Dit was echt zijn laatste kans, hadden de leerplichtambtenaar, zijn toeziend voogd en de kinderrechter hem beroepsmatig ernstig gezegd.
‘Laatste kans op wat?’ had hij ze willen zeggen, ‘Laatste kans om bij jullie neppe shit te mogen horen? Laatste kans om mij net als jullie, als een flikker te laten misbruiken door dit kut systeem?’
Dát had hij ze willen zeggen. Maar hij had geknikt met een heel serieus gezicht en bedankt voor al die kansen die zij hem gaven.
Sukkels.
Maar toch was er iets verandert sinds kort.
Hij verveelde van het leven dat hij leidde. De straat turbulentie was eigenlijk ook niets meer dan een sleur: youtube clipjes kijken, rappen, pingen, Twitteren, gamen, roken, drinken, roven, ballen. En chillen. Heel veel chillen.
Hij zou het echt anders gaan doen, geloofde hij, terwijl hij de zwarte snippers van zijn rapport met zijn ogen volgden die werden mee genomen door de wind.
Hij zou zijn best gaan doen. Rustig worden.
Vanaf nu, echt waar.
En met deze gedachten liep hij de coffeeshop binnen om zijn jonko te halen.
Dat had hij verdient, want het kwam goed vanaf nu.
Alles kwam goed.
De straat vangt, bedwelmd, sleurt mee.
De straat is vastzitten zonder tralies, toch weer zwichten, de middelvinger naar hen die om je huilen als je weer vastzit.
De straat nakt, verraad, haat.
De straat is de onzichtbare veroordeling die onder je huid kruipt en tekent voor het leven.
De straat heeft geen interesse in het antwoord op de vraag ‘waarom’.
De straat neemt.
De straat is als dansen met de duivel, die jou vroeg maar meestal te laat leert dat je te maken hebt met een fake ass bitch waar je nooit meer helemaal van los zal kunnen komen.
Want soms voelt het slechte en kwade zo vertrouwd, dat het goed voelt.
Live life young nigga, quit tryin to be grown
You gon’ miss momma when she dead and gone
So slow your roll – slow it down my nigga
Slow your roll – slow down my nigga
Live life lil’ mama, quit tryin to be grown
You gon’ miss daddy when he dead and gone
So slow your roll – c’mon gotta slow down
Slow your roll – think you gotta slow down
This can’t be life, we’re living
Cause I don’t wanna live no more
I don’t wanna live no more
This can’t be life, we’re living
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
Geplaatst in Straatrumoer
4 Reacties
Soul scars
Ze zou. Ze wou. Ze wilde. Ze ging.
Elke keer weer wanneer ze deze twee woorden uitsprak met daarop volgend een leugenachtige belofte, geloofde ze het zelf soms nog meer dan de persoon tegen wie ze het uitsprak.
Waar het ooit mis ging, wist ze zelf niet.
Voor haar gevoel was het nooit ooit ergens echt mis gegaan: dit was haar leven zoals zij en iedereen in haar familie en buurt dat leefde.
Haar zoveelste hulpverlener dacht het wel te weten.
Maar die dachten wel vaker iets. En dan vooral van alles wat zij hen graag wílde laten denken. Ze was bijna teleurgesteld als dat haar elke keer weer lukte, maar tegelijk won de opluchting het van haar teleurgestelde gevoel.
Soms maakte ze er een spelletje van.
Dan wreef ze expres een paar keer achter elkaar over de lichte streepjes op de huid van haar onderarm: de zichtbare littekens die ze zelf had toegebracht met haar nagels, een schaar of een mesje.
Meestal duurde het niet lang voor de gemiddelde hulpverlener zijn of haar aandacht daardoor werd getrokken.
Ze kende hun hele hulp/handels en stappenplan inmiddels al uit haar hoofd.
En dan had ze niet eens de mooie diploma’s die zij wel allemaal hadden weten te behalen.
Die ene, die nieuwe, die had het door gehad.
Die had gezien dat ze er steeds over wreef, maar in tegenstelling tot haar voorgangers, had zij het zorgvuldig genegeerd.
Ze had er om moeten lachen en besloot daarop dat zij een goeie was.
Eentje die ze kon vertrouwen. Eentje die haar en haar fucked up mind en streken doorhad.
Bij een volgende afspraak bespraken ze haar laatste aanwinst.
‘En hoe oud is hij?,’ had ze gevraagd, met een misprijzende blik in haar ogen.
‘Oud genoeg.’
‘Laat me raden: hij is een jaar of vierendertig, heeft met verschillende vrouwen, of moet ik zeggen meisjes?, kinderen waar hij niet voor zorgt. Hij zit elk moment vast, liegt over van alles en jij gelooft graag zijn leugens dat jij echt bijzonder voor hem bent. Nou, klopt het een beetje?’
‘Achtendertig. Hij is geen vierendertig. En zijn kinderen lopen altijd met merk, hoor.’
‘Ah, ja natuurlijk. Stom van mij. Zijn big ass ego zou natuurlijk niet toestaan dat zijn kinderen in een gewoon H&M outfitje lopen. Maar betaalt hij ook hun vreten? Brengt hij ze weleens naar school? Troost hij ze als ze huilen? Leest hij ze voor? Hey en vraag hem volgende keer even namens mij hoe hij het zou vinden als zijn dochtertje eenmaal 16 jaar is en een “relatie” heeft met een vieze, ouwe man van 38, die elk moment vastzit, vrouwen slaat en…’
‘Hij slaat mij niet.’
‘Oh geen zorgen: dat komt dan nog wel. Ik geef het 2 maanden, dan heb jij de eerste klappen te pakken. Ik ga hier een melding van maken, dan weet je dat. Van die vuile viezerik.’
‘Ik vertel u nooit meer iets als u dat doet.’
‘Moet je dan vooral ook niet meer doen. Laat dat inderdaad maar achterwege als jij de toekomst droom hebt om over pakweg 10 jaar en 4 kinderen verder van verschillende vaders, net zo te leven als teveel vrouwen in je omgeving. Of dacht je werkelijk dat al die vrouwen dit leven wat ze nu hebben voor ogen hadden toen zij, net als jij nu, niets liever wilden dan een stoere papi te soren? Die spannende gangster, die altijd voor afwisseling zorgt, maar je uiteindelijk keihard laat vallen of je leven ruïneert? Ga ze vragen dan, vraag ze hoe gelukkig ze zijn.’
Ze was woedend weggelopen na deze laatste woorden waarbij ze constant haar moeder, buurvrouwen en tantes voor zich had gezien.
Stuk voor stuk hadden ze gepast in het beeld wat die trut net had geschetst.
Ze besloot nooit meer terug te komen naar dat klerewijf. Wat de fok dacht ze wel niet? Hoezo durfde ze zo tegen haar te praten?
Zoals vrijwel elke nacht schrok ze rond 3 uur wakker op de bank waar ze in slaap was gevallen met haar kleren nog aan.
Niemand hoefde te weten dat ze bang was om alleen naar bed te gaan. Alleen in het donker met gedachten die ze niet wilde denken. Ze sukkelde liever gewoon langzaam in slaap met haar blackberry in haar hand en de televisie zachtjes op MTV. Haar moeder was er niet. Zoals vrijwel elke nacht.
Haar broertje lag met zijn speentje in zijn mond in de box te slapen. Een weeïge poepgeur afkomstig uit zijn luier, vulde de armoedige woonkamer.
Ze gaapte. Stond zuchtend op en verschoonde haar broertje die het op een krijsen zette.
Ze suste hem, schreeuwde richting de slaapkamer tegen haar andere broertjes en zusjes dat er niks aan de hand was en ze verder moesten slapen. En nee: mama was nog niet thuis, antwoordde ze haar zusje die vroeg waar mama was.
Even later legde ze de net verschoonde peuter in het groezelige campingbedje.
Haar blik gleed over de andere drie bedden waar haar zusjes en broertjes in lagen te slapen.
Geen van hen leken op elkaar. Met een beetje fantasie leken zij en haar een jaar jongere zusje een beetje op elkaar. Maar zij hadden dan ook dezelfde vader. Althans, dat hield haar moeder nog steeds vol.
Ze liep naar haar eigen bed, sloeg het dekbed zonder dekbedovertrek open, trok het koud aanvoelende dekbed op tot haar kin en zakte weg in een diepe slaap.
‘Hoe oud was je, toen je voor het eerst seks had?’
Die vraag kwam totaal onverwachts en bracht haar een fractie van een seconde van haar à propos.
Een seconde teveel. Wel bij deze vrouw. Dat klerewijf, dat alles altijd doorhad en waar ze toch maar weer een week later bij op gesprek was gekomen.
‘Ik heb nog geen seks,’ antwoordde ze en keek de ander recht in de ogen aan. Altijd recht aankijken, daar letten ze op, daar houden ze van omdat ze dan denken dat je eerlijk bent en het meent.
Haar daarop volgende veelzeggende zwijgen en priemende blik, liet haar ineen krimpen.
‘Hoe oud was je?’ vroeg ze nogmaals.
Ze aarzelde.
Zou ze…?
Een diepe, bijna onhoorbare zucht. Deze keer niet zorgvuldig gepland en ingestudeerd.
‘Ik was 6.’
Geen geschrokken reactie, alleen weer dat klote gezwijg.
‘Maar het was geen misbruik ofzo, hoor. Ik bedoel, het was mijn neef. We praten gewoon ook als we elkaar nu zien. Ik wist niet eens dat ik sex had, haha! Daarom heb ik het ook per ongeluk verraden. Ik was echt fokking dom toen, haha! Vind u het niet grappig?’
‘Nee. Ik vind het niet grappig.’
Stilte.
‘Maar ik heb er geen last van ofzo. Al die meisjes die daarover zeuren enzo, ze liegen gewoon. Kijk naar mij, ik heb toch ook geen problemen?’
Ze zou. Ze wou. Ze wilde. Ze ging.
Nu echt.
Deze keer wel.
Wel bij deze vrouw, die haar vasthield, haar niet gespeelde tranen afveegde, haar troostte en zomaar daadwerkelijk iets verwachtte van haar.
Maar bovenal, echt in haar geloofde: meer dan zij zelf tot nu toe had gekund.
Geplaatst in OverLeven, Straatrumoer
Een reactie plaatsen
Dun drama
‘Drie weken gestopt met roken,’ verzuchtte ze met een wanhopige blik in haar ogen. ‘En ik kom vreselijk aan. Verschrikkelijk, vind ik dat.’
Mijn blik gleed langs haar dunne lichaam.
‘Je bent slank,’ constateerde ik, terwijl ik eigenlijk had willen zeggen dat ze veel te dun is en daarom geen een van mijn vrienden een spannend kunstje op haar zouden willen doen.
‘Lief dat je het zegt,’ schamperde ze.
‘Ik meen het.’
Ze keek me aan met een wantrouwende blik en slaakte nog een diepe zucht voor ze een 1 centimeter dun velletje tussen wijsvinger en duim vastpakte bij haar buik: ‘Kijk hier dan!’
Ik keek. Met hele hoog opgetrokken wenkbrauwen en ik zweeg.
‘Ik voel me gigantisch!’
‘Hoelang ben je en hoeveel weeg je?’ vroeg ik.
‘Ik ben 1.76 en woog altijd 55 kilo. Ik denk dat ik nu wel 57 weeg.’
Ik verslikte me bijna in mijn thee en zag in denkbeeldige knipperende rode neonletters mijn gewicht: 62,8 kilo met een lengte van 1.62.
Onwillekeurig gingen mijn handen naar mijn stevige dijen die ik trots mijn bouten noem. Ik train mij kapot om die bouten te kweken (persoonlijk record: 130 kilo op de legpress!) en ik ben volgens mij een van de weinige vrouwen die niet traint om af te vallen, maar om juist steviger, gevormd en gespierder te worden.
‘Ik geloof dat ik niet de juiste vrouw ben om je te steunen,’ merkte ik voorzichtig op.
Niet begrijpend keek ze mij aan.
‘Jij bent heel Hollands, heel Westers hierin, denk ik. Jij vindt het vast ook mooi als een vrouw van de zijkant helemaal vlak oogt? Met zo min mogelijk vorm?’ vroeg ik en beeldde met mijn handen twee rechte lijnen naar beneden uit. ‘Een soort deur van de zijkant bekeken?’
Geestdriftig knikte ze: ‘Ja! Hoe dunner, hoe beter! Weet je, als er een pil zou bestaan die mij nu tien kilo zou laten afvallen, zou ik het direct nemen. Ongeacht hoe slecht die pil is of wat de bijwerkingen zijn.’
Er viel een diepe stilte. Er welde medelijden bij mij op toen ik haar verdrietige gezicht met de verbeten, bittere trek rondom haar mond zag en haar magere lichaam.
Ze was 46 jaar, had ze mij verteld bij deze toevallige ontmoeting bij de kapsalon.
Ze was een mooie, aantrekkelijke vrouw van 46 jaar met een gewicht van 55 kilo en gevangen in angst.
Angst die zijn basis vindt in de opgelegde, opgedrongen en ingewreven media beelden die schoonheidsidealen laten zien die niet realistisch zijn en talloze vrouwen laten lijden.
Ik legde mijn hand even op haar schouder en keek haar aan. ‘Ik vind je mooi. Echt mooi.’
Weer keek ze mij ongelovig aan en weer herhaalde ze op bijna geïrriteerde, bozige toon dat het lief was van mij om dat te zeggen.
Een half uur later was ze klaar en vlak voor ze wegging, aarzelde ze even en liep toen op mij af: ‘Dank je wel nog, voor het gesprek.’
Ik glimlachte en bedankte haar ook.
Ik keek haar na en naast mijn medelijden voelde ik woede vanwege de kut glossy magazines waar ik op datzelfde moment in het bladeren was.
Ik gunde haar en zoveel andere vrouwen die dagelijks worstelen met zichzelf, een ticket naar Zuid Amerika waar de mannen elke dag hun vrouwelijke vormen zouden prijzen.
Ook, of juíst als dat een kilo teveel zou zijn.
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
Geplaatst in Media & meer
Een reactie plaatsen
Mama’s natte krant
Opmerkelijk, hoe verschrikkelijk veel vrouwen, mannen betitelen als honden. Klootzakken. Smeerlappen. Gewetenloze nietsnutten. Players.
Natte kranten. Slechte, waardeloze vaders.
Tot het gaat over hun eigen zoon.
Hun prinsje.
Hun knulletje.
Hun allessie.
Hun ‘mama’s ventje’.
Dan, ja dán is het natuurlijk ‘heel wat anders’.
Dan ligt het aan zijn vriendin/vrouw.
En als mama daar niet langer of eenvoudigweg onmogelijk de schuld aan kan geven, zegt ze doodleuk op vergoeilijke toon met daaronder een laagje trots, dat ‘het natuurlijk niet goed is van hem, maar ja…’
Waarna er een opsomming volgt van wat schoondochter ooit niet goed (genoeg) deed of wordt er een reeks slappe excuses aangedragen voor zijn wangedrag.
Maak het verschil: begin je eigen zoon manieren bij te brengen.
Hou op zijn stront met de mantel der liefde te bedekken.
Hou op stiekem te genieten van het gevoel dat hij zijn mama nodig heeft.
Je triomfantelijk te voelen omdat jij, zijn mama, uiteindelijk het toch ‘wint’ van die andere vrouw wanneer je hem weer eens dekt, zijn alibi bent, wanneer hij shit uithaalt.
Shit waarmee hij vrouwen en meisjes kwetst.
Shit waar jij zelf ooit bittere, pijnlijke tranen om liet, omdat die klootzakken ex/vader van je kind jou al die shit aandeed.
Jij als moeder, jij creëert mede door je zwijgen, je gebagataliseer, goedpraterij, het voor hem opnemerij en zorgvuldige onder het kleed schuiverij, een man waarvan vrouwen later zullen zeggen wat een hond, een klootzak, een gewetenloze lul hij is, die ook nog eens niet goed voor zijn kinderen zorgt.
Dear mama, do your damn job.
Geplaatst in Ouders & opvoeding
Een reactie plaatsen
Sex saboteersters
Beste Vrouwelijke Sex Saboteersters,
‘Hà! Nu heb ik hem mooi beet! Dat zal hem leren! Minimaal een week geen sex! Ik zal hem klein krijgen. Góed voor hem! En als hij nog niet gehoorzaamt, nou dan krijgt hij nóg een week straf erbij!,’ denk jij wanneer je de oudste vrouwen truuk in zet in je relatie: een sex verbod.
Maar lieve meid, terwijl jij dit triomfantelijk vertelt aan jouw vriendinnen, waarna jullie samen luidkeels roepen hoe verschrikkelijk net goed dit voor hem is, ga je aan iets voorbij.
Dat ‘iets’ kan zijn rechterhand zijn (meestal zal het rechts zijn), maar dat ‘iets’ kan ook een ‘iemand’ zijn: een ‘zij’ of zelfs ‘hen’.
Zij of hen die precies datgene aan hem geven, wat jij nu in hebt gezet als wapen tegen hem.
En terwijl jij druk bezig bent de wraak feeks uit te hangen, lacht hij zich op datzelfde moment helemaal kapot.
Of misschien ook niet: meestal wordt er namelijk niet hard gelachen tijdens de sex en al helemaal niet bij vers vlees in de kuip of een verboden vrucht die zoet smaakt.
In ieder geval zoeter dan jij op dit moment: de zure pruim.
Uiteraard zijn er nog steeds mannen bij wie deze truuk nog werkt of laat een man jou dénken dat de truuk werkt. In dit laatste geval is het minstens zo’n valse mind game als het spel dat jij nu speelt.
Bij mannen waar deze truuk wel nog echt werkt, is het een perfecte match met jou: jullie horen bij elkaar en verdienen elkaar.
Een man die buigt voor dit soort mind games, is naar mijn mening niets meer dan een natte krant. En dan heb ik het uiteraard over de slechtste krant die er is: een natte Telegraaf.
Als ik een man was zou ik het wel weten als mijn vrouw keer op keer dit soort spelletjes zou spelen: Ctrl + Alt + Del. En hoplaaa weg is je ass uit mijn leven.
Maar dan uiteraard wel nadat ik een uitermate diepgaand contact zou hebben opgebouwd met haar voltallige vriendinnenkring (diezelfde vriendinnen die haar zo supporten bij dit soort acties).
Wanneer je ruzie hebt met je partner, je uit elkaar kan knallen van woede is sex de manier om je ergste woede af te reageren.
Daarna ben je ontspannen, bereidwilliger om het samen op te lossen.
‘Oh ja!? Oh ja!?’, hoor ik enkele steeds kwader wordende vrouwen nu schreeuwen tijdens het lezen, ‘Maar meneertje flikt het elke keer! Meneer denkt dat hij er maar elke keer mee weg komt, met dat gekloot/gelieg/gezuip/geram/vreemd gaan van hem!’
Verrassing: hij denkt dat niet alleen, het is ook zo. Hij komt er toch ook mee weg?!
En dankzij wie komt hij er elke keer mee weg?
Accepteer het of ga weg.
Maar veranderen door je pussy op slot te draaien zal nooit werken.
Zo almachtig en uniek is íe namelijk niet: zelfs niet die van jou.
Sex als wapen inzetten is eenvoudigweg geen oplossing.
Het is hoogstens dom. Ook wat droevig. En niet te vergeten: dodelijk vermoeiende drama.
Oh ja, ik heb het niet over de categorie vrouwen die geen trek in sex hebben als hun relatie op dat moment even niet goed gaat.
Dat is wat anders: veel vrouwen hebben moeite sex te hebben met een man als het emotioneel niet goed zit. Dat is een heel andere categorie dan de sex saboteersters.
Die zetten het in als wapen en zijn gek op mind games.
________________________#GameOver___________________
Geplaatst in Man vs Vrouw en ander relatie gedoe
Een reactie plaatsen
Nooit goed genoeg
Toen Theo van Gogh werd afgeslacht door een radicale Moslim bereikte de toch al paniekerige houding jegens Moslims en de Islam een hoogtepunt.
Zo werkt de menselijke geest nu eenmaal en ik begreep dus die angst.
Toch zat het mij niet lekker.
Ik vond het te makkelijk om Mohamed eenvoudigweg als een godsdienst gek van een ‘haat-religie’ neer te zetten.
Ik liep tegen weerstand en woede op, als ik mijn vragen hardop durfde te stellen: alsof ik, de eeuwige begripsvolle trut, excuses zocht voor zijn misdaad.
Ik zoek nooit excuses voor wangedragingen.
Wat ik wel zoek, zijn antwoorden die wellicht verklaren waarom ooit iemand keuzes maakte die hebben geleid tot bepaalde acties of reacties.
Een excuus is iets anders dan een uitleg, maar die mening schijnt niet iedereen te delen.
Ik heb het nodige gelezen, aangehoord en bekeken wat betreft radicalisering.
Zo leerde ik jaren geleden tijdens een conferentie over radicalisering in Nederland dat het beeld van een streng religieus opgevoed kind dat logischerwijs radicaal is of wordt, meestal niet klopt.
Degenen die radicaliseren, zijn juist vaak westerse/verwesterde jongeren die ‘vrij’ leefden, bewust danwel onbewust hun leven lang probeerden ‘goed’ te zijn, ‘erbij’ te horen.
Erbij horen en goed zijn geldt in Nederland: praten, leven, denken, lachen, handelen als een blanke Nederlander.
Als allochtoon dien je bovendien natuurlijk wel een stappie extra te moeten zetten om erbij te mogen horen en dus lach je extra hard om GeenStijl, verklaar je vurig het helemaal eens te zijn met Wilders en gék te zijn op de gezelligheid van een concert van De Toppers.
Maar dan nog. Dan nog zul je je bewust blijven dat je toch een beetje heel anders bent dan hen.
Na jaren kwam ik hem weer eens tegen.
Ik kende hem vanaf zijn vroege pubertijd en zag met lede ogen aan hoe hij, een Marokkaans Amsterdamse jongen, er alles aan deed om er bij te horen.
De pubertijd is al niet de makkelijkste fase in je leven waarin alles wat ooit makkelijk en zeker leek, op losse schroeven staat. Vooral wie en wat je bent.
Als tiener weigerde hij Marokkaans te praten.
Hij ging uitsluitend om met blanken en was er trots op wanneer allochtone leeftijdsgenoten hem misprijzend kaaskop noemden.
Hij lachte hard mee om grappen over Marokkaanse bontkraagjes en het Suikerfeest .
Hij struikelde bijna over zijn tong om zijn misschien wel hoorbare Marokkaanse accent te camoufleren.
Zijn droom was om ooit bij de politie te gaan.
Ik maakte me zorgen om hem en niemand, vooral hij zelf, begreep mijn angst en bezorgdheid.
Ik hoorde via via dat hij met heel veel pijn en moeite zijn droom had weten te bereiken.
En deze inmiddels ook weer had verloren.
Mijn zorg nam toe.
Het moest zo zijn: ik liep hem niet veel later tegen het lijf.
‘Hoe is het nou? Écht met jou zelf?’ begroette ik hem.
Hij keek mij bijna betrapt aan en boog toen zijn hoofd.
‘Snap je achteraf waarom ik jaren geleden zo bezorgd was? Waarom ik mijn twijfels uitte dat je perse bij de politie wilde?’
Hij knikte, keek mij aan en slaakte een diepe zucht. ‘Ik heb het heel zwaar gehad. Met mezelf. Met wie ik eigenlijk ben. Ze hebben me verschrikkelijk verneukt. Of nee, ik heb mij zo verschrikkelijk verneukt gevoeld.’
We waren allebei even stil.
‘Weet je, ik heb zo hard mijn best gedaan. Echt heel hard.’ Er gleed een schaduw van pijn over zijn gezicht bij zijn woorden.
‘Ik weet het,’ verzuchtte ik, ‘wist je dat jij helemaal in het profiel past van een persoon die radicaliseert?’
Geschrokken keek hij mij aan, de betrapte blik in zijn ogen verscheen weer.
Ik bleef hem aankijken in een poging hem zwijgend aan te moedigen.
‘Dat snap ik. Ik snap dat nu heel goed. Weet je, in die periode dat ik bij de politie werkte en er ook weer ben weggegaan, toen kwam ik in contact met een geestelijke. Hij luisterde naar me. Leek mij écht te begrijpen, mijn verdriet enzo. Hij snapte hoe hard ik mijn best had gedaan. Voor het eerst leek ik mezelf te mogen zijn, hoefde ik mij niet eerst tien keer te bewijzen. Ik hoefde niks uit te leggen, te verantwoorden ofzo. Zo voelde het. Het gaat nu goed, hoor. Ik ben er nu ook gewoon blij mee dat ik Marokkaans ben.’
Gelukkig heeft hij een moeder die hard ingreep maar vooral op tijd ingreep en eindeloos lang met haar zoon sprak. Hem vertelde over haar strijd die ook zij lang geleden heeft moeten voeren.
Gelukkig beschikte hij over de kracht, de intelligentie, het vermogen om eerlijk naar zichzelf te kunnen kijken en de vinger op zijn pijnlijke plek te leggen.
Hij radicaliseerde niet.
Hij leerde de soms onmogelijke balans te houden om zich staande te kunnen houden én gelukkig te zijn met wie en wat hij was, ook wel ‘integratie’ genoemd.
Na een warm afscheid scheiden onze wegen zich weer. Door mijn wijk fietsend denk ik terug aan de documentaire (zie deze link, even laten laden: video verschijnt bovenaan page!) over de achtergrond van de moordenaar van Theo van Gogh.
Mohamed, die zich enorm had ingezet voor van alles en nog wat. Een idealist was. Hippe kleding droeg.
Er zo graag bij wilde horen.
Zonet las ik het mooie artikel in ‘Het Parool’ over de doodgeschoten Quincy.
Quincy, ook bekend als oprichter Sin Quin van de Amsterdamse Crips: een gang die zijn Nederlandse wortels vindt in Den Haag.
In het artikel (zie deze link) vertelt zijn vriend Kno’ledge Cesar over de achtergrond en zijn beeld over het mens achter ‘Sin Quin’.
Over Quincy, die keer op keer vanuit zijn perceptie ervoer dat het maar niet wilde lukken.
Hij er niet bij hoorde. Niet echt.
Radicalisering vindt zijn wortels niet in een geloof of in een gang.
Was het maar zo ‘eenvoudig’ om een geloof of een gang te bestrijden, uit te roeien en daarmee dus ook radicalisering.
Radicalisering is geen product, het is geen actie.
Radicalisering is het resultaat, een reactie.
Radicalisering zal gezaaid worden, gevoed worden, groeien en dus bestaan zolang er mensen worden buitengesloten, gediscrimineerd en niet goed genoeg zullen worden bevonden.
Mohamed en Quincy zijn geen uitzonderingen.
Soms heten ze Soufyan, Brian, Mustapha, Jordy of Willem en hun aantal neemt momenteel toe.
Een excuus?
Nee.
Een uitleg.
Geplaatst in Media & meer, OverLeven
1 reactie
Gedachtjes & Nadenkers
Hoe ik toch aan al die wijsheid kom?
Nou, dat is een vrij simpele toverformule: een hele hoop verkloten, opfokken en verprutsen. Liefst een paar keer hetzelfde verkloten.
Dan leer je het wel.
Meer van dit soort ongein lees je hierrrr
Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd
Een reactie plaatsen
Lost souls
‘…dus je komt later naar me toe?’ hoor ik haar op quasi nonchalante toon vragen.
In een fractie van een seconde gluurt ze hoopvol naar hem.
Hij knikt afwezig.
Hij is bezig met zijn telefoons, scheldt ondertussen een junk uit, fluit naar zijn vriend die even verderop vlug om zich heen kijkt voor hij een bolletje uit zijn mond haalt en verkoopt aan een andere junk die met wijd open gesperde ogen en stijve benen naast hem staat.
Besluiteloos blijft ze staan, pakt dan haar mobieltje uit haar te strak zittende jack.
De boorden van haar mouwen zijn grauw.
Aan de zijkant, waar met harde hand de beveiliging button is afgerukt, steekt door het lelijke gat de voering wat uit.
‘Wat kijk je met kaolo!? Ga je moers go olo zo bekijken,’ scheldt ze de magere jongen uit
die met smekende ogen haar aandacht trekt. ‘Ey, deze telefoon is echt kapot hinderlijk! Zomaar gaat ‘ie aldoor uit en….’
De rest van haar woorden gaan verloren als hij zijn telefoon opneemt. ‘Ik kom er aan. Zeker, 100 procent broer!’
Ik kan niet langer horen wat hij zegt, aangezien hij langzaam wegloopt.
Zij blijft ondertussen druk doen met haar telefoon.
Haar kleine vingers schieten in razend temp over de mini toetsen.
De harsnagels van haar duim en ringvinger zijn half afgebroken, de rest van haar nagels schitteren in de zon door de kleine steentjes die op de blauw/zwart gelakte nagels zijn geplakt.
Haar ogen schieten van haar beeldschermpje naar de lange gestalte met dreads van haar toekomstige ondergang.
Hij kijkt even over zijn schouder, gebaart kort met zijn hoofd.
Ze aarzelt, gebaart met haar handen naar hem of ze moet komen, maar zijn aandacht wordt getrokken door een groep meisjes dat heupwiegend voorbij loopt.
Schaamteloos bekijkt hij ze, keurt hun konten en maakt een grapje dat de verzameling muffins in loeistrakke spijkerbroeken laat schateren van het lachen.
Dan draait hij zich om en maakt een luide tjoeri: ‘Sjezus wat de fok sta je nou daar? Ik roep je toch!’ schreeuwt hij, zijn mobiel nog altijd aan zijn oor.
Ze staart hem even aan, slaat dan haar ogen neer en bergt haastig haar mobiel op.
Even kruizen onze blikken elkaar.
Ik wil haar een klets om haar gepiercde oren geven, haar superstrakke heupbroek van haar te dikke reet aftrekken en haar uggs van haar scheefstaande voeten rukken.
Ik wil haar vasthouden, haar zeggen dat hij haar nooit zal liefhebben, dat hij nooit de jongen zal zijn die zij denkt van hem te kunnen maken als ze maar volhoudt genoeg van hem te houden.
Ik wil haar zeggen dat ze verdomme van zichzelf moet houden.
Mijn ogen boren zich in haar donkere ogen die omrand zijn met harde, zwarte eye liner en praktisch dichtgeplakt zijn door de te dik aangebrachte mascara.
Mijn blik blijft strak op haar gericht.
Ze aarzelt even.
Dan gaat haar kin de lucht in, tuit ze haar lippen, trekt haar getekende wenkbrauwen omhoog, draait haar hoofd af op een manier waar mijn handen van gaan jeuken en sloft achter de lul aan.
Ik kijk haar na.
Ik heb het koud en wil naar huis.
Geplaatst in Straatrumoer
Een reactie plaatsen
De mannenlokker en haar grote vang-plan
‘Ik heb een nieuwe waarmee ik een beetje rommel.’
‘Die ene,’ knikte ik, ‘die op je facebook prikbord dagelijks ongeveer 600 keer iets “vriendschappelijks” post?’
Hij slaakte een diepe, geërgerde zucht.
‘Die, ja. Maar ja…’
De stilte die volgde, werd gevuld door zijn onuitgesproken woorden die ik dan dus maar behulpzaam hardop voor hem uitsprak: ‘Ze heeft het nu al weer verpest door dit te doen. Ze claimt. Ze dwingt. En alleen al vanwege het feit dat ze die postings als een grote demonstratie doet tegenover andere vrouwen, laat jou al afknappen.’
Hij knikte geestdriftig, blij dat er iemand was van hetzelfde soort ras als zijn nieuwste aanwinst die het wél begreep.
Zijn blijdschap was van korte duur toen ik mijn vragen op hem afvuurde en hij bij elke vraag verder onder de tafel in het restaurant leek te willen wegkruipen.
‘Hoelang hebben jullie sex?’
‘Ik denk nu dik drie maandjes.’
‘Ah! Ja, dan is vanuit haar ogen de cruciale twee maanden voorbij en dus moet er meer zijn dan alleen sex.’
Zijn ogen werden groot van schrik.
‘En heb je geregeld bij haar geslapen? Echt samen geslapen dus?’
Paniekerig knikte hij en op zijn daarop volgende blik vol onbegrip legde ik hem uit:
‘Voor jou was het praktisch en best gezellig: gewoon even logeren. Voor haar niet. Slapen is niet niks. Slapen is intiem. Slapen is voor het eggie. Vrouwen zullen dat interpreteren als heel serieus. Leuk samen écht iets delen, enzo. Laat me raden: ze heeft ook al eens eten voor je gekookt of maakt ontbijtjes voor je?’
‘Er hing een briefje toen ik wakker werd dat mijn eten in de koelkast klaar voor me stond,’ beaamde bij bedremmeld.
Zijn zojuist nog aanwezige brullende honger toen hij zijn eten bestelde, leek in een klap te zijn verdwenen. Hij roerde een beetje afwezig met zijn vork in zijn eten. 
‘Ze is vast heel lief voor je. Lijkt je niet te begrijpen wanneer je alle signalen afgeeft dat je alleen wilt zijn. Ze doet alles wat je wilt. Oh, en heeft ze je kleren al gewassen? Je hemd een keer gestreken en daar heel luchtig over gedaan, zodat jij gerustgesteld bent dat het echt niets betekent dat ze dat doet, maar ondertussen voelt het toch niet echt lekker? En zei ze lachend dat het echt geen moeite was, toen jij haar bedankte?’
Langzaam maar zeker trok hij wit weg.
Zijn vork, die onderweg was naar zijn mond, bleef in de lucht hangen en zakte na mijn laatste vraag onaangeroerd terug naar zijn bord. Hij knikte slechts.
‘Jullie doen het al een paar maanden, hè. Nou vriend, ik zou maar oppassen dat ze niet heel erg per ongeluk door die betrouwbare pil heen zwanger raakt en dat ze dat pas na een maand of drie ontdekt.’
‘Ik wil niet! Ik wil niet!,’ riep hij uit en schoot overeind in de stoel waar hij gedurende het gesprek steeds meer in weg leek te zinken.
‘…want natuurlijk doen jullie het nu niet meer veilig. En ook dat is voor veel vrouwen een trofee. Een teken. Een signaal. Een bevestiging.’
Niet begrijpend keek hij mij aan. ‘Hoezo?’
Ik slaakte een onhoorbare zucht over zoveel gebrek aan logisch inzicht in de vrouwen vertaal machine.
‘Kijk,’ begon ik geduldig, ‘jij doet het altijd mét. Dat deed je in het begin ook met haar. Het feit dat je het na een poosje zonder doet, is voor haar het teken, een bevestiging dat zij dus speciaal is. Anders is. En dus meer voor jou betekent dan een chickie die je alleen maar balt.’
‘Maar ze is niet meer dan dat! Dat is ze niet echt. Of echt niet,’ piepte hij angstig.
Hij veegde zijn voorhoofd af met zijn servet. ‘Ik krijg het benauwd. Ik zit helemaal in paniek te raken. Verdomme. Hoe weet jij dit trouwens allemaal?’
Verbijsterd keek ik hem aan.
‘Ik ben een vrouw, weet je nog?’ antwoordde ik en wees ter bevestiging op mijn decolleté. ‘Ik ken het omdat ik dat soort games zelf speelde. Dat is ons grote vrouwen vang spel.
Daar zijn wij master in. Zo pakken wij jullie in. Nu ik ouder ben geworden, doe ik het niet meer. Los nog van het feit dat ik nu gelukkig getrouwd ben: ik heb dit soort spelletjes ook niet gespeeld toen ik hem leerde kennen. Omdat ik door schade en schande heb geleerd dat het niet werkt wanneer je een man middels slinkse manipulatie in een relatie weet te lokken. Shit werkt niet.’
Ik nam nog een hap van mijn heerlijke salade. Hij leek diep in gedachten te zijn verzonken en at traag zijn bord leeg.
‘Maar waarom? Waarom doen vrouwen dat?’
‘Om jullie dus te vangen.’
‘Ja maar ze weet dat ik geen relatie wil!’
‘Dat negeert ze en dus bestaat het dan niet. Zij wilt wel, en dat is wat voor haar telt. Bovendien klampt zij zich vast aan alle ‘tekens’ die jij afgeeft. Jullie mannen praten te weinig. Zeggen niet duidelijk wat je wel of niet wilt en als jullie het al zeggen, is het maar een keer. Dat telt niet voor haar. Dit soort vrouwen en dus de meeste vrouwen, moeten het elke keer weer horen. Anders klampt zij zich vast aan jouw ‘tekens’. Daaruit concludeert zij dat jij heus wel meer wilt, maar het gewoon nog niet weet. Zeg me niet dat zij haar kinderen al aan je heeft voorgesteld?’
Zijn betrapte blik vertelde mij het antwoord.
‘You’re fucked,’ constateerde ik.
‘Hoezo!? Wat dan!? Het was gewoon gezellig! Het kwam gewoon zo uit! Toch…?’
Ik schudde mijn hoofd. ‘Absoluut niet. Het kwam absoluut niet toevallig zo uit.’
‘En nu? Wat moet ik nu!?’ huilde hij bijna.
‘Praat met haar. Zeg tegen haar hoe het zit. Dat het zónder doen voor jou alleen maar is omdat je dat lekkerder vindt. Mannen doen het zonder en bedenken achteraf dat het stom was. Daarna sussen ze hun geweten door zichzelf voor te houden dat ze vast niets heeft en gaan misschien nog een testje bij de GGD doen. Zij belt al haar vriendinnen op om te vertellen dat het toch meer is tussen jullie dan alleen sex. Zij droomt er over weg voor het slapen gaan en gaat over naar de volgende stap om hem te vangen. Je zal moeten stoppen met haar als je echt verder niks wilt. Praten helpt al niet meer, bedenk ik nu ik de feiten op een rijtje zet. Vanuit haar vertaal machine ben je al haar vriend. Komt niet meer goed.
Zij laat zich niet meer degraderen tot een baller.’
Hij zuchtte en ik wist dat hij nu al vol spijt terugdacht aan de ongetwijfeld gruwelijke sex die hij met haar had gehad en waar hij afstand van zou moeten nemen.
‘Ik heb wel expres van de week een andere chick gebeld waar ik sex mee heb gehad,’ merkte hij op en keek mij manmoedig aan.
Zwijgend keek ik terug.
‘Ja! Nou, ter compensatie omdat zij zo dramt.’
‘Helpt niet. Je moet stoppen,’ herhaalde ik. ‘Maar ongetwijfeld lig je haar volgende week weer te heien. Zónder. Zo zijn mannen nu eenmaal.’
Hij keek en zweeg. Mijn gelijk bleef als een donkere wolk boven onze tafel hangen.
Niet alleen vrouwen hebben een vertaalmachine. Mannen hebben ‘m ook.
Het verschil is alleen dat de mannen vertaal machine super eenvoudig is en er bovendien er weinig hoeft te worden vertaald: er is gewoon niet zo heel veel te vertalen.
Daarentegen is de vrouwen vertaal machine gigantisch, zowel qua omvang als instructies en hoeveelheid vertaal acties en woorden.
Een tip voor alle mannen: zorg dat alles wat je doet of laat, wordt onderbouwd met heldere, niet verkeerd te interpreteren woorden. Dat heeft zij nodig.
Het zonder condoom doen betekent dus dat zij bijzonder is.
Het strijken van je kleren, het maken van eten, het doen van boodschapjes, leuk doen met jouw kinderen, geërgerd haar rinkelende telefoon wegleggen wanneer deze gaat waar jij bij bent omdat ze jou wilt tonen dat ze jou boven alles en iedereen stelt: het zijn allemaal onderdeeltjes van haar vang-plan.
Haar plan om hem te doen laten inzien dat hij heus wel klaar is voor een relatie.
Hij heus wel van haar houdt.
Zij is de mannenlokker en ze zal winnen. En als ze niet wint, zal zij hem huilend en woest of allebei tegelijk hem voor de voeten gooien wat ze ‘allemaal wel niet voor hem heeft gedaan!!’ en dat ‘meneer het allemaal toen wel best vond!’ maar vooral hoe hij haar ‘in de zeik heeft genomen!’ en ‘heeft gebruikt!’
Oneerlijk? Raar? Manipulatief? Gemeen? Onnodig ingewikkeld?
Uiteraard.
Deal with it, want ongeacht hoe hard Beyoncé zal zingen over het ‘independent woman’-schap en zij dit hard mee brult: er zijn van die dingen die nooit zullen veranderen.
Geplaatst in Man vs Vrouw en ander relatie gedoe
2 Reacties
50 tinten grijs: de mannen versie
Jongelui, ik word rijk.
In het afgelopen half uur heb ik het boek ‘50 tinten grijs’, maar dan nu speciaal voor mannen geschreven.
Dit wordt zo ongeveer de inhoud, alleen moet ik nog wat meer plaatjes toevoegen, want het mannen boek móet uiteraard in tegenstelling tot de vrouwen versie, plaatjes hebben (anders snappen ze het niet of zien het niet voor zich).
Hoofdstuk 1
Ze was best slim, zijn nieuwe secretaresse, maar gelukkig niet slimmer dan hij.
Haar beste kwaliteit was koffie inschenken, waarbij zij veel en vaak onnodig bukte in haar standaard kantoor outfit. Zij gunde hem dan een blik op haar vlezige, ronde reet in het strakke, latex rokje of haar dikke, schuddende memmen in haar zwarte corset (met veters).
Hoofdstuk 2
Ze sprak hem nooit tegen, maar voor de vorm soms wel.
Dat deed ze alleen als hij dat wilde. Zij wist precies wanneer hij dat wilde, maar ook dat hij uiteindelijk natuurlijk altijd gelijk had en altijd won. Ongeacht waarover het ging.
De spanning stijgt als zij op steeds hogere porno hakken op kantoor komt.
Tijdens de vergadering gaat zij naast hem zitten om te notuleren en frummelt zij onder tafel met haar hand aan zijn lid.
Hij ontdekt dat ze nog maagd is.
Hoofdstuk 3
Hij balt haar aan gort sinds hij haar ontmaagde aan het eind in hoofdstuk 2.
Hij doet dat overal en wanneer en hoe hij dat wilt.
Ze kan en doet alles uit zichzelf wat zijn favoriete pornoster ook doet.
Zij heeft nooit glijmiddel nodig: ongeacht welke opening hij wilt vullen.
Ze is nooit ongesteld.
Hoofdstuk 4
Hij trekt haar nog steeds uit elkaar en zij verlangt nooit naar een voorspel: dat vindt ze onnodig.
Haar hobby is om zijn lid vaak, veel en diep te nemen. En aan uitspugen doet ze niet. 
Dat vind ze namelijk zonde.
Alle andere mannen vindt ze lelijk en stom en ze gruwelt alleen al bij de gedachte om sex te moeten hebben met een ander: ze wilt alleen hem en moest huilen toen hij haar testte door voor te stellen dat zij het een keer met een ander doet.
Ze raakt opgewonden van zijn buik.
Hoofdstuk 5
Ze dringt steeds meer en vaker aan op een trio of gangbang met al haar lekkere vriendinnen, die trouwens ook nooit ongesteld zijn en graag sex om de sex hebben.
Hoofdstuk 6
Ze erft een fortuin en stopt met werken.
Ze gaat vanaf nu uitsluitend nog zorgen voor hem en het huishouden en doet dit altijd in ontzettend ordinaire porno outfits.
Ze strijkt het liefst zijn hemden op haar hoogste hakken en ze kookt altijd voorover gebukt: dat is handig voor hem als hij thuis komt van kantoor.
Op kantoor is het leuk want zij hielp hem aan een nieuwe, bloedhete secretaresse die bijna net zo goed is als zijzelf.
Hoofdstuk 7
Ze wordt nooit oud.
Ze kookt geweldig.
The End
Geplaatst in Media & meer
9 Reacties
De geleerden van de straat
‘En dan wat! Hoezo heb ik dat gedaan? Heb je bewijs dan, ik heb niks gedaan! Altijd heb ik het gedaan. Zomaar krijg ik deze beschuldiging! Waren jullie erbij? Wie zegt dat hij niet liegt! Waarom moet ik respect hebben als hij dat niet heeft? Altijd pakken jullie mij! Altijd! Het is…’
‘En nou hou je je grote smoel! Hang maar weer het slachtoffer uit! Ja hoor, wij zitten hier de hele dag er op te azen want dat is onze dag vulling: jou lekker te pakken nemen. Och knulletje, wat ben je zielig, hè? Koester het! Knuffel het zoals je al je halve leven doet, slappe zak! En wat ontzettend handig dat je je afkomst ook nog kan gebruiken als excuus voor je slachtofferschap. Hou verdomme eens op met je gemekker, je gehuil en vinger wijzen. You fucked up! Niet ik!’
Dit gesprek was het begin van een bijzondere en oprechte band.
Na mijn tirade die volgde op zijn latent agressieve geblèr, had hij al zijn mond al weer geopend om mij minimaal twee ziekten toe te wensen, al dan niet in combinatie met mijn moeder.
Maar hij bleef stil. Staarde met fonkelende ogen van zijn chronische woede mij aan.
Het was stil in mijn werkkamer waar hij zich had moeten melden na de zoveelste klacht over zijn gedrag.
Mijn ogen moeten minstens zoveel woede hebben uitgestraald.
Omdat ik in hem zag wat hij al jaren niet meer zag en misschien zelfs nooit eerder had gezien.
Omdat ik kots van mensen die slappe excuses aandragen om vooral niet naar zichzelf te hoeven kijken.
Maar ook omdat ik de achterliggende pijn zag.
Het vileine buitensluiten wat hij vanaf zijn kinderjaren had ervaren waardoor hij zich akelig bewust werd en bleef om vooral nooit te vergeten dat hij er niet bij hoorde. Niet echt.
De verbijstering, het ongeloof en wantrouwen wanneer ‘ze’ hoorden hoe hoog de opleiding was die hij volgde. Hij die daarover maar lachte, omdat lachen soms het best werkt tegen pijn en hij er al aan gewend was geraakt. Of in ieder geval zichzelf dat voorhield.
In de stilte doorboorden mijn ogen de zijne.
Hij sloeg ze niet neer, ik ook niet.
‘Wat jij niet snapt, is dat de dikste middelvinger die jij aan iedereen kan geven waar jij je nu zo tegen verzet, is door hen niet te geven wat je ze nu wel geeft: een bevestiging van alles wat ze aan vooroordelen hebben.’
Hij maakte een afkeurend geluid.
‘Waarom zou ik!? Interesseert me geen moer wat zij denken! Fok ze. Fok ze allemaal.’
Ik zweeg en keek hem aan na zijn laatste woorden.
Hij sloeg zijn ogen nu wel neer en was stil toen ik begon te praten.
Zo nu en dan sloeg hij zijn ogen op en keek me heel kort aan.
Voor het eerst luisterde hij, in plaats van aan te horen. En langzaam maar zeker begon hij te vertellen.
Drie jaar lang bleef hij vertellen. Steeds een stukje meer.
Onze gesprekjes voerden we wekelijks. Nooit vergat hij een afspraak of kwam hij niet opdagen.
Nooit heb ik hem op een leugen na ons eerste gesprek kunnen betrappen.
Gister stormde hij mijn werkkamer binnen terwijl ik net in een uitermate serieus gesprek zat. Maar deze keer wilde ik graag dat hij zo ‘respectloos’ binnen denderde: ‘Ik ben geslaagd, ik heb het gehaald!’
We omhelsden elkaar en sprongen samen op en neer in mijn kamer. Allebei met tranen in onze ogen.
Het vergt moed, doorzettingsvermogen en kracht om de wereld en jezelf onder ogen te zien zonder leugens en slappe smoezen.
Smoesjes, die een fijn excuus kunnen vormen voor je eigen gedrag dat overigens niet zelden het antwoord is op zoveel onuitgesproken, maar overduidelijke pijnlijke boodschappen van anderen.
Binnenkort zal ik bij zijn diploma uitreiking zijn.
Zoals ik drie jaar geleden beloofde: ‘Ik zal er zijn. Die dag zal ik de blaren op mijn handen voor je klappen als jij je diploma haalt. En jij en ik zullen dan weten dat dit die middelvinger is naar alles en iedereen die jou ooit het gevoel gaf niet goed genoeg te zijn.’
Een diploma is zoveel meer in veel gevallen dan slechts een bewijs van een gevolgde opleiding.
In veel gevallen staat het voor vrijheid. Voor verzet. Voor hoop.
De bevestiging dat een rotsvast geloof het verschil kan uitmaken voor ieder kind dat een struggle voert in een wereld waarbinnen zij zich staande moeten houden in zoveel verschillende werelden.
Met een glimlach sloot ik mijn computer af.
Mijn blik bleef even rusten op de drie piramides naast mijn computer die hij, helemaal speciaal voor mij, verleden jaar had gekocht op zijn vakantie.
Ik zal hem nooit vergeten.
Geplaatst in Straatrumoer
Een reactie plaatsen
Interview FaqFiles.nl met C.A.N.E aka RedLight Boogie – 2008
Lees het hele interview uit 2008 met C.A.N.E via deze link
Caneologie: ‘Liefde is doof, blind en stom, daarom kan ik ‘m niet beantwoorden.’
FaqMaster aka Mrs Bruja confronteert SugaCane met slechts een kleine greep uit de roemruchte lijst van Cane-quotes, die zij afgelopen jaren op de harde schijf heeft opgeslagen.
1- ‘…ik draai me om, laat een scheet en slaap weer verder.’
‘Tuurlijk heeft dit in eerste instantie te maken met hetgeen wat mensen denken of zeggen. Laat ik het zo zeggen: mensen proberen heel vaak mijn acties te analyseren en bekritiseren, maar ze zitten er negen van de tien keer zó ver naast, dat het lachwekkend is. Die uitlatingen van die personen zijn bedoeld om hetgeen wat ik aan officiële status heb opgebouwd, te kleineren en te beledigen. Maar ze bereiken er juist het tegenovergestelde mee. Ik kan me daar dus absoluut niet druk om maken en eet, drink, slaap er niet slechter door.’
2- ‘Bitch! Je kán ‘m niet eens betalen!’
‘Ik heb vaak mee gemaakt dat mensen negatieve opmerkingen maken over iets tofs wat ik als jongen uit de Amsterdamse pijp had; een diamanten armband van 50 ruggen, een klokkie van 40 ruggen en een bak van 150.000 euro. Dan hoorde ik bijvoorbeeld: “Nou, ik zou ‘m niet willen hebben, je kan ‘m nergens kwijt en kan er nergens mee rijden in al die straatjes in Amsterdam.”
Ik heb dan altijd zoiets van “Luister dan, als zo’n joekel, zo’n vuilniswagen dat kan, nou, dan kan ik die bak van mij ook wel rijden over de grachten!” (stilte)
Afgunstige ho.’
3- “Híer!”, dacht ik, “Voor al die negers uit de Bijlmer.”
‘Die uitspraak heb ik gedaan over geld dat ik heb verdiend met mijn vingers. En ook uitgegeven. Met dat soort bedragen heb je heel veel ruimte om je wensen te vervullen. Wat je zou willen, kan je kopen. Waar je wil gaan, daar ga je. Je hebt geen blokkade. Door die financiële comfort straal je rust, zelfverzekerdheid en stabiliteit uit waar vrouwen die carrière gericht zijn, zichzelf in herkennen; dat is wat zij voor zichzelf ook wensen. Dat type vrouwen hebben dan een zwak voor zo’n man, ongeacht hoe ‘ie er uit ziet. In mijn verleden heb ik topmodellen en tv sterren gehad die helemaal nooit niet zouden kijken naar een neger omdat dat hun status doet afbrokkelen. Ténzij ‘ie veel geld heeft! Mijn leefwijze trok zoveel vrouwen naar me toe, dat de drempel naar mij laag werd voor hen. Het was gewoon triest hoe ze zich manifesteerden. Dit zijn de meest schaamteloze vrouwen die ik ooit heb ontmoet. Elite spelen, maar ondertussen… Een arrogante chick met nukken uit de Bijlmer heeft daarmee in vergelijk meer klasse.’
4- ‘Wat is het toch fijn, om Cane te zijn.’
‘Omdat ik de persoon ben die het onmogelijke, mogelijk maakt. Ik ben in staat om van niets, een enorm iets te maken. Omdat ik toch altijd, no matter what,
de kracht heb om dingen om te zetten in iets positiefs.’
5- ‘Rap is je schouders rechten, terwijl van bovenaf op diezelfde schouders
constant wordt gedrukt.’
‘Hier in Nederland geldt dat nog steeds.’
6- ‘Als ik dood ben wil ik dat er een hele DJ set wordt neergezet. Kom op nou, wat heb ik nou aan één plaatje?’
‘Haha! Ik denk daar nu toch anders over omdat ik inmiddels moslim ben.’
7- ‘Stoeit het niet, dan boeit het niet.’
‘Jaaa, deze is multifunctioneel! Kan over een chick gaan die de aandacht niet waardeert die je geeft en te weinig respons geeft, maar kan net zo goed over iets zakelijks gaan.’
8- ‘Ik wil wel bouwen, maar niet sjouwen.’
‘Klopt. Ik wil op de meest effectieve en snelste wijze mijn doel bereiken in plaats van daar 20 jaar voor te zwoegen.’
9- ‘Amsterdam is net als die bitch waarvoor je moeder je waarschuwt, maar waar je tóch elke keer weer naar teruggaat, ook al weet je dat ze fout is.’
‘Ik begin nu wel in te zien wat mijn moeder bedoelde, haha!
10- ‘…dan word ik al wrevelig.’
‘Ja, dat is echt een bekende uitspraak van mij. Dat kan ik zeggen als je bewust of onbewust, míjn bewustzijn beledigt.
Wanneer dit voorkomt? Nou, het grappige is dat ik soms wel tien redenen kan bedenken op grond van rechtvaardigheid, principes, normen en waarden waarom je iets wel of niet tegen me had moeten zeggen.’

Geplaatst in Media & meer
Een reactie plaatsen
FaqFiles.nl interview Sticks – 2009
Ik wil benadrukken dat de interviews niet recent zijn.
Oh ja, het lezen en gebruiken als informatiebron is prima, maar nakken doen we dus niet: de bron vermelden is wel zo netjes indien je het gebruikt of publiceert.
Interview FaqFiles Sticks – 2009
Hoe vaak vloek en scheld jij in het dagelijks leven?
‘Teveel. Ik weet dat ik mensen daarmee voor het hoofd stoot.’
Kost het moeite om niet te schelden in je teksten en is dit een bewuste keuze?
‘Dat is inderdaad een bewuste keuze. Ik heb dat niet nodig om een punt te maken, dat vind ik een zwakte bod.’
Tegelijk zeg je in een video interview dat je het schelden op je eerste hiphop cd (Dr Dre) wel tof vond.
‘Ja tuurlijk! Toen was ik 12, 13 jaar! Schitterend vond ik het, ook dat wietblad op de album cover! Maar daar moet je wel overheen groeien, vind ik. Anders word het beetje zielig; ben je 30 jaar oud vind je het nog steeds net zo tof als vroeger wanneer je het woord ‘biatch’ hoort of een wiet plaatje ziet, en dan puur echt omdat je het zo voelt, niet uit nostalgie.’
Als jij gaat schrijven, komt het dan op als een verbale diaree aanval of bedenk je vooraf dat je gaat schrijven en waarover het zal gaan?
‘Ik vind verbale diarree lelijk klinken. Ik heb zelf negen van de tien keer geen diaree, dus doe maar gewoon ‘waterval’, haha!
Sommige mensen klagen weleens dat ik over meerdere onderwerpen rap in een nummer. Ik vind dat juist mooi, zo ben ik en zo geef ik het.’
Ben je rijk?
‘Ja, omdat ik een heel gelukkig leven leidt.’
Wat is de grootste zonde die een mens naar jouw mening kunt begaan?
‘Ik ben best ruimdenkend. Zolang je niemand anders probeert te naaien ben je goed bezig. Als je aan het eind van de dag iedereen recht in de ogen kan kijken, zit het wel snor, denk ik.’
Wat is je grootste angst?
‘Dat ik teveel reageer vanuit angst, dat ik mij laat leiden door angsten. Dan gaat het echt verkeerd. Bijvoorbeeld heel krampachtig vasthouden aan je vriendin uit angst en juist daardoor je relatie verzieken. Dat soort dingen. Ik ben ook wel bang om te falen met een nieuw album. Daardoor zie je dat sommige artiesten dan dus maar veilige tracks blijven maken, shit die mensen al van je kennen. Ik wil dat niet.’
Geplaatst in Media & meer
Een reactie plaatsen
FaqFiles.nl interview Steen – 2009
Ik wil benadrukken dat de interviews niet recent zijn.
Oh ja, het lezen en gebruiken als informatiebron is prima, maar nakken doen we dus niet: de bron vermelden is wel zo netjes indien je het gebruikt of publiceert.
Interview FaqFiles Steen – 2009
Zou je je teksten een beetje aanpassen als je voor een zaal staat met terminale kanker patiënten?
‘Nee. Ik heb zoiets een keer mee gemaakt. Aan het begin van mijn carrière moest ik iets doen voor BNN radio, dat was een item waarbij een rapper de hele show samenvatte. Toen ging ik daar dus rappen, maar er zaten daar allemaal gehandicapte mensen in rolstoelen die een kaartje konden winnen voor Britney Spears. Dus ik riep: “Iedereen in een rolstoel, kom er effe bij!” Nou, ik heb gewoon mijn shit gerapt en ze deden allemaal mee. Ze vonden het hartstikke leuk.’
Heb jij het idee dat mensen die zelf ziek zijn er vaak relaxter mee om gaan dan de mensen die niet ziek zijn als het gaat om bijvoorbeeld jouw raps en taalgebruik?
‘Ja. In mijn familie zijn er ook heel veel gesneuveld door kanker. Ik breng het naar een andere dementie, hogere sferen. Zo zie ik het.’
Maar waarom gebruik je het woord kanker zo vaak?
‘Het is gewoon een stopwoord en het beste scheldwoord wat er is. Het bekt lekker en ik vind het mooi omdat het een echt Nederlands woord is.’
Lees het hele interview met Steen via deze link
Geplaatst in Media & meer
Een reactie plaatsen
FaqFiles.nl interview Akwasi – december 2009
Zoals een jaar of 100 geleden beloofd, ben ik begonnen de oude interviews van de site faqfiles.nl te plaatsen.
Het duurde even, maar de eerste staat online.
Ik wil benadrukken dat de interviews niet recent zijn.
Oh ja, het lezen en gebruiken als informatiebron is prima, maar nakken doen we dus niet: de bron vermelden is wel zo netjes indien je het gebruikt of publiceert.
Beeld: privé collectie Akwasi
Interview Akwasi-Zwart Licht / dec 2009 ©
Wil jij later kinderen?
‘Ja.’
Waarom?
‘Een kleine Akwasi zou toch gruwelijk zijn!? Of eentje in zij-vorm. Ik vind kinderen leuk.’
Heb jij gestruggled met het feit dat je je in twee culturen staande moest houden?
‘Nee, ik vond het wel fijn. Ik heb nooit blank-Nederlands willen zijn, al ben ik wel een Nederlander, maar word ik niet zo gezien. Mensen denken dat ik niet hier ben geboren. Ik word bestempeld als gast. Ik ben een Ghanese Nederlander. Ik spreek verschillende vormen van de Nederlandse taal: de formele en de lossere vorm.’
Waar kun jij verschrikkelijk kwaad om worden?
‘Onrecht. Verder kan ik niet zo snel boos meer worden, maar ben wel snel op mijn teentjes getrapt. Ik ben de laatste jaren kalm geworden. Vroeger was ik heel anders, kon ik iemand wat aandoen. Dat zou ik nu niet meer kunnen of willen.
Ik heb gezien wat de gevolgen kunnen zijn.’
Aan wie moet jij nog steeds je excuses aanbieden?
‘Ik denk dat ik in de toekomst mijn excuses aan zal moeten gaan bieden aan een heleboel Nederlanders voor het feit dat ik iets zal doen waar ik niet helemaal trots op zal zijn en wat hen ook niet zal liggen. Maar misschien zal ik er toch wel trots op zijn.
Ik verwacht sowieso dat ik in de toekomst vaak mijn excuses zal moeten gaan aanbieden. Maar dan zeg ik ook tegelijk weer traditioneel ‘Wat sorry’.
BÁM!’
Lees het hele interview via deze link
Geplaatst in Media & meer
Een reactie plaatsen
Wie zwijgt, stemt niet altijd toe
Het warme water op haar huid voor de vierde keer die dag.
De spons voor de zoveelste keer overgieten met zeep.
Centimeter voor centimeter boende ze haar huid.
Elke plek, vooral daar.
Het brandde nog steeds.
Haar oog viel op het schuursponsje dat naast de fles allesreiniger, anti-kalk en chloor lag, vlak onder de wastafel die grensde aan de douche cabine.
Haar tengere meisjeslichaam rilde toen ze de douchecabine deur open schoof en het snel pakte.
De spiegel was beslagen.
Gelukkig.
Ze vermeed het om in de spiegel te kijken.
Dat walgelijke lichaam. Dat vieze, smerige, waardeloze lijf.
Waarde-loos. Zonder enige waarde.
Het was niet van haar. Niet meer.
Met alle kracht die zij had schrobde ze haar huid met het harde, groene deel van het schoonmaaksponsje.
Rode vlekken. Schaafplekken.
Het deed zeer, maar juist die pijn gaf haar het gevoel dat het hielp.
Nog harder. Het moest weg.
Zijn handen, zijn vingers. Zijn sporen.
Verbeten schrobde ze door.
De binnenkant van haar dijen en liezen gloeiden.
Een fractie van een seconde stopte ze en leek te twijfelen.
Toen zette zij zich schrap voor de pijn, perste haar lippen zo hard op elkaar tot ze haar tanden door het zachte vlees voelde boren.
En het deed zeer, maar het moest weg.
Nu brandde het ook, maar niet door hem.
Voor de zoveelste keer van die dag poetste zij daarna haar tanden en borstelde haar tong tot de tandpasta en haar speeksel van lichtroze naar diep rood kleurde door het bloed van haar stuk gepoetste tong.
Maar de smaak bleef.
Ze gorgelde met mondwater, zo diep mogelijk in haar keel tot ze moest overgeven.
Hijgend boog ze voorover, haar ene hand leunend tegen de muur, in haar andere hand haar tandenborstel.
Haar blik bleef strak gericht op het afvoerputje in de douche want ze wilde niet kijken naar haar lijf. Maar ze moest wel want er mocht geen centimeter worden overgeslagen.
Het was vies. Alles was vies. Zij was vies.
Die smerige smaak. Die vingers op haar huid. Hij in haar lichaam. Ze voelde het niet alleen constant, ze rook het ook.
Ze rook hem, zijn lichaam.
Altijd en overal.
Ze zonk ineen onder de douche. Tranen mengden zich met het hete water.
En niemand die het zag.
Haar hand reikt voorzichtig naar de gele fles.
Langzaam draait ze de kindveilige sluiting los.
Aarzelend houdt ze de geopende fles boven haar mond.
Als in slow motion opent zij haar mond en sluit zij haar ogen.
Dan knijpt ze lang en met volle kracht een dikke straal chloor in haar mond en keel.
De smaak is weg.
Voorgoed.
Wie zwijgt stemt niet altijd toe.
Wie zwijgt, durft soms geen luidkeels ‘Nee’ te zeggen.
Sommigen fluisteren het, niet of nauwelijks hoorbaar, maar niet iedereen wil dat horen of zien.
Hulp bij seksueel geweld – link
Geplaatst in OverLeven, Vrouwen
Een reactie plaatsen
Wapper wimpers
Ik schrijf zelden of nooit over typische ‘Enige!’ of ‘Briljante!’ of ‘Super vette!’-meisjes en vrouwen dingetjes waar pagina’s vol mee worden gevuld in dames magazines.
Niet dat ik on-ijdel ben, integendeel.
Ik ben verschrikkelijk met mijn uiterlijk.
Dat zat er trouwens al jong in.
Toen ik als klein meisje van 5 jaar heel back to our roots aan het kamperen was met mijn ouders en zus in Frankrijk, was het eerste wat ik deed zodra ik wakker was smorgens, naar de spiegel rennen om te kijken hoe mijn haar zat.
Ik weigerde dan ook naar de gemeenschappelijke douches te gaan zolang ik niet mijn haren had geborsteld.
Nu zou je op basis van dat walgelijke feit denken dat ik minstens zo’n vreselijk moeder heb. Zo’n Conny Breukhoven.
Maar nee. Sowieso is mijn moeder nog niet een kwart zo ordinair als ik kan zijn, maar is zij ook nog eens een stuk minder dramatisch. Ook wat betreft haar uiterlijk.
Ze is altijd verzorgd, goed gekleed, draagt wat make up, wat subtiele keurige sieraden die dus nooit opvallen en zorgt dat haar kapsel altijd wel goed zit, maar zo hysterisch als ik is zij echt niet. Dat kan trouwens ook bijna niet, bedenk ik mij nu.
Mijn ouders remden mij zelfs ernstig af in mijn ijdelheid. Kortom, als ik een Conny als moeder had gehad, was ik nog veel en veel erger en walgelijker geweest.
Wees gewaarschuwd, want nu begint het stukkie pas echt.
Dit wordt een primeur want het gaat over mijn wapperende, nieuwe nep wimpers.
Ik vind dat ik uitermate stomme wimpers heb.
Ze zijn stijl. Als in: recht. Stom. Niet krullend. Ze wapperen en flappen niet.
Volgens mijn goede vriend aka de beste make up artist van de wereld, hebben Aziatische mensen dat vaak, van die stijle, stomme wimpers. Ik ben geen Chinees, maar heb wel Chinese wimpers.
Ik geef fortuinen uit aan mascara in een poging om een fijne krul te krijgen. Meestal tevergeefs.
Maar toen! Toen hoorde ik over iets nieuws: eyelashes.
Eyelashes zijn nep wimperhaartjes die stuk voor stuk, haartje voor haartje worden vastgelijmd op je eigen wimperhaartjes.
Het effect: geweldig! Wapperende wimpers! Flapper wimpers smorgens vroeg waardoor je in ieder geval een beetje wakker, klaar en toonbaar oogt!
En naast beeldig zwoel kijken, kun je er echt alles mee: zwemmen, huilen, make up aanbrengen, in de sauna hangen etc.
Het enige wat je niet moet doen is met olie je make-up verwijderen: dan laat de lijm los.
Ik heb mijn wimpers laten doen bij www.eyelashexpress.nl
Ik ben geen hater.
Ik zeik nooit iemand af om het afzeiken. Maar de eerlijkheid gebiedt mij te vertellen dat Eyelashesexpress mijn wimpers heeft gered na een dramatische eerste ervaring bij een andere wimper plakkende mevrouw.
Deze eerste ervaring had ik 2 maanden terug.
Daar ik het voor het eerst liet zetten, dacht ik dat het hoorde: kloddertjes lijm, pijn bij het aanbrengen en pijn op de eerste dag na het zetten.
‘Ja,’ merkte ze nog op na mijn ‘auw!’ toen ze bij mijn ooghoek wimpers rukte en plukte bij het aanbrengen, ‘Dit doet eventjes pijn hoor, dat kan even niet anders.’
Ik lieg niet: mijn wimpers zagen er inderdaad de eerste paar dagen prachtig uit, maar na een week viel al het prachtige weg.
Letterlijk, dus.
Mijn wimpers lieten niet op natuurlijke manier los, maar vielen er uit.
De nep wimperharen knakten om, klonterden samen en vielen uit waardoor ik op een gegeven moment een gat had in het midden van mijn rij wimpers.
Een kaal, gapend gat, waardoor mijn oog er uitzag of ik chemo therapie had moeten ondergaan.
Dankzij mijn schoonzus, die voorzichtig opmerkte dat ‘het niet echt helemaal goed was gedaan’ (ze is heel tactisch, een lieverd, eigenlijk bedoelde ze dat ik voor lul liep) kwam ik er achter dat die eerste wimperplak dame eenvoudigweg prutswerk had geleverd.
Wel, als zij zoals zij herhaaldelijk beweerde tijdens mijn oog martel sessie bij haar, inderdaad ‘zoooooveeeeeel BN-ers!’ in haar klantenbestand heeft, dan weet je waar de oorzaak ligt als de beroemde dames binnenkort met wimperloze oog randen rond wandelen.
Kaal ogend ging ik dus maar naar eyelash express en gelukkig wisten zij mijn fucked up wimpers alsnog enigszins toonbaar te maken.
Zonder pijn. Zonder klonten lijm. Zonder kreukels.
Ik wapper mij een ongeluk met mijn fijne nep wimpers en besloot voor deze keer een uitzondering te maken door dit typische vrouwen stukkie te schrijven.
Ere wie de ere toekomt: eyelashexpress.
Nu brand jij van nieuwsgierigheid wie die eerste prutser was, hè?
*tromgeroffel*
Dat was Basic Body Solutions in de JP Heijestraat.
Niet doen dus, tenzij je helemaal gaat voor de over the top naturel look en behalve je oksels en benen, ook graag onthaarde ogen wilt hebben.
Nog even de FAQ vragen op een rijtje die ik zelf ook kreeg:
Beschadigt het je wimper haren?
Nee, niet als het goed wordt gezet. Je wimperhaartje valt op een gegeven moment uit op natuurlijke wijze, net zoals het ook uitvalt zonder nep wimper haar er op.
Hoeveel kost het?
Plaatsen is 79 euro. Daarna kun je de boel laten bijwerken/opvullen, dat kost 29 euro na 2 weken. Ga je na 3 weken dan is het 39 euro. Nieuwe set moet gemiddeld om de 2 maanden worden geplaatst.
Hoelang duurt het plaatsen?
Ongeveer een uur. Bijvullen ongeveer 20-30 minuten.
Ik heb nauwelijks wimperharen omdat ik haarverlies heb na bestraald te zijn tgv kanker. Kan ik het dan ook doen?
Ja, daarvoor gebruiken ze andere wimper haartjes. Deze zijn duurder maar ze blijven wel echt zitten.
www.eyelashexpress.nl zit gevestigd in Amsterdam en in Houten.
Contact: klik hierrrrr
Geplaatst in Vrouwen
Een reactie plaatsen
Internationaal stratenwetboek
Op het Braziliaanse strand van Ponta Negra/Natal zijn Echtgenoot en ik druk bezig met onze dagvulling: zonnen, zwemmen, beetje muziek luisteren, beetje eten, beetje praten, beetje niets.
Mijn blik gaat naar drie schreeuwerige jongetjes, die ogenschijnlijk kinderlijk aan het spelen zijn.
Ik observeer ze.
Ze zijn een jaartje of 10, 11 oud.
Ze zien er door hun ondervoede en dus onderontwikkelde, magere miniatuur lijfjes jonger uit dan ze daadwerkelijk zijn.
Hun huiden zijn diep donkerbruin gekleurd doordat deze waarschijnlijk al vanaf jongs af aan teveel en te lange dagen aan de zon wordt blootgesteld.
De drie droevige zwembroekjes die om hun magere heupjes en billen zitten hebben niet meer te benoemen kleuren door het vele dragen.
Ik kijk.
Ze klieren, lachen, rennen.
Niet alleen blèren ze, maar uiteraard zoals jongens en volwassen jongens dat nu eenmaal graag doen onderling, duwen en sjorren ze en rennen ze elkaar achterna.
Een internationaal kinderspel, dat overal en altijd op elk deel van de wereld wordt gespeeld, ongeacht of een kind rijk of zoals in hun geval, straatarm is.
Ze spelen een soort tikkertje, waarbij degene die ‘m is zijn vriendje alleen mag tikken als hij rond rent.
Eentje klemt zijn kleine kinderhandjes om de paal van onze parasol: zo is hij veilig en kan hij niet getikt worden.
In een fractie van een seconde draai ik mij razendsnel om, precies tegelijk met Echtgenoot die onmiddellijk vanuit zijn liggende positie waarin hij met gesloten ogen lag te zonnen, overeind zit.
Nog net vangen we de scannende blik op van het kleine ventje die hij in diezelfde ene seconde in onze tas werpt.
Hoe een onschuldig kinderspel wat bij menig toerist vertedering op zal roepen, eenvoudigweg professioneel afleg werk kan zijn: een perfecte dekmantel.
Eventjes kijken het jongetje die de tikker is en Echtgenoot elkaar aan. Het is 1 seconde. Lang genoeg voor het jongetje om zich te realiseren dat hij ons kan wegstrepen op zijn ‘to do’ lijstje.
Ogenschijnlijk hervatten zij weer hun spel en rennen naar de volgende parasol.
Een half uur later zit ik rechtop op mijn ligbed.
Eén van de jongetjes loopt langzaam voorbij.
Ze zijn nog steeds aan het ‘werk’.
Hij kijkt mij aan en ik hem.
Terwijl hij traag verder loopt houden onze blikken elkaar vast.
Ik doorboor hem allerminst vriendelijk met mijn ogen en weiger weg te kijken: daarvoor is deze zojuist gestarte strijd nu al te lang gaande.
Bakzeil halen kan dan uiteraard niet meer.
Hij blijkt er net zo over te denken.
Mijn wenkbrauwen schieten daarop minstens een meter omhoog en mijn donkere ogen kleuren ongetwijfeld nog donkerder zoals altijd schijnt te gebeuren wanneer ik geïrriteerd of boos ben.
Wat denkt ‘ie wel niet, die kleine, arrogante, klere snotneus!?
Vervang het woord ‘snotneus’ door ‘rijke kut toeriste’ en je hebt zijn gedachte en gevoelens jegens mij verwoord.
Hij houdt het vol.
Ik ook.
Dit kan nog leuk worden, bedenk ik mij na 5 seconden blik battlen.
Hij en ik vechten onze stille oorlog uit, temidden van zoveel anderen aan wie het volkomen voorbij gaat dat er een oorlog wordt uitgevochten op het zonovergoten strand.
Dan ineens zie ik zijn mondhoeken een tikkie onzeker, maar voor mij duidelijk zichtbaar een heel klein stukkie omhoog gaan.
Ik zie de twinkeling in zijn donkerbruine ogen verschijnen.
Hij weet dat ik het weet.
Hij weet dat ik niet alleen kijk, maar ook zie.
Mijn eigen mondhoeken gaan ook omhoog en dan lach ik zomaar ineens breeduit naar hem, waarop ook een lach op zijn magere snoetje doorbreekt.
Ik heb zijn leven nooit hoeven te leven.
Hij zal mijn leven nooit leven.
Maar ergens spreken we dezelfde taal. De taal van de straat behoeft niet altijd verbaal te worden gebruikt: die is woordeloos wereldwijd hetzelfde.
Hij is een straatrat. Een rover. Een schoffie. Hij zal het altijd proberen en zonder enig mededogen toeslaan als hij de kans krijgt: ongeacht bij wie of wat.
Ongetwijfeld kleeft er bloed aan zijn handen.
Ongetwijfeld is zijn geweten al jaren geleden weggesnoven dankzij de goedkope lijm die in de bruine papieren zakjes garant staat voor even niet te hoeven voelen na het diep te hebben geïnhaleerd.
Ongetwijfeld was, is en zal hij slachtoffer zijn.
Ongetwijfeld was, is en zal hij de dader zijn.
Ongetwijfeld.
Maar toch…
Ik blijf hem en zijn vriendjes volgen met mijn ogen. Ze bewegen ongewoon wild, bruja, onnadenkend, adhd-erig.
Niet veel later zie ik dezelfde drie jongetjes weer. Ze zijn half aan het vechten om een stokje met 5 stukjes kipfilet die op het strand voor 70 eurocent worden verkocht en vers bereid worden op een barbecue.
Ik vraag Echtgenoot of hij wat stokjes kipfilet voor de jongetjes wilt bestellen.
Ja: ook of juist voor die kleine etter die in onze tas gluurde en die mij niet veel later zo hondsbrutaal aankeek.
Juist voor hem.
Voor zijn lach en de twinkeling in zijn ogen.
Als wilde honden springen ze om Echtgenoot heen als ze met hem meelopen nadat hij ze had gewenkt.
Toen hij ze zojuist wenkte was hun blik nog alert, onzeker, wantrouwig en verward.
Terwijl twee van de jongetjes naast Echtgenoot wachten terwijl hij de bestelling plaatst, roepen ze het derde jongetje die nog even op veilige afstand was gebleven.
Nadat zijn vriendjes hem roepen, struikelt hij bijna over zijn magere beentjes door het harde rennen door het mulle zand richting Echtgenoot en zijn maten.
Mijn hart huilt.
Mijn hart huilt omdat geen enkel kind hoort te sprinten als een hongerig dier voor een beetje eten.
Geen een kind hoort zó hyperactief te spelen omdat hij vergaat van de honger of verslaafd is aan drugs.
Ik hou van het land Brazilië.
Maar een regering die kinderen letterlijk laat verhongeren terwijl dit niet nodig is, deugt niet.

Geplaatst in Media & meer, OverLeven, Straatrumoer
Een reactie plaatsen
Beste stomme studenten
Beste stomme studenten uit mijn wijk,
Met lede ogen zagen wij toe hoe jullie onze buurt binnen kwamen hobbelen en zwalken. Maar vooruit. In een volkswijk doen we niet zo snel moeilijk: leven en laten leven, nietwaar?
Nou en dat leven en laten leven, daar wil ik toch graag iets duidelijk over maken.
Leven en laten leven: wellicht interpreteer jij het vanuit jouw oorspronkelijke buurt ietsie anders in vergelijk met de interpretatie die geldt in mijn buurt, snap je?
MIJN buurt, dus niet de buurt waar jij bent opgegroeid (integendeel), maar je nu wilt wonen omdat papa de voormalige sociale huurwoning heeft gekocht en de hypotheek voor je lapt en jij het stoer vindt om te vertellen op familie feestjes dat je in een achterbuurtje woont, maar dat toch prachtig vindt en al die volksmensen ‘briljant!’ vindt.
Nou, beste Diederik, Willemijn en Floris Jan, omgekeerd vinden die volksmensen jou en je kornuiten dus eigenlijk helemaal niet briljant. Die vinden jou en al je hufterige klote vriendjes en vriendinnetjes om te ranselen.
Leven en laten leven betekent in mijn buurt dat je je buren geen onnodige last geeft.
Ter informatie voor jou een handig overzicht wat onnodige last is en wat nodige last is:
Onnodige last:
- Vanaf maandag tot zondagavond, liefst 7 avonden lang een feest geven met 70 medestudenten in een woning van 55 vierkante meter. Dat feest vindt ook plaats op het balkonnetje zodat het gebral en de lege, omvallende flessen lekker galmen over de gemeenschappelijke tuin waar pakweg 200 andere woningen aan grenzen en waar de slaapkamers aan gelegen zijn.
Slaapkamers van hele gewone, hardwerkende mensen die snachts iets heel geks willen doen: slapen.
- Op volume 100 met elkaar communiceren over wie waar en wanneer orale en anale sex heeft gehad en daar dan door elkaar heen schreeuwend heel hard om gillen (stomme hockey trutten) en brullen (stomme hockey kloothommels)
- Zo’n 20 fietsen in en voor portieken van mensen neer pleuren en werkelijk denken dat dat best normaal is, gewoon is, zelfs een must is in een volkswijk
- Hard stampen op de trappen: ongeacht het tijdstip
- Op hele luide toon schreeuwen in de snackbar alsof het je eigen zaak is, daar gaan zitten eten met elkaar en denken dat de andere mensen, waaronder de snackbar medewerkers die jullie stiekem uitlachen en bespotten, het niet door hebben dat jullie dat doen
- Smorgens om 06.00, totaal lam, half leunend tegen een rolluik van een winkel met elkaar sexen, terwijl de Turkse bakkers toe staan te kijken en hoofdschuddend weer naar binnen gaan om te doen wat jullie nog nooit hebben gedaan: werken
Nodige last:
- Het geschreeuw snachts uit onder andere mijn mond en die van andere buren om jullie op ‘briljante’ volkse wijze duidelijk te maken dat we last hebben van jullie
- Het geluid van de klappen die jullie krijgen wanneer jullie bovenbeschreven punt niet zo goed hebben begrepen
- De stotterende excuses uit jullie monden als de buurman even binnen komt bij jullie nadat je hem in eerste instantie een grote smoel gaf toen hij vroeg of het effe wat rustiger aan kon omdat zijn kinderen niet kunnen slapen
- Het geluid van jullie fietsen die weggesmeten worden door ‘hilarische volksmensen’
Jullie hebben het gore rot lef om jullie respectloze gedrag hier in onze wijk te willen vertonen met jullie asociale wangedrag.
Maar dan heb ik een verrassing: niet wij, maar jullie zijn nu een keer de buitenstaanders, de buitenlanders, de allochtonen en zoals jullie zelf altijd luidkeels verkondigen: aanpassen en integreren.
Oh en verder kloppen alle clichés: jullie zijn smeerkezen en jullie huizen lijken op een varkensstal. Jullie douchen te weinig, hebben te pas en vooral te onpas sex waar jullie het op dat moment willen doen, jullie doen allemaal aan hockey op zondag en jullie denken werkelijk dat jullie superieur zijn aan ieder ander wezen dat niet afkomstig is uit jullie achterlijke, kleine kut wereldje.
En dít zijn dus de toekomstige beschaafde, ontwikkelde, nette mensen die onder andere mij en mijn buren gaan vertellen hoe het hoort wanneer zij eenmaal afgestudeerd, advocaat, rechter of politicus worden.
Fok jullie. Fok jullie hockeysticks en jullie toekomstige bakfietsen.
Geplaatst in Straatrumoer
1 reactie
Kinderen van de rekeningen
Haar kinderen zijn kinderen van de rekening.
De rekeningen die elke maand betaald moeten worden.
Niet de gewone lasten, welnee!, zij gaat voor meer.
De rekeningen van haar kapper, of nee: ‘hair styliste’.
‘Kapper’ is voor het gewone volk.
‘Kapper’ is ordinair en dat is nou precies wat zij manmoedig van zichzelf probeert te verdoezelen.
De rekeningen die haar kinderen betalen zijn voor haar talloze tripjes naar het buitenland, waar zij naarstig op zoek is naar nog meer.
Ze begint steeds meer haast te krijgen want hoezeer zij haar best ook doet: rubberen tieten, rimpelvullers en botox kunnen onmogelijk de tijd tegenhouden.
Hoogstens iets vertragen, maar dan nog: de duurste botox behandelingen kunnen de meedogenloze hardheid van haar ziel niet verzachten die zij uit walmt.
Zij weet als geen ander dat zij beperkt houdbaar is.
Inmiddels heeft ze er een paar geworpen.
Zij zijn haar inkomsten garantie, haar levensverzekering.
Haar kinderen zijn de kinderen van de rekeningen.
Een nadeel is dat ze hinderlijke sporen achterlaten op haar lichaam.
Ook het verzorgen, het opvoeden is soms wat lastig, maar gelukkig zijn opa en oma er die toch nooit weigeren.
Ja hoor, dag schatjes, mammie houdt ook echt heel veel van jullie, zegt zij de tekst plichtmatig wanneer zij hen heeft gedumpt bij haar ouders en zich haast naar haar auto om naar Schiphol te rijden.
Mammie gaat weer aan het werk.
Mammie moet op zoek naar nieuw geld.
Mammie begint de 40 te naderen.
Mammie gaat weer een nieuwe geldschieter fixen zodat zij, ‘echt als een wonder!’, weer zwanger kan raken.
Mammie gaat er nog eentje aanschaffen als extra appeltje voor de dorst.
De kinderen zwaaien haar uit met oma aan hun zijde, maar ze draait zich niet een keer om.
‘Ze kijkt niet,’ zegt de kleuter.
Nee.
Mammie kijkt niet.

Geplaatst in Ouders & opvoeding
Een reactie plaatsen
True love
Bindingsangst roept het beeld op van iemand die bang is zich vast te leggen.
Bang is om een vaste relatie aan te gaan.
Gekooid en geketend te worden.
Weg vrijheid.
Maar wie dieper graaft ontdekt de werkelijke waarheid achter iemand met bindingsangst: de angst om niet aan verwachtingen te kunnen voldoen die een verbintenis met zich mee brengt.
Angst dat die ander er achter komt dat je nog niet half zo lief, leuk, bijzonder, aardig en slim bent als die ander gelooft.
Verwachtingen die een dusdanige druk leggen op je, dat de blinde paniek toeslaat en er nog maar een optie lijkt te resten: rennen voor je leven.
Een andere waarheid is dat mensen ‘relatie’ en ‘liefde’ door eerdere ervaringen terecht associëren met drama, gezeik, geketend worden en het geluid in hun hoofd horen van dichtslaande deuren waar duidelijk hoorbaar een dik slot wordt dichtgedraaid: weg vrijheid.
Het zou grappig zijn als het niet zo droevig was: iemand ketenen, willen beheersen, onderdrukken, belemmeren, stagneren, beperken is het tegenovergestelde van wat liefde is.
Het is niets meer dan een reflectie van onzekerheid, afgunst, jaloezie en projectie van eigen beschadigingen uit het verleden van de persoon die jou nu aan doet wat hem of haar zelf ooit is aangedaan.
Liefde, échte liefde…is vrijheid.
In vrijheid een ander liefhebben zoals hij of zij is.
Een ander geluk gunnen.
Echte liefde is zoveel van jezelf houden, dat je zelfverzekerd genoeg bent om een ander het leven te gunnen dat jij voor jezelf ook wenst.
Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd
Een reactie plaatsen
De jaren ’60
Die jaren ’60 hè, dat was wel wat voor mij geweest.
Die fijne love flow enzo met wierook en diep doen over shit die nergens op slaat, maar heel diep leek toen je in gesprek zat.
Ja…de jaren ’60, ik denk wel dat dat mijn ding was.
Op de drugs na dan.
En al die kilo’s haren op plekken waar ik ze niet wil zien of voelen.
En uiteraard ook niet dat ongedouchte. Dat trek ik niet. Met blote voeten rondlopen tot ze roetzwart zijn om dan gewoon tenen sex te hebben ofzo.
Hm.
Ik wil best de jaren ’60.
Maar dan wel anders.
Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd
Een reactie plaatsen
Zij
Ik ken haar vanaf haar 12e jaar.
Zij is die bikkel.
Ze is populair. Een leider.
Die stoere meid waar zelfs jongens een blokkie om voor gaan.
Zij snapt niet hoe hoog haar muur kan zijn voor anderen.
Ze begrijpt niet wanneer mensen zeggen dat ze behalve een bikkel en een stoere meid is, ook zo hard, bijna emotieloos over kan komen.
Ze ziet niet dat zij met één blik, met haar misprijzende houding zovelen ineen kan laten krimpen.
Tot ik haar een keer nadeed: haar houding aannam. Met haar eigen blik haar aankeek. Haar stem intonatie nadeed.
Ze kon er zelf nog het hardst om lachen. Want dat kan zij gelukkig ook heel goed: lachen.
Zij.
Zij huilt niet. Nooit.
Vandaag vloog zij mij letterlijk om mijn hals.
Ik werd praktisch gestikt in haar omhelzing. Ze liet mij niet meer los en het doosje Merci chocolaatjes die zij speciaal voor mij kwam brengen, werd tussen ons in geplet.
‘Echt Mevrouw Bruja, echt gewoon…bedankt echt, voor ehm…nou voor…nee echt, echt bedankt voor…’
Ik keek haar even aan, nam haar gezicht tussen mijn handen.
‘Ik weet het, het is goed meis,’ zei ik haar, waarna ik weer werd gesmoord in een dikke omhelzing.
Inderdaad.
Mevrouw Bruja weet dat zij niet alleen bedankt voor haar overgang naar haar laatste leerjaar.
Mevrouw Bruja weet dat zij bedankt voor die ene keer dat zij haar tranen heel per ongeluk, de vrije loop liet en zij Mevrouw Bruja toeliet deze van haar wangen te vegen, over haar rug te wrijven, een aai over haar hoofd te geven en te fluisteren dat het echt goed zou komen.
Mevrouw Bruja weet hoezeer zij vecht tegen de hele wereld maar vooral tegen zichzelf, want niemand mag haar best bewaarde geheim weten, op Mevrouw Bruja dan misschien na, die 4 jaar er over moest doen om haar te overtuigen dat haar geheim veilig is bij haar.
Zij.
Zij huilt heel vaak.
Alleen.
Geplaatst in Ouders & opvoeding, Straatrumoer
Een reactie plaatsen
FaceBook Wijsgeren
Van die mensen die op hun FaceBook prikbord óntzettend diepe wijsheden bonken.
Je ruikt nog net niet de wierook (sandelhout, uiteraard) van het scherm wanneer je hun profiel bezoekt.
Metersdiep gaat die shit.
En serieus, hè. Altijd bloedserieus want het is helemaal niet om te lachen: het leven enzo.
Lachen, tjaaaa dat is voor de onverlichten onder ons: de domoren.
Je scrollt door al die wollige postings, leest ze door en leest de reacties.
En steeds verder scrollend zit je ondertussen schuddebuikend en dijenkletsend van het lachen achter je computer.
Rollend over de vloer brul je het uit van het lachen, omdat jij weet, in tegenstelling tot al die persoon zijn/haar FB friends die als een gek maar rammen op de ‘like’ knop en hartjes plaatsen en bedankjes voor de ‘inspirerende, mooie posting’: die zogenaamde wijsgeer met die ‘inspirerende, wijze postings’ heeft geen issues, die IS één en al issues!
Diegene doet zoooo wijs, maar hij/zij praat gewoon poep! Eenvoudigweg nawauwelen zonder ook maar een moment echt te begrijpen of in staat zijn het op hem/haarzelf toe te passen wat hij/zij post!
Je ruikt nog net niet de wierook (sandelhout, uiteraard) van het scherm wanneer je hun profiel bezoekt.
Metersdiep gaat die shit.
En serieus, hè. Altijd bloedserieus want het is helemaal niet om te lachen: het leven enzo.
Lachen, tjaaaa dat is voor de onverlichten onder ons: de domoren.
Je scrollt door al die wollige postings, leest ze door en leest de reacties.
En steeds verder scrollend zit je ondertussen schuddebuikend en dijenkletsend van het lachen achter je computer.
Rollend over de vloer brul je het uit van het lachen, omdat jij weet, in tegenstelling tot al die persoon zijn/haar FB friends die als een gek maar rammen op de ‘like’ knop en hartjes plaatsen en bedankjes voor de ‘inspirerende, mooie posting’: die zogenaamde wijsgeer met die ‘inspirerende, wijze postings’ heeft geen issues, die IS één en al issues!
Diegene doet zoooo wijs, maar hij/zij praat gewoon poep! Eenvoudigweg nawauwelen zonder ook maar een moment echt te begrijpen of in staat zijn het op hem/haarzelf toe te passen wat hij/zij post!
Nouwe, ik ben geen wijsgeer, maar een ding weet ik: tegen zoveel nepheid is geen wierook, geen Deepak Chopra, geen Afrikaans trommelen, geen Reiki opgewassen, hoor.
Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd, Media & meer
Een reactie plaatsen
‘Non, je ne regrette rien’
En dan ineens besef je dat je ouder wordt.
Zomaar.
Van de een op de andere dag, door een opmerking, een gevoel, een gedachte, een reactie:
- wanneer je ontzettend gezellig in gesprek bent en je gesprekspartner ineens zuchtend opmerkt: ‘Ik wenste dat ik ook opgroeide in jullie tijd. Jullie hadden het veel leuker dan ik.’
- wanneer de opmerking ‘Jij ziet er echt goed uit!’ ineens geen einde van de zin is, 
maar slechts het eerste deel waarop nog volgt: ‘voor jouw leeftijd.’
- wanneer plotseling de een na de ander tegen jou opmerkt ‘altijd al op veel oudere vrouwen/mannen te vallen.’
- wanneer je smorgens, na een korte nachtrust, je schrikt van zo’n ontzettend verzameling gedroogde pruimen wat dan jouw eigen spiegelbeeld blijkt te zijn
- de gedachte aan 3 avonden achter elkaar stappen tot smorgens vroeg direct zijn: ‘Ja doeiiii…ik moet werken en ik wilde ook nog mijn huis opruimen en mijn administratie doen.’
- je jezelf hoort zeggen: ‘Ey, ik heb niet met jou in de zandbak gezeten/ik heb niet met je geknikkerd/ik heb niet met je in de klas gezeten! Hou je respect en fatsoen!’
- je meer kan bestellen tijdens een drankje doen, dan 1 drankje en je aan het eind van de avond alsnog gewoon een taxi naar huis kan betalen in plaats van de nachtbus te moeten pakken of nog erger: lopen
- het ineens opvalt hoeveel anti-veroudering producten er te koop zijn en hoeveel daarvoor wordt geadverteerd
- je weet dat je echt niet zoveel mist wanneer, in tegenstelling tot ooit, je niet tot het einde blijft tijdens een avond stappen
- je ineens in je Ici Paris tasje waar de door jou zojuist aangeschafte parfum in zit, ook talloze proefmonsters ‘voor de rijpe huid’ zijn gestopt door die aardige verkoopster die je in een klap niet meer aardig vindt
- je tegen die ene leuke man/vrouw zomaar durft te zeggen hoe leuk je hem/haar vindt
- je tijdens een feestje of in een club compleet schijt hebt aan hoe anderen naar je kijken als je helemaal los gaat op de dansvloer en je je afvraagt waarom je in godsnaam vroeger zo je best deed om vooral niet te tonen hoeveel lol je had
- je wereld niet meer instort als je wat putten in je reet en dijen ziet
- je wereld ook niet meer instort als een beginnende relatie toch geen beginnende relatie was, er een pukkel op je kin tevoorschijn komt of je half op je bek gaat in de supermarkt
- je moet glimlachen wanneer je aan hoort hoe tieners talloze keren vertellen, huilen, schreeuwen en gillen hoe ‘dooooood!!!’ ze gaan van liefdesverdriet, een pukkel of een struikelpartij en het ‘noooooooit meer goed komt!!!’
- er ineens hysterisch veel covers worden uitgebracht van tracks die jij kent van way back en een jongere je misprijzend aankijkt wanneer je te blij het oorspronkelijke nummer laat horen en daar het toenmalige dansje op doet
- je roept dat Public Enemy, Big Daddy Kane en NWA pas écht hiphop is en niet die stront waar ze nu naar luisteren
- het je geen zak doet wanneer je jarig bent en mensen grappen over je leeftijd
- je ontroert raakt wanneer je ziet dat je tienerkind helemaal opgefokt rond loopt vanwege het komende schoolfeest, al dagen vooraf daarmee bezig is om na afloop van het feest verliefd en doodop thuis te komen om dan lekker bij je te komen zitten in zijn/haar badstoffen pyama met dansende beren print
- je aan het zeiken bent over het weer en dit ook echt serieus doet. Urenlang, meerdere malen per dag.
- je kapot ergert aan de verveelde gezichten van jongeren wanneer je vol vuur uitlegt wat voor hufters er in de politiek zitten en hoezeer zij allemaal niet deugen.
- je moet uitleggen dat internet ooit niet bestond, je vroeger uitsluitend een huistelefoon
met snoer had, muziek luisterde via cassette bandjes en een pick up waarop LP’s werden afgespeeld. Je dan ook weer moet uitleggen wat een LP is.
- je moet uitleggen wie Kerwin Duinmeijer was
- je ineens precies dezelfde stomme antwoorden, geboden, verboden, verhalen met een diepe moraal uit je eigen mond hoort komen die jezelf zo vervloekte wanneer je ouders die shit tegen je zeiden
- je beseft hoe vergankelijk het leven is. Je steeds vaker wordt geconfronteerd met mensen jonger dan jij zelf die overlijden en je dan pas beseft hoe verschrikkelijk jong diegene was. Je nog goed weet dat je als puber iedereen boven de 20 jaar volwassen vond, iedereen boven de 30 jaar oud en iedereen boven de 40 jaar bejaard.
- je geniet van een gezellig samenzijn met mensen die je al eeuwen kent en bij wie je gewoon je rare zelf kan en mag zijn
- je je realiseert dat je bij lange na niet zo stom, raar en anders bent als je dacht toen je in je tienertijd zat
- je je steeds minder aantrekt wat anderen van je denken en vinden
- je geconfronteerd wordt met mensen die je binnen 3 seconde door hebt en je niet eens meer de moeite neemt, de behoefte niet meer voelt om hen te bewijzen hoe goed jij door hebt hoe ze werkelijk in elkaar steken
- je beseft hoe gruwelijk veel leuker, lekkerder en beter de sex wordt naarmate je ouder wordt omdat je zoveel minder bezig bent met te denken wat de ander al dan niet zou kunnen denken wanneer je ……………………………………………………… (vul op de stippellijn maar een van de 9098 opties in waar je onzeker over was)
- je in staat bent om te genieten, je hart warm voelt worden als je je realiseert: ‘ik had het niet altijd makkelijk, integendeel. Ik heb lang niet alles goed gedaan. Maar als ik vandaag zou sterven, zeg dan alsjeblieft niet op mijn uitvaart dat ik nog zoveel had willen doen. Want ik heb het geflikt. Met vallen en weer opstaan, maar ik deed het mooi wel en tot mijn laatste dag deed ik het zoals ik dat wilde.’

Bevrijd u zelf: mental slavery op 1 juli
Geschreeuw. Lawaai. Geluiden waarvan je meteen weet dat er geen klein gevecht gaande is.
We springen op en kijken uit ons raam.
Midden op de weg staan 2 jongemannen.
De een is Surinaams, de ander Antilliaans.
Vuisten raken elkaars gezichten. Ik zie dat de ene man een volle halve liter fles bier in zijn hand heeft en voel mijn buik samenknijpen omdat ik weet wat er gaat komen.
Dan slaat hij met volle kracht de fles op de zijkant van het hoofd stuk van de ander.
Hij gaat wonderlijk genoeg niet neer, maar lijkt alleen maar nóg woester te worden.
Mensen gaan zich er mee bemoeien, mengen zich in het gevecht.
Ik hoor mijzelf gillen wanneer ik zie dat een vriend van de ene, de ander aan zijn hoofd vastgrijpt, klem houdt in zijn arm.
In zijn hand houdt hij een enorme scherf vast die hij zojuist heeft gepakt uit een doos straatvuil waar een gebroken spiegel in zat.
Zijn hand met de scherf gaat omhoog, de hals van de ander ziet er gevaarlijk kwetsbaar uit.
Op dat moment zie ik ook dat een andere jongen terugkeert die ik vlak daarvoor zag wegrennen: niet uit angst, maar ik schat in om iets te halen waarmee hij nu klaarblijkelijk is teruggekeerd.
Ik gil weer en vraag mij woedend af waar in godsnaam de allang gealarmeerde politie toch blijft.
Gelukkig verschijnt juist op dit moment de politie.
Het was een mooie dag. Het was een prachtige dag geweest.
Het was 1 juli. Het was bevrijdingsdag.
De datum waarop in 1863 officieel de slavernij werd afgeschaft. Officieel dus, maar nog niet echt: het heeft nog jaren geduurd voor de slaven werkelijk het recht op vrijheid kregen.
Op deze dag, die keti koti (verbreek de ketens) wordt genoemd, wordt er onder andere in het Oosterpark in Amsterdam herdacht en feest gevierd.
Er was die dag stil gestaan bij honderden jaren van onderdrukking, moorden, verkrachtingen van Afrikanen die door de slavernij terecht kwamen in o.a. Suriname en de Nederlandse Antillen.
Op deze datum werd vrijheid gevierd, voorouders herdacht. 
Maar deze twee broeders hadden ergens iets heel erg gemist op deze dag en deze datum. Deze bevrijdingsdag waarin eenheid werd benadrukt. Deze broeders waren te druk met hetgeen voort te zetten waarover vandaag honderden mensen hadden gezegd: ‘Nooit meer.’
Het was een mooie dag. Het was een prachtige dag geweest. Het was 1 juli. Het was bevrijdingsdag.
Maar zoals bijna elk jaar op deze datum, werd mij die avond, na afloop van een bijzondere dag, weer duidelijk dat vele onzichtbare ketens nog lang niet zijn verbroken. En het ergste vond ik nog dat deze ketens door twee mannen, twee ‘broeders’ zélf werd aangebracht.
Ik zat voor mij uit te staren na het vreselijke gevecht en vroeg mij hardop af: ‘Nooit heb ik gezien dat op 5 mei bevrijdingsdag Joodse mensen elkaar kapot slaan na een herdenking en viering. Nooit heb ik gezien dat Joodse mensen letterlijk in staat zijn, bereid zijn om elkaar dood te maken op bevrijdingsdag. Wat gebeurt er met deze mannen dat zij deze dag zo weten te besmeuren met hun wangedrag!? Het is verdomme een bloody shame! Een schande voor hun voorouders!’
Black people verenig! Leer uw kinderen de geschiedenis en de grootste valkuil van toen en anno 2012: onderverdeeldheid.
Wij zijn allemaal mensen, ongeacht kleur, ongeacht religie. Er zijn dingen gebeurd die nooit meer (zouden) mogen gebeuren.
Daarom herdenken wij. Daarom vieren wij feest. Samen. In vrijheid.
Er zijn nog steeds teveel mensen die niets liever zien dan onderverdeeldheid en in het bijzonder onderverdeeldheid binnen 1 ras.
Don’t let that happen…
De zichtbare ketens zijn weg, maar de mentale ketens zijn er nog bij teveel mensen.
Erkenning van een verleden draagt er toe bij om je hiervan te ontdoen, kennis over je geschiedenis zeer zeker ook. Deze eerste stappen worden nu voorzichtig gezet. Het bewustzijn van de eigen kracht, de vrijheid om te kiezen, de liefde voor jezelf en een ander is iets wat wij zelf in handen hebben:
‘Am I my brothers keeper?’
‘Yes I am!’
Klik hier voor link ‘Wij slaven van Suriname: Anton de Kom.

Geplaatst in Media & meer, OverLeven
Een reactie plaatsen
HTTP 500: Internal Server Error Mrs Bruja (part I)
Het voelde als een regelrechte dolksteek in mijn rug.
Mijn buurt. Mijn gouden ketting. Mijn huid.
Twee seconden duurde het.
Ineens was hij er, uit het niets.
Nog voor ik mij realiseerde dat ik van achteren in mijn nek vingers op mijn huid voelde voor deze vingers mijn gouden ketting met kracht van mijn hals trokken, was het al gebeurd.
Mijn hoofd draait opzij en op dat moment passeert hij mij op zijn fiets.
Ik gil niet. Ik schreeuw niet.
Twee seconden waarin onze ogen elkaar vinden. Zijn ogen die schrik uitdrukken als wij elkaar recht aankijken.
‘Shit! Foutje,’ hoor ik hem bijna denken. Het is niet onwaarschijnlijk dat hij mij kent van gezicht uit de buurt.
Ik doorboor hem met mijn ogen voor hij zich snel afdraait en razendsnel weg fietst.
‘Jij krijgt je straf hiervoor,’ klinken mijn woorden door de straat. Ik weet dat hij het heeft gehoord, net als zijn kompaan.
Straatratten worden ze genoemd. De jongetjes op hun te grote fietsen met hun bezemsteel dunne lijven of juist papperige lichamen. Het logische gevolg van dagelijks vet vreten dat zij nuttigen op de plek die hun thuis is: de straat.
Ondanks hun verwoede pogingen lukt het hen nooit hetgeen te zijn wat ze zo graag wensen want zelfs de duurste Gucci pet en Prada schoentjes kunnen hun armoede niet verhullen: zelfs hun poriën walmen het uit.
Zij geloven dat respect hetzelfde als angst is.
Zij geloven dat geld en dure spullen eer en zelfrespect verschaft.
Zij geloven zelfs dat zij geloven.
Zij sussen hun geweten door zo nu en dan te voldoen aan religieuze verplichtingen en negeren het feit dat God geen waarde hecht aan Prada, een Vespa, een iPhone en jassen van 800 euro.
De straat waar het gebeurde, is mijn straat. De straat die ik sedert mijn jeugd ken.
De straat waarvan ik eigenlijk vind, net als andere bewoners die hier al jaren wonen, dat het een stukkie eigendom van mij persoonlijk is.
Mijn buurt en de bewoners waar ik zo van hou, maar waar soms dingen gebeuren en waar ook mensen wonen die ik verafschuw. Zoals een van de agressieve, psychiatrische patiënten, die jaren geleden in zijn straat een meisje van 12 jaar doodsloeg toen zij op weg was naar haar school.
Zoals de straatkinderen die uit hebzucht onschuldige burgers beroven opdat er een nieuwe Gucci pet of Prada gympjes van de buit kunnen worden aangeschaft.
Ik verafschuw het.
Maar altijd wanneer mensen mij met een afkerige blik vroegen waarom wij in ‘die klote buurt’ wonen, luidde mijn antwoord altijd: ‘Tuurlijk is het niet de veiligste wijk, maar ja, ik groeide hier op en ondanks alles, hou ik er van.’
En dan vertelde ik over de andere kanten, de leuke kanten van een volkswijk.
Over de buren die veel weten over elkaar, behalve als een buitenstaander hen er naar vraagt.
Over diezelfde buren waar ik altijd een beroep op kan doen en zij op mij.
Over de Turkse bakker buurman, die mijn man snachts na het stappen een vers broodje uit de oven in zijn handen duwt die hij zojuist met zijn eigen handen heeft gefabriceerd.
Over de talloze kinderen die opgroeien in armoede en tussen criminaliteit en desondanks alsnog enorm hun best doen om het goed te doen in het leven en hun best te doen op school.
Over de volkse humor die hier op straat ligt.
Maar voorlopig ben ik even uitgelachen.
Misschien is het beroepsdeformatie. Misschien is het levenservaring.
Misschien is het mijn geloof. Misschien is het zijn kinderlijke uiterlijk.
Ik ben ijzig kalm. Ik schreeuw niet, ben niet in paniek. Ik ben hoogstens verbaasd, maar bovenal razend.
Beduusd stap ik de nog geopende kapperszaak binnen waar goede bekenden van mij nog aan het werk zijn en vertel wat er is gebeurd.
Ik besluit toch maar de politie te bellen. Niet omdat ik ook maar enig vertrouwen heb in hen skills om boeven te vangen, maar in de hoop dat ik iets terug kan krijgen van de verzekering: daarvoor is een aangifte nodig.
Nadat ik duidelijk het adres en huisnummer door heb gegeven waar ik sta te wachten, zie ik de politie aan komen rijden en stoppen op het kruispunt even verderop.
Even later gaat mijn mobiel: ‘Waar bent u nou?’, klinkt de geïrriteerde stem van de agente die ik pakweg 50 meter verderop zie bellen. Ik herhaal het adres, zeg haar naar rechts te kijken waar ik volledig in het wit gekleed en duidelijk zichtbaar praktisch voor hun neus sta.
Het blijft akelig stil tot ik haar stem nog geïrriteerder hoor zeggen: ‘Ja wíj staan er, hoor. U bent er niet. Wij staan toch écht bij het juiste adres!’
‘Nee. Dat staat u niet. Weet u, ik loop wel naar u toe,’ antwoord ik ineens dodelijk vermoeid.
En dat moet dan boeven vangen, bedenk ik smalend terwijl ik richting de appelig kijkende agenten loop.
Ik ben niet eens echt teleurgesteld wanneer de agenten plichtmatig hun vragen stellen en mijn antwoorden noteren. Ze peuteren nog net niet verveeld in hun neus.
Wanneer iemand je berooft, is het niet alleen een bezitting die hij van je afneemt.
Je wordt beroofd van je waardigheid.
Je wordt aangetast in wie en wat je bent.
Soms met woorden, soms zonder woorden krijg je als slachtoffer een duidelijke boodschap: ‘Jij bent niets, want kijk nu maar eens wat ik kan doen met jou: ik raak jou aan, ik pak je bezit.’
Behalve je waardigheid die je lijkt te verliezen, komen er ook wat andere zaken om de hoek kijken, althans, wel míjn hoek: een gekrenkt ego en een intense, kolkende, angstaanjagende razernij.
Ik weet niet hoe het bij andere mensen werkt, maar in mijn wereld, hoofd en hart ken ik categorieën boosheid: gewone boosheid, die mij geërgerd laat voelen, mij even laat schelden en vloeken, maar vrij snel weer weg ebt.
Dan heb ik nog de 2e categorie: Serieuze Kwaadheid, waarbij ik mijn stemvolume op dusdanige wijze opendraai, dat ik keelpijn er na kan hebben.
Tot slot categorie 3: razernij. Mijn razernij is te vergelijken met een tsunami die almaar groter wordt, toeneemt in kracht en omvang. Het neemt mij over, sleurt mij mee en geeft mij het gevoel dat ik zelf slechts nog maar een lullig luchtbedje ben dat willoos wordt mee genomen en ondergedompeld in diezelfde kolkende tsunami.
Jarenlang heb ik daartegen gevochten. Het heeft gemaakt dat ik mede door die ervaringen goed in staat ben bepaalde problematiek te herkennen en mensen daarbij te begeleiden. Het komt namelijk wel ergens vandaan, al die pakhuizen vol woede.
Ik dacht dat ik het onder controle had.
Ik dacht dat ik het overwonnen had.
Ik dacht dat.
In 2 seconden heeft een straatrovende poeplap mij duidelijk gemaakt dat dit niet het geval is.
Ik zucht en ga naar bed waar ik de hele nacht wakker lig: mijn eigen oorlog is weer begonnen.
Hij heeft niet alleen mijn sieraad gepakt.
Hij heeft mijn onzichtbare rugzak met bagage geopend en zaken er uit gehaald die ik zo graag diep opgeborgen had willen laten.
Daar waar ze al jaren liggen, keurig geordend en onderin. En ook dit gegeven is nog meer voer voor de steeds groter wordende tsunami van razernij: hij had niet het recht mijn rugzak overhoop te halen.
In het donker stroomt haat door mijn aders.
Het voelt zo akelig en tegelijk akelig vertrouwd en misschien is dat nog wel het ergste van alles.
Geplaatst in OverLeven, Straatrumoer
1 reactie
Mrs Bruja deelt een boner uit
Ik heb vandaag zeer waarschijnlijk een agent een erectie bezorgd.
Situatie: kom van mijn werk, stap op mijn kabouterfiets.
Collega en ik willen oversteken bij een zebra pad.
Ik wacht, leunend met 1 voet op een trapper en andere voet op de straat, want er komen 2 auto’s aan (ondanks dat het een zebra pad is, maar goed, ik ben de lulligste niet!).
Het blijken 2 politie auto’s te zijn. De voorste stopt op het zebra pad, pal voor mijn neus.
Kijkt mij aan.
Althans, dat vermoed ik want hij droeg een zwarte zonnebril (das stoer, denkt hij) dus ik zag zijn ogen niet.
Hij kijkt zwijgend. Ik kijk zwijgend terug. Dit duurt een seconde of 4 en de wanna be CSI Horace maakt een lopend gebaar met zijn overigens kleine vingertjes (en we weten wat dat vaak uitwijst met betrekking tot een uitermate belangrijk mannelijk lichaamsdeel).
Ik kijk nog altijd zwijgend en reageer niet.
Ik voel mijn wenkbrauwen omhoog schieten. Ik voel de minachting mijn ogen uitdruipen want dit kun je toch niet menen, meneer de dubbel 0 seven?
Nou, dus wel.
Hij draait zijn raampje open: ‘Voetgangersgebied,’ keft hij.
Ik blijf pesterig net iets te lang stil en kijk hem nog altijd zwijgend aan. Dan antwoord ik: ‘Ja. Klopt.’
En blijf wederom stil wat vertaalt zou kunnen worden als: ‘En dan wat sukkel? Ik sta toch? Ik race toch niet rond op het voetpad?’
‘U moet dus lopen,’ blaft hij nu.
Ik blijf weer stil en doe mijn uiterste best om elke druppel minachting en afkeer te verzamelen in mijn ogen.
Zijn collegae staan ondertussen nog steeds te wachten en gezien hun gezichtsuitdrukkingen zijn ze maar al te goed bekend met dit type beschamende machtsvertoon van hun collega.
‘Nou weet je wat? Kijk, dan stap ik helemaal speciaal met mijn ene voet af. Nu blij?’
‘Ja! Ja!,’ schuimbekt hij en geeft gas.
‘Klootzak,’ groet ik hem nog vriendelijk na.
Kijk en DIT soort treurige machtswellustelingen, die ongetwijfeld een keiharde krijgen van dit soort bespottelijke acties, maakt dus dat mensen als ik hoe langer hoe meer een afkeer krijgen van de burgers ‘beste vriend’.
Die shit sloeg he-le-maal nergens op!
Ik kan er niets aan doen dat zijn salaris shit is. Dat zijn baas hem kleineert. Dat hij gefrustreerd raakt dankzij justitie die fout op fout maken (net als hij en zijn collegae overigens) waardoor zaken op niks uitdraaien.
Ik kan er ook niks aan doen dat hij slechts 8 cm heeft.
Maar desondanks heb ik tóch een goede daad verricht: dankzij mij heeft hij een boner.
Ga boeven vangen, stuk nageboorte! En dan ook nog een onopgevoed stuk nageboorte: hoezo communiceer jij met een zwarte zonnebril op met een burger vanuit die functie? Hoezo spreek je überhaupt iemand op die toon en op die manier aan?
Om respect te krijgen, zul je het toch eerst moeten geven. Stumperd.
Geplaatst in Straatrumoer
Een reactie plaatsen
Kinderfeestbeest
Zus, nichtje en ik zitten buiten bij de Coffee Company aan de Ceintuurbaan.
We zitten net fijn in een discussie. Iets, waar wij best goed in zijn. Daarom discussiëren wij dan ook altijd vol overdreven vuur en passie: ongeacht waar het over gaat.
Verstoord kijk ik op als ik midden in een betoog zit dat wordt onderbroken door hysterische sirenes van motormuizen die het hele kruispunt stil leggen. ‘Godsamme, wat een herrie!’, blaf ik en steek demonstratief twee vingers in mijn oren en doe mijn best boos te kijken richting de agenten.
Niet alleen vanwege het geluid van de loeiende sirenes, maar bovenal omdat dit afkomstig is van enkele motor agenten (ik ben niet zo heel erg dol op motor agenten).
Boven het geluidsgeweld schreeuw ik tegen nichtje dat het vast een geldtransport is ofzo.
Gedrieën kijken we toe tot ik ineens politiewagens, ambulances, ME bussen en speciale ziekenvervoer busjes voorbij zie komen en ik mij realiseer dat het de jaarlijkse actie is voor chronisch zieke kinderen.
Elk jaar doet de politie tenminste 1 ding heel goed: in samenwerking met ambulance en brandweer, mogen deze kinderen mee in de auto en worden ze in een colonne gebracht naar Artis voor een mooie dag en avond.
Ik kijk toe. Ik zie talloze kindjes. Van achter de ramen zie ik hun koppies.
Lachend, zwaaiend. Ze zijn van alle kleuren. Van alle leeftijden.
Ze hebben 2 dingen gemeen: het zijn kinderen en ze zijn ziek. Serieus ziek.
Ik zie tientallen kinderhandjes die van achter de ramen zwaaien naar ons: de verbaasde, grote mensen.
Ineens schiet ik helemaal vol en zwaai terug of mijn leven er van afhangt.
Zus en nichtje doen mee en de colonne nastarend, kijken we elkaar daarna zwijgend met betraande ogen aan.
Ik roer in mijn koffie.
De discussie die we net voerden laten we rusten: het is te beschamend voor woorden waar we ons zo druk over maken.
Sommige van deze kinderen zullen er volgend jaar niet meer zijn.
Maar dit, deze bijzondere dag, die hebben ze mooi in de pocket.
Dat kan niemand ze nog afnemen.
Dan te bedenken dat er Amsterdammers waren die bezwaar hiertegen indienden vorig jaar wegens de ‘overlast’.
Vuile hufters: ga je heel gauw schamen!
Geplaatst in OverLeven
3 Reacties
Het kon je moeder zijn
‘Niet zo ongeduldig, evengoed fietst mama ook zo over pakweg 15 jaar,’ spreek ik mijzelf streng toe.
Ik fiets achter een bejaarde mevrouw die met moeite op haar speciale driewieler fiets de Amstel brug op fietst.
Ik rem wat af en mijn ogen glijden over haar broze gedaante.
Haar kleren wapperen om haar dunne, oude benen.
Haar speciale schoenen, die van het soort voor mensen met een handicap, trappen met de weinige kracht die zij heeft langzaam maar zeker de fiets voort.
De ene schoen is stuk aan de achterkant. Zielig, schiet door mijn hoofd.
Eenmaal van de steile brug af fietsend, rem ik nog meer af.
Haar linker arm steekt zij langzaam uit om richting aan te geven.
Dan zie ik dat het linkerwiel van haar driewieler over de stoeprand gaat en in slow motion zie ik haar driewieler traag naar rechts kantelen.
Als in slow motion zie ik het gebeuren.
Zij niet.
Wellicht dat ze daarom niet haar rechterhand uitsteekt om haar val te breken.
Ik gil het keihard uit en er flitst door mijn hoofd dat deze bejaarde mevrouw binnen nu en 2 seconden met een enorme smak op de zijkant van haar hoofd op het asfalt zal vallen.
Mijn hart bonkt in mijn keel wanneer ik haar roerloos zie liggen op straat.
Ik stap af, ren naar haar toe.
Langzaam maar zeker wordt de plas bloed groter rondom haar hoofd. Haar grijze krulletjes kleuren rood.
Samen met toegestroomde mensen praten we tegen haar en gelukkig is ze inmiddels bij kennis.
‘Ze bloedt aan haar hoofd en ze is heel oud. Kom alstublieft snel,’ piep ik tegen de telefoniste van 112.
Met vereende krachten spreken wij allemaal haar geruststellend toe. De ene meneer regelt tissues voor haar hoofdwond. Die andere mevrouw houdt haar hand vast. Weer een ander zet samen met mij haar driewieler op slot. Weer een paar anderen houden de weg vrij.
Ik leg mijn hand op haar magere rug en spreek haar toe zoals ik een kleuter toespreek die een lelijke val heeft gemaakt.
Ik voel de tranen prikken als ik haar gerimpelde hand zie, die bibbert van de schrikt.
Even later arriveren de hulpdiensten.
Iedereen helpt, geeft informatie en is bereid met de mevrouw mee te gaan.
Niet veel later vervolg ik mijn weg.
Het kon ook mijn moeder zijn over 15 jaar.
En ik hoop zo dat ook dan er zoveel lieve, behulpzame en oprechte mensen zijn die zich realiseren dat we op de wereld zijn om elkaar een handje te helpen als dat nodig is.

‘Niet zo ongeduldig, evengoed fietst mama ook zo over pakweg 15 jaar,’ spreek ik mijzelf streng toe.
Ik fiets achter een bejaarde mevrouw die met moeite op haar speciale driewieler fiets de Amstel brug op fietst.
Ik rem wat af en mijn ogen glijden over haar broze gedaante.
Haar kleren wapperen om haar dunne, oude benen.
Haar speciale schoenen, die van het soort voor mensen met een handicap, trappen met de weinige kracht die zij heeft langzaam maar zeker de fiets voort.
De ene schoen is stuk aan de achterkant. Zielig, schiet door mijn hoofd.
Eenmaal van de stijle brug af fietsend, rem ik nog meer af.
Haar linker arm steekt zij langzaam uit om richting aan te geven.
Dan zie ik dat het linkerwiel van haar driewieler over de stoeprand gaat en in slow motion zie ik haar driewieler traag naar rechts kantelen.
Als in slow motion zie ik het gebeuren.
Zij niet.
Wellicht dat ze daarom niet haar rechterhand uitsteekt om haar val te breken.
Ik gil het keihard uit en er flitst door mijn hoofd dat deze bejaarde mevrouw binnen nu en 2 seconden met een enorme smak op de zijkant van haar hoofd op het asfalt zal vallen.
Mijn hart bonkt in mijn keel wanneer ik haar roerloos zie liggen op straat.
Ik stap af, ren naar haar toe.
Langzaam maar zeker wordt de plas bloed groter rondom haar hoofd. Haar grijze krulletjes kleuren rood.
Samen met toegestroomde mensen praten we tegen haar en gelukkig is ze inmiddels bij kennis.
‘Ze bloedt aan haar hoofd en ze is heel oud. Kom alstublieft snel,’ piep ik tegen de telefoniste van 112.
Met vereende krachten spreken wij allemaal haar geruststellend toe. De ene meneer regelt tissues voor haar hoofdwond. Die andere mevrouw houdt haar hand vast. Weer een ander zet samen met mij haar driewieler op slot. Weer een paar anderen houden de weg vrij.
Ik leg mijn hand op haar magere rug en spreek haar toe zoals ik een kleuter toespreek die een lelijke val heeft gemaakt.
Ik voel de tranen prikken als ik haar gerimpelde hand zie, die bibbert van de schrikt.
Even later arriveren de hulpdiensten.
Iedereen helpt, geeft informatie en is bereid met de mevrouw mee te gaan.
Niet veel later vervolg ik mijn weg.
Het kon ook mijn moeder zijn over 15 jaar.
En ik hoop zo dat ook dan er zoveel lieve, behulpzame en oprechte mensen zijn die zich realiseren dat we op de wereld zijn om elkaar een handje te helpen als dat nodig is.
Geplaatst in OverLeven, Straatrumoer
1 reactie
Digitaal verdwaalden
Ondanks ik al heel lang actief ben op internet, waaronder social media, schijn ik er geen reet van te begrijpen.
Want wanneer ik contact heb met anderen, bijvoorbeeld via een chat, persoonlijk bericht wisseling of tijdens een digitale discussie, heb ik dezelfde omgangsnorm als in real life.
Sterker nog, ik ben zelfs nóg beleefder als in real life en kies mijn woorden nóg zorgvuldiger, aangezien bepaalde shit zomaar verkeerd of harder kan worden opgevat omdat mijn hysterisch extreme non verbale communicatie ontbreekt die mijn opmerking enigszins relativeert.
Dus antwoord ik beleefd, begin niet na een korte begroeting of die ander ‘zin heb om ff te cammen…’ (incl. de drie suggestieve puntjes) en begin ik niet direct de ander uit te schelden en te kleineren als we niet dezelfde mening hebben.
Ook voel ik niet de drang om de suggestie te wekken dat ik Holleeder dagelijks over de vloer heb, minimaal 20 jaar heb vastgezeten en dus ont-zet-tend gevaarlijk ben.
Ik ben dus bereidwillig.
Ik geef respect, iets dat je in tegenstelling tot veel anderen, bij mij niet hoeft te ‘verdienen’.
Geld verdien je, maar respect is een basisrecht dat verloren wordt op het moment dat je dit naar mijn mening niet meer verdient.
Ik neem mensen heel serieus.
Hierdoor kan het weleens mis gaan.
Zo is het gebeurd dat ik iemand die ik,
zoals ik dus gewend ben, heel serieus nam, een totale randdebiel bleek te zijn toen ik die op een dag tegen het lijf liep tijdens het uitgaan.
Nu was het mij al opgevallen dat ik tijdens discussies met hem, geregeld verdwaald raakte.
Bij zijn eerste reacties knikte ik elke keer weer nog digitaal instemmend, maar het kon lang of kort duren: er brak een moment aan dat ik beduusd, verward naar mijn scherm tuurde. Zijn reactie las en herlas. En nogmaals herlas, maar er steeds minder van begreep.
Vooruit, het lag vast aan mij. Ik was ongetwijfeld de domoor die het niet begreep; al die diepe sort of Matrix uiteenzettingen.
En dan zweeg ik dus maar.
Tot die dag dat ik hem ontmoette: was hij het!? Deze dwaas? Deze dorpsgek?
Ik was in shock en stiekem schoot door mijn hoofd: ‘Wat zonde, wat een verspilling van al die serieusheid van mij die ik in zijn bijdragen heb gestoken.’
Hij is slechts een voorbeeld.
Ik heb inmiddels diverse keren te maken gehad met mensen waar ik er vanuit ging dat ze, zoals ze pretendeerden, heel wijs waren (realiteit: wijsheid gekopieerd en geplakt van google), heel gangsta waren (realiteit: keek dagelijks naar Scarface. Masturberend), heel creatief waren (realiteit: een snufje van die, een theelepel van dat, een mespuntje van die, dat alles gemixt en zie daar: een mixje van genakte creatieve geesten voor eigen gebruik van de faker), heel mooi waren (realiteit: eeuwig op xxx-chats/sites rukkende viespeuk met behalve een fobie voor vrouwen in real life, een enorme collectie fake profiel foto’s).
Alle keren dat ik hiermee ben geconfronteerd, voelde ik mij uitermate dom.
Niet naïef.
Dom.
Zou ik het dan nooit leren?
Het antwoord is ‘nee’.
Want ik wil het niet leren.
Ik wil mezelf blijven en dus mensen behandelen zoals ik zelf graag wordt behandeld.
Dat een logisch gevolg is dat ik dus sommige mensen daardoor in eerste instantie veel te hoog inschat, is een feit.
Maar liever dat, dan mij voordoen als fake of nog erger, daardoor nooit mensen leren kennen die wél de moeite waard zijn.
Want gelukkig zijn die nog altijd in de meerderheid.
Ook zoiets wat ik mij dan afvraag: als je bewust jezelf anders voordoet, hoe los je dat dan
op wanneer je iemand treft die wél real is, die je wél dope vindt, die je eigenlijk dolgraag zou willen ontmoeten?
‘Oh ja by the way, dat wilde ik nog effe zeggen: ik ben eigenlijk een fake ass bitch, ik heb eigenlijk helemaal geen werk, ben ook geen stoere gangsta, ik jat mijn wijsheden van google en nou, uhm eigenlijk…eigenlijk heb ik geen leven, behalve hier dan. En zelfs dat leven bestaat niet echt want ik ben net zo nep als het Gucci heuptasje van de jongens uit mijn buurt.’
Nu gaan we uit van de categorie bewuste fakers, maar daarnaast heb je ook nog de onbewuste fakers: zij, die dénken dat ze echt zijn.
Zij geloven oprecht dat ze ontzettend grappig, slim, scherp en diep zijn, maar vallen genadeloos door de mand wanneer je ze in het echt ontmoet.
Dat is nog droeviger.
Misschien is het wel arrogantie.
Misschien zijn wij, die ook (of zelfs?) onszelf zijn op internet, fakking arrogant omdat wij onszelf zó goed genoeg, leuk, waardevol en bijzonder vinden, dat we om die reden niet de behoefte hebben om een beeld neer te zetten, dat allesbehalve realistisch is.
Eigenlijk…eigenlijk hè…is het best zielig voor al die mensen die zo ontevreden zijn met zichzelf.

Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd, Media & meer
Een reactie plaatsen
Food for thought
Hoeveel leed, woede, diepgewortelde pijn, rancune en haat in ernstig verstoorde (familie) relaties zou het schelen, wanneer mensen eenvoudigweg eens zouden zeggen tegen de ander:
‘Hey, I fucked up. Ik luister naar je, erken dat ik een aantal dingen niet goed heb gedaan. Ik wil je aanhoren en hoop dat ik je na jouw verhaal, kan en mag uitleggen waarom of waardoor ik zo heb gehandeld. Niet omdat ik smoezen voor mijn fouten wil aandragen, maar slechts een uitleg, zodat je hopelijk ook begrijpt waar mijn pijn vandaan komt en ik dingen niet altijd goed heb gedaan.’
De ander zijn of haar verdriet erkennen, getuigt van een groter karakter dan star vast te houden aan je kleinzieligheid, je so called ‘eer’ omdat je bang bent je fouten toe te geven en daarmee bijvoorbeeld je gezag te verliezen.
Je verliest meer door weg te lopen, te negeren, te bagatelliseren, te liegen of de ander zijn/haar pijn weg te lachen, te bespotten.
In dat geval verlies je niet alleen je eer, maar ook vertrouwen en respect.
Fouten erkennen is groei.
Fouten ontkennen is stilstand.
Sommige fouten zijn nooit meer helemaal te herstellen, maar er kan in ieder geval worden gestreefd om van een open wond een litteken te maken. Dat is altijd nog beter dan een gapende wond die elke keer groter wordt gemaakt.
Wanneer je de ander aanhoort en daarmee erkent, zal het respect juist groeien. Pas dan kan er vergeven worden.
Zeker bij relaties tussen ouders en kind zie je zo vaak dat de jarenlange woede en pijn, na 1 eerlijk gesprek zoveel minder is en er een basis voor een nieuw begin is gemaakt.
Een ander vergeven is het grootste geschenk wat je jezelf kan geven, maar dat wordt effe ietsje makkelijker als die ander in ieder geval zegt: ‘Ik hoor je, ik luister naar je en ik weet dat ik je pijn heb gedaan.’

Geplaatst in Ouders & opvoeding, OverLeven
Een reactie plaatsen
Voor alle runaway dads: een moederdag boodschapje
Speciaal voor alle mannen die nu tandglazuurbrekende zoete teksten voor hun heilige moeder plaatsen: waar ben jij voor de moeder van je eigen kind vandaag?
Die vrouw, weet je wel, waar jij ooit samen mee besloot om een kindje mee te maken.
Die vrouw die jij achterliet, omdat je geen zin had je leven te veranderen toen je eenmaal een gezin had.
Die vrouw, die elke dag voor jullie kind zorgt en daarmee een moeder én een vader moet zijn.
Die vrouw, die haar ass kapot werkt, omdat jij weigert 1 stuiver bij te dragen en het liever uitgeeft aan shit en nieuwe puni’s.
Ga je heel gauw schamen, jij natte krant! En doe alsnog wat je al jaren hoort te doen: word een MAN, doe alles om het goed te maken en toon die vrouw en je kind dat je van je fouten hebt geleerd. Het is niet te laat.
Nog niet.
NB voor ik woeste papa’s op mijn dak krijg: wie de schoen past, trekt ‘m maar aan (en laat het je poot flink afknellen) want uiteraard geldt bovenstaande niet voor de papa’s die er wél zijn of er willen zijn, maar niet mogen zijn omdat hun ex een heks is.
Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd
Een reactie plaatsen
Wrapper Gers Pardoel
…maar natuuuuuuuuuuuuuuuuurlijk deed Gersje het helemaal niet voor het geld.
Welnee!
Want Gers is lief.
Gers is extra lief omdat hij een beetje aandoenlijk is.
Gers is het type dat vroeger zo’n stom broodtrommeltje achterop zijn fiets had, (zorgvuldig onder zijn snelbinders gebonden) en natuurlijk een banaantje mee kreeg voor de vitamientjes.
Dan fietste Gers heen en terug naar school (15 km heen, 15 km terug) altijd tegen de wind in en kwam met blozende wangen thuis na een dag lang zijn best te hebben gedaan op school.
‘Jongen toch,’ zeiden zijn ouders dan bij thuiskomst, ‘Jij hebt hard gefietst! Je hebt er kleur van, knul!’
En dan knikte Gers trots en vertelde glunderend dat de meester had gezegd dat hij altijd zo vlijtig was en ook zo fatsoenlijk, omdat hij, Gersje, in tegenstelling tot zijn klasgenootjes, tenminste eerlijk aan de meester had verteld wie ‘lul’ stiekem op het bord had geschreven.
Gers is pas echt een goede rapper. Een echt goed voorbeeld.
Gers is tenminste niet zo’n boze rapper. Eigenlijk is Gers helemaal geen rapper.
Gers is een product.
Alleen denkt Gers dat hij dat niet is.
Gers is zelf én vertegenwoordigt als kruising tussen MC Donald ho en Ronald MC D clown, exact wat hij aanprijst: een klef, smakeloos en goedkoop product dat niets heeft te maken met het oorspronkelijke product. Alleen al omdat we allemaal weten dat het commerciële troep is dat zonder enige passie en liefde is bereid.
Dat is prima, hoor (dat is helemaal niet prima, maar dat hoor ik nu eenmaal te zeggen). Maar lieg daar niet over en zeg gewoon straight up dat je dik geld wilt pakken.
‘Maar wie zegt dat het klopt wat jij hier loopt te ouwehoeren?!’ hoor ik Koffietijd kijkers boos denken.
Wel, als Gers geen reet verdient aan deze shit, neem ik per direct mijn woorden terug.
Ik had mijn bek nog gehouden als Gersje die stomme uitspraak niet had gedaan die is te lezen bij deze illustratie (klik = vergoten).
Maar dat heeft hij wel gedaan.
Dus.
PS
Voor alle duidelijkheid, mocht dit niet geheel over zijn gekomen: ik ben niet zo’n fan van Gers. Hij hindert mij.
Fuck FakeBook
Hela! En toen mocht ik ineens niet meer op FaceBook.
Na binnen 4 uur te zijn geschorst op Twitter, leek ik ook nu weer de onbewuste asshole te zijn, maar dan op FB.
‘Volg de instructies!’ werd mij toegeblaft via mijn scherm.
Dus ik volg braaf een link van FB bij het inloggen en beland in een soort verborgen FB verhoorruimte.
Ik kreeg een digitale ondervraging waarbij ik een stuk of 10 foto’s kreeg te zien van wellicht onder andere JOU.
Ik moest onder de foto klikken op de naam van de afgebeelde persoon, (er waren 5 verschillende namen uit mijn lijst te zien waaruit ik dus moest kiezen om wie het ging). Deed ik dan niet, dan…. Oeioeioei…
Enfin, ik dus braaf geklikt wie, wie is.
Uiteraard niet om te nakken, integendeel!, maar er was te lezen dat ze FB spamvrij wilden houden en regelmatig checken of degenen die hier vertoeven, wel echt zijn, wie zij zijn.
Kortom, ik dacht dus JOU te helpen.
Aan het einde van de klikrit, verscheen een schreeuwend scherm: of ik wel even héél snel de richtlijnen wilde lezen!!
Vooruit.
Dat doe ik natuurlijk altijd, net als die voorwaarden/bijsluiters van dingen die 9 meter scrollwerk zijn. Dat doet natuurlijk iedereen!
Vervolgens krijg ik een waarschuwing vanwege de laatste foto die ik had geplaatst.
Een uitermate grappige foto.
Beeld: een strand, een naakte bruine meneer met een (overigens semi slap!) lid van, pak ‘m beet, 25 cm.
Vlak voor hem een blanke meneer met zijn dame met een lid van, pak ‘m niet beet, 8 cm en de tekst: ‘Waarom zo boos?’
Dat is grappig, vind ik.
Bovendien is het geen porno. En al was dat het wel: ik heb zorgvuldig mijn schoonfamilie en 2 jonge FB dames geblokkeerd bij deze foto en de afbeelding uitsluitend zichtbaar gemaakt voor mijn FB vrienden.
Dus!
Nou niet, dus.
Mij werd duidelijk gemaakt dat deze foto niet mocht en de FB Goden het hadden verwijderd. Ik verdiende straf! Dus: 12 uur geschorst.
Na een dikke rollende tjoeri te hebben gemaakt, haalde ik mijn schouders maar weer eens op.
Binnen 5 minuten had ik een schorsing van 24 uur aan mijn digitale broek om reden die tot op heden voor mij volstrekt onduidelijk zijn.
Uiteraard had ik het liefst mijn hele prikbord volgepleurd met die foto. Puur uit dwarsdoenerij. Dat zou ik ook absoluut hebben gedaan toen ik nog jong, nog dwarser en dus dom was.
En dus deed ik dat maar niet, maar kreeg alsnog straf.
Conclusie part I: geweld op FB mag.
Afgeschoten en uiteen gerukte bloederige ledematen zijn ‘nieuws’ beelden en die mogen uiteraard.
Want das niet erg.
Maar een grappie over 2 slappe geslachtsdelen mag niet.
Conclusie part II: de FB Goden zijn vast white dudes die zich te goed herkenden in die
8 cm. Een andere optie is dat iemand uit mijn lijst het heeft gerapporteerd.
In dit geval: ga eens eventjes héél snel mij ontvrienden en met je chipito wurmpje spelen.
En dan nu Het Moment *tromgeroffel*…
Daar deze blog openbaar is plaats ik een link.
KLIK HIER om de gewraakte foto te bekijken, maar wees gewaarschuwd!! Klikken is op eigen risico want je ziet 2 piemels.
FaceBook ik hou van je. Maar nu even niet.

Geplaatst in Media & meer
Een reactie plaatsen
Mrs Bruja en de Zumba Sekte
Mrs Bruja, 40 vrouwen, Zumba les, ‘Lekker gek doen!!!!’
Welk woord hoort niet in dit rijtje thuis?
De kenners zullen het in een keer goed raden, misschien omdat ze na degelijk onderzoek op deze oudere blog zijn gestuit: het antwoord ligt dan eigenlijk al kant en klaar op je bord.
Ik ben best sociaal.
Maar niet in grote groepen waarin ik leuk moet doen.
Vooral dat moeten, dat gaat mij niet zo best af.
Er zijn minstens zoveel dingen en mensen die ik niet leuk vind, als die ik wél leuk vind.
Zumba-en vond ik met ingang van direct stom, zodra alle vrouwen in de wereld gilden hoe leuk het was.
Ik sloeg gade hoe hele busladingen vol gillende vrouwen die nooit aan sport doen en dankzij Zumba geloven dat ze dat nu wél doen, talloze zaaltjes binnen renden want ‘ZUMBA LES BEGON!’
En dat is leuk, zeggen ze.
Dat is hart-stik-ke leuk.
Ik heb mij jaren er van weten te distantiëren. Nadat alle smoezen waren gebruikt, alle zieke mensen en huisdieren door mij werden misbruikt als excuus, (‘Nee, ik kan echt niet nu mee doen, hond/moeder/buurman ziek en moet even standby blijven, dus sorry.’) ontkwam ik er steeds moeilijker aan, maar het lukte me nog wel steeds.
Tot ik er in werd geluisd door mijn, tot deze kut actie van hem, ‘goede’ vriend D. en zijn kompaan, mijn oudere Zus.
Op slinkse wijze werd ik aangesproken door D via whatsapp:
D.: Wat leuk dat je meegaat de 31e! ![]()
Ik: Ik kijk paniekerig. Wat is de 31e?? Wat ben ik vergeten???
D.:
jij bent echt slecht…
Ik: Wot wot wot??? Zeg pleasssse…wat ben ik nou weer vergeten???? Shit er staat niks in mijn agenda. Wat heb ik gemist? Een uitvaart? Verjaardag? Examens??
D.: Je gaat die dag mee naar Zumba
![]()
Ik: Oh God.
Dit gesprekje suggereert dat D. graag aan Zumba doet.
Dat is niet waar.
De enige reden dat hij mij meevroeg, was omdat ik als entertainer mee moest.
Ik was de clown, die D. en Zus extra zou vermaken die dag.
D. weet immers net als Zus, hoe stom ik dit soort dingen vind en ik zeer zeker de choreo niet zou kunnen bijhouden.
Draaien, schudden en zakken met mijn heupen en billen gaan mij uitstekend af, maar dan wel gaarne op een lid en niet in een bomvolle zaal met hopsende dames.
Ik slaakte een diepe zucht en besloot zaterdagochtend dat ik echt zou proberen leuk te doen.
Ik zou zelfs leuk mee doen, beloofde ik.
Was het D. en Zus verdomme toch gelukt: ik voelde mij schuldig als ik niet op deze dag des oordeels met een stralende lach zou verschijnen.
Vlak voor aanvang van de les trof ik D. die stond te wachten op de hoek van de dans locatie.
Nadat ik tot mijn grote genoegen hoorde en zag dat D. te kampen had met een hysterische Tequila kater, schoot mijn ietwat brommerige humeur in een klap de hoogte in.
Net goed.
Niet veel later stond ik keurig opgesteld, niet eens achteraan!, in een zaal vol lachende, blije vrouwen (incl. Zus en haar vriendin S.) en een gekreukte kater man genaamd D., toen twee krijsende vrouwen stemmen loeihard door het zaaltje schalden
‘HOE LEUK DIT IS!’: de instructrices.

Dráma, dit soort dingen
Ze kwamen springend en dansend de zaal in en heten ons allen springend en dansend welkom.
Het enige wat ontbrak, was de high five.
Het kon nog erger, want haastig voegden zij er nog aan toe dat zij hier en daar in hun les ‘grappige elementen!’ en ‘humor!’ hadden verwerkt.
Nou, dat beloofde wat, knikten enkele reeds gehersenspoelde Zumbalingen elkaar verwachtingsvol en glunderend toe.
Nu zijn Zus en haar vriendin S. minstens zo allergisch voor blij-doenerij als ik.
Dus wierp ik een blik op hen in de hoop dat hun wenkbrauwen minstens zo hoog opgetrokken waren als de mijne, maar tevergeefs: gehard door jarenlange Zumba lessen van blije juffen, trokken ze zich niets meer aan van dat olijke gedoe en keken stoïcijns voor zich uit, zonder een spier te vertrekken, overigens.
Nog voor ik geacclimatiseerd was, barstte het los.
Net toen ik doorhad dat de les was begonnen en ik een arm zijwaarts hield, tegelijk twee stappen rechts deed, bleek de rest van de groep minimaal 54 pasjes verder te zijn.
Koortsachtig zocht ik met mijn ogen contact met mijn mede-Zumba kneus vriend D., die naast mij stond en net als ik, het gelukkig niet bijhield.
Dat luchtte enorm op: hij was jarenlang danser geweest, doet nog steeds mee in alle opzichten en ook hij faalde, gelukkig.
Ik onderdrukte de neiging om na 3 minuten weg te lopen, want dat was zielig voor Zus, zielig voor D. en zielig voor die krijsende instructrices die maar bleven volhouden dat dit echt ontzettend leuk en gezellig was: zo samen, met z’n allennnnn Zumba doen. Ook als je het niet kon of niet kon bijhouden, gewoon lekker meedoen, benadrukten ze nog een keer en verbeelde ik het mij nou, of keken ze echt naar D. en mij toen ze dit zeiden?
Ik ging er voor.
Tegen beter weten in.
Een uur heb ik het volgehouden. Inmiddels hield ik toch wel 4 van de 87 pasjes bij.
Ik vond het welletjes geweest.
‘Gaan we zo?’ vroeg ik op gepast zachte toon aan vriend D., maar vroeg het eigenlijk niet: het was meer bedoelt als mededeling.
‘Ik kijk het nog even aan,’ antwoordde Judas.
De vuile verrader vond het gewoon ineens ook leuk.
Mijn broeder.
Mijn medestander bleek een backstabbing bitch te zijn geworden na welgeteld 53 minuten Zumba!
‘Jij vindt het ook stom!,’ verweet ik hem en keek hem verontwaardigd aan.
‘Ja. Het is ook stom, maar toch vind ik het wel lekker. Zo weer eens een beetje bewegen. Ik gooi gewoon mijn eigen choreo er in, haha!’
Ik lachte mee als een boer met 6 ontstoken kiezen.
Niet veel later sloop ik weg. Stiekem.
Was het drama afgelopen? Natuurlijk niet!
Want eenmaal in de kleedkamer aangekomen, bleek ook net de tapdans les te zijn afgelopen waardoor minimaal 40 klikkende klakkers de kleedkamer bestormden.
Waarom zijn kleedkamer áltijd zo klein? Waarom staan er áltijd te weinig banken?
Het zweet brak mij nog meer uit. Hitte. Zweet. Eng zweet van andere mensen, dat ook nog.
Ik ademde het in. Weg! Ik moest weg hier!
Praktisch struikelend over mijn gehakte voeten ontvluchtte ik mijn nachtmerrie.
Ik slaakte een diepe zucht toen ik niet veel later nipte van een CC koffie, de rook tot in mijn tenen inhaleerde en Zus pingde dat ze maar moest laten weten als de les voorbij was.
Zus is hartstikke leuk. Ook heel lief en ook slim.
Ze kon er dan ook gelukkig hartelijk om lachen en trok zich er geen reet van aan toen ik diplomatisch opmerkte het niet zo mijn ding te vinden, dat ge-Zumba.
Toch was het een geslaagde dag.
Niet alleen omdat Zus hysterisch lekker had gekookt, maar vooral omdat we met z’n allen nog ontzettend lekker hebben zitten nazeiken, mopperen en afkraken.
Toch wel lekker, dat Zumba.
Oh ja.
Didactisch gezien zoog deze les ook nog.
’t Lag dus echt niet uitsluitend aan mijn anti Zumba flow, gebrek aan coördinatie, gebrek aan leukheid en anti-sociale sport gen.
Geplaatst in Media & meer, OverLeven
Een reactie plaatsen
OverLeven
Op 7 april is het 6 jaar geleden dat mijn vader overleed.
Inmiddels kan ik die woorden schrijven zonder prikkende tranen.
Zonder zo ontzettend te schrikken dat mijn buik even samenknijpt van het feit dat hij echt dood is en dit ook blijft.
Vandaag las ik in Het Parool van afgelopen weekend, – mijn vaders geliefde krant – dat zijn favoriete cartoonist Peter van Straaten er na dik 50 jaar mee stopt.
Toen voelde ik wel de tranen prikken. Want Peter van Straaten ís mijn vader. Als kind begreep ik zijn tekeningen niet. Als puber al een stukkie beter en als volwassen vrouw snapte ik ze altijd en allemaal.
Bijna elke avond hoorde ik mijn vader wel hardop lachen. Dan wist ik dat hij op de bank zat, (krantje in zijn handen, koffie en sigaretten onder handbereik) en was aangekomen bij de dagelijkse tekening van Peter van Straaten.
Regelmatig trof ik smorgens vroeg op de keukentafel een uitgeknipte tekening aan, waar papa dan iets bij had geschreven voor mij.
Zijn handschrift was hoekig en dwars, maar nooit onduidelijk.
Net als hij zelf.
Ik weet zeker dat ik vandaag papa zou hebben gebeld om het er over te hebben dat Peter van Straaten er echt mee stopt.
En ik weet ook heel zeker dat hij dan zou hebben geroepen hoe ‘Fantástisch!’ Peter is en ‘Ónt-zet-tend jammer!!’ het is dat hij stopt bij Het Parool. Waarna overigens nog een uiteenzetting zou volgen van minimaal 5 minuten om uit te leggen waarom Peter fantastisch is en het zo jammer is dat hij er mee stopt.
Eigenlijk zouden alle Peter van Straaten’s nooit mogen stoppen en zeker nooit dood mogen gaan.
Ze zijn mijn laatste tastbare stukjes papa.

Geplaatst in Media & meer, OverLeven
Een reactie plaatsen
Het dickolleté effect
Uit onderzoeken naar waar vrouwen op letten bij een man, blijkt dat vrouwen behalve naar zijn ass en ogen, ook (onbewust) naar zijn dick kijken.
Dus ook, of juist!, als deze nog veilig verpakt zit in een broek.
‘Dat is onzin,’ schoot door mijn hoofd toen ik dit de eerste keer las, ‘dat doe ik helemaal niet!’.
Wij vrouwen zijn heus niet vies van een dick-keuring, maar waarom in hemelsnaam zouden wij, het volgens ons slimste, ontwikkelde en spiritueel hoogst ontwikkelde mens-soort (in tegenstelling tot het andere mens soort, die met slurfjes), hier naar willen kijken?
Er valt ook nog zo weinig te zien aan een ingepakte.
Valt de broek wijd dan zie je uitsluitend stof en valt de broek strak, je weet wel, zo’n ballenknijper, dan deel ik de goede man direct in de categorie ‘non-do-able’ want behalve dat hij een belachelijke broek draagt, is hij in mijn perceptie dankzij dat broekje
homo-achtig. En als hij dat niet is, dan toch wel een beetje.
Wel voor mij.
Het begluren van dat soort lichaamsdelen doen alleen mannen.
Die zijn zo stom met dat soort dingen.
Wij niet.
Mannen transformeren in blije, baldadige jongens zodra ze wiebelende ketsers zien in een strak topje of rond vrouwen bil vlees verpakt in een strakke broek.
Mannen veroorzaken verkeersongelukken, lopen tegen lantaarnpalen op, struikelen over rollator bejaarden wanneer zij een lekker wijf zien en hun nek praktisch verrekken door zich om te draaien om haar achterkant ook nog te kunnen checken.
Dit is geen verwijt, hoor. Het is eenvoudigweg een feit. 
Mannen kunnen dat niet helpen,
want het móet.
Ze móeten het doen, er is geen ontkomen aan.
Een onbedwingbare drang maakt zich meester van hun brein, dat in een klap is verdwenen en overgenomen wordt door een tsunami van platte lust en dierlijke begeerte.
Vrouwen doen graag, ik ook uiteraard,
alsof ze dat bespottelijk vinden van die mannen.
Eigenlijk ook heel onwaardig en dom, want het is primitief en onderontwikkeld gedrag.
Maar we vinden het natuurlijk hartstikke leuk!
Is het niet omdat wij vrouwen de mannen hierom ontzettend vaak en hard uit kunnen lachen, dan is het wel omdat het ons een enorme booster geeft voor ons zelfvertrouwen
en ego.
Wij trekken natuurlijk niet voor onze lol pornohakken aan van 14 cm: die kleredingen doen ontzettende pijn aan onze poten.
Ik kijk graag naar mannen.
Een van de vele leuke dingen aan ouder worden, is dit kijken.
Als jongedame sla je je ogen neer of kijk je weg als een man kijkt.
Vooral als hij op Die Manier kijkt.
Inmiddels ben ik er achter gekomen dat hardnekkig terug blijven kijken veel leuker is.
Zijn eerste blik is zelfverzekerd, brutaal en hebberig.
Mijne priemend, soms met een ietwat spottende glimlach en hoog opgetrokken wenkbrauwen, (als hij lelijk is) en soms met een flirterig lachje (als hij aantrekkelijk is).
En ik hou vol, hè. Dus niet wegkijken, niet gedwee de ogen neerslaan, maar gewoon volhouden, al duurt het 20 seconden. En geloof mij, 20 seconden zijn ontzettend lang, lijken uren te duren, wanneer je deze battle voert met een totaal onbekende, bijvoorbeeld staande tegenover elkaar in de metro.
Tot nu toe win ik altijd.
Zodra zijn stoere, brutale, hebberige blik begint te wankelen, plaats maakt voor een vleugje verwarring (‘Huh? Zeg dame, jij hoort nu weg te kijken! Je fokt mijn game op! Kijk weg! Nu!’) weet ik al dat ik heb gewonnen.
Sommige heren proberen zich nog manmoedig staande te houden, tot ik ze nog dieper aan kijk.
Het is bijna aandoenlijk als hij verward, ineengekrompen en verslagen zijn ogen neerslaat en naar de grond blijft turen tot hij stiekem na een seconde of 10 toch weer kijkt om direct mijn priemende blik weer te zien, inmiddels ondersteund door een triomfantelijke winnaars lachje op mijn gezicht.
Sommige vind ik dan bijna zielig.
Daarom geef ik ze soms alsnog een lieve glimlach.
Als troost.
Nadat ik dat onderzoek voor het eerst voorbij zag komen, begon ik er op te letten.
Tot mijn grote schrik, verbijstering, afgrijzen en schaamte, ontdekte ik dat mijn ogen werden gezogen naar die plek.
Ja, daar ja.
Niet alleen bij leuke mannen.
Niet alleen bij aardige mannen.
Niet alleen bij supermooie mannen.
Nee, eenvoudigweg élke man!
Oud, jong, lelijk, mooi, stom, vies, walgelijk, homo, hetero, wit, zwart… Ze moeten er allemaal aan geloven.
Verschrikkelijk, vind ik het.
Menigmaal had ik oorlog in mijn hoofd met mij: ‘Niet kijken! Wat doe je nou, trut!? Straks denkt hij ook nog dat je hem lekker of leuk vindt! Focus! Focus op zijn ogen! NIET! KIJKEN!’
Dat is best lastig, want tijdens deze ruzie met mij, moest ik ondertussen ook nog gewoon een gesprek blijven voeren.
Lastig als je in een zakelijk gesprek zit, beschamend wanneer je met een te platonische vriend aan het babbelen bent.
Zodra de schreeuwende stem in mijn hoofd even zweeg, ging het weer mis. Whoop en ja hoor: daar gleed mijn blik weer zuidwaarts.
Vreselijk als ik dit vind, vertelde ik over het onderzoek aan alle vrouwen in mijn omgeving.
Net als ik ontkenden zij hardnekkig dat zij zich te buiten gaan aan dickolleté gluren.
Tot ze enkele weken later, helemaal ontsteld!, moesten erkennen tegen hetzelfde aan te lopen. Alhoewel ‘tegenaan lopen’ in dit verband wel heel optimistisch is uitgedrukt gezien het gemiddelde formaat van de Nederlandse man.
Hun ontsteltenis deed mij goed. Zo geneerde ik mij wat minder.
Vanaf nu ga jij er ook op letten. Vanaf nu ben jij (vrouw) net zo’n laag, onderontwikkeld, dom wezen als het soort waar wij ons tot nu toe niet mee associeerden.
Vanaf nu ga jij er ook op letten. Vanaf nu ben jij (man) in de positie dat, zodra jij haar betrapt op een korte blik naar jouw grote kleine vriend, jij heel vals mag grijnzen.
Geloof mij, dat volstaat om haar ineen te laten krimpen en in sommige gevallen er zelfs een heel stuk over te laten schrijven van maar liefst 993 woorden.
Vrouwen zijn net mensen.

...maar toch kijk je!
Geplaatst in Mannen, Vrouwen, XXX met een ;-)
1 reactie
Een tussendoortje
World peace is possible!!
#1april
Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd
Een reactie plaatsen
#FREE *YOURSELF!*
Hiphop staat voor mij voor mooie muziek, maar ook voor verzet, bewustwording, onafhankelijkheid, zelfstandigheid, kracht en ontwikkeling.
Hiphop staat niet voor slachtofferschap.
En al helemaal niet voor het koesteren van dit slachtofferschap door het als excuus te gebruiken voor je wangedrag, criminele shit en fulltime drama leven dat je veelal zelf keer op keer creëert en opzoekt.
Daarom: FUCK AL DIE ‘FREE’ SHIT wanneer mensen vastzitten wegens een OV, roof, mishandeling, mensenhandel en meer van die ongein.
Hoezo: ‘FREE’!?
Stop toch eens met deze fake ass helden verering!
Hoeveel jongeren horen en zien dit soort poep en nemen het klakkeloos over met hun dumb ass tweets met inhoud als: ‘Ik heb je rug G!! FREE *naam*!!!’
Vol ontzag horen jongeren de verhalen aan over deze ‘helden’ en voelen stiekem spijt dat zij nog steeds niet vast hebben gezeten.
Maar dankzij hun digitale verschafte credits horen ze er toch een beetje bij.
Scoren ze wellicht aanzien en ook mooi mee genomen: leeftijdsgenoten zouden kunnen denken dat de poster van het bericht minstens zo gevaarlijk is als de gast die binnen zit: hij ‘kent’ immers die persoon.
En dat is stoer.
Fok die shit!
Hoezo: ‘FREE’?!
Heten ze soms Nelson Mandela?
Che Guevara of Malcom X?
De tijd is gekomen dat een strafblad niet langer moet staan voor credits en strepen die je hebt verdient.
Het is tijd om dit in te zien en onze jongeren te leren wat een van mijn helden ooit zei: ‘Education is the most powerful weapon wich you can use to change the world’.
Hoezo: ‘FREE’?!
Free yourself en ontwikkel jezelf!
Maar mocht je alsnog staan te trappelen om je leven te vergooien, (alsof ‘Het Systeem’ daar ook maar 1 seconde van wakker ligt, in tegenstelling trouwens tot je geliefden) begin dan deze shit als eerste te leren:
Een echte G houdt zijn bek, zit zijn tijd uit en gedraagt zich niet als een pussy.
Een echte G zit er niet op te wachten dat hij wordt vereerd middels een shirtje in een clip of puberale en domme shout outs op social media.
Een echte G is een Baas, ook als het een vrouw is, omdat hij/zij de gevolgen draagt van een eigen gemaakte keuze.
Want een échte G weet: ‘Don’t do the crime, if you can’t do the time’.
Geplaatst in Straatrumoer
Een reactie plaatsen
Een andere lelijke waarheid
Het beeld in de media was als volgt: de 15 jarige Jaimy reageerde op een Twitter oproep van Gregory om mee te doen aan een videoshoot.
Zij en haar 14 jarige vriendin werden gelokt met deze videoshoot waarna ze zijn gedwongen om de hoer te spelen in plaats van te schitteren als hiphopmodel in een stoere clip.
Kortom, de naïeve meisjes zijn door de grote boze wolf te grazen genomen.
Maar achter deze waarheid schuilen wat mij betreft, toch wel de nodige ‘ja maren…’ en bleef ik met vragen zitten.
Had hij alleen gehandeld? Wie waren die meisjes?
Hoe is het mogelijk dat twee tieners vrijwillig van huis vertrekken, inclusief bagage met kleding, om naar een grown ass man te gaan die zij uitsluitend kenden via Twitter?
Wat voor skills had deze man dat hij twee tieners zo ver kon krijgen?
En waar waren de ouders in dit verhaal?
De feiten
Jaimy en Lisa, twee tienermeisjes van 14 en 15 jaar, werden een week vermist.
Zij vertrokken met een koffer en een grote tas met kleding om, naar later bleek, naar een man genaamd Gregory te gaan die Jaimy had leren kennen via Twitter.
Na een week zijn de meisjes door de politie aangetroffen in de Rotterdamse woning van de vriendin van Gregory, waar de tieners blij waren te zijn gevonden.
Er werden twee verdachten aangehouden: de 29 jarige Gregory en de eveneens 29 jarige vriendin van Gregory, genaamd S.T.
Recent bleek dat de twee meisjes, volgens de verklaring van de politie, tot prostitutie zijn aangezet/gedwongen in de week dat zij in Rotterdam verbleven.
Gregory zit, net als zijn vriendin, vast op verdenking van het onttrekken van minderjarigen aan het wettelijk gezag en mensenhandel. Termen als ‘loverboy’ vielen in de grote media, net als een verklaring van een anonieme ex vriendin in een gratis ochtendkrantje dat Gregory ‘altijd overal mee weg komt’.
Mijn mening, mijn vragen
Dat een volwassen man contact heeft via Twitter met een meisje van 15 jaar, is raar.
Dat deze volwassen man afspreekt met diezelfde tiener en haar 14 jarige vriendin is behalve raar, ook alarmerend.
Met de beste wil van deze wereld kan ik geen enkel excuus bedenken wat goed zou praten dat dit contact er überhaupt was; ook niet als beide meisjes niet waren geprostitueerd en het contact beperkt was gebleven tot online flirten.
Want volwassen mannen moeten eenvoudigweg geen flirterig contact hebben met jonge tienermeisjes.
Nooit. Helemaal nooit.
Punt.
Het verbaasde mij dat in de grote media niet meer mensen waren die mijn vragen ook beantwoord wilden zien, maar wellicht is mij dat ontgaan.
Of is het iets anders? Namelijk dat bij dit soort zaken er geen kritische vragen gesteld mogen worden, omdat het stellen van kritische vragen de indruk zou kunnen wekken dat er wordt gezocht naar een excuus voor Gregory zijn gedrag?
Ik vind van niet.
Ik zoek antwoorden om een completer beeld te krijgen en dat is wat anders dan excuses aandragen.
Kritische vragen leiden tot een completer beeld en geeft antwoord op de vraag hoe het in godsnaam zo ver heeft kunnen komen en het dus hopelijk kan worden voorkomen.
Maar het lijkt zoveel makkelijker om louter vanuit emoties kant en klare brandmerken aan te brengen waardoor elke kritische vraag bijna heiligschennis lijkt te zijn.
De andere lelijke waarheid
Het kostte niet eens zoveel moeite om uit te vinden dat Gregory, net als zijn vriendin S. T. en de 15 jarige Jaimy, een Twitter leven hebben waarop heel wat informatie is af te lezen.
Het zijn alle drie openbare accounts en dus voor iedereen te volgen, ook als je zelf geen twitter account hebt.
Gebaseerd op tweets is het een feit dat in tegenstelling tot het beeld dat nu is ontstaan dankzij de media, Gregory en Jaimy al enkele maanden contact hadden via Twitter.
Zij had dus niet voor het eerst contact met hem toen zij reageerde op zijn oproep van 9 februari 2012 voor zijn videoshoot.
Het eerste contact dat ik kon achterhalen op zijn Twitter account, is gedateerd op
24 december 2011.
Jaimy stuurt op deze datum in zijn openbare timeline een foto van haarzelf waarin zij overigens zeker geen 15 jaar lijkt.

Uit dit bericht kan worden geconcludeerd dat zij ook al voor deze datum contact hadden:
uit het niets zomaar een foto van jezelf sturen in een openbare tweet is niet logisch, los nog van het feit dat Jaimy schrijft:
‘Deze’ wat impliceert dat zij eerder contact had over deze foto.
Gregory reageert hier op met: ‘nice picture’.
Op 17 januari 2011 stuurt Jaimy het symbool van een hartje (<3) naar Gregory.
Een paar dingen worden duidelijk voor een ieder die Gregory’s tweets leest: hij heeft een relatie met S.T. die hij veelvuldig ‘me vrouw’ noemt en die hij regelmatig de liefde verklaart.
Bij mij ontstaat de indruk dat deze dame een geheel nieuwe variant is van de old school partner in crime Bonnie, maar ik benadruk dat dit een aanname is, gebaseerd op mijn persoonlijke indruk die ik kreeg op zowel haar als zijn tweets.
Ook ventileert Gregory herhaaldelijk hoe hij over ‘sletten’, ‘fake ass bitches’ en ‘hoeren’ denkt en post hij berichten met teksten zoals bijvoorbeeld ‘hoeren neuken nooit meer werken!’.
Zelfs (of is het juist?) een 15 jarige begrijpt al deze ‘gangster’ teksten en de achterliggende boodschappen.
Net als het feit dat overduidelijk was dat Gregory een vaste vriendin had.
Ik ga naar Jaimy’s account en mijn oog valt direct op haar profiel info bovenaan de pagina, waar als eerste ‘Teambisexual’ is te lezen.
Bij het bekijken van de verzameling openbare foto’s die Jaimy op haar Twitter account heeft staan, schieten mijn wenkbrauwen omhoog en rijst onmiddellijk de vraag die ik al veel te vaak heb gesteld: hoe is het mogelijk dat ik, een buitenstaander die net als de rest van de wereld en dus ook pedofielen, zo eenvoudig toegang krijg tot het leven van een tienermeisje?
Een leven waarin zij zichzelf aanprijst middels foto’s waarop zij uitdagend poseert door haar achterwerk zeer nadrukkelijk onder de aandacht te brengen?
Gebaseerd op haar talrijke tweets (9.319), haar foto’s en haar taalgebruik, ontstaat voorzichtig een beeld bij mij van een meisje zoals er talloze van zijn: praktisch wonend op Twitter, jong, maar er alles aan doen om er ouder uit te zien (en hierin ook slagen).
Haar mooie uiterlijk en wat stoere straattaalgebruik in combinatie met foto’s waaronder haar eigen, in sommige gevallen zeer uitdagende onderschriften zijn te lezen, maken het plaatje compleet: schreeuwend om aandacht, zoekend naar bevestiging en dan natuurlijk wel het liefst van een stoere, foute en dus erg spannende en aantrekkelijke man.
En die aandacht kreeg ze.
Van Gregory.
Over de vriendin van Jaimy, de 14 jarige Lisa, kan ik behalve reeds verschenen interviews met haar moeder, niets vinden.
Wél zie ik op een andere site de naam van de uit Den Helder afkomstige S. T., de eveneens gearresteerde vaste vriendin van Gregory, terugkeren: volgens geruchten zou zij al geruime tijd werken als prostituee.
Verder kijkend op Twitter, beland ik op het account van S.T.
Ook S.T. haar account is openbaar waardoor zij de rest van de wereld een blik gunt in haar leven.
‘Im a proud mommy
’, lees ik.
Ik ga naar haar openbare foto’s: dezelfde hoge, strakke wenkbrauwen als Jaimy.
Dezelfde dikbelegde lipgloss lippen. Dezelfde manier van poseren op foto’s.
Dezelfde straattaal, maar dan qua straatniveau heel wat levels hoger in vergelijk met Jaimy.
Trots toont S.T. haar tattoo’s, waaronder een met de initialen ‘MF’ (een deel van Gregory’s rapnaam) en een tattoo van sierletters die de naam ‘Gregory’ vormen.
Ik scroll door haar tweets en ondanks ik weet waar bepaalde mannen toe in staat zijn en hoe zij te werk gaan, kan ik mij niet onttrekken aan mijn gevoel dat ik hier niet heb te maken met nog een slachtoffer.
Hardnekkig, gevoed door de inhoud van haar tweets en het type afbeeldingen, blijft het gevoel overheersen dat deze S. wellicht zelf ook een Gregory is, maar dan in vrouwelijke vorm.
Wat mij opviel is dat, in tegenstelling tot Gregory die volledig herkenbaar en met voor- en achternaam in de media verschijnt en daarmee direct aan de publieke schandpaal is gebrandmerkt, zijn vriendin S.T. wordt aangeduid in de pers als
‘een medeverdachte, een 29 jarige vrouw uit Den Helder’.
Zonder foto. Zonder naam en achternaam. Zelfs zonder haar initialen.
Een gevoel is geen feit, dus ook mijn gevoel niet.
Maar feit is wel dat de grens tussen dader of slachtoffer in dit soort zaken nogal eens vervagen en zeker als het gaat om vrouwen die zich schuldig maken aan mensenhandel.
Binnen ons systeem prefereren we om vrouwen die betrokken zijn bij, danwel medeschuldig zijn aan dit soort zaken, direct het stempel slachtoffer te geven.
Want ze is een vrouw.
Slachtoffer of dader?
Is S.T. slachtoffer of dader? Of misschien wel allebei?
Maar in hoeverre geldt dat niet voor iedereen die zich schuldig maakt aan dit soort shit of ooit een weg is in geslagen waar de ingang eenvoudig was te vinden, maar de uitgang verdwenen leek te zijn?
Zonder twijfel heeft S.T. haar eigen verhaal waarom zij is geworden wie zij vandaag de dag is: een volwassen vrouw die zelf moeder is en passief of actief mee werkte aan het prostitueren van twee minderjarigen.
Zonder twijfel heeft Gregory zijn eigen verhaal waarom hij is geworden wie hij vandaag de dag is: een volwassen man met een twijfelachtige reputatie, die met dit laatste akkefietje zelfs op straat waar een strafblad nogal eens als CV kan dienen, weinig credibility scoort.
Zonder twijfel heeft Jaimy haar eigen verhaal waarom zij is geworden wie zij vandaag de dag is: een te jonge thrillseeker met een Twitter account als schreeuwerig uithangbord dat als uitnodiging dient voor zo ongeveer alles en iedereen waar je elk 15 jarig meisje ver vandaan wilt houden.
Zonder twijfel hebben de ouders van Jaimy en Lisa hun eigen verhaal waarom zij zijn geworden wie zij vandaag de dag zijn: slapende, onwetend, naïef.
Gregory: ‘Gelukkig ben ik glashelder’
Feit is dat er geen aanbod zou zijn om sex te hebben met kinderen indien er geen enorme vraag naar zou zijn.
Feit is dat zonder alle Gregory’s wereldwijd er geen jonge meisjes verleid, aangezet of gedwongen zouden worden tot zaken die onzichtbare littekens veroorzaken op hun ziel.
Feit is dat Jaimy en Lisa zélf kozen om naar Rotterdam te vertrekken: hadden ze dit ook gedaan als het was gegaan om een keurige clipshoot van een brave knul?
Feit is dat Jaimy en Lisa verdomd goed wisten dat hun Rotterdam actie dubieus was: anders zouden ze hun ouders toch hebben verteld over die leuke clip waar ze aan mee zouden gaan werken?
Gregory schreef op 5 december 2011: ‘De meeste mensen zijn doorzichtig ze zien hun zelf niet eens, gelukkig ben ik glashelder.’
En ook dat is een feit: Gregory is inderdaad glashelder.
Ook voor tienermeisjes van 15 jaar oud en zeer zeker voor ouders.
Nu nog alle ouders er van te zien overtuigen dat het toch wel verstandig is om het tweede leven van hun kind, hun digitale leven, zo nu en dan te controleren en te volgen.
Hun kinderen te leren zichzelf lief te hebben en hun common sense te leren gebruiken.
Hun kinderen, en zeer zeker tienermeisjes waarvan een groot deel bijna een fetish lijkt te hebben voor spanning, sensatie en drama, te begeleiden en controleren tijdens het toch al hobbelige pad dat zij bewandelen gedurende hun tienertijd.
Want de wereld is vol met jagers. Jagers die er altijd al waren en altijd zullen zijn.
Maar het wordt deze jagers wel verdomd gemakkelijk gemaakt wanneer hun prooien het als een missie zien om genomen te worden.

Een Surinaams gezegde luidt:
‘Een tijger weet aan welke boom hij zijn kont krabt.’
Bad boys weten als geen ander te filteren aan welke boom zij hun reet krabben, dus laat je ouderlijke tanden zien.
Ouders, behoed uw nest, behoed uw kinderen en leer ze ‘how to love’.
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
AT5 Item rechtszaak MF Juice en Fransisca T. klik hier
Artikel AD over deze zaak 6 juni 2012 klik hier
Geplaatst in Media & meer, Ouders & opvoeding
Getagd Jaimy, Lisa, loverboy, loverboys, mensenhandel, online gevaren, social media en pubers, tieners online, Twitter
10 Reacties
Food for thought
Bekijk meer ‘food for thought’ door hierrrr te klikken.

Foto: Mark Hermitte
Geplaatst in OverLeven
Een reactie plaatsen
Het chronische schuldgevoel
Vrouwen voelen zich altijd schuldig.
Of misschien moet ik schrijven: alle vrouwen die ik ken voelen zich altijd schuldig. Inclusief de schrijfster van dit stukkie.
Wij voelen ons chronisch schuldig.
Wij hebben altijd het gevoel ergens in te falen en schieten te veel en te vaak tekort.
Wij voelen ons schuldig tegenover onze ouders die we te weinig bellen of bezoeken. En als we dat wel doen, vinden we dat we best wat meer geduld mogen opbrengen als ze voor de 89987e keer zeiken over iets.
Wij voelen ons schuldig tegenover ons werk. Want eigenlijk zouden we best nog meer kunnen werken. Nog meer kunnen doen. Nog meer kunnen inzetten naast de ontelbare uren en energie die we er nu al insteken. Doen we dat niet, dan falen wij.
Wij voelen ons schuldig tegenover vriendinnen. De ene ligt in scheiding, de ander gaat scheiden, de derde gaat binnen een jaar vast scheiden. En dus hebben ze steun, een 24/7 scherp luisterend oor, een brede schouder, sussende woorden die afgewisseld worden met mannen-haat teksten heel hard nodig. En dan hebben we het nog niet eens over de andere vriendinnen, die moeilijke zwangerschappen hebben of hele enge onderzoeken moeten ondergaan en die ook steun nodig hebben. Of die vriendin die elke week weer aandringt om eindelijk weer eens wat gezelligs samen te doen en wij paniekerig een blik werpen in ons al overvolle agenda voor het komende jaar.
We voelen ons schuldig als we onszelf troosten door veel te veel geld, zelf verdient geld!, uit te geven aan onnodige en dus ontzettend fijne spullen. Alhoewel die geweldige porno hakken die slechts één keer of misschien wel nooit worden gedragen, niet kunnen worden betiteld als ‘onnodig’. Net als die ene handtas of flappergeval jurkje.
Het schuldgevoel groeit bij thuiskomst, omdat we tegenover onze mannen de nieuwe aankopen verzwijgen of een beetje afronden naar beneden: ‘Kijk! Was afgeprijsd naar maar 35 euro!’
Het prijskaartje waarop de 300 euro is doorgestreept en daaronder het schreeuwende bedrag van 250 euro is te zien, is weggemoffeld in de vuilnisbak.
Het schuldgevoel is drieledig: we voelen ons hebberig en fout omdat we iets kado doen aan onszelf, we het verzwijgen (klinkt leuker dan ‘liegen’) tegenover partners en het schuldgevoel groeit sky high als we zomaar zijn vergeten ook iets te kopen voor de partner en de kinderen.
Dit laatste is trouwens een uitstekend compensatie middel voor ons: dat reduceert ons schuldgevoel.
We voelen ons schuldig tegenover zo ongeveer alles en iedereen waar we ‘nee’ tegen moeten zeggen. Móeten, ja. Want als we er wel toe in staat zijn, maar het eigenlijk niet willen omdat we er geen zin in hebben, doen we het meestal alsnog wel.
Dit geldt niet alleen voor bijvoorbeeld de partner vergezellen als Leuke Vrouw op een stom feest of familiebezoek, maar zeker ook voor sex.
Want het is anders zo zielig voor hem.
Wij voelen ons schuldig tegenover ons zelf, omdat we die 6 dropjes of een pond bonbons opvreten en ons weer niet aan ons dieet houden.
Of omdat we nog steeds niet zijn geworden wat mama en papa hadden gehoopt.
En dit ook nooit zullen worden.
Is het genetisch? Worden wij met een schuld-gen geboren? Een gen, dat maakt dat wij ons altijd wel over iets of tegenover iemand schuldig voelen?
Is het religieus? Zou het dan tóch komen door die klote appel die we zo nodig Adam door zijn strot wilden douwen?
Is het dankzij het grote rollenspel waarin wij bewust danwel onbewust, toch graag willen voldoen aan de Ideale Vrouw: waardig en mooi. Verleidelijk, maar nooit sletterig. Intelligent, maar geen scherpe, woeste feministe op slippers en met okselhaar. Sterk, maar dan wel op een Beyoncé manier.
En slank en rimpelloos! Dat ook.
Waar komt dit fulltime schuldgevoel toch vandaan? Ik kom er niet uit.
Maar ik weet wel dat ik eigenlijk geen een man ken, die nadat het hart keer op keer aan duizend stukken werd geslagen, tóch de sprong weer waagde met een nieuwe liefde.
Ondanks haar angsten. Ondanks haar onzichtbare en soms zichtbare littekens van al die keren dat ze ook die sprong waagde, maar genadeloos hard viel.
Ik ken slechts twee vaders, een gescheiden en de andere weduwnaar, die de volledige zorg en in hun eentje de kinderen hebben opgevoed, zonder een vrouw voor de huishouding en de kinderen te hebben aangeschaft. Alle overige gescheiden ouders zijn het de vrouwen die voor de kinderen zorgen.
Ik ken geen een man die zo’n bijna blinde loyaliteit heeft naar de partner toe, als een vrouw dat heeft naar de man die zij intens liefheeft.
Ik ken geen een man die aan anorexia lijdt, zichzelf snijdt met scherpe voorwerpen om de pijn van binnen niet te hoeven voelen.
Ik ken ook geen een man die zich altijd schuldig voelt, die zichzelf minimaal een keer per dag uitscheldt, veroordeelt, keihard afrekent en naar beneden haalt, zoals een vrouw dat doet…
Er is slechts één persoon die vanaf je geboorte tot je sterfdag met je mee leeft.
Die er altijd voor jou is en zal zijn.
Die jou kracht geeft, hulp biedt, je goed laat voelen.
Die persoon ben jijzelf.
Zorg er dus maar liever voor dat je jezelf een beetje aardig vindt, je op jezelf kan bouwen en terugvallen.
Wij vrouwen kunnen een voorbeeld nemen wat dit betreft aan menig man.
Koester jezelf en wees blij met wie je bent.
Behandel jezelf zoals je je beste vriend of vriendin behandelt.
Want zeg eens eerlijk, hoe vaak veroordeel jij jezelf?
Hoe vaak scheld jij jezelf uit in je hoofd?
Stop it! Don’t be so hard on yourself and just love yourself for being you…
Geplaatst in Vrouwen
2 Reacties
Sperma dieveggen
‘Diefstal is een strafrechtelijk delict dat bestaat uit het op onrechtmatige wijze eigenhandig in bezit nemen van andermans eigendom. Wie zich schuldig maakt aan diefstal wordt een dief genoemd, een vrouwelijke dief is een dievegge.’
Bron: wikipedia.nl
Ik zit met smart te wachten op de eerste rechtszaak die een man aanspant tegen de vrouw die
zaad roof heeft gepleegd.
Eerlijk gezegd heeft het mij verbaasd dat nog geen enkele man dit heeft ondernomen: ik ken er namelijk meer dan genoeg die slachtoffer zijn geweest van dit delict.
‘Had ie het maar niet moeten doen!’
‘Had ie maar een condoom moeten gebruiken!’
‘Had ie maar zijn verstand moeten gebruiken in plaats van zijn andere kop!’
‘Had ie maar moeten bedenken voor hij het deed met haar, want tja, it takes two to tango!’
Typisch een gevalletje van ‘gelegenheid maakt de dief’, dus.
Nou, dus niet!
Want zij wist heel goed dat hij geen kind wilde, het niet zijn bedoeling was om een kind te bouwen toen hij sex met haar had en in het bijzonder met háár geen kind wilde.
Wanneer ik mijn mening hierover ventileer, krijg ik standaard de eerder beschreven reacties van mensen en dan met name vrouwen.
Uiteraard is hij dom. En ja: je hebt inderdaad twee mensen om een tango dansje te maken.
Dus?
Een dansje maken is altijd nog wat anders dan jouw danspartner van dat ene leuke tango nummertje te dwingen een levenslange dansmarathon met uitsluitend jou aan te gaan.
Net als dat gelul van die gelegenheid die de dief maakt: je hebt eenvoudigweg met je poten van mijn spullen af te blijven. Hoe kan het toch dat ik en vele andere mensen nooit per gelegenheid ineens een dief worden?
Ondanks de aangevoerde argumenten, waar ik dus mijn bevallige ass mee afveeg omdat het voor mij geen argumenten zijn, zie ik alsnog de rechtvaardiging niet van haar misdadige actie: machtsmisbruik van haar vruchtbaarheid om deze, en het daaruit voortvloeiend menselijk wezen in te zetten als middel om haar zin door te drijven.
Wetende, dat de ander dit absoluut niet wil.
‘Ja maar hij koos er toch zelf voor om in mijn lichaam klaar te komen, dus dan is het van mij!’
Dit riekt behalve naar diefstal, ook nog naar verduistering:
‘Was de persoon reeds houder van het goed, bij lening of huur bijvoorbeeld, en besloot deze het niet aan de eigenaar terug te geven, dan is sprake van verduistering’ (bron: wikipedia.nl).
De term ‘goed’ zou in dit geval dus ook kunnen worden geïnterpreteerd als zijn ‘goedje’: zijn zaad.
Feit is dat de pil, (nog steeds het meest gebruikte voorbehoedsmiddel dus daar ga ik nu even vanuit) ontzettend betrouwbaar is, tenzij de vrouw deze onregelmatig inneemt, zij bepaald medicijngebruik zoals antibiotica moest gebruiken of zij veel heeft overgegeven of ernstige diarree had.
Van al die vrouwen waar hier geen sprake van was en alsnog met droge ogen stellig verklaren door de pil heen zwanger te zijn geraakt, liegt dus 99%. Die ene procent die niet liegt, is namelijk die procent waarnaar wordt verwezen in de bijsluiter.
Vrouwen zijn in dit soort situaties dubbel geslepen. Eenmaal geconfronteerd met een wanhopige en woeste man die zojuist te horen van haar kreeg dat hij het slachtoffer is van zaadroof en dus een kind in zijn mik krijgt geduwd waar hij niet op zat te wachten, gooit zij het schaamteloos op een andere boeg.
Namelijk de spirituele boeg: ‘Ik snap het zelf ook niet. Weet je, ik denk hè, ik denk echt dat dit gewoon zo moest zijn. Dit is iets wat niet te verklaren is. Zeg nou zelf, dit is toch eigenlijk een wonder? Dit is geen toeval, dat kan gewoon niet!’
De wanhopige, woeste man bijt op zijn lip. Wie is hij om tegen God’s wil in te gaan? Wat als het werkelijk een wonder is?
Hij smeekt en praat. Laat voorzichtig het woordje abortus vallen waarop zij ineens streng gelovig lijkt te zijn geworden: ‘Abortus is moord!! Dat mag niet! Dat staat ook in onze Bijbel/Koran/Thora!’
Gemakshalve gaat ze er even aan voorbij dat neuken voor het huwelijk ook niet mag en ballen met een reeds gebonden man, zoals soms ook nog eens het geval is in dit soort situaties, al helemaal niet mag.
Maar goed, eerlijk is eerlijk, haar woorden hebben effect: hij zwijgt want voelt zich een slechterik na haar vrome woorden.
Hij wordt steeds stiller en probeert nog een paar keer een voorzichtige poging om haar op andere gedachten te brengen.
Maar het is zinloos, want een vrouw die haar zinnen op iets heeft gezet, is de allerergste tegenstander.
Blijft hij toch nog ‘moeilijk doen’ dan brengt zij hem de doodsteek toe door hem toe te bijten dat hij dus net als al die andere mannen is.
Die mannen, waar hij juist altijd op afgeeft omdat ze er niet zijn voor hun kinderen.
Die mannen die nooit naar hun kind omkijken.
Zoals zijn vader.
Hij krimpt ineen want ze heeft gelijk. Althans, zo klinkt het wel als zij het op deze wijze voor hem schetst.
Hij is verslagen, ze heeft gewonnen. Het grote zwijgen begint.
Het grote zwijgen waarin hij nooit meer zal verwijten dat hij dit niet wilde. Want dat is zielig voor het kind. Verwijten die hardop worden uitgesproken zijn gif voor elke kinderziel.
En dus zwijgt hij.
In de dagen, maanden, jaren die daarna volgen legt zij zijn grote zwijgen uit als vergeving en vergeten. Sterker nog, vooral zij doet gewoon alsof haar misdaad nooit heeft plaatsgevonden en haar omgeving speelt het spel maar mee, want tja, wat moet je anders?
Vooruit, het kindje was niet echt gepland, zegt zij op bagatelliserende toon, in plaats van de waarheid te zeggen dat het kindje écht niet gepland was volgens papa, maar het met indrukwekkende precisie was gepland door mama.
Maar goed, daar zouden we het niet meer over hebben, want das zielig voor het kind.
Het ergste is nog dat het inderdaad zielig is voor het kind.
Dat weet mama ook.
Dat weet mama als geen ander. Dus blijft deze ultieme mond-snoerder onuitgesproken, die als een dreigende wolk elke keer weer in haar ogen valt af te lezen, zodra papa ook maar een beetje neigt naar zijn oude boosheid over wat zij hem heeft geflikt.
Het verloop na dit soort sperma steel acties varieert.
Scenario 1: hij geeft zich over, wil graag aantonen dat hij niet dezelfde fouten maakt als zoveel andere mannen en dus zijn verantwoording neemt. Zij wordt zijn vrouw en ze spelen een gezin. Uiteindelijk zullen ze geen van beide gelukkig zijn en neemt hij in alle stilte stiekem wraak door aan de lopende band vreemd te gaan en eindigen ze chronisch bitter en boos, levenslang veroordeeld tot elkaar.
Scenario 2: hij geeft zich deels over, wil graag aantonen dat hij zijn verantwoording neemt en wil een goede vader zijn voor hun kind, maar een relatie met haar weigert hij.
Uiteindelijk zal het kind worden ingezet door haar tegen hem, want dit was niet wat zij wilde: hij moet gewoon luisteren en een relatie met haar hebben en verdomme hartstikke gelukkig zijn met haar!
Scenario 3: hij doet het niet. Hij drukt zijn vaderlijke snor en laat haar en het kindje de dikke schijt krijgen. Uiteindelijk maakt zij hem overal zwart, noemt hem een slechte vader en verklaart tegenover iedereen huilerig hoezeer haar kind maar vooral zij slachtoffer is van hem. Uiteraard wel zorgvuldig de hele voorgeschiedenis verzwijgend.
Welk scenario het ook wordt, er is uiteindelijk maar 1 echt slachtoffer: het kind.
Ik was een jaar of 15, toen mijn vader tegen mij zei: ‘Als een vrouw mij op die manier voor het blok denkt te kunnen zetten, door met opzet stiekem zwanger te worden en mij zo probeert te dwingen tot een relatie of vader van een kind te zijn, trek ik direct de stekker er uit. Mijn respect voor haar, het vertrouwen dat ik in haar had, is voorgoed weg. Ik zou maandelijks geld overmaken en zoek het voor de rest maar uit.’
Dat waren harde woorden.
Maar ik ben ze nooit vergeten.
Jammer, dat niet meer vrouwen mijn vader als opvoeder hebben gehad. Dan waren er heel wat minder kinderen en volwassenen, die dagelijks worstelen met zichzelf en de talloze boze, verdrietige, bittere vragen aan hun ouders en dan met name hun vader, die allemaal beginnen met ‘waarom’.
Een kind is een schakel voor de rest van je leven.
Het is geen product. Het is geen wapen. Het is geen kil dwang middel.
Het is een menselijk wezen, een ziel.
Een kind hoort geboren te worden uit liefde. Die liefde hoeft wat mij betreft niet altijd de liefde te zijn tussen een man en een vrouw. Je zou er ook voor kunnen kiezen als vrouw om een kind ván een man te nemen, in plaats van mét een man.
Je hebt als vrouw kloten als je daarvoor bewust kiest en de consequenties daarvan neemt.
Maar ik heb geen enkel respect voor vrouwen die zich als slachtoffer profileren, terwijl zij feitelijk dader zijn en hun slachtoffers, namelijk de vader van het kind én vaak genoeg ook het kind als het ouder is (‘precies die lapzwans van een vader, dat ben jij!’) als daders te bestempelen.
Ik voer geen pleidooi voor runaway dads (allesbehalve!)
Ik voer geen hetze tegen vrouwen.
Ik voer slechts een strijd tegen shit, die ik dagelijks om mij heen zie en hoor en die ik betitel als onrechtvaardigheid. Dit is slechts een voorbeeld van onrechtvaardigheid.
Dat ook vrouwen zich hier veelvuldig schuldig aan maken lijkt nog steeds niet hardop te mogen worden gezegd, terwijl het eenvoudigweg feiten zijn die ik vertel.
So…don’t shoot the messenger.
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
Geplaatst in Man vs Vrouw en ander relatie gedoe, Mannen, Vrouwen
Een reactie plaatsen
Mama’s moordwapen
Mannen zijn altijd verdacht.
Niet alleen in hun rol als mannen-man, maar ook in de rol van vader-man.
Zodra een vrouw verzucht dat ze gedoe heeft met haar ex die behalve de Klootzakken-Ex, ook nog vader is van haar kind, zal zij direct bijval krijgen: ‘Oh hou maar op! Ik zie het al. Meid, ik weet er alles van, hoor! Honden zijn het!’
Het ligt gevoelig, want als eigenaresse van het moederschap is zij heilig, denkt ook haar baas wanneer zij met een treurwilg houding rondloopt en hij er direct het zwijgen toe doet als zij met trillende stem opmerkt niet goed te kunnen functioneren vanwege De Ex.
Laat staan als eenmaal hulp (?) vanuit instanties als Raad voor de Kinderbescherming en Jeugdzorg worden ingeschakeld: vrouw = zielig = slachtoffer. Ook als zij dat helemaal niet is, wordt er voor alle zekerheid maar vast vanuit gegaan dat zij dit wel is.
Nee, dan de man!
Hij is van huis uit fout. Hij zal moeten aantonen dat hij niet fout is door keiharde bewijzen aan te dragen. En niet een keer, maar keer op keer. Liefst een leven lang.
Verdacht zal hij altijd blijven: hij is immers een man.
Zelfde situatie, ander geslacht: hij verzucht dat hij gedoe heeft met zijn ex, die behalve een valse heks, ook nog de moeder is van zijn kind.
Vooruit, hij zal bijval krijgen van andere mannen, maar zijn verhaal zal niet zo snel klakkeloos worden geslikt.
Bij vrouwen hoeft zij haar verhaal niet eens meer te doen, laat staan dat er kritische vragen worden gesteld; een melodramatische verzuchting volstaat al.
Als hij zich uitlaat over zijn ex zal dit bewust of onbewust bij de meeste mensen de nodige scepsis oproepen. Soms wordt dit geuit door vragen te stellen, maar ja, dat kan niet zo netjes of aardig overkomen dus zullen de meeste mensen er voor kiezen dit huichelachtig achter de rug te doen van de man: ‘Hij zegt dat ie zijn kinderen niet mag zien, maarre…ik weet niet hoor. Ik bedoel, als het klopt wat ie zegt, wat heeft hij dan gedaan dat zijn ex dit doet? Laten we eerlijk zijn; een moeder doet dit haar kinderen echt niet zomaar aan, hoor!’
Dus wél.
Jazeker: ze bestaan.
Moeders die hun kind louter als wapen inzetten om hun ex-man, vader van hun kind, te raken in de kern van zijn kwetsbaarste punt.
‘Ja maar toch…,’ hoor ik mensen dan twijfelachtig reageren wanneer ik dit hardop zeg.
Nee! Soms is er helemaal geen ‘Maar toch…’.
Natuurlijk ken ook ik genoeg vaders die hun zaad verspreiden als een hond die tegen elke lantaarnpaal moet pissen om zijn sporen achter te laten.
Natuurlijk ken ook ik genoeg moeders die werkelijk alles er aan doen uit liefde voor hun kinderen om hun ex een vader te laten zijn. Juist dat type moeders zul je niet snel horen jengelen om geld of zeiken dat hij het kind twee minuten te laat thuis heeft gebracht.
Het lijkt een bizarre natuurwet: vaders die goede vaders zijn lijken altijd klerewijven te treffen die hun vaderschap op alle denkbare manieren willen dwarsbomen en de runaway dads lijken altijd vrouwen te treffen die ondanks zijn wangedragingen, toch keer op keer hun ex man de kans op een bordje aanreiken om dan in ieder geval toch een rol, hoe klein dan ook, te spelen in het leven van hun gezamenlijke kind.
Mensen hebben onbewust twee categorieën bedacht wanneer het gaat om gescheiden ouders:
1- zij is lief en hij is een klootzak. Een natte krant die niet voor zijn kinderen zorgt, terwijl zij niets liever wil dan haar kind de vader te gunnen waar ieder kind recht op heeft
2- zij is lief en hij is een goede vader. Vooruit, hij was niet zo’n beste echtgenoot, maar hij zorgt wel voor zijn kinderen.
Mensen vergeten dat er nog een derde categorie bestaat.
De categorie ‘Zij is een coldhearted bitch en hij een goeie kerel.’
Vrouwen zijn inderdaad wat betreft teveel dingen in het leven, helaas veel vaker slachtoffer dan dader.
Maar moet dit feit werkelijk leiden tot de heilige, onaantastbare status die de vrouw vandaag de dag heeft gekregen wat betreft het moederschap?
Het ergste vind ik nog wel dat niet uitsluitend de omgeving haar deze status heeft gegeven, maar ook teveel hulpverleners die begripsvol knikkend met een meelevende blik in hun ogen haar leugens voor zoete koek slikken en daarmee gemakshalve voorbij gaan aan waar het ook alweer werkelijk om draait: het belang en het welzijn van een kind.
Vrouwen hebben niet één, maar wel honderd streepjes voor op de man. De kaarten lijken al vaak te zijn geschud: hij (= man = dader) is schuldig tot het tegendeel is bewezen.
Na een scheiding zijn er twee rollen ontstaan.
Mensen halen die twee nogal eens door elkaar en daar gaat het mis. Rol 1 is die van twee mensen die een kind samen hebben. Rol 2 is die persoon die jouw ex geliefde is. Als dit onderscheid kan worden gemaakt, scheelt dat heel wat drama.
Het feit dat een kind wordt ingezet om een man te kwetsen, te breken, te pesten, 
te vernietigen is zó walgelijk, dat iedereen, dus ook vrouwen, het zal veroordelen.
Toch zijn er zat vrouwen die hun ex man weigeren hun kind te laten zien omdat hij naar haar idee niet genoeg betaalt. Maar waag het niet om haar te zeggen dat zij haar kind als handelswaar inzet: hoe dúrf je te suggereren dat zij haar kind als een artikel behandelt door geld te vragen in ruil voor omgangsrecht!? (Ik had in dit verband eerst het woordje ‘mensenhandel’ willen gebruiken, maar dat doe ik maar niet.)
Toch zijn er zat vrouwen die hun ex weigeren hun kind te laten zien, omdat hij een nieuwe vriendin heeft en ook al wil zij hem zelf niet meer, dat wil uiteraard niet zeggen dat hij dus maar met een andere vrouw een relatie aan mag gaan. Zeker niet zolang zij zelf niet een nieuwe relatie heeft.
Toch zijn er zat vrouwen die weigeren hun ex hun kind te laten zien, om hem te laten boeten omdat hij geen relatie meer wilde met haar.
Of omdat hij verder is gegaan met zijn leven en weigert zich nog op te laten leggen hoe hij moet leven.
Of omdat zij een nieuwe relatie heeft en haar ex niet meer zo leuk in het plaatje past van haar nieuwe leven: hij is een storende vlek op dit plaatje en een deel uit een verleden dat zij wil vergeten.
Of omdat zij verblind door haar eigen bitterheid, ongeluk en rancune hem eenvoudigweg geen shit gunt.
De prijs wordt betaald. Someday, somehow.
Want kinderen, hoezeer je ook je best doet om hun hart en ziel te vergiftigen met leugens, zullen op een dag gaan onderzoeken, antwoorden willen hebben op de talloze vragen die zij hebben.
Dat is wat ik alle vaders, die dit lezen en zich te goed herkennen in mijn relaas, op het hart wil drukken: er komt een dag dat jouw kind groter wordt en bij je aan zal kloppen.
Zorg er voor dat jouw deur daarom altijd open staat en maak nooit dezelfde fout die de moeder van jouw kind maakte door alleen maar te hakken op alles wat de ander niet goed heeft gedaan.
Tegelijk: zorg er voor dat je tastbaar bewijs hebt, die onderschrijven dat jij er echt alles aan hebt gedaan om er te zijn, maar dit jou is ontnomen.
En strijd! Strijd voor de rechten van jouw kind en jouw recht op vaderschap.
Aan alle vrouwen die nu boos zijn omdat zij zich te goed herkennen in de beschreven rol van coldhearted bitch heb ik het volgende te zeggen:
Ooit heb jij met deze man gevreeën.
Een kind willen maken omdat je heel veel van hem hield, of omdat je hem wilde binden aan jou (ondanks je wist dat hij geen kind wilde of al zijn gezin had) of omdat je een kind zag als een verzekering van een vast maandinkomen. Hoe dan ook, jullie hebben nu een kind.
Het is jouw taak, plicht om zorg te dragen voor het welzijn van jullie kind. Hoe stoer de tracks van Beyonce ook klinken die jij luidkeels mee zingt: je kan ook een independent woman zijn, ook de wereld rulen door zuiver te handelen.
De wonden die jij door jouw handelswijze aanbrengt op de ziel van jouw kind, zullen littekens worden.
Littekens die nooit meer weggaan en bovenal zo onnodig waren.
Zet je gekrenkte ego opzij.
Wrijf de haat uit jouw ogen en kijk en luister: niet naar jouw ex, maar naar de blik in de ogen van je kind waar de onuitgesproken woede jegens jou is te zien.
Jouw kind lijdt door jou en het feit dat jij hem of haar 9 maanden hebt gedragen en het leven hebt gegeven geeft jou nooit het recht dit te doen.
Je onderschat wat jij nu creëert. Ik hoop dan ook dat je op tijd wakker wordt en niet pas terug denkt aan dit stukje wanneer jouw kind zich eenmaal als puber, zich aan alle kanten van jou zal gaan afkeren.
Denk nooit dat je kind niet weet, niet voelt, niet hoort wat zich nu afspeelt of ooit gebeurde.
Het ontbreekt hen slechts aan de vileine skills en de uitgebreide lelijke woordenschat van jou om op hun jonge leeftijd te kunnen verwoorden en te verweren tegen alles wat jij kapot aan het maken bent.
En voor wat…?
Laat je hart spreken. Niet je ego.
Geplaatst in Man vs Vrouw en ander relatie gedoe, Ouders & opvoeding
13 Reacties
Even the devil wouldn’t recognize you (but I do)
Een paar maanden geleden zag ik jou voor het eerst.
Ik was verbijsterd.
Als ik jou op straat zou zijn tegengekomen, zonder jou te kennen, zou ik nog geen millimeter voor jou opzij zijn gegaan.
‘Als ik nu niks doe, zou ik een flikker zijn. Je gaat zien. Ik weet waar je woont! Ik laat je afmaken door je eigen volk. Jij weet niet wie ik ben,’ waren jouw woorden in de nacht van 6 op 7 juni 2009 tegen Gersom tijdens een ruzie.
‘En jij was het dus? Jij…? Jij bent het…?’, schoot keer op keer door mijn hoofd toen je de rechtszaal binnenkwam en ik jou voor het eerst zag.
Ik keek naar jou.
Geen jongen, geen man. Iets er tussenin.
Jouw postuur: kleintjes, tenger, bijna mager.
Net als jouw handen.
Net als jouw geweten. Jouw hart. Jouw ziel.
Jouw handen.
Jouw handen die de trekker hebben overgehaald.
Je zat daar.
Zwaaide en lachte naar de publieke tribune, waar jouw mensen zaten.
Je ontweek de blikken van de nabestaanden, negeerde de tranen.
Je pronkte met je welverdiende straat strepen die je opbouwde in de afgelopen jaren.
Je pakte je shine.
Schaamteloos, gewetenloos, meedogenloos, koud.
Net als jouw daden met als dieptepunt, of vanuit jouw wereld ‘hoogtepunt’, een moord.
Een maand voor deze moord heb je volgens het OM geprobeerd iemand dood te slaan met een barkruk.
Enkele weken later creëerde jij een kans om het hoogtepunt in jouw carrière te bereiken: vijf kogels beëindigden het jonge leven van Gersom.
Jouw kogels.
Tijdens de eerste zitting die ik bijwoonde, heb ik onafgebroken mijn blik op jou gericht gehouden.
Een fractie van een seconde en nauwelijks zichtbaar gleden jouw ogen langs het groepje nabestaanden, waar ik tussen had plaatsgenomen.
Een moment kruisten onze blikken elkaar.
Een moment keek jij mij recht in mijn ogen aan. Ik zag hoe jouw kin enkele millimeters omhoog ging en zag de hardheid in jouw ogen komen toen onze ogen elkaar doorboorden.
Een hardheid die ik als geen ander ken. Een hardheid die ik te vaak en teveel heb gezien.
Ik weigerde deze te verliezen. Niet van jou.
En dus verhardde ook mijn blik. Schoot onwillekeurig ook mijn kin omhoog. Seconden die een eeuwigheid duurden en die iedereen ontging.
Behalve jou en mij.
Je oogt als een jongen.
Je oogt als een van de vele kinderen en jongeren die ik in mijn leven en in mijn werk heb begeleid, geholpen, aangehoord, berispt en liefgehad.
Ik ben diegene die jou zou hebben begrepen.
Ik ben diegene die jou moed zou hebben ingesproken.
Ik ben diegene die zou benadrukken dat ik jou als mens niet veroordeel, afwijs of verafschuw, maar met zachte hand en soms harde woorden je zou confronteren met je daden die ik wél verafschuw.
Jij oogt als een van de velen die ik ken en heb gekend in mijn leven en in mijn werk.
Maar nu ben ik niet degene die jou moed in zou spreken. Jou begrijpt of jou zou begeleiden.
Vandaag en alle keren dat ik aan Gersom denk, ben ik uit-begrepen.
Vandaag was ik geen professional.
Vandaag was ik een van de mensen die zich wanhopig vastklampt aan het geloof in rechtvaardigheid en was ik daar voor mijn gabber Gersom en zijn naasten.
Twee meter was het.
Twee meter was je van mij verwijderd, toen je vandaag onder politie begeleiding binnen werd gebracht.
Ik kon je bijna aanraken. Ik voelde mijn hart bonken.

Bron afbeelding: www.gersomfrancisca.nl
Gersom was geen ruziezoeker.
Gersom volgde een HBO opleiding, hield van koken, dansen, diepe gesprekken, slap ouwehoeren en gezelligheid.
Gersom was geen ”werkloze jongeman zonder veel opleiding, met een voorliefde voor wapens en dure auto’s, die zich hinderlijk gedraagt in het uitgaanscircuit, met een criminele levenswijze en die graag wil imponeren als een keiharde jongen”, zoals de rechtbank jou typeerde tijdens een eerdere zitting.
‘Ik heb gebruik gemaakt van mijn zwijgrecht omdat dit verstandig was in mijn visie.’
‘Maar waarom? Als ik in uw plaats was en ik verdacht word van zo’n ernstig feit terwijl ik het niet heb gedaan en ik bovendien eenvoudig aan kan tonen dat ik het niet eens gedaan kan hebben, zou ik graag een verklaring afleggen.’
‘Ok.’
‘Ja, u zegt nu ‘ok’, maar u heeft twee jaar lang gezwegen. Nu verklaart u ineens dat u die bewuste nacht van de fatale schietpartij bij uw vriendin heeft geslapen. U verklaart dat u naar haar toe bent gegaan vanuit de stad, vlak na de ruzie met Gersom. U heeft dit niet eerder verklaard. Uw vriendin heeft eerder verklaard dat zij niet wist waar u de bewuste nacht en de ochtend was.’
‘Ja.’
‘In de arrestantenbus werden u en uw vriend afgeluisterd. Daarop is duidelijk te horen dat u zegt: “Ze hebben niets, behalve die ene telefoontap.” Tevens werden door uw andere woorden de suggestie gewekt dat u het er op aanstuurde dat uw vriend zou verklaren dat hij had geschoten. In de bewuste telefoontap is ook te horen dat er wordt gezegd: “We hebben hem gepopt”. U zegt dat dit niet uw stem is. Hoe verklaart u dit alles? Waarom? Waarom heeft uw gezwegen de afgelopen twee jaren? Waarom heeft uw vriendin toen verklaard dat zij niet wist waar u was op die ochtend van de fatale schietpartij?’
Het bleef stil.
En eventjes, héél eventjes, viel je uit je rol toen je net ietsje te opgefokt een nietszeggend antwoord op al die prangende vragen gaf van de rechter, waar je uiteraard geen antwoord op kán geven.
Want jij was het. Jij deed het. Jij hebt bloed aan je handen.
En deze bloedsporen kunnen en zullen nooit meer weggewassen worden.
Als het aan het OM ligt, krijg jij alsnog 14 jaar.
Je zit al dik 2 jaar, er zal 1/3 van je straf afgaan wegens goed gedrag. Tegen de tijd dat je vrijkomt zal je dus rond de 30 jaar oud zijn.
‘Stel dat u nu vrij zou komen, wat zou u dan doen met uw leven?’ vroeg de vrouwelijke rechter jou, vlak nadat zij zojuist jouw eerdere veroordelingen, jouw straat CV, had opgesomd.
‘Naar school gaan.’
Het was bijna lachwekkend, als ook deze leugenachtige woorden en walgelijke situatie niet zo intriest zouden zijn.
Dat had jezelf ook wel door, gezien de lichte aarzeling die duidelijk hoorbaar was in jouw stem toen je deze woorden uitsprak.
Maar ach, niet geschoten is altijd mis, toch?
Had je toen maar niet geschoten, dan was het inderdaad mis geweest en had Gersom nog geleefd.
Had je toen maar gekozen om weg te gaan, in plaats vanuit jouw gekrenkte ego je wraakzucht en blinde razernij te voeden.
Had je toen maar iemand naast jou gehad, die jou weerhield, kalmeerde en jou in de hand wist te houden.
Toen en ooit.
Ooit, heel lang geleden, toen jij ergens in jouw leven het spoor bijster raakte en jij een weg insloeg die onomkeerbaar is.
Nu heb je je shine.
Je straatstrepen.
Je streetcredits.
Je hood award.
Zeg mij Yaron, was dit het waard…?
Ik ben degene die vermijd te oordelen of te veroordelen.
Elke zitting waar ik jou zie en zal zien, vecht ik tegen mezelf en vecht ik voor alles waar ik oprecht in geloof.
Ik doe mijn best te zien dat ook jij een mens bent. Iemands zoon bent. Dromen had.
Ik geloof in vergeven, alleen al omdat vergeven de grootste verlichting schenkt aan een met haat vervuld hart.
Vergeving schenken bevrijd en verlicht.
Ik doe mijn best.
Maar ik faal.

Bron illustratie: www.gersomfrancisca.nl
Ik faal op het moment dat ik de moeder van Gersom spreek en ineen krimp door haar voelbare verdriet.
Zelfs of misschien wel juist als zij en alle andere nabestaanden zo hun best doen om hun pijn te verbergen. Het soort pijn dat nooit meer overgaat of beter wordt.
Ik faal wanneer ik de bijna bittere smaak op mijn tong proef van koude haat.
Moge God jou vergeven, want hoezeer ik ook mijn best doe, ik kan het niet…
Over twee weken is de uitspraak.
Wat de uitspraak ook zal zijn, er is een ding genaamd ‘karma’.
Karma is die nastiest, bad ass, most evil bitch die een mens zijn pad kan kruizen. En het ergste is: aan die bitch is geen ontsnapping mogelijk.
Karma doet niet aan advocaten, rechtszittingen of hoger beroep.
Karma oordeelt niet, veroordeelt niet, deelt niet uit.
Karma geeft slechts terug.
Noot:
Een andere verdachte/betrokkene van de moord op Gersom, is 3 weken na de moord op Gersom door een motorongeluk om het leven gekomen.
Uit onderzoek bleek dat het ging om een verkeersongeluk.
Eerdere blogs over de moord op Gersom:
Voor altijd offline
10 jaar voor levenslang
Overige media:
Filmpje van Gersom en zijn hond
Rechtbankverslag
Het Parool
Gersom’s RIP page
Gersom’s Hyves
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
Geplaatst in Media & meer, OverLeven, Straatrumoer
Getagd moord in amsterdam 7 juni 2009, moord op gersom francisca
4 Reacties
Leugens op doktersvoorschrift
Ik heb pakweg 30 jaar ontzettend mijn best gedaan om normaal te zijn.
Anders zijn is hoogstens leuk als je geen puber bent, je nooit onzeker voelt en je volgens de norm van onze maatschappij succes hebt, bewondering oogst of tenminste mysterieus wordt gevonden.
Er niet bij horen is prachtig zolang je daar zelf voor kiest.
Het is verschrikkelijk als je er niet bij hoort omdat anderen dat voor jou bepalen.
Ik was bepaalt geen succes nummer in mijn jongere jaren.
Ik was wel altijd al ontzettend goed in verkloten van dingen zoals school en later werk.
‘Je bent zo gevoelig,’ hoorde ik jaar in, jaar uit. Soms op misprijzende toon, soms op verbaasde toon. Mijn uiterlijk strookt niet met mijn hart en ziel, maar tegelijk ook wel. Dat verwart mensen nogal eens.
Ik leerde best snel. Gevoelig was fout. Gevoelig stond voor zwakte.
Gelukkig kon ik vrij eenvoudig een rot kop creëren en in combinatie met de omgeving waar ik in opgroeide, wist ik al snel mijn lay out aan te passen aan dat wat ik wilde zijn. Gevoelig hoorde daar niet bij.
Bewondering oogstte ik redelijk goed, vooral in de klas op school waar ik het als mijn roeping zag om docenten tot wanhoop te drijven. Of razernij, dat was zelfs nog beter want dan kon ik niet alleen aanzien verwerven, maar vooral mijn eigen woede tegen de wereld botvieren op een willekeurige docent.
Ik zorgde dat ik er bij hoorde en bijna niemand wist van het verborgen vakje in mijn hart waar mijn gevoeligheid in lag verstopt.
Na mijn 30e eiste het vakje in mijn hart zijn plek op. Ik was moe om te vechten tegen mezelf.
Niets mooier dan iemand die de vrijheid ervaart om zichzelf te mogen zijn.
Niet langer gehinderd door angst om veroordeeld te worden, gaf ik mijzelf alle vrijheid.
De vrijheid om mij te kleden hoe ik dat wilde. De vrijheid om te doen wat ik wilde.
En zonder dat ik het doorhad, gedroeg ik mij als de puber van toen maar met een andere motivatie: toen stak ik mijn middelvinger op om erbij te horen, nu stak ik mijn middelvinger op om er niet bij te horen en vooral te demonstreren hoe ontzettend graag ik er niet bij wilde horen.
Mijn leven, mijn hoofd, mijn hart ging als een achtbaan.
Zelden had ik mij zo ontzettend gelukkig gevoeld. Zelden had ik mij zo ontzettend gedeprimeerd gevoeld.
Al dat ge-mood swing was leuk, vooral voor anderen.
Toch misschien dan maar eens naar de dokter gaan.
‘Ik word dus getest en dan gaan jullie vergaderen met z’n allen over de uitslagen. En wat gaat er dan gebeuren?’ vroeg ik de dokter die er helemaal niet uitzag als een dokter. In het ‘geestelijke gezondsheidszorg centrum’, – dat klinkt inderdaad beter dan ‘centrum voor fucked up peeps’- stierf het van de artsen die stuk voor stuk gewone kleren aan hadden. Dat baarde mij extra zorgen omdat de schijn niet meer gewekt kon worden dat het een fysiek probleem was, ook als dat wel zo was.
Inmiddels was ik mijn rariteiten steeds leuker gaan vinden de afgelopen jaren, maar het moest wel leuk blijven. Serieus gek zijn, dit formeel te horen krijgen en daartegen pillen moeten slikken, zou ik niet leuk vinden.
De dokter die er uitzag alsof hij Gerard ofzo heette, knikte. ‘De uitslag wordt gebaseerd op onze gesprekken en op de test. Ik breng je zo naar een rustige kamer. Daar moet je test vragen invullen. Dit zal ongeveer een uur tot anderhalf uur in beslag nemen.’
Dat kon ik best. Dat vond ik prima. Een concrete en normale opdracht met papier en een pen.
Graag normaal.
Niet veel later zat ik in een klein, stom, kaal kamertje. Ik tuurde uit het raampje naar de lucht en vergat zomaar dat ik aan de slag moest. Ik schrok op uit mijn overpeinzingen en vloog met mijn ogen over de vragen.
Achthonderd. 800 vragen!
Paniek! Het ging al helemaal mis bij de eerste vragen want het waren multiple choice vragen.
Ik wilde in discussie gaan met de antwoorden want bij elk antwoord had ik, zoals altijd, een ‘ja, maar…’ of een wedervraag.
Ik kreeg ruzie in mijn hoofd. Wat moest ik doen? De antwoorden klopten niet! De vragen waren helemaal verkeerd geformuleerd!
Ik tobde, aarzelde, discussieerde en schreeuwde in mijn hoofd gedurende de hele test.
Na het invullen mocht ik mijn boekwerk inleveren.
‘Ik kon een aantal vragen moeilijk invullen omdat ik bij veel vragen mij afvroeg hoe jullie dat bedoelden want in sommige gevallen, hangt het antwoord weer af van tientallen andere dingen. Dus nu ben ik bang dat er straks een diagnose uitkomt die helemaal niet klopt! Ik ben niet helemaal gek ofzo. Hoogstens een beetje.’
De arts knikte vriendelijk en verzekerde mij dat het goed zou komen.
Ik deed alsof ik hem geloofde.
‘Ik heb toch nog wat vragen,’ zei dezelfde Gerard toen we een week later de uitslagen
gingen bespreken. ‘Jij hebt echt nooit drugs gebruikt?’
Ik schudde mijn hoofd. ‘Nee.’
‘Ook nooit perioden gehad dat je veel dronk?’
Bijna schuldbewust schudde ik weer mijn hoofd.
‘Gek hè?’, vroeg ik hem, ‘want dat past wel in het plaatje, dat soort gedrag. Daarom vond ik die vragen niet zo goed geformuleerd want dat soort excessen had ik ook absoluut gedaan als ik er tegen had gekund, maar ik kan er niet tegen. Het had wel bij mij gepast. Ik begrijp het ook te goed als mensen dat wel doen. Dat soort gedrag uit zich bij met andere dingen, maar niet met alcohol of drugs. Maar in potentie zit het er echt in bij mij,’ verzekerde ik hem.
De dokter keek mij kort aan, begon een beetje te lachen en knikte.
‘We komen er niet helemaal uit. We twijfelen tussen een lichte vorm van Manische Depressiviteit of een lichte vorm van Borderline of wellicht een combinatie van deze twee. Toch voldoe je niet aan alle kenmerken.’
‘Ik ben een soort cocktail gek,’ mompelde ik.
Ze kwamen er niet uit. Zelfs een team van hysterische knappe artsen kwamen er niet uit: ik faalde zelfs in het gek-zijn.
‘En nu?’
‘Ik wil starten met lichte medicatie en…’
‘Van die pillen dat je niks meer voelt?’ onderbrak ik hem geschrokken.
‘Het reguleert je stemmingswisselingen waardoor je stabieler bent,’ antwoordde hij.
‘Je voelt dus niks meer. Nou, lekker dan. Dan wordt dus ook mijn creativiteit vermoord. En al mijn leuke kanten van mijn raarheid. Mijn leuke grappies. Mijn andere kijk op dingen. Mijn gave om intens te kunnen genieten van mensen en dingen,’ somde ik op.
De arts was best eerlijk: ‘Dat is inderdaad de kritiek van mensen die het gebruiken. Tegelijk houdt het ook in dat je niet meer van die depressies hebt. Je pieken en dalen worden minder.’
Ik was stil. Ik had mijn leven lang mijn best gedaan. Eindelijk was ik op het punt gekomen dat ik mezelf was geworden. Die ‘zelf’ was inderdaad niet standaard, bij tijd en wijle lastig, opdringerig, obsessief, eenzaam en verdrietig. Maar ook grappig, oprecht, creatief, scherp, warm, gevoelig en gezellig.
Nu zou ik met een pil per dag er bij kunnen horen. Normaal kunnen werken, misschien zelfs wel in een baan van negen tot vijf.
Normaal boodschappen kunnen halen zonder deze te vergeten omdat ik het zoveel belangrijker vond om muziek te luisteren, dat mooie boek te lezen of dat prachtige stukje te schrijven.
Normaal kunnen omgaan met mensen die weten hoe het hoort in plaats van mij ontzettend thuis te voelen bij de mensen die altijd balanceren op het randje van de samenleving en daar geregeld vanaf flikkeren.
Ik stikte.
‘Ik wil er over nadenken, ik laat het u weten binnen een week,’ zei ik tegen de arts en ik las in zijn ogen dat hij toen al wist, wat ik nog niet eens zelf echt had besloten.
Ik liep het centrum uit en keerde er nooit meer terug.
Het kostte me veel inspanning. Hele oorlogen versloeg ik in mijn hoofd. Sommige verloor ik, maar eigenlijk won ik ook deze verloren oorlogen, want dit is wie ik ben.
‘Koester je raarheid. Want de gekken zijn zo gek nog niet,’ hoor ik mezelf geregeld zeggen tegen jongeren die ik dezelfde strijd zie voeren als mezelf, toen ik nog hun leeftijd had.
Soms verdrink ik in mijn eigen demonische wereld.
Soms verdwaal ik in mijn eigen gecreëerde doolhof, waar de ik de ingang altijd weet te vinden maar de uitgang lijkt te zijn verdwenen zodra ik naar binnen treed.
Soms is het beangstigend als ik te blij ben, maar in de verte al het naderende onweer voel aankomen waarvan ik weet dat het in een klap, zomaar uit het niets, al mijn blijheid wegvaagt en mij onderdompelt in duisternis.
Dat is kut, maar tegelijk ook fijn en vertrouwd, omdat ik het zo goed ken.
Bovendien inspireert depressiviteit tot mooie dingen.
Maar met vallen en opstaan, al dan niet onder de blauwe plekken, sta ik nog steeds.
Het is minder geworden, mede dankzij een paar mensen die mij koesteren, liefhebben en van mij houden hoe ik ben waardoor mijn bewijsdrang en verzet afnemen.
Het helpt bovendien dat ik nooit helemaal écht dood verdrink waardoor ik mijzelf of anderen in gevaar zou brengen. Hoogstens een beetje en dan altijd vooral mezelf.
Ik ben redelijk genormaliseerd in de afgelopen jaren en heb nooit spijt gehad dat ik weigerde normaal te doen.
Liever echt, dan leven in een leugen.
Zelfs als dat op doktersvoorschrift is.
[facebook_ilike]

Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd
2 Reacties
Breaking news: Mrs Bruja is een wijf met ballen!
‘…en de uitslag wijst uit dat je inderdaad vrij hoog zit in vergelijk met de gemiddelde vrouw,’ wist de dokter mij te vertellen.
Per ongeluk moest ik hard lachen.
Niet alleen omdat ik direct bedacht wat een ontzettend leuke grappen ik hier voortaan over zou kunnen maken, maar ook omdat ik het een beetje stoer vond. Eigenlijk voelde ik me best trots. En ook dit soort primitieve, haantjesachtige, domme macho gevoelens bevestigden de uitslag die ik zojuist te horen had gekregen.
Nadat ik meer dan een maand overtijd was, hoopte ik nog even dat God mijn maandelijkse getier had gehoord en had besloten mij op wonderbaarlijke wijze van mijn overbodige maandelijkse leed te verlossen door het eenvoudigweg stop te zetten.
Zwanger was ik zeker niet. Ik hoopte nog op een te vroege overgang, maar staakte het hopen toen Miss Brownie opmerkte dat een vroege overgang in alle opzichten een snellere veroudering teweeg brengt. Menstruatie verlossing is goed. Rimpels, hangtieten en een plotselinge drang om naar omroep Max te kijken, niet.
Ik peinsde en piekerde. Stress. Dát moest de reden zijn dat de maandelijkse ei afvoer er ineens mee was gestopt.
Maar toch.
Wat als dat het niet was?
‘Misschien is het goed als ik mijn hormonen laat testen. Even laat checken hoe de balans is,’ zei ik tegen mijn huisarts nadat zij en ik alle andere mogelijke oorzaken hadden doorgenomen en van ons lijstje hadden geschrapt. ‘Ik vind mij redelijk normaal. Maar ik geloof niet dat de rest van de wereld dat met mij eens is. Zo geloof ik niet in monogamie. Ik zeik niet zoveel. Ik snap mannen echt heel goed en heb dat niet geleerd door boeken, Dr Phil’s en cursussen ofzo. Ik heb ook humor en dan met name platvloerse grappen vind ik erg leuk. Ik kan sex en vrijen uitstekend scheiden van elkaar. Ik bouw hysterisch snel mijn conditie en krachtprestaties op bij sporten. Ik ben ook heel goed in opgefokt reageren en kan ook best agressief zijn. Niet fysiek, hoor. Eigenlijk altijd verbaal,’ stelde ik haar gerust.
De dokter deed haar best een lach te onderdrukken. Ze faalde.
Even later liepen Echtgenoot en ik richting het ziekenhuis om bloed te laten prikken.
‘Dus eigenlijk…eigenlijk ben jij dus gewoon een kerel,’ merkte hij op, om na het horen van zijn eigen opmerking praktisch te rollen van het lachen over de stoep.
‘Ja. Misschien wel. En wat zegt dat over jou? Eigenlijk val jij dus gewoon op mannen. Nog erger: eigenlijk val jij dus op een soort she-males.’
Zijn lach verstomde. ‘Nee jongen! Nee! Niet! Helemaal niet,’ schreeuwde hij boven mijn gillende lach uit.
Gister kwam de uitslag binnen: ik blijk inderdaad een bovengemiddeld testosteron gehalte te hebben.
Voor de non-weters: testosteron is het belangrijkste mannelijke geslachtshormoon. Elke vrouw heeft dit goedje in haar lichaam, net zoals mannen het vrouwengoedje genaamd oestrogeen hebben. Dat is dus normaal, alleen bij mij is het testosteron gehalte hoger dan bij andere vrouwen. Normale vrouwen, die ik al heel lang niet normaal vind.
Mijn vrouwelijk en mannelijk ego dwingt mij jullie te verzekeren dat ik niet dagelijks een snor, baard of borstharen hoef af te scheren. Ik benadruk: ik heb geen last van overig overmatige haargroei op plekken waar je die als vrouw niet wil hebben.
Ook heb ik geen basstem, bezit een fijne, 100% biologisch natuurlijke C cup en toon ik geen overeenkomsten met enge bodybuilders.
‘Goh. Leuk. Heb ik dan toch nog een soort mannelijke, platonische, hetero vriend,’merkte mijn liefste en altijd tactische vriendin Miss Brownie op nadat ik haar vertelde wat de dokter mij zojuist had medegedeeld.
‘Het verklaart wel heel veel. Zeg nou zelf! Mijn dwaasheid bijvoorbeeld. Die is dus nu wel deels verklaard,’ concludeerde ik en keek Miss B blij aan.
Het nadeel van Miss B is dat zij mij te goed kent en haar waarschuwende blik verried dat ze mijn gedachten al wist voordat ik ze zelf goed had uitgedacht.
‘Nee, nee,’ loog ik en zette mijn geruststellende gezicht op. ‘Ik ga heus dit niet als excuus gebruiken. Echt niet!’
Haar nog steeds nadrukkelijke zwijgen in combinatie met haar opgetrokken wenkbrauwen en priemende blik lieten mij bijna krimpen. Toch hield ik mijn geruststellende gezicht in plooi in een poging haar te overtuigen en wist mij staande te houden tegenover haar grote gezwijg. Na enkele seconden verloor ik en schoten we tegelijk in de lach en wisten dat ik de komende dagen ontzettend druk zou zijn met het bedenken wat een mogelijkheden deze uitslag allemaal bood.
Ik was vanaf nu een soort man, maar toch ook niet. Dus kon ik mij vanaf nu schuldloos te buiten gaan aan rare, domme acties, zonder daar voor te hoeven boeten omdat ik een vrouw ben, want tja; die testosteron, hè. Ik kon er vanaf vandaag allemaal echt niks meer aan doen.
Oh wat een vrijheid!

Nog zo'n perfecte vrouw.
‘Slokkie?’ vroeg Echtgenoot die avond toen we op de bank hingen en hij zijn flesje bier aanbood.
‘Bah. Bier. Nee natuurlijk niet. What the fuck?,’ reageerde ik niet-begrijpend als geheelonthouder: alcohol stinkt, ik vind het vies en bier is net als shag, onvrouwelijk voor vrouwen als ik, dus staat dat op mijn ‘Hell-No!’ lijst.
‘Komop, je bent toch een echte kerel of niet soms?’ Echtgenoot liet een duivelse lach horen.
‘We kunnen er om lachen, maar nu snap je wel nog beter waarom jij zo’n leuke vrouw hebt,’ merkte ik nog nalachend op. ‘Zou het niet fantastisch zijn als elke vrouw gewoon een shot testosteron zou krijgen? Verplicht? Dan zouden er een stuk meer mannen gelukkig zijn in hun relatie.’
‘Ja…dat zou echt dope zijn…,’ verzuchtte Echtgenoot.
Enkele uren later lagen we na gedane huwelijkse arbeid, uitgeput in bed.
‘Zie je,’ murmelde ik zachtjes terwijl mijn naakte lichaam tegen de zijne aankroop en hij beschermend zijn sterke armen om mij heensloeg, ‘alleen maar voordelen. Heerlijk, al dat testosteron. Doe mij nog maar een onsje erbij. En morgen schat, ruk ik alle gewichten kapot in de sportschool. Sukkels trainen lichter dan ik. Echt waar! Ik versla al die pussies daar. Watjes. Mietjes zijn het met hun zogenaamde stoere macho gedrag. Gelukkig ben ik in mijn gedrag met dit soort dingen wel gewoon een normale vrouw.’
Het bleef akelig stil na mijn laatste woorden.
[facebook_ilike]

Bewijsstuk 1 voor mijn vrouwelijkheid: mijn laatste paar gekochte schoenen.
Geplaatst in Man vs Vrouw en ander relatie gedoe, Vrouwen
2 Reacties
Il pagliaccio
Het was voorjaar, 2002.
Niemand begreep het. Niemand begreep, dat ik niet meer haatte.
Mensen twijfelden of ik een hoog spiritueel level had of eenvoudigweg dom was. Maar zij zagen niet wat ik zag. Dus begreep ik dat zij mij niet begrepen.
Ik was zonet de deur uitgelopen.
De deur die ooit de ingang was van ons huis.
De deur die we ooit samen hadden geopend.
Nu was het zijn deur. Zijn huis.
Het was al een groot huis voor ons samen geweest, maar voor iemand die er alleen woonde, leek het ineens het formaat te hebben aangenomen van een kasteel.
Na de zoveelste vruchteloze poging sinds ik weg was om mij te overtuigen dat zijn klappen, stompen, schoppen, haren trekken, schelden, beledigingen, manipulaties, mijn ziel beroverij van de afgelopen 7 jaren ‘echt niet zo waren bedoeld’ en ik dit ook ‘heus wel wist’, was ik de deur uitgelopen nadat ik mijn post had opgehaald en zijn lijm woorden had aangehoord.
Zwijgend. Maar anders zwijgend dan voorheen. Ik zweeg niet meer uit angst.
Ik zweeg omdat ik moe was. Zo verschrikkelijk moe van hem.
Ik draaide me om, groette hem en trok de deur achter mij dicht.
Lopend naar de bushalte nam de kolkende razernij toe.
Denkend aan al die keren.
Niet veel later zit ik in de bus en rij langs wat ooit ons huis was en nu zijn huis is.
In een fractie van een seconde zie ik door het grote keukenraam dat uitzicht biedt op de gigantische woonkamer, een silhouet.
Zijn silhouet.
Hij staat daar. Op precies dezelfde plek waar hij tien minuten geleden ook stond toen ik wegging.
De contouren van een lichaam dat ik heb liefgehad en gevreesd.
Hij leunt met een hand op de eettafel waar de sporen van mijn talloze tranen die ook daar zijn neergevallen, allang zijn weggepoetst.
In die twee seconden dat ik hem zie staan, is hij zich er niet van bewust dat ik hem zie.
In een klap is mijn haat, razernij, wraakzucht weg.
Want ineens realiseer ik mij dat ik, die dakloos en berooid is, nooit zó eenzaam zal zijn als hij.
De kasteelheer is een hofnar en zijn eens zo trouwe publiek heeft ontdekt dat zijn beste truuks een façade waren.
Zijn lach was net als al zijn rekwisieten en kunstjes, slechts schijn.
Het doek is gevallen.
En ik kon er niet eens blij om zijn.
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
Geplaatst in Man vs Vrouw en ander relatie gedoe, OverLeven
Een reactie plaatsen
Voor alle bugs in God’s software
Het was 0.00 uur.
Niet dat ik gillend aan het aftellen was geweest, omringd door allemaal minstens zo blije mensen als ikzelf.
Niet dat ik in een bezwete bomvolle kroeg stond, waar ik omgeven door te blije mensen, mij nog verdrietiger zou voelen.
Ik was niet blij. Al een paar jaar niet.
Het enige wat mij omringde was mijn dekbed waar ik mij onder had verstopt, zoals ik vaak deed als ik wilde ontsnappen aan de boze wereld, die leek te worden bevolkt door deurwaarders en nog meer figuren die mijn wondere wereld niet leken te kunnen of willen volgen.
Ik drukte mijn hondje tegen me aan. Hij en ik tegen de rest van de wereld.
Boos slikte ik de bloemkool in mijn keel weg en kneep mijn ogen nog harder dicht in een poging de tranen terug te dringen.
Ik vluchtte in mijn eigen wereld waar het allemaal voorbij was.
Om half 1 sliep ik.
Het was 0.00.
Niet dat ik aan het aftellen was geweest.
Niet dat ik op een feestje was waar er niet viel te ontkomen aan de jaarwisseling.
Ik proostte op mij en dronk in een teug het glaasje alcohol leeg.
‘Dat ik volgend jaar een keer gelukkig mag zijn met oudejaars avond, beste God,’ sprak ik hardop uit terwijl ik mijn lege glas in de lucht hief.
God zou mij vast niet horen, schatte ik in, toen ik even later naar bed ging.
Want hoe ik ook mijn best deed, het was blijkbaar nooit goed genoeg.
Ik was een bug in God’s software.
Het is straks 0.00.
Terwijl ik dit stukje typ, gaat mijn blik naar de keuken.
Daar staat hij. De ernstige blik in zijn ogen verraad opperste concentratie bij het maken van één van onze lievelingsgerechten.
Uit de speakers klinken per ongeluk droevige klanken.
‘Zielig liedje,!, schreeuwt hij vanuit de keuken, ‘dat wil ik niet.’
Ik schiet in de lach. Hij heeft gelijk: de tijd van zielig, treurig, verdrietig is voorbij.
Althans, wel dat type schrijnende, stille verdriet waarin ik eenzaam in mijn eigen cocon was opgesloten.
Ik nestel mij nog dieper in de bank.
Genietend van hem, de hondjes, de kaarsjes, de zoete geur van wierook en de woest rappende Lil’Kim uit de speakers.
Voor iedereen die zich te goed herkent in het eerste deel van dit stukje, zijn de volgende woorden.
Lieve jij,
Het wordt beter, leuker, anders. Echt.
Hou vol en weet, je bent niet alleen. Niet echt.
Het gaat voorbij. Echt.
Koester wie en wat jij bent, dan komt het echt wel goed…
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
Geplaatst in OverLeven
Een reactie plaatsen
Eigen volk heerst
Regelmatig is er via de ventilatie kanalen in onze Amsterdamse woning, in het trappenhuis of op het balkon een vleugje pure Hollandse natuur te ruiken.
Wie deze buurman of vrouw is met erg groene wietvingers weten we niet.
In mijn buurt hebben we fatsoen, dus peinst niemand er over om de woningbouwvereniging of politie te informeren.
Dat doe je gewoon niet.
Er zijn tal van dingen die je in mijn buurt gewoon niet doet.
Een ontzettend belangrijke op de lijst van dingen die je niet doet, is Het Systeem helpen. Het Systeem is in onze buurt vertegenwoordigd in de vorm van politie.
Regelmatig worden scooter jongetjes achtervolgd door een politie peloton.
Bewoners ergeren zich kapot aan datzelfde scooter jongetje, maar zij ergeren zich nog veel meer aan de politie helikopter die dagelijks boven de huizen cirkelt waardoor het horen en zien je vergaat.
Dus wint de scooter jongen, immers is elke vorm waarbij de politie kan worden tegengewerkt, goed.
Ook als zij zichzelf daarmee in de vingers snijden.
Buitenstaanders die hier niet de logica van inzien, zullen het nooit snappen, al is het alleen al omdat zij maar niet inzien dat de politie een natuurlijke vijand van de mens is.
Nu zou het zomaar kunnen gebeuren dat als het scooter jongetje of een van zijn vrienden uit de buurt weet wie een wiettuintje er op na houdt, de hovenier op een dag een leeggehaalde woning aantreft, maar ook dit wordt zelf wel opgelost want snitchen bij de politie dat doe je gewoon niet.
Nee zeg, we houden het natuurlijk wel netjes, hè. En gezellig, dat ook.
Verleden jaar zomer stonden elke dag rond het middaguur ineens veel buurmannen gierend van het lachen op hun balkon aan de achterzijde van de woningen, dat uitkijkt op de gemeenschappelijke tuin die wordt omringd door een groot huizenblok.
Van de een op de andere dag klonk er namelijk op alle dagen van de week rond hetzelfde tijdstip hysterisch hard vrouwen gegil, dat werd afgewisseld met snoeiharde, kletsende geluiden.
In eerste instantie werd gedacht dat er een vrouw in ernstige nood verkeerde en zij dagelijks een pak rammel kreeg.
Nader deskundig onderzoek door diverse werkeloze/hosselende buren die het balkon op renden bij het horen van de kreten, wees uit dat de dame in kwestie met een mannelijk lid er van langs kreeg.
Binnen enkele dagen stond praktisch het halve huizenblok rond het middaguur op het balkon; lachend, druk gebarend naar elkaar en gissend uit welke woning het kwam.
Het werd een soort ritueel dat af en toe ruw werd verstoord door die ene buurman die nachtdiensten draaide.
Hij was in tegenstelling tot de andere buurmannen, not amused en hing woedend uit zijn slaapkamerraam om op karakteristieke wijze die mijn wijk eigen is, zijn ongenoegen te ventileren: ‘Is het godverdomme nou eens afgelopen die kankerherrie?! Ik heb nachtdienst gehad, klootzakken!’
Een andere buurman nam het geluid van de orgasmerende dame zelfs op met zijn mobiele telefoon en liet dat tijdens de buren ouwehoer conferentie voor de deur, aan alle buurtgenoten horen.
Het werd zijn missie om uit te zoeken waar het geluid vandaan kwam en nog belangrijker: wie de dame en heer in kwestie waren.
Hij zou dat uiteraard nooit kunnen achterhalen, ons huizenblok heeft minimaal 200 woningen, redeneerden Echtgenoot en ik.
Het kostte hem slechts één week.
Een week posten, volgen, weinig slapen en uitpluizen.
Natuurlijk deed hij heel geheimzinnig over de wijze waarop hij het had weten te achterhalen.
Het is dan ook redelijk beschamend te moeten vertellen dat dit je 24/7 tijdsbesteding is.
Maar eerlijk is eerlijk, wij hingen allemaal aan zijn lippen toen hij wist te vertellen dat het die ene alleenstaande man van om de hoek was, die dagelijks de erg getrouwde, zeer streng gelovige mevrouw van drie straten verderop naar binnen liet sluipen, om haar na dik een uur weer net zo stiekem naar buiten te laten sneaken.
Moe, maar voldaan na gedane buitenechtelijke arbeid.
Ach, niets menselijks is ons vreemd. Alhoewel…
Ik werd even stil en vervolgens ietwat onpasselijk toen ik hoorde over mijn buurvrouw.
Die ene smoezelige buurvrouw van 62 die ontbijt met Heineken, altijd te hard praat, te hard lacht en over ministens 20 kinderen en 30 kleinkinderen beschikt. Ze woont, net als haar oudste dochter, in met pluisjes en poezenharen bedekte rose en zachtblauwe joggingpakken. Ongeacht of het zomer of winter is.
Ze is al een paar keer aangetroffen met de 150 kilo wegende, ongedouchte buurman met wie zij diepgaand oraal contact onderhoudt.
In de kelderbox.
Sinds dit wereldnieuws bekend werd heet zij de boxtopper.
Het deert haar niet, want het boeit haar niet.
De gemeente is hard bezig mijn wijk te verbeteren.
Amsterdammers zijn heel goed in kankeren op wat er allemaal niet deugt, dus waren de bewoners in eerste instantie blij toen zij hoorden dat de buurt ‘eindelijk’ zou worden opgeknapt.
Natuurlijk waren ze vooraf geïnformeerd middels keurige brieven die ongeopend werden weg geflikkerd en waren ze herhaaldelijk uitgenodigd om een presentatie van de plannen bij te wonen, die ze vanzelfsprekend nooit bezochten.
Het zou goed komen, dachten de bewoners, want het was overduidelijk voor iedereen wat er moest worden verbeterd: aanpak van de buurt straatrovers omdat ze troep veroorzaakten op hun hangplek, minder fouilleer acties van de politie, afschaffen van die klote politie helikopter, aanpak van buurt gajes (de import studenten) en meer inzet van de stadsreiniging om de troep van de bewoners op te ruimen.
Het kwam niet helemaal niet goed, beseften geschrokken bewoners toen zij ‘ineens, zomaar uit het niets, zonder te zijn ingelicht!’ geconfronteerd werden met de gerealiseerde plannen: import mensen!
Bakfieten die hun straten vervuilden!
Het gekanker was en is niet van de lucht vanwege de tsunami ‘import’ en ‘kakkers’ die voormalige sociale huurwoningen ‘inpikten’ door deze te kopen van de woningbouwvereniging.
Wie nu s’avonds naar binnen gluurt, ziet dat de kanten kitsch vitrages en luxe Leen Bakker lamellen in toenemende mate plaatsmaken voor kale inkijk ramen.
Woningen, ingericht volgens de duurste woonmagazines waar papa Cees en mama Francine met Cees junior en dochter Lisa aan een design eettafel hun avond eten nuttigen, in plaats van gezellig en normaal met z’n allen met een bord op hun schoot voor de schallende tv te eten.
Ik zei het al eerder: in mijn wijk hebben ze goed fatsoen, vinden de oorspronkelijke bewoners.
Kakken in je eigen nest door je eigen mensen te beroven of bij hen in te breken doe je dus niet (tenzij ze een wietplantage hebben en je de eigenaar niet zo goed kent ).
Het is avond en Echtgenoot en ik zijn op weg naar huis.
Mijn blik gaat naar een recent betrokken Casper en Francine woning en glijdt over de peperdure inrichting.
Ik slaak een diepe zucht en schud mijn hoofd. Mij ondertussen afvragend hoelang zij, de import mensen die nooit zullen vallen onder ‘eigen mensen’, nog die Bang & Olufsen aan hun muur zullen hebben die behalve door mij, door veel, héél veel anderen in mijn wijk zijn te zien vanaf de straatkant.
Wanneer ik voor elk jaar celstraf dat ooit is uitgezeten door mensen uit mijn buurt een euro zou krijgen, zou ik wellicht de villa van zangeres Anouk kunnen kopen.
Maar zeg nu zelf, wat zou ik toch moeten in een buurt waar ik mij nooit meer kan ergeren aan de muziek die uit een stilstaande auto voor de deur bonkt en mijn ramen laat trillen?
Wat zou ik toch moeten in een huis waar nooit een vleugje wiet is te ruiken?
Waar zou ik toch zijn, zonder alle dwazen, gekken, wilden, irritante, schreeuwende, lachende, ruzie makende mensen waar ik mij bij thuis voel?
Mijn buurt is nagenoeg perfect.
Op een ding na: die toename van bakfietsen en hun nette eigenaren.
Dát is een ontwikkeling die mij ernstige zorgen baart.
[facebook_ilike]

Geplaatst in OverLeven, Straatrumoer
Een reactie plaatsen
Kerst slachtoffers verenig en bevrijd uzelf!
Mijn kerstgedachten gaan uit naar jou.
Jij die nu woedend bent.
Bozig in je kledingkast tuurt, zoekende naar een keurige outfit omdat dat hoort.
Een verlangende blik werpt op je afgetakelde, vergane maar heerlijk zittende joggingpak.
Jij die geïrriteerd al een paar dagen in de keuken staat. Twijfelachtig kijkt naar al dat eten en bedenkt hoe zonde het eigenlijk is dat al dit heerlijks straks verdwijnt in monden die je het liefst het zwijgen op wil leggen.
Jij die nu al, nog voor het kerstdiner is begonnen, razend is op die ene oom, neef, zus of zwager omdat er nog zoveel is om kwaad te zijn vanwege alles wat er is gebeurd maar nooit is benoemd, laat staan uitgesproken.
Je bent kwaad maar eigenlijk vooral op jezelf omdat jij jou verloochend.
Omdat je er ook dit jaar met de beste wil van de wereld niet onderuit komt.
Want het is Kerst.
Dus moet er gezellig worden gedaan.
Dus moet je lachen waar je eigenlijk wil uitschelden en huilen.
Dus wordt al het onuitgesproken zeer, leed en razernij onder het kitsch kerst tafelkleed geschoven van moeder.
Dus dat.
Teveel mensen moeten erg veel met Kerst.
Al dat ‘moeten’ begint bij veel gezinnen al in de kinderjaren.
‘Ik wil die stomme jurk niet aan! Ik wil mijn haar zó. Ik wil het zoals ik het altijd heb!,’ huilde je als kind.
‘Stel je niet aan. Het staat je leuk. Kijk hoe mooi je bent! Oh wat zal oma het fijn vinden dat jij er zó mooi uitziet.’
‘Ik wil nieehieet! Het zit niet fijn, mama!’
‘Dus jij wil oma niet blij maken? Jij wil mij en je vader schande geven? Ik waarschuw je! Je gedraagt je! We gaan kerst vieren met de familie en je gedraagt je! Je doet gewoon net als de andere kindjes leuk mee. Het is een gezellige dag, hoor je me!?’
Je hoorde.
Je gedroeg je.
Je deed je best oma, je moeder, je vader blij te maken. Je maakte geen ruzie met dat klote neefje dat altijd stiekem aan het pesten was.
Je onderdrukte je kokhals neiging tijdens het eten waar je gedwongen werd mee te eten, te roepen dat het lekker was, terwijl je vooral dacht aan Stampertje, het konijntje uit de film Bambi. Dat leuke konijntje, dat nu op jouw bord lag.
Je negeerde de prikkende maillot.
Je was zuinig op je nette schoenen.
Je deed leuk en gaf vooral geen schande.
Je zag de waarschuwende blik van je moeder naar je pa, als hij zijn glas voor de zoveelste keer liet bijvullen.
Je zag de wegdraaiende ogen van ergernis van je tante als je oom zijn collectie moppen, zoals elk jaar, weer tevoorschijn toverde.
En aan het eind van al die verplichte gezelligheid gingen jullie naar huis en begreep je het niet zo goed als papa en mama opgelucht verzuchten dat het weer achter de rug was. Ze vervolgens roddelden over hoe schandalig een aantal familieleden waren waarna op een of andere manier het gesprek ineens van windrichting veranderde: de kille oostenwind. De wind die uitmondde in hard geschreeuw of ijskoude stiltes tussen papa en mama.
Je nam je voor om later, als je groot was, het allemaal anders te doen.
Elk jaar had je gehoopt en gewacht op de gezelligheid. Maar die kwam nooit.
Jij zou er mooi niet meer intrappen als je groot was.
Jij zou Kerst gaan vieren zoals iedereen zei dat het was, maar het nooit was.
Echt gezellig. Of dan in ieder geval ‘echt’. Met echt aardige mensen. Met echt lekker eten. Met een echt warme sfeer.
Je staat voor je kledingkast. 
Je stond in de keuken.
Je bent nu al boos nog voor je dat ene familielid überhaupt hebt gezien. En je weet nu al dat je je kapot zal ergeren aan je partner en jullie ruzie zullen krijgen op weg naar huis na een lange, hele lange eerste kerstdag.
Je maant je kind zich niet aan te stellen en hoort zomaar de woorden van jouw eigen moeder uit je mond komen: ‘Jij gaat gezellig doen, hoor je me?!’
Strakjes zit je opgeprikt en speel je je rol.
Je zal hem voor de zoveelste keer aanhoren wanneer hij opschept over zijn laatste aanwinst: een BMW van een ton, een nieuw koophuis van 4 ton of een nieuwe vrouw van 3 Gucci’s per maand.
Je zal meelevend knikken bij het aanhoren van haar gezeik over haar ex.
Je zal begrijpend knikken als hij uitlegt hoe belangrijk hij is bij zijn nieuwe functie op een kantoorderig kantoor terwijl het je geen reet interesseert.
Je zal ontzettend je best doen de geile blikken van die klootzak over het lichaam van jouw vrouw te negeren.
Je zal zal je best doen om heel vaak te roepen hoe gezellig het is en dat het toch wel wat heeft, dat Kerstfeest en dan vooral hoe fijn het is dat jullie elk jaar zo samen komen.
Oh man. Oh vrouw. Oh kinders.
Bevrijd uzelf.
Trek dat joggingpak toch gewoon aan.
Bel op en zeg dat ze allemaal de tering kunnen krijgen met hun fake ass gezellige gedoe wat helemaal niet gezellig is.
Schaf het af. Delete het. Stop er mee en breng deze dagen door met wie jij dat echt graag wil en vooral hoe je dat graag wil.
Mijn gedachten gaan uit naar alle kerst slachtoffers.
Ik proost op jullie. Zittend op mijn bank in mijn afschuwelijke badjas met om mij heen de mensen die er minstens zo afschuwelijk uitzien als ik.
Wij genieten van Kerst en ik wens jullie allemaal hetzelfde toe.
[facebook_ilike]

Geplaatst in OverLeven
Een reactie plaatsen
Hersenspinsels
Mrs Bruja’s hersenspinsels: hier, dus.

Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd
Een reactie plaatsen
It’s just a bitch thing
Beste mannen,
Wanneer jullie ons afwijzen hebben wij het recht daar ontzettend woest om te worden.
Los dat dit ons het recht geeft om jullie te stalken en te scannen wat jullie kwetsbaarste punt is zodat wij jullie grondig, hard, diep en meedogenloos terug kunnen pakken, mogen wij ook heel hard huilen om de afwijzing.
Wij zeggen dan dat we gekwetst zijn.
En ja: daar moet over gepraat worden met jullie. Lang, diepgaand en het liefst elke dag gedurende minimaal 3 maanden.
Maar dit kan ook best een jaar zijn.
We zeggen op verwijtende, verdrietige toon dat wij door jullie afwijzing weer in therapie moeten, omdat jullie weigering ‘Hele Erge Dingen Van Vroeger Triggert’.
Dat is allemaal jullie schuld: had je maar niet moeten afwijzen. Had je maar gewoon er op moeten klimmen.
Ook weten wij dat het een persoonlijke afwijzing is, ondanks jullie uitleggen dat het niet persoonlijk is.
Afgewezen worden door een man is namelijk het ergste wat er is. Want wij denken dat mannen varkens en honden zijn. En zeg nou zelf: welk ontwikkeld wezen wil er worden afgewezen door een beest? Notabene ook nog een beest dat elk willekeurig object met een penetratie mogelijkheid nooit afwijst?
Natuurlijk zeggen wij dit niet hardop. Wij liegen tegen jullie dat wij heel goed weten dat het niet persoonlijk is, maar toch… En over al die talloze ‘maar toch-en’ moet dus worden gepraat.
Toegeven dat het ons ego is, een ego dat vele malen groter is dan die van jullie, kan datzelfde geruïneerde ego na de afwijzing er écht niet ook nog bij hebben. En uiteraard zijn wij gewoon drammers. Wij willen onze zin hebben: hoe dan ook.
Trouwens, jullie begrijpen blijkbaar ook niet zo goed dat wij best nog 10 jaar na de
afwijzing, nog steeds nukkig kunnen doen daarover.
Dus ook als wij allang over jullie heen zijn, inmiddels getrouwd zijn en 8 kinderen hebben, kan het zomaar voorkomen dat we het jullie nog steeds verwijten.
Dit kan duren tot aan je dood. En ook kan het dan zomaar voorkomen dat we het alsnog, 10 jaar later, weer proberen. Dat is niet omdat we jullie nog zo nodig willen. Dat is niet omdat we nog steeds iets voor jullie voelen.
Dat is omdat we graag onze zin doordrijven en we nog steeds ons ego niet goed hebben weten uit te deuken na jullie schandalige afwijs move.
Kijk, dat jullie het gewoon accepteren en respecteren als wij jullie afwijzen, dat is heel wat anders.
Jullie zijn dat gevoel immers gewend.
Wij niet.
Jullie hebben een heel groot ego. Wij natuurlijk niet.
Tenminste, niet echt, want als jullie ons dat voor de voeten gooien, antwoorden wij dat ‘dit héél wat anders is!’.
Bij ons heet het ego namelijk emoties, gevoeligheid, kwetsbaarheid. Wij hebben dan ook het recht om dit altijd als wapen in te zetten. Net als onze tranen.
Jullie zijn haantjes. Wij ook, maar dan in kip vorm, maar zullen dit nooit erkennen. Het is namelijk veel eenvoudiger om ons te verschuilen achter een tsunami van gevoeligheid en emoties, dan uit onze slachtofferrol te stappen. Want laten we wel zijn: jullie tuinen er elke keer weer in, dus het werkt!
Afwijzen mag overigens ook wettelijk bekeken helemaal niet.
Vooruit, het is een ongeschreven en onbewuste wet, maar het is en blijft een wet.
Let daar op.
Met vriendelijke groet,
Het Leugenachtige Vrouwen Genotschap
[facebook_ilike]

Geplaatst in Man vs Vrouw en ander relatie gedoe
Een reactie plaatsen
18 jaar en ouder
‘Oh? Doe je dat voor werk? Nou! Poeh! Jeetje! Dan zal je het zwaar hebben, hè? Met al die verharding van de maatschappij. Die jongeren van tegenwoordig trekken maar messen te pas en te onpas, hè? En manieren hebben ze ook niet meer, hè? Je kan niets meer zeggen, tegenwoordig. Niets! Ja, zo is het toch?’
‘Nou…’ antwoord ik voorzichtig, ‘om eerlijk te zijn…om héél eerlijk te zijn, valt dat eigenlijk best wel mee.’
Ik verpak mijn woorden in zijde, opdat de ander niet al te erg schrikt. Want grote mensen schrikken nogal eens van mijn reactie als het over dit onderwerp gaat.
Grote mensen kunnen zelfs een beetje boos worden als blijkt dat ik hun ge-hè en ge-ja-toch helemaal niet wil en kan bevestigen want tja, als het niet aan al die jongeren van tegenwoordig ligt, waaraan dan wel?
Dat is hun volgende vraag weet ik na talloze keren dit gesprek te hebben gevoerd.
‘Oh? En waaraan ligt het dan wel, volgens jou?’, zegt het grote mens met een defensieve blik in de ogen en een toon in de stem die overgoten is met een laag misprijzen.
En daar gáán we weer, bedenk ik mij.
Maar gelukkig ga ik graag.
‘Er is nog nooit een jong kind, tiener of jongere geweest in mijn leven en werk, die mij ooit zó goed heeft kunnen schofferen, kleineren, beledigen, verbaal kunnen aanvallen of met fysiek geweld heeft gedreigd, als een aantal volwassenen in mijn leven hebben gedaan.’
‘De maatschappij dat ben jij’ was een bekende slogan om de bewoners van de Nederlandse wereld bewust te maken.
Prachtig, vond iedereen het. Helemaal waar, dat ook. Die kon iedereen mooi in zijn zak steken, die tekst!
De ‘jij’ was natuurlijk nooit bedoeld voor degene die dit las.
Nee zeg! Wat denk jij wel niet?! De ‘jij’ was, is en zal altijd de andere ‘jij’ zijn.
Ja jij ja.
Niet ik.
In tegenstelling tot grote mensen, zijn pubers uitstekend in staat om te luisteren naar je standpunt. Echt te luisteren, in plaats van aan te horen.
De puber zal in veel gevallen vooral hard en ongenuanceerd schreeuwen. Vol overtuiging hoe gelijk hij of zij heeft.
Maar wie de moeite neemt om de tijd te nemen, zal merken dat de puber een breder vizier heeft in vergelijk met al die wijze, grote mensen.
Diezelfde wijze, grote mensen die heel correct de ander laten uitpraten, daarmee de schijn wekkend dat ze serieus luisteren, maar niets anders doen dan netjes af te wachten tot je mond stilstaat zodat zij nogmaals uiteen kunnen zetten en bewijzen hoezeer en vooral hoeveel gelijk zij hebben.
Wat je er in stopt, krijg je er ook weer uit. 
Dit geldt zeker voor kinderen.
Hoe graag veel mensen het ook willen geloven: het is niet internet, niet de hiphop clips, niet de BlackBerry uitvinders die een jongere zich laat gedragen als een gangsta of amateur porno actrice.
Begin als opvoeders een keer te kijken, je te verdiepen in alles waar kinderen aan blootgesteld worden in hun dagelijkse leven. Maar dat kan niet, omdat papa er nooit is en zal zijn en mama het te druk heeft met werken en haar vriendinnen.
Gelukkig hoeft dat verdiepen ook helemaal niet, aldus papa en mama want ‘heerlijk hoor!’, hoe ‘zelfstandig’ hun kind al was vanaf íe 2 jaar was!
Begin een keer te kijken, je af te vragen waarom ouders aan elke wens (lees: eis) voldoen van hun kroost.
Is het werkelijk omdat het kind Uggs, een BB en Ray-Ban bril nodig heeft als primaire levensbehoefte of is het geweten van mama en papa weer gesust als deze vormen van compensatie (lees: omkoperij) wordt aangeboden aan de brullende tiener?
De maatschappij dat ben jij.
Ja jij.
Jij die dit nu leest.
Jij die voordringt als de metro deuren opengaan.
Jij die je pas versnelt naar de kassa omdat je dan toch net effe iets eerder aankomt dan die rollator rijdende bejaarde.
Jij die direct de schoolmedewerker bedreigt omdat deze het waagde je kind de les uit te sturen.
Jij die meteen een arsenaal aan wapens verzamelt en wil inzetten als jouw drama tiener hysterisch verklaart dat een leeftijdsgenoot een stomme opmerking maakte waar ze gekrenkt over is.
Jij die stoer verklaard hoe je die ene gast de tering hebt geslagen die vroeg of je effe door wilde rijden omdat je de rijweg blokkeerde.
Jij die je kind leert vooral niks te geven aan de daklozen kranten verkoper.
Jij die grijnzend opmerkt dat je ‘echt geen reet snapt van al dat getwitter en die nieuwste telefoontjes’ van je kind.
Jij die het belangrijker vindt om op FB te hangen, uit te gaan, nog meer geld te verdienen dan tijd door te brengen met je kind.
Jij die het wangedrag van je kind met de mantel der nonchalance bedekt omdat het teveel gedoe is om er tegenin te gaan en je persoonlijk voelt aangevallen door degene die melding maakt van het wangedrag, omdat je deep down inside weet dat je tekort schiet als opvoeder.
Jij en je ego en je egoïsme.
Hou toch op met een nieuwe generatie verantwoordelijk te stellen voor de wandaden die de old school generatie als voorbeeld geeft.
Mijn schrale troost is dat ik dagelijks ook zie hoeveel jongeren deze talloze ‘goede voorbeelden’ godzijdank niet opvolgen.
Jammer dat grote mensen de gave beheersen om kinderen af te leren wat maakt dat de maatschappij er wat gezelliger op wordt.
Al die grote mensen, die hun uiterste best doen kinderen aan te leren waar zij zelf deskundig in zijn: haten, intolerantie, hebzucht, ongeduld, kortzichtigheid, egoïsme.
En zeg nou toch zelf: hoe kun je van een kind verwachten dat het met mes en vork moet eten, terwijl jij zelf als een varken vreet?
Ja, zo is het toch?
[facebook_ilike]

Geplaatst in Ouders & opvoeding, OverLeven
7 Reacties
Kijk maar effe
De afdeling ‘Kiekjes’ was toe aan een grondige renovatie.
De fundamenten zijn klaar. Enjoy it!
(en nu niet op een drafje naar het 18+ album ‘¡Caliente!’ gaan om alleen deze te checken. Ook alle afbeeldingen bekijken van het album ‘Food for thought’ om dan na afloop heel diepzinnig en verantwoord daarover te gaan discussiëren).
Kijk hier maar effe!
[facebook_ilike]

Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd
Een reactie plaatsen
With love to our fake-victims
Vrouwen kennen talloze varianten van een orgasme, zowel fysiek als mentaal.
Daar zijn vrouwen namelijk goed in: varianten op varianten en daar dan weer een andere variant op. Wij schudden er puur fysiek gezien met een beetje mazzel wel een stuk of vijf uit onze mouw: clitoraal (meest voorkomende), vaginaal (1 op de 4 vrouwen), G-spot (wellicht moet ik google maps eens proberen want ondanks ik deskundige ben op het gebied van mijn eigen lichaam, zoek ik mij nog steeds rot), middels tepels en anaal.
Mannen niet.
Mannen kennen er fysiek eigenlijk maar eentje (1) en emotioneel gemiddeld drie: de knetterharde vanuit zijn tenen, de gewoon lekkere die langzaam maar zeker zijn weg naar buiten vindt en de moeizame variant, die opperste concentratie vraagt en de nodige aanvullende fantasie.
Er is een soort orgasme waar vrouwen sinds het bestaan van de mensheid het allerbeste in is: het fake orgasme.
Maar pas op, lieve zusters, de emancipatie rukt ook op dit vlak op. Mannen hebben het kunstje van ons afgekeken, de na-apers.
De eerste keer dat ik een goede vriend van mij met een trotse, zelfs duivelse grijns hoorde vertellen over zijn fakerij, was ik behalve geschrokken, eigenlijk ook boos.
Op hoge toon ondervroeg ik hem over zijn oplichterspraktijken, die uiteraard héél wat anders zijn, gewoon niet te vergelijken met wat wij vrouwen flikken.
‘Maar waarom doe jij dat vrouwen aan?’ vroeg ik hem bestraffend.
‘Gewoon, ’schokschouderde hij, zichtbaar genietend van mijn geschokte, bozige reactie, ‘omdat ik geen zin meer had, bijvoorbeeld. Ik heb weleens mee gemaakt dat de lol voor mij er gewoon vanaf was. Ik had haar versierd, de buit was binnen, ik had al gescoord. Voor de vorm moest ik het dan afmaken, maar dat hoefde eigenlijk niet eens meer. Maar ja, dat doe je dan toch maar. Maar ja, ik verveelde me echt, dus deed ik of ik kwam.’
‘Nee!? Maar dat merkt ze toch?’
‘Nee hoor. Ik zorgde dat ik het condoom er af haalde en in toiletpapier wikkelde voor ik het weggooide. Geen vrouw die in haar vuilnisbak gaat wroeten om dat rubbertje te checken.’
‘En als je het dan zonder doet? Hoe flik je het dan?’ vroeg ik ontzet.
‘Als ik het zonder deed, dan zei ik gewoon dat het op was.’
‘Ehm… Op?’
‘Ja. Dat mijn zaad op was, maar ik wel een orgasme had gehad. Een andere versie was gewoon volhouden dat ik wel wat had geloosd. Dat dit was opgeslokt in haar pussy en zij het niet kon terug vinden, tja, daar kon ik niets aan doen.’
Ik luisterde nog maar met een half oor. In gedachten ging ik razendsnel mijn bed partners af en toetste of ook ik slachtoffer kon zijn geweest van zo’n malafide hoogtepunt.
Nee. Onmogelijk.
Dat kon mijn ego eenvoudigweg niet aan.
Dus was het ook niet zo, besloot ik.
Sinds dit gesprek was ik super alert en nam geen enkel risico meer. Maar laten we eerlijk zijn: zo goed als vrouwen zullen mannen natuurlijk nooit worden. Wij zijn en blijven de ultieme fakers. Zo nep als veel vrouwen, zijn maar weinig mannen.
Veel mannen vragen zich af waarom vrouwen dat toch doen, dat faken.
Vooruit, ik verklap de belangrijkste reden:
* Uit medelijden/grote gun factor
Want hij doet zo verschrikkelijk zijn best. Is gemotiveerd. Geconcentreerd. En ook best aardig. Dus vinden wij het zielig om hem teleur te stellen en gunnen wij hem deze trofee
* Om zijn ego op te blowen
Want we weten dat zijn ego een enorme booster van ons orgasme krijgt. Als we verliefd zijn, dan zijn wij de lulligste niet dus voeden wij dat ego graag. Zo zijn wij nu eenmaal. Overigens duurt onze aardigheid tot de verliefdheid weg is of hij een player blijkt te zijn: in dit geval gooien we graag al ons gefake voor zijn voeten. Trouwens, ook voor die van al zijn vrienden en het liefst ook nog op ons handige digitale prikbord (‘public’)
* Om er in godsnaam maar vanaf te zijn
Want hij bakt er he-le-maal niets van. Het kan zelfs pijn doen, maar we durven dit niet te zeggen uit angst hem te kwetsen.
Ook faken we dan omdat het eenvoudigweg gênant wordt wanneer het meer en meer een wedstrijd lijkt te worden waarin hij verbeten door blijft strijden omdat hij moet en zal winnen.
Schaamte is in dit geval nog een goede reden om te faken, omdat veel van ons soort niet durft aan te geven wat ze lekker vinden. Een fake orgasme lost deze problematiek op: hij kapt dan eindelijk met zijn afkijk truukjes uit zijn favoriete xxx films waarin vrouwen het heerlijk vinden een halve arm te moeten verstouwen en zij hoeft niet haar schaamte opzij te zetten of de moeite te nemen hem uit te leggen wat ze wél graag wil
* Ter verhoging van de pret
Want haar orgasme verhoogt het feest gehalte. Een man die een vrouw tot een hoogtepunt brengt, – laat staan twee keer of nog leuker; vier keer, want dan is hij echt zo blij als een kind – voelt zich trots. Een overwinnaar. De Man. Het kan hem bovendien stimuleren nog harder zijn best te doen
Ik vind faken helemaal niet zo erg.
Maar wel als een man dat doet. Dan is het niet leuk. En het is ook niet leuk wanneer je als vrouw altijd maar aan het faken bent.
Niet eens zozeer omdat je je vent dan knetterhard loopt voor te liegen, maar omdat je jezelf God’s beste uitvinding ontzegt: echt fijne, lekkere, next level, matrix sex waarbij je het gevoel ervaart heel Nederland te kunnen voorzien van elektriciteit.
We hebben niet voor niets al dat moois cadeau gekregen bij onze geboorte: gebruik het en geniet er van. Daar is het tenslotte voor bedoeld.
[facebook_ilike]
Tot slot: een hele kleine greep uit mijn persoonlijke oorgasmen:
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
…en nu met z’n allen!
‘Als jij jezelf oud genoeg vindt om te ballen, ben je dus ook oud genoeg om de verantwoording hiervoor te nemen door je te laten testen.’
Menig jongere uit mijn omgeving kan deze oneliner afkomstig uit mijn mond dromen.
Ik zelf dus helemáál.
Toen ik jaren geleden single werd na een langdurige monogame relatie, – achteraf bleek ik een monogame-open relatie te hebben: ik zelf had een extreem monogame relatie met hem, hij had een extreem open relatie met mij, maar dit was hij denk ik vergeten te melden aan mij- ging er een wereld voor mij open.
Oh vrijheid!
Oh fijn ego!
Busladingen vol hitsige heren die mijn ego wisten te voeden door complimenten en vleierij. Zo nu en dan was er ook weleens eentje die op wat concretere en meer diepgaande manieren mijn zelfvertrouwen hielp te hervinden. Waarvoor alsnog grote dank, fijne mannen!
De pret nam toe toen ik mij omringde met mensen die net als ik, zich op het roverspad der single dertigers begaven.
Hartstikke leuk! Veel uitgaan. Vaak rond vier uur smiddags een keer wakker worden en dan tegen je gekreukte hoofd mompelen in de spiegel dat je vanavond echt op tijd naar bed gaat. Veel lol, oneindig veel lol. Was het niet samen met vriendinnen tijdens het stappen, dan wel telefonisch waar we hardhollend naartoe renden om elkaar gedetailleerd verslag uit te brengen over het laatste slachtoffer.
De leukste verslaggevingen waren uiteraard de excessen: over hem, die extreem goed of extreem slecht was.
Vooral dat laatste leverde verhalen op waarbij de tranen over wangen rolden en de buiken vastgehouden moesten worden van het lachen.
Helaas, meer details kan ik niet geven, dit soort verhalen staan geschreven in het Grote Zwarte Boek: ontoegankelijk voor iedere buitenstaander. Eenmaal opgetekend en besproken, kan het hoogstens nog eens worden aangehaald tijdens een gezellig samenzijn met de betrokken dames, maar verder zal het niet komen.
Al die gezelligheid kan ook weleens wat anders met zich meebrengen.
Als ik een ding heb geleerd uit mijn single tijd is het wel dat mensen die stellig en vooral veelvuldig en luidkeels verklaren ‘altijd!!’ een condoom te gebruiken, de grootste non-gebruikers zijn. Ze zweren het ‘nooit, echt he-le-maal neverrrrr!!!’ zonder te doen of te hebben gedaan maar ja, ‘bij jou is het toch wat anders’, dus vooruit, bij jou willen ze wel best wel zonder.
Natuurlijk doen de meeste single mensen met enige common sense het met condoom. In de goeie ouwe tijd kon je hoogstens een druiper oplopen of chlamydia, maar die bezorgdheid is achteraf een lachertje in vergelijk met herpes of nog vele malen erger: HIV.
Uit onderzoek is overigens gebleken dat juist de 50 plussers als een dolle onveilige sex hebben: dat zijn die fijne jaren ’60 peeps die nog uit de tijd stammen dat hele orgies met alles en iedereen doodnormaal was. Leve de oksel/schaamharen, LSD, gitaarmuziek, bevrijdde borsten, oneindige vrijheid en sexuele revolutie.
Alleen was er toen nog geen HIV of misschien ook wel, maar werd er toen nog ‘doodsoorzaak onbekend’ ingevuld.
Nadat een toenmalige kennis van mij een herpes had gescoord en mij mee vroeg naar de GGD, besloot ik dat het geen kwaad kon mij preventief te laten checken. Ik had natuurlijk niks, dat wist ik zeker.
Want natuurlijk had ik een common sense.
Natuurlijk deed ik het dus mét.
Natuurlijk. Uiteraard.
Eigenlijk ook wel altijd.
Ok, vooruit die ene keer niet.
Maar goed, hij kwam ook uit een monogame relatie.
Zei hij.
En ja ok, die andere keer was inderdaad ook niet echt helemaal goed gegaan. Of eigenlijk echt helemaal niet goed gegaan.
Shit.
‘We moeten er om 7 uur smorgens al staan.’
‘Hoezo zo vroeg!?’ schreeuwde ik tegen mijn herpes kennisje. Op dat tijdstip rolde ik eigenlijk pas mijn bed in om aan mijn nachtrust te beginnen.
‘Geloof me, dat moet. Als je later naar het open spreekuur gaat, ben je in de avond een keer klaar. Echt, het staat drie rijen dik voor de boel daar open gaat. Ze staan vanaf de ingang helemaal tot aan de brug, dat is zeker 20 meter.’
Rewind.
Ingang? Brug?
Meaning: je staat dus buiten? Daar, waar iedere voorbijganger je ziet?
De volgende ochtend liep ik toch wat opgelaten richting de deur van de Groenburgwal, waar toen nog de GGD zat gevestigd. Wat schetst mijn verbazing toen ik op dit belachelijke tijdstip reeds twintig mensen in een keurige rij zag staan?
‘Ik zei het je toch,’ mompelde mijn ervaringsdeskundige kennisje, ook nog niet helemaal wakker.
‘En nu moeten wij ook in die SOA sliert gaan staan?’ vroeg ik mij hardop ontsteld af.
Ze knikte slechts.
Mijn ogen schoten naar de deur, waarnaast een bord met een afmeting van minimaal 10 bij 8 hing waar vandaan de tekst ‘SOA POLIKLINIEK GGD’ over de Amsterdamse grachten schalde.
Ze volgde mijn blik en lachte: ‘No way out, nee. Je kan niet zeggen dat je voor vaccinatie ofzo komt. Iedereen die hier staat, is lid of potentieel lid van de soa club.’
Ik slikte.
Vocht in mijn hoofd tegen de aandrang om goeiedag te roepen en terug te keren naar mijn bed. Het zou nog een ellendig lang uur duren voor de deuren zouden opengaan.
We hingen. We rookten. Kletsen. Met elkaar en voorzichtig ook met anderen.
Eigenlijk was het best gezellig.
Na een half uur was het discrete, beschaamde fluisteren door alle wachtenden na een eerste broederlijke of zusterlijke glimlach vervangen door wat voorzichtige grapjes en na een uur stonden we nog net niet joviaal op elkaars schouders te rammen van het lachen.
Wat een saamhorigheid!
Alsof we de Efteling binnen traden, ging er wat gejuich op toen de deuren eindelijk werden geopend en de soa club naar binnen stommelde.
Een nummertje en weer wachten.
In deze nieuwe omgeving waren wij allemaal weer even stil. Toch weer effe wennen en tja, het komt nu wel erg dichtbij.
Mijn nummertje verscheen en ik mocht een kamertje in. Een soort soa sollicitatie gesprek volgde waarin ik op schaamteloze vragen schaamteloos moest antwoorden. En jezus, wat waren ze aardig, die GGD mensen.
Ik speurde de GGD mevrouw haar gezicht af, op zoek naar een wenkbrauw die werd opgetrokken, een minachtende blik, maar niets van dat.
‘Vroegen ze jou ook of je met Afrikanen uit Zuid Oost sex hebt gehad? En of je het anaal doet? ’ fluisterde ik mijn kennisje toe na het intake gesprek toen ik weer terug was in de wachtkamer.
Ze knikte.
Raar. Toch zo effe vragen.
De sfeer in de wachtkamer was weer net zo top als voor de deur.
Mijn blik gleed over het bonte gezelschap.
Zij, die Latina die op zachte toon Spaans sprak met haar vriendin. Of collega?
Keiharde lijnen als wenkbrauwen. Doorleefde alcohol hoofden terwijl ze pas rond de 25 jaar waren. Joggingpakken met katoenbolletjes van het vele wassen. Ongetrainde lichamen. Ze zaten er ontspannen bij, bijna verveeld. Hoeren, besloot ik. Routine controle.
Nee, dan hij. Hij was te stil en ontweek iedereen zijn blik. Geen lol aan te beleven.
Zijn te keurige kleren konden zijn smoezelige vibe niet verhullen.
Vieze man. Enge vieze man die misschien best wel genitale wratten verdient, omdat hij een mafkees is die akelige dingen doet met te jonge vrouwen die eigenlijk nog meisjes zijn.
Die twee tienermeisje die alles deden niet op te vallen en daardoor alle aandacht trokken. Ze keken te boos en verscholen zich praktisch achter het koffie apparaat.
Ik glimlachte en knikte ze bemoedigend toe. Een korte, angstige blik terug en toen toch ook maar een glimlachje.
Dat stel. Huh? Is het een stel? Ja, het is absoluut een stel. Is hij vreemd gegaan? Of zij? Nee, daarvoor zijn ze te aardig, te lief, te knuffelig met elkaar. Trio gedaan misschien? Of toch heel romantisch samen besloten te gaan testen voor ze het voor de eerste keer gaan doen? Dat laatste was het. Ik wist het zeker.
Een HIV poster boven hun hoofden.
Shit.
Hier, precies op deze plek, waren mensen binnengekomen, hadden net als ik gewacht. Sommigen in de veronderstelling dat ze vast niks hebben.
Net als ik.
Sommigen hadden te horen gekregen dat ze seropositief waren. Diezelfde gang waar ze bij binnenkomst nog redelijk onbezorgd door het leven gingen, was ineens een andere gang geworden bij hun vertrek. Hun wereld was ingestort.
Hun leven was het leven niet meer dat ze een uur eerder nog leefden.
Nooit meer.
Ik beet op mijn lip.
Dacht terug. Aan die ene keer. En die andere keer. En toen met…
Mijn opstelsom werd onderbroken door de stem van mijn kennisje.
‘Jij bent,’ stootte ze mij aan.
Ik haalde diep adem en liep de kamer in.
Een herhaling van het intake gesprek volgde kort.
Wat waren ze lief. Wat waren ze aardig. En begripsvol.
Even later lag ik naar een grappige, drukke poster te staren die heel tactisch op het plafond was vastgeprikt. Ik hoor mezelf aan een stuk door lullen en grappen. Je moet toch wat. En in mijn geval lul ik iedereen zijn oren kapot als ik mij gespannen of opgelaten voel.
Ineens had ik het gevoel of er een scheermes in mijn ass wordt gestoken.
‘Auw!’ brulde ik, ‘Fucking hell!’
‘We checken alles voor alle zekerheid. Ik neem straks ook nog wat slijm uit je wang.’
‘Maar…maar…ik doe niet aan anale sex, anders zou ik het echt eerlijk zeggen. Echt!’ piepte ik en onderdrukte de neiging op te staan, weg te rennen om mijn ass te gaan troosten. Godsamme, wat een pijn.
‘Ach, het is al voorbij en kwaad kan het niet. Zo, u mag zich aankleden en dan nemen we alleen nog wat bloed af voor de HIV test.’
Tijdens het aankleden won mijn nieuwsgierigheid het. ‘Dokter, wat een beroep heeft u, zeg.’
Hij grijnsde van oor tot oor. ‘Ach ja, ik vind het erg leuk. Je krijgt zoveel verschillende mensen te zien.’
‘Vast ook hele smerige dingen. Waarom vroegen ze trouwens bij de intake of ik met Afrikanen uit de Bijlmer heb liggen rollebollen?’
‘Omdat we een toename zien onder die groep heterosexuelen en dan specifiek uit dat stadsdeel. Net als chlamydia trouwens, maar die soa is explosief gestegen in heel Amsterdam, eigenlijk landelijk: er was een toename van dik 70%.’
Ik slikte.
Chlamydia is kut. Het wordt de sluipmoordenaar genoemd omdat je er niks van voelt en tegen de tijd dat je het begint te voelen, ben je de lul: de kans dat je dan onvruchtbaar bent omdat alles van binnen ontstoken is, is groot.
‘Wat is het smerigste wat u ooit zag?’
‘Dat was een man die zich afvroeg of zijn geslachtsdeel wel normaal was. Toen hij het toonde, was het volledig bedekt met genitale wratten. Maar dan ook echt helemaal. Zijn volledige huid van zijn penis was geheel bedekt met wratten,’ vervolgde de arts steeds vuriger. Hij was er duidelijk nog van onder de indruk. Zelfs hij. ‘Toen ik hem vroeg hoelang hij dit al had, wist hij het niet meer. Op mijn vraag of hij zich nooit had afgevraagd waarom zijn lid er zo anders, hobbelig uitzag in vergelijk met andere mannen, zei hij dat hij daar nooit echt zo stil bij had gestaan.’
Ik griezelde tot groot plezier van de dokter.
‘Maak je geen zorgen, het ziet er bij jou allemaal goed en gezond uit,’ stelde hij mij gerust.
Maar toch…
Een week later zat ik er weer voor de uitslagen.
Wachtend in een ander gangetje waar de minuten uren leken te duren.
Mijn beurt.
Met rubberen knieën naar binnen.
God, ik zal het nooit meer zonder doen. Ook niet als ik ooit misschien kinderen wil. Ik zal het echt nooit meer doen. Als U nou zorgt dat de uitslag goed is, beloof ik dat. Weet U wat, ik weet het zelfs nog beter gemaakt: ik zal nooit meer sex hebben! Ook niet met mezelf! Deal, beste God?
De GGD mevrouw vraagt mijn geboortedatum en van de zenuwen ben ik mijn geboortejaar vergeten.
Drie seconden leest ze vanaf haar scherm. Drie uren.
‘Alles is goed. U heeft niets.’
Tranen schieten in mijn ogen.
‘Nou meisje, was je zo bang?’
‘Ja,’ piep ik, ‘ik bedoel, ik heb geen hele wilde, gekke of rare shit gedaan, maar ja…maar toch…’
Ik huppel even later naar buiten tot nogmaals door mijn hoofd schiet hoeveel mensen met een andere uitslag hier hebben gelopen.
Ik zeg kort een gebedje voor hen maar ook voor mezelf.
I’m so blessed.
[facebook_ilike]
Naschrift
Eén december is Wereld AIDS dag. Klik op de afbeelding hiernaast om te vergroten: daar staat de info om je op deze dag gratis en anoniem te laten testen, waarbij je na 15 minuten de uitslag al weet.
Bang? Tuurlijk, maar als ik het uiteindelijk durfde, durf jij het ook!
De eerste persoon waarvan ik hoorde uit mijn omgeving die HIV had, was een heterosexuele jongeman. Hij had ook zijn vriendin besmet. Dat was 15 jaar geleden.
Hij werd 26 jaar.
Helaas ken of kende ik meer mensen die zijn besmet of gestorven aan deze gruwelijke ziekte en nee: dit zijn of waren lang niet allemaal gay people.
Niemand vraagt om een SOA of HIV.
Niemand.
Ook jij niet.
HIV discrimineert niet.
Steek je kop please niet in het zand en laat je checken als je geen monogame of vaste relatie hebt.
Safe sex bestaat niet.
De enige safe sex is geen sex.
Link 1 Online afspraak maken GGD Amsterdam
Link 2 GGD Amsterdam
Link 3 SOA/AIDS Nederland
Rapper Easy E van NWA overleed in 1995 aan AIDS:
“I’ve got thousands and thousands of young fans that have to learn what’s real when it comes to AIDS. Like the others before me, I would like to turn my problem into something good that will reach out to all my homeboys and their kin, because I want to save their asses before it’s too late.”
Link interview
Geplaatst in Media & meer, OverLeven
3 Reacties
Op de koffie bij Mrs Bruja: Yernaz J.S. Ramautarsing, student politicologie
Yernaz J.S. Ramautarsing (24 jaar) is 2e jaars student aan de UVA: ‘Ik ben In Suriname geboren uit twee Surinaamse ouders. Op mijn 2e jaar ben ik in Amsterdam komen wonen. Ik ben een objectivist en draag dat graag uit. Ik ben momenteel een boek aan het schrijven over de Nederlandse politiek waarbij ik zal analyseren en concluderen op basis van objectivistische principes. In de toekomst wil ik bekend staan als filosoof maar dat doe ik pas als mijn boek klaar is.’
Yernaz heeft onderstaande argumentatie geschreven die Mrs Bruja graag wilde publiceren op haar blog:
Een argumentatieve bewapening tegen Zwarte Piet: een defensie tegen racisme, irrationaliteit en nationalisme
Dit pamflet is bedoelt om de tegenstanders van het fenomeen zwarte Piet te adviseren in het debat rondom instandhouding of afschaffing van dit fenomeen.
De lezers die voor instandhouding zijn kunnen dit pamflet gebruiken om hun basisprincipes te evalueren en in overeenstemming te handelen. Ik zal beginnen door de meest gebruikte argumenten tegen afschaffing te benoemen en vervolgens zal ik na analyse de beste bestrijding van deze drogredenen presenteren.
Argumenten tegen afschaffing:
Het argument van de ontkenning van racisme (multiculturalistisch/schijnheilig)
De mensen die een racistisch element in de viering van Sinterklaas ontkennen zullen zelf verklaren als kind enkel goede herinneringen te hebben aan het feest en dat het ze nooit is opgevallen dat er mogelijk racistische elementen waren.
Ze zullen beweren dat zwarte piet enkel donker is door de schoorsteen en dat hij juist heel populair is omdat hij snoep uitdeelt.
”Kinderen zijn gek op zwarte piet,” zullen ze zeggen, daarmee implicerend dat het juist positieve reclame is voor mensen met een donkere huidskleur. Er zijn een aantal redenen waarom mensen dergelijke argumentatie zullen aanvoeren in een discussie.
1 Het zijn (latente) racisten die zich niet wensen uit te spreken.
2 Het zijn oprecht bovenmatig naïeve mensen met oogkleppen op.
3 Het zijn geen racisten, maar ze vinden het onderwerp simpelweg niet interessant.
De (latente) racisten zullen nooit voor afschaffing zijn en elke discussie met deze mensen is zinloos behalve als er via deze discussie derden kunnen worden bereikt die nog niet hopeloos zijn.
Werkelijk naïeve mensen kunnen worden overtuigd door logica en feiten, echter hun extreme vorm van naïviteit kan het proces bemoeilijken.
De derde categorie zal na logische argumentatie wel toegeven dat er in ieder geval iets niet klopt, maar ze zullen niet per se hun gedrag aanpassen vanwege de eerder genoemde desinteresse. Mocht er ooit een referendum komen zullen ze waarschijnlijk niet eens gaan stemmen maar de kans dat ze zich tegen afschaffing zullen verzetten is klein.
Hoe kan de zwakke argumentatie van deze initiële tegenstanders van afschaffing worden bestreden?
Het argument van de schoorsteen kan worden ontzenuwd door te wijzen naar de andere kenmerken van zwarte piet die bevestigen dat hij een Afrikaan en meer specifiek Moor moet voorstellen. Het kroeshaar, de dikke lippen en de grote gouden oorbellen in combinatie met de 17/18de eeuwse Moorse kledij zijn allemaal afgezien van het zwarte gezicht afdoende om de schoorsteenmythe naar het rijk der fabelen te dirigeren.
Het persoonlijke argument van de goede herinneringen is moeilijker te bestrijden omdat onderhuids racisme moeilijk is vast te stellen zeker in een discussie met een kennis of onbekende. Het kan van waarde zijn om te wijzen op het feit dat hetgeen voor een geld niet automatisch voor een ander opgaat en dat een dergelijk risico op het kweken van vooroordelen niet is aan te bevelen.
Er kan worden gewezen op het feit dat zwarte piet een knecht is, stoute kinderen zal ontvoeren en allesbehalve intelligent wordt gepresenteerd aan de onwetende jeugd.
Ook kan er worden gewezen op de nare gevoelens die dit ritueel teweegbrengt bij zwarte kinderen en volwassenen.
Het argument van de traditie en nationalisme (conservatief/religieus)
Een categorie mensen die lastiger zal zijn te overtuigen van het kwaad van zwarte piet zijn de conservatief religieuze Nederlanders die traditie en nationalisme propageren.
Deze figuren zullen de racistische claim tegelijkertijd verwerpen en voor lief nemen.
Zij zullen zich beroepen op drogredeneringen als: “Zwarte piet is populairder dan Sinterklaas” en “Kleine kinderen zijn zich niet bewust van racisme”.
Zelfs als we beide stellingen zullen beschouwen als waar dan ontbreekt nog steeds de noodzaak van het racisme.
Denken deze mensen werkelijk dat als er een Witte Piet zou komen de kinderen niet in de rij zullen staan voor gratis snoep? Zouden de kinderen die niet bewust zijn van racisme opeens problemen krijgen met een Witte Piet?
De voorstanders zeggen feitelijk: waarom morrelen aan een winnende formule?
Het uitgangspunt van de voorstanders lijkt op het eerste gezicht redelijk, maar er is veel dat niet wordt meegenomen in deze opvatting van een winnende formule.
Welke zaken worden genegeerd? De kinderen krijgen mogelijk geen bewuste racistische elementen mee maar onbewust kunnen patronen die zijn opgedaan wel degelijk van invloed zijn op later gedrag. De invloed op donkere volwassenen en kinderen wordt ook volledig genegeerd. De tekst ”ook al ben ik zwart als roet meen het wel goed,” is exemplarisch voor de racistische aspecten van het Sinterklaasfeest.
De voorstanders zeggen dus : de oppervlakkige vreugde van kinderen gaat boven het beledigen van mensen met een donkere huidskleur.
Door de argumentatie voor Zwarte Piet af te schuiven op jonge kinderen ontvluchten de conservatieven het werkelijke principe.
Sinds wanneer is de vreugde van onwetende kinderen een maatstaf voor moreel oordelen?
Het argument voor volwassenen is dat het Sinterklaasfeest zorgt voor nationale identiteit en cohesie. Deze beide stellingen zijn onmogelijk te bewijzen en dat is dan ook precies de reden dat men deze argumentatie aanvoert. Als nationale identiteit en cohesie bestaan is de waarde van deze concepten zeer discutabel. Als we deze termen in de praktijk vertalen zouden ze uitkomen op samenwerking en verbondenheid. Deze concepten zijn niet intrinsiek goed of slecht, het hangt volledig af van de context.
Nationalisme is mooi als het zorgt voor vreedzaam samenleven en het delen van waarden in het voordeel van een ieder. Het is een kwaadaardig concept als het een maskering vormt voor ongelijke rechten (Monarchie) en racisme (Zwarte Piet). Achter al deze argumenten schuilt het werkelijke argument dat deze voorstanders beweegt, namelijk het argument van de traditie.
Traditionalisten zijn niet te overtuigen van enige logica omdat zij in een zelfbedachte voorbestemde werkelijkheid leven. Zij geloven dat dingen moeten zijn hoe ze waren omdat ze niet zonder reden zo waren.
Dit argument negeert rechten, omstandigheden en belangen. Het is een situatie van de status-quo omwille van de status-quo.
Het argument van de populariteit (pragmatisch/populistisch)
De laatste groep voorstanders die er zijn te onderscheiden zijn de zogeheten pragmatische Nederlanders. Ook zij negeren het racisme maar om een geheel andere reden.
Het is geen schaamte maar onverschilligheid. Pragmatici hebben geen waarde ze hebben enkel een doel, de meeste mensen tevreden houden als ware nationaal geluk een statische eenheid.
Deze pragmatici zullen pas nadenken over de Sinterklaasviering als er een gewin is te halen.
Als uit onderzoek zou blijken dat bij afschaffing van zwarte piet er meer te verdienen is dan bij instandhouding dan zouden pragmatische ondernemers geen tegenstanders zijn van het idee.
Als er steeds meer kiezers het racistische element van Zwarte Piet zouden aankaarten bij hun scholen en gemeentes kan er draagvlak ontstaan.
Het is niet ondenkbaar dat een stad als Amsterdam een bepaalde richtlijn zou bepalen voor de presentatie van Zwarte Piet.
Een eerder experiment van Pieten in meerdere kleuren is ook een stap in de goede richting.
De pragmatici kunnen dus worden overtuigd door concrete economische en electorale gevolgen. Als de Afrikaanse en Caribische gemeenschap in Zuid-Oost zou verklaren niet te stemmen als er geen stappen worden ondernomen om een einde te maken aan de huidige racistische viering dan zou dat op zijn minst een debat losmaken.
Ik erken dat politieke partijen chanteren geen ideaal middel is, maar op kleine lokale schaal kan dit wel een domino-effect in werking doen treden.
Het is vooral bij deze groep belangrijk te onthouden dat verwijzingen naar het slavernij-verleden en de slavernij-koets geen effect zullen sorteren.
Conclusie
Wat zijn de belangrijkste richtlijnen in het toewerken naar een einde van Zwarte Piet?
Wij tegenstanders van Zwarte Piet moeten begrijpen dat dit onderwerp niet alleen voor ons gevoelig ligt maar ook voor de voorstanders. Daarom is het essentieel om een tactiek te hanteren die niet kan worden gepolitiseerd.
Wij moeten voorkomen te worden weggezet als linkse multiculti-relativisten die de blanke man van zijn feestje willen stelen. Ook moeten wij niet worden gezien als een populistische racistische beweging die onrust wil veroorzaken.
We zouden dus bij links moeten lobbyen voor sociale gelijkheid.
Bij de conservatieven kunnen we het best appelleren aan hun wens voor sociale cohesie. Geef ze het gevoel dat Zwarte Piet meer breekt dan hij maakt.
De Pragmatische politici kunnen we enkel overtuigen met concrete voorstellen en bewijzen, electorale en economische nadelen van Zwarte Piet.
De Liberalen kunnen we aanspreken op hun basisprincipe van gelijke rechten en hun traditie van rassengelijkheid.
Vandaag de dag worden in Nederland de moslims gemarginaliseerd en vooral door één partij die 1,5 miljoen stemmen binnenhaalde in 2010, namelijk de PVV.
Links, conservatief, pragmatisch en liberaal hebben de moslims tot op een zekere hoogte in bescherming genomen omdat het Nederlanders waren. Nu zijn er 1 miljoen moslims en minder donkere Nederlanders alleen is onze oppositie niet 1,5 miljoen maar meer dan 10 miljoen. Als al deze partijen die het al dan niet terecht opnamen voor moslims zich even zouden inzetten voor ons dan zou deze problematiek als sneeuw voor de zon verdwijnen.
[facebook_ilike]
Geplaatst in Media & meer, OverLeven
3 Reacties
De zwarte lijst
Ik heb niet alleen aangehoord, maar vooral geluisterd.
Ik heb niet alleen woorden geregistreerd, maar vooral gelezen.
Ik heb niet alleen gekeken, maar vooral gezien.
Ik ben uitgemaakt voor omgekeerde racist. Voor extremist. Voor linkse gek.
Ik ben bespot, uitgelachen en genegeerd en vertegenwoordig zo ongeveer alles waar de gemiddelde rechtse keyboard warrior digitaal op spuugt.
Ik heb ruzies met mensen gekregen. Bakken stront en agressie over mij heen gehad.
Soms doet dat pijn. Soms roept dat een kolkende woede op. Soms is het vermoeiend.
Desalniettemin zal ik nooit opgeven, al is het alleen al omdat steeds meer mensen die dit lezen instemmend knikken na bovenstaande woorden, omdat het zo herkenbaar is.
Op basis van de afgelopen 20 jaar heb ik de meest gehoorde argumenten hieronder geciteerd met daaronder de tegenargumenten aangaande de Zwarte Piet discussie.
Ik vraag elke bezoeker die nu deze woorden leest, ongeacht of je mijn mening deelt of niet, met een open mind onderstaande te lezen, na te denken en op basis daarvan te beslissen wat je mening is.
Om misverstanden te voorkomen:
- Nee, ik ben niet voor afschaffing van het Sinterklaas feest. Ik zou alleen graag een aanpassing zien in het uiterlijk van Zwarte Piet
- Nee, ik noem voorstanders van Zwarte Piet geen racist. Ik denk dat voorstanders zich onvoldoende bewust zijn van een racistisch aspect van dit feest: het huidige uiterlijk van Zwarte Piet
‘ZWARTE PIET IS GEEN RACISME WANT…’
1. ‘Het is een kinderfeest!’
* Dus?
Als ik het goed begrijp, is de betiteling ‘kinderfeest’ heilig en mag er niet kritisch naar gekeken worden?
* Hangt het plezier van een kind die dit feest leuk vindt af van de huidskleur van Piet? Nee. Zo’n kindje geniet van de spanning (of angst, want ik ken geen een kind dat niet bang is voor Sint en zijn Pieten), de kado’s en het snoepgoed. Ik geloof niet dat er een kinderzieltje ernstig ontwricht raakt als Piet niet meer zwart is, integendeel.
Daar staat tegenover dat een groeiende groep mensen zich bewuster is geworden van het kwetsende, beledigende en discriminerende verschijnsel genaamd Zwarte Piet.
Dit zijn zaken die niet alleen vanuit menselijk oogpunt reden genoeg zouden moeten zijn om de boel aan te passen, maar ook volgens de grondwet.
* Het feit dat het een kinderfeest is, lijkt mij des te meer reden om kinderen mee te geven dat op basis van een huidskleur geen onderscheid mag worden gemaakt.
Daar is natuurlijk wel sprake van als alle knechten zwart zijn en de enige blanke de baas is.
* Vraag een gemiddeld bruin kind in Nederland hoe ‘leuk’ het is om elke jaar weer rond deze periode voor Zwarte Piet te worden uitgemaakt. En inderdaad: dat ligt aan de ouders die hun kinderen hierin beter zouden moeten opvoeden. Probleem: dat doen ze dus niet.
Dat kunnen jij en ik hen ook niet opleggen. Daarentegen kunnen we wel de invulling van dit feest veranderen en aanpassen aan de huidige samenleving.
2. ‘Zwarte piet komt uit de schoorsteen, daarom is hij zwart.’
* Ach zo! Maar waarom is de Kerstman dan nooit zwart terwijl hij toch ook veelvuldig met schoorstenen werkt? En waarom krijgt de Kerstman geen kroeshaar, gouden oorringen en een Surinaams accent van diezelfde schoorstenen? Om nog maar te zwijgen over de Kerstman zijn dunne lipjes, want Zwarte Piet krijgt klaarblijkelijk ook altijd dikke, rode lippen van de schoorsteen.
Trouwens, sinds wanneer word je dom en ondeugend van schoorstenen?
* Welk huis heeft anno 2011 nog een schoorsteen? Maar eerlijk is eerlijk: die bullshit kunnen we onze kinderen dan ook nog wel wijsmaken naast alle andere leugens, nietwaar?
Opmerkelijk dat in de westerse wereld de gemiddelde pedagoog en papa en mama fel pleiten voor eerlijkheid in de opvoeding, terwijl hun eigen kinderen jarenlang door hen wordt voorgelogen over een enge, oude man die over daken galoppeert met een paard en zijn knecht, namelijk een zwarte man die je in de zak stopt als je stout bent om je mee te nemen naar Spanje.
* Quote: ‘…al ben ik nog zo zwart als roet, ik bedoel het goed.’
Ok, hier dan een mooie verwijzing waaruit een kind kan concluderen dat Piet zo zwart is door het roet van de schoorsteen.
Dat overschaduwt (?) hetgeen er feitelijk wordt gezegd, namelijk dat als je zwart bent, je een slechterik bent. Misschien kan dan ook het fijne nummer van de Zangeres Zonder Naam voortaan worden gezongen bij de intocht: ‘Hij was maar een neger’ (link) want ach, zij bedoelde het toch ook helemaal niet verkeerd?
* Waarom heeft de Hema, toen zij de Nederlandse Sinterklaas introduceerden in de UK/London, de Zwarte Pieten weggelaten? In London zijn alle pietjes mensen zoals jij en ik en hebben slechts wat zwarte veegjes op het gelaat (nu alleen die afro pruik nog weg).
Juist ja: roetvegen.
Heeft dat wellicht te maken met het feit dat de Engelse pleuris uit zou breken als ze daar geconfronteerd zouden worden met Nederlands eigen versie van Black Faces Theatre? Ik schat zo in dat de in London woonachtige bruine mensen not amused zullen zijn.
3. ‘Ja maar hallo zeg! In London is er geen Zwarte Piet bij de Sint, omdat die mensen dat daar gewoon niet snappen. Die begrijpen de lol hier niet van.’
* Of snappen zij het, net als de rest van de wereld, juist zoveel beter in vergelijk met de gemiddelde Nederlander?
* Opdrachtje: beeld je in dat jij een zwarte en een witte buitenlander, (geen allochtoon dus, dat zijn namelijk allang geen buitenlanders meer. Een buitenlander is een toerist) uit bijvoorbeeld Amerika, Senegal, Rusland of Brazilië moet vertellen wat wij vieren op 5 december.
Wat zou je vertellen? Wat zou jij uitleggen over de wijze waarop wij invulling geven aan het Sinterklaas feest? Hulp nodig? Check dan deze link.
En nog een link met hoe de gemiddelde buitenlander tegen ons fijne volksfeest aankijkt: klik hier
4. ‘Ik heb zwarte piet nooit geassocieerd met een neger.’
* Jij wellicht niet. Talloze anderen, bewust danwel onbewust, wel.
Het verzet tegen deze vorm van racisme is niet voor niets groeiende en zoals ik al eerder noemde: vraag een willekeurig bruin kind of hun leeftijdsgenoten die associatie ook niet hebben.
* De uitdrukking ‘Zwarte Piet’ heeft geen positieve associaties: ‘Iemand de zwarte piet toespelen’ (uitdrukking: een ander de schuld van iets verkeerds in de schoenen schuiven waardoor de ander de slechterik is) en ‘Zwartepietten’ (kaartspel waarbij de verliezer degene is die met de schoppen zwarte boer kaart blijft zitten).
5. ‘Kijk de geschiedenis er op na! Sinterklaas en zijn Piet zijn helemaal niet racistisch!’
Ik heb zo ongeveer 89876587 ‘absolute waarheden!’ gelezen en aan moeten horen die zouden moeten bewijzen dat Zwarte Piet juist wél of juist níet racistisch is.
Maar eigenlijk kan het mij geen reet schelen of dit wel of niet ooit het geval was.
Het gaat er om wat het NU uitdraagt, laat zien, oproept en associeert: een witte, oude man op een boot met honderden zwarte knechten.
6. ‘Zwarte Piet is geen slaaf! Hij is gewoon een hulpje/werknemer/goede vriend.’
* Zo lust ik er nog wel een: elke loverboy zal blij zijn als hij vrijgesproken wordt nadat hij aanvoert dat zijn slachtoffer gewoon zijn ‘werknemer, hulpje en goede vriendin’ is.
* Witte man als baas en leider, zwarte mannen als knechten. Klinkt als…?
* Quote: ‘Sinterklaasje kom maar binnen met je knecht’.
Een knecht is een hulpje. Van oorsprong werd een knecht als iemand van lagere stand beschouwd. In de huidige tijd heeft dit woord om die reden een zeer negatieve lading, vandaar ook dat dit woord verruild is voor het huidige ‘assistente’.
De uitdrukking ‘iemand knechten’ is afgeleid van het woord knecht.
De betekenis van deze uitdrukking is onderdrukken of onderwerpen.
Blijkbaar heeft de Sint, die fijne goedheiligman bij de sollicitatie procedure uitdrukkelijk vermeld dat mannen met kroeshaar, rode lippen, een laag IQ en een drang om zich te onderwerpen, de voorkeur genieten.
Wat is het volgende tegenargument? Dat de Sint dus eigenlijk heel erg modern is door positieve discriminatie toe te passen?
7. ‘Het is een traditie.’
* Het was ooit traditie dat vrouwen niet mochten stemmen, homoseksuelen en bruine mensen vermoord werden op basis van hun geaardheid en etnische afkomst.
De KKK in Amerika vindt het een pracht traditie om kruizen in de fik te steken, de Hitler groet te geven en hun haat uit te spreken tegenover niet-blanken en gemengde relaties.
Kortom, een traditie is niet per definitie goed.
Het kan veranderen en aangepast worden op basis van diverse factoren zoals in dit geval onder andere een verandering van de bevolkingssamenstelling en de associatie met de slavernij waar Nederland zich veelvuldig schuldig aan heeft gemaakt.
* Naast de leuke kanten van bepaalde tradities, bestaat het gevaar dat mensen vasthouden aan een traditie omdat het ‘nu eenmaal altijd al zo is geweest’.
De kritiek op onze Zwarte Piet traditie is niet van nu. Die discussie bestaat al meer dan 20 jaar, alleen werd deze kritiek stelselmatig genegeerd, bespot en van tafel geveegd onder hetzelfde mom: ‘het is nu eenmaal traditie.’
Er is niets mis om tradities geregeld onder de kritische loep te nemen. Niets in het leven is statisch. Daarom is het belangrijk om na te gaan of het eigenlijk nog wel past in deze tijd.
8. ‘Ze moeten van ons feest afblijven!!’
* Wie is ‘ons’? De Nederlander? De autochtone Nederlander?
Zo ja: dan behoor ik tot die ‘ons’, maar tegelijk ook niet want ik deel niet de mening dat er van dit feest moet worden afgebleven.
* Wie is ‘ze’? De Nederlandse Surinamers, Antilianen, Afrikanen die tegen Zwarte Piet zijn? De ‘buitenlanders’? Maar het zijn Nederlanders en vallen dus ook onder die ‘ons’.
Wie is in godsnaam ‘ons’!?
* Check effe heel gauw de grondwetten van Nederland.
9. ‘Die hele discussie boeit mij niet.’
Prima. Maar nooit meer zeiken wanneer jij ooit beledigt, gekwetst en gediscrimineerd wordt. Deze discussie gaat niet alleen om Zwarte Piet, maar ook over een aantal grondwetten: de vrijheid van meningsuiting en het verbod op discriminatie.
Als jouw voorouders diezelfde kut houding als die van jou hadden aangenomen, was jij nooit geworden wie jij vandaag kan en mag zijn (en dit geldt voor elke burger in Nederland, ongeacht jouw kleur, geaardheid, geslacht, religie of oorspronkelijke afkomst).
10. ‘Het is een feest van Hollandse mensen, laat ze hun feest vieren. Het is hun ding, als zij dat nou leuk vinden. Het is hun land.’
* Deze uitspraak hebben enkele anderen en ik zelf uit een aantal langdurig in Nederland wonende of in Nederland geboren allochtone monden gehoord. Vraag jezelf eens af hoe jouw voorouders die zo hard hebben gestreden voor de afschaffing van slavernij en ook jouw vrijheid, deze uitspraak van jou zouden vinden.
* Ik krijg bij sommige mensen die deze uitspraak deden, de indruk dat ze onbewust de rol van gast hebben aangenomen.
Een dankbare gast, die op bezoek is bij iemand genaamd ‘Nederland’. Iemand waar ze zich nederig tegen horen op te stellen. Ondanks het feit dat hun gastheer en gastvrouw hen in veel gevallen ooit smeekte om hier naartoe te komen of ooit deporteerde van hun oorspronkelijke landen van herkomst: ‘Wees dankbaar dat je hier mag wonen. Praat als ons. Kleed je als ons. Denk als ons. Zolang je dat maar doet, is er niets aan de hand en zijn wij heel tolerant. Maar dan moet je niet ineens gek gaan doen door te gaan zeiken over rechten enzo.’
11. ‘De kinderen, daar draait het om! Walgelijk dat een stel gefrustreerde mensen een kinderfeestje verzieken met onder andere die bespottelijke protesten.’
* Scroll naar boven en zie punt 1.
* Wat zou jij doen als jouw kritiek waarin jij opkomt voor jouw rechten, consequent wordt genegeerd? Een gemiddeld protest of demonstratie vindt zijn wortels in frustratie ten gevolge van onvrede, onrecht en niet gehoord worden. Effe wakker blijven: deze kritiek klinkt inmiddels al jaren en jaren en wordt al net zolang genegeerd.
Nu dat de protesten zichtbaarder worden, harder klinken en nadrukkelijker aanwezig zijn ten gevolge van o.a. een groeiend bewustzijn, doet men heel verbaast, verontwaardigd, zelfs boos.
* Helaas heeft de geschiedenis uitgewezen dat veranderingen vaak gepaard gaan volgens een vast proces: kritiek wordt genegeerd. Het daarop volgende verzet wordt genegeerd en als dit niet nog langer valt te negeren, wordt het verzet neergeslagen.
Hierna volgt er in het gunstige geval een discussie waar wordt gezocht naar een oplossing.
In het ongunstige geval gebeurt dit niet en zal het verzet toenemen tot het uiteindelijk helaas uit zal monden in gewelddadigheden.
De Zwarte Piet kwestie is nu nog in de verzet fase, waarbij overigens wel al het stadium is bereikt dat dit verzet wordt neergeslagen (lees hier het verslag van de arrestaties in Amsterdam bij de intocht).
Kunnen wij voor een keer iets leren van de geschiedenis en dus samen zoeken naar een oplossing?
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
* Het dragen van een t-shirt, zonder tekens die voor jonge kinderen begrijpelijk zijn, waarop een tekst is te lezen (‘Zwarte Piet is racisme’) verziekt van geen enkel kind het feestje.
Het roept niet op tot haat, geweld en is niet beledigend voor een persoon (verrassing: Zwarte Piet bestaat niet in de vorm van een geregistreerd, Nederlandse burger).
Dit ‘stille’ protest is een uitermate zachtaardige wijze om kritiek te uiten en is niet in strijd met de grondwetten.
Het is een recht om een mening te uiten indien deze niet onder de geldende beperkingen valt.
Het is dan ook niet voor niets dat er kamervragen gesteld worden over deze kwesties: link bekendmakingen kamervragen.
* Wat wél een kinderfeest verziekt, is een onrechtmatig, agressief, gewelddadig en buitensporig hard optreden van de politie die de t-shirts dragers hebben gearresteerd en op de koop toe ook nog twee mensen arresteerden die het politie optreden filmden. Opmerkelijk dat de politie enerzijds oproept tot filmen, maar anderzijds, bijvoorbeeld als hun eigen wangedrag wordt vastgelegd, dit wordt verboden.
12. ‘Ze moeten een keer uit hun slachtofferrol stappen.
Iedere neger die zeikt over die zwarte piet is gewoon zelf gefrustreerd over zijn kleur.
Die zwarte mensen projecteren hun eigen onzekerheden, minderwaardigheidsgevoel op Zwarte Piet.’
Misschien moeten alle homoseksuelen, voormalig onderdrukte vrouwen en Joden dan ook maar eens ophouden met hun ‘slachtofferrol’ met al hun herdenkingsdagen, vrijheidsdagen, parades en meer van dat soort ‘ongein’.
‘Wie zijn geschiedenis niet kent, is gedoemd hem te herhalen’. Er is niets mis met stilstaan bij de niet zo fraaie kanten van de geschiedenis van de mensheid. Een ‘slachtofferrol’ heeft daar niets mee te maken. Bewustzijn, erkenning en groei zullen bijdragen aan de ontwikkeling en het welzijn van ieder mens.
13. ‘Er zijn zoveel ergere dingen in de wereld en in Nederland gaande. Maak je druk om echt belangrijke dingen. Get a life!’
* Dus als ik zeg dat ik buikpijn heb en jij antwoordt mij dat ik helemaal geen buikpijn heb omdat ze in Afrika nog veel meer pijn hebben, is mijn buikpijn verdwenen? Hoe kun jij oordelen over wat een ander voelt?
* Het feit dat er elders zoveel meer onrecht is, maakt niet dat er dus geen oog meer hoeft te zijn voor ons eigen onrecht. Protesteren tegen tradities en deze bekritiseren betekent niet automatisch dat een mens over alles ontevreden is.
14. ‘Zwarte piet is helemaal niet racistisch en ik ook niet! En als die zwartjes dat wel vinden, dan moeten ze lekker opkankeren naar hun eigen zwarte pieten land.’
Deze uitspraak is bijna om te lachen want dit is zo uitermate dom, dat het eenvoudigweg knap is. En daar ben zelfs ik niet tegen opgewassen.
15. ‘Sommige dingen moet je gewoon laten zoals ze zijn.’ 
* Als dat zo is, waarom heeft Zwarte Piet dan al jaren geen roe meer?
Het werd pedagogisch onverantwoord gevonden om hem de roe te laten houden want het zou kinderen bang maken.
Volkomen geruisloos verdween de roe, zonder dat daar ooit moeilijk over werd gedaan door dezelfde groep mensen die verklaren dat sommige dingen gewoon moeten blijven zoals ze zijn. En de roe was niet het enige dat veranderde:
* Sinterklaas heeft lang niet altijd meer het kruis op zijn mijter, aangezien dit door sommige gelovigen als storend/kwetsend werd ervaren.
Zoals te zien is op de beelden bij de intocht in Amsterdam, had de Sint de drie Amsterdamse kruisjes op zijn mijter. Nu is het overigens wachten op de discussie of dit misschien niet een verwijzing is naar de andere betekenis van de ‘triple X’ in combinatie met de Katholieke kerk.
* Tot in mijn tienertijd sprak Zwarte Piet met een Surinaams accent en was hij standaard erg dom en ongehoorzaam. Deze kenmerken zijn nagenoeg verdwenen.
Conclusie: de uiterlijke kenmerken zijn in de loop der jaren aangepast. En terécht aangepast zonder dat dit tot ernstige trauma’s heeft geleid bij kinderen.
16. ‘Ach, wat maakt dat nou uit? Zo’n poeha maken om een zwart geschminkt iemand.’
Precies! Nou, mooi! Dan zijn we er dus over uit! Aangezien het toch niet uitmaakt, kan dus net zo goed die zwarte verf verdwijnen. Zoals mijn vriendin Miss Brownie ook opmerkte: ‘Scheelt ook nog eens pakken geld dat dan niet meer hoef te worden uitgegeven aan al die make up troep.’
17. ‘Als de Pieten niet meer vermomd worden, zullen zij herkend worden door de kinderen. Dan is de lol er wel vanaf.’
Als kinderen wijs kan worden gemaakt dat de Sint over de daken galoppeert, er kado’s in niet bestaande schoorstenen worden gegooid, Sinterklaas heus wel op 6798 plaatsen tegelijk kan zijn en hij het hoort als je maar hard genoeg zingt, moet het toch geen punt zijn om het kind nog meer onzin wijs te maken.
Mocht een kind ineens oom, papa, neef, de schoolmeester zien als Piet, dan komt dat omdat hij naast zijn gewone werk elk jaar in november en december nog een baan erbij heeft als Piet. Opgelost.
18. ‘Eeuwig dat gezeik over de slavernij. Jezus, hoelang wordt dat nog aangevoerd? Die shit is al zolang geleden. Wees blij dat je niet meer rondrent in je blote reet in Afrika en uit jagen moet om wat te vreten op je bord te krijgen.’
* Zoals eerder genoemd, stel ik voor dat we dan ook maar de dodenherdenking en Bevrijdingsdag afschaffen. Of geldt dat ineens als ‘iets heel anders!’ en is alle aandacht voor de Holocaust geen gezeik? Ik vind het persoonlijk allesbehalve gezeik, jij wel?
Ik verwijs graag naar het opinie stuk van journalist Frank Ligtvoet.
Quote: ‘Het is wat demagogisch, maar wat te denken van een van oorsprong Duits kinderfeest in een toekomst die er gelukkig nooit gekomen is, een feest met een Arische leider die een gezellige club snoep uitdelende Joden als knechten om zich heen verzameld heeft. De Joodse gemeenschap zou daar in die toekomst toch wel bezwaar, al was het maar ironisch, tegen mogen maken, lijkt me.’
Lees zijn hele artikel via deze link.
* Dat Nederland graag, veel en vaak zijn walgelijke geschiedenis van slavernij, moord en roof aanpast in school geschiedenis boeken, deze geschiedenis bagatelliseert en zelfs ontkent, weet menig Hollander, Indonesiër, Braziliaan, Surinamer, Antiliaan en Afrikaan.
Afbeeldingen van de slavernij op de gouden koets zijn ‘kunst’ en ‘geschiedenis’ waar we eigenlijk best trots (?) op mogen zijn.
Een slavernij monument in het Amsterdamse Oosterpark werd pas na jaren strijden gerealiseerd. Bij de onthulling hiervan werd de groep mensen waarvoor dit standbeeld was bedoeld, achter dranghekken op afstand gehouden, zodat ze toe konden kijken hoe hun monument, hun erkenning van een vreselijk verleden, werd onthuld door witte Nederlanders: het nageslacht van de vroegere slavendrijvers.
Nazaten van slaven toebijten dat ze dankbaar mogen zijn voor de deportatie van hun voorouders die overigens nog niet eens zo heel lang geleden zijn vermoord, onderdrukt, uitgebuit, verkracht, vernederd en mishandeld, is ziek.
Nog steeds van mening dat Zwarte Piet geen racistisch element is in dit feest?
Prima, dat is je goed recht. Maar heb dan wel de ballen om bij een volgende discussie over dit onderwerp te zeggen: ‘Ik vind het feest op deze wijze leuk en heb lak aan het feit dat het kwetsend en racistisch is.’
Stop met het verschuilen achter argumenten die niet kloppen en keep it real.
Voor de liefhebbers: lees dit geweldige stuk!
Ook interessant is deze argumentatie van Yernaz Ramautarsing, student politicologie: klik hier
Tot slot een big up voor dit ‘gewoon gezellige’ stuk van Peter Breedveld van Frontaal Naakt.
Tot slot: ik nodig iedereen van harte uit mij zijn of haar tegenargument te laten weten dat aan zou kunnen tonen dat Zwarte Piet niet racistisch is.
Ik kijk er halsreikend naar uit!
Iedereen die bovenstaande tegenargumenten of een gedeelte hiervan wil kopieeren tijdens een discussie, is vrij om dit te doen.
Reageren? Graag!
Reacties van Zwarte Piet voorstanders waaruit overduidelijk blijkt dat de persoon geen woord heeft gelezen van hetgeen hier boven staat, worden niet geplaatst om de eenvoudige reden dat ik geen zin heb alle tegenargumenten te moeten herhalen.
Reacties van zowel voor- als tegenstanders die oproepen tot geweld en agressie of dom racistisch gewauwel worden genegeerd en dus niet gepubliceerd.
[facebook_ilike]
Geplaatst in Media & meer, OverLeven, Straatrumoer
Getagd racisme, sinterklaas en zwarte piet, slavernij, zwarte piet, zwarte piet is racisme
99 Reacties
Verslag van arrestaties intocht Sinterklaas Amsterdam
Bron illustraties: Auke VanderHoek
Ongeacht of je wel of niet de mening deelt dat Zwarte Piet symbool staat voor racisme.
Ongeacht of je stug volhoudt dat hij de ‘helper’ en geen slaaf is.
Ongeacht of jij het overdreven vindt, claimt dat het gaat om ‘cultuur’ en verklaart dat alle kindjes dit een fantastisch feest vinden.
Wees gerust: ik ga niet mijn persoonlijke argumentatie, feiten en gevoelens ventileren over dit onderwerp, om de eenvoudige reden dat ik vanmiddag iets heb gezien wat ik nu belangrijker vind om te delen: schending van een grondrecht.
Wij leven in een land waar wij vrijheid belangrijk vinden.
De vrijheid om te zijn wie en wat je bent en de vrijheid om dit ook uit te mogen dragen.
De vrijheid om je mening te uiten.
De feiten van de 5 arrestaties die vanmiddag werden verricht op het Leidseplein in Amsterdam, bij de intocht van Sinterklaas
Al jarenlang worden de gevoelens van een groep mensen genegeerd die zich boos maken of zich gekwetst voelen omdat zij van mening zijn dat het feest van Sinterklaas met zijn Zwarte Pieten racistisch is.
Hier en daar schrijven enkele media er over en op diverse social media sites vinden discussies plaats.
Maar vanuit de politiek wordt de discussie doodgezwegen, genegeerd en anno 2011 zelfs neergeslagen: Quincy Gario droeg een t-shirt met de tekst ‘Zwarte Piet is racisme’.
Hij schreeuwde deze tekst niet.
Hij dreigde geen winkels te plunderen die Zwarte Piet plaatjes in de etalage hadden.
Hij ramde geen Zwarte Pieten in elkaar en had deze intentie ook niet.
Hij stond tussen andere burgers in en droeg zijn t-shirt waarop zijn mening was te lezen.
Wat volgde was een hardhandige arrestatie: klik hier voor de beelden.
Vandaag waren ongeveer zes personen bijeen gekomen.
Het was de bedoeling dat zij een t-shirt zouden dragen met dezelfde tekst. Er was geen enkele intentie om te rellen.
De intentie was wél om hun mening te uiten middels een t-shirt waarop de tekst zou zijn te lezen die Quincy ook droeg: ‘Zwarte Piet is racisme’.
In tegenstelling tot wat de politie heeft verklaard tegenover de pers, werden er géén pamfletten uitgedeeld: er zouden uitsluitend t-shirts worden bespoten met de tekst om deze te dragen als ‘stil’ protest.
Het groepje stond bijeen om de t-shirts uit te pakken. Nog voordat de t-shirts waren aangetrokken, werd een jongeman door enkele agenten aangesproken. Toen hij hierop zijn spullen wilde pakken, werd hij besprongen door meerdere agenten. Hierop ontstond een worsteling. Ondertussen werd een andere jongeman in de boeien geslagen en ook dit gebeurde niet zachtzinnig, ondanks het feit dat hij zich op geen enkele wijze verzette.
Niet veel later werd een jongedame, Miss Kitty aka Miss Skittles hardhandig in de boeien geslagen: ‘Ik werd geroepen om te filmen dat hij niet alleen ten onrechte werd geboeid, maar ook mishandeld. Zo kreeg hij diverse knietjes, vuistslagen in zijn zij en ellebogen in zijn lichaam terwijl hij op de grond lag met diverse agenten op hem en om hem heen. De agenten stonden om hem heen waardoor de mishandeling moeilijk zichtbaar was voor de omstanders. Ik ben op een verhoging geklommen om het alsnog te kunnen filmen. Bij het zien van de klappen schreeuwde ik uit dat dit niet kon. Hierop werd ik aangehouden op een onnodig hardhandige manier waarbij ook ik vuistslagen in mijn rug kreeg terwijl ik mij niet verzette. Ik filmde dit alles voor mijn radio programma genaamd de Miss Kitty show waar ik over dit onderwerp graag wilde debatteren. De beelden zou ik op mijn FaceBook plaatsen zodat deze konden worden bekeken en als bijdrage zouden dienen aan de discussie.’
Update 00:02 Kitty is inmiddels vrij. De opnamen waarin was te zien dat de jongeman werd mishandeld terwijl hij op de grond lag, zijn door de politie na haar arrestatie verwijderd van haar camera.
Een andere jongedame, Viera Denise, (initiatiefneemster van de petitie ‘weg met zwarte piet’) reageerde op een motoragent die, ondanks hij op dit moment een ambtenaar in functie was, zijn persoonlijke mening uitte tegenover haar.
Zo merkte de agent tegen Viera op of zij het ‘zelf ook niet een beetje belachelijk vond om deze actie uit te voeren’ en dat het ging ‘om een kinderfeest.’
Op schampere toon uitte hij herhaaldelijk hoe belachelijk hij dit vond.
De eerste gearresteerde jongeman werd door vier agenten weggevoerd naar de zijstraat van het Leidseplein, waar hij door twee agenten hard tegen de muur werd geduwd in een portiek.
Zijn armen waren geboeid op zijn rug, de agenten duwden zijn onderlichaam krachtig tegen de muur waardoor hij zich niet kon bewegen.
De agenten wikkelden hierop zijn eigen sjaal strak om zijn hoofd, inclusief zijn gezicht en dus ook luchtwegen, wellicht om hem het zwijgen op te leggen aangezien hij bleef herhalen dat Zwarte Piet racisme is. 
Ondertussen was de eerder genoemde motoragent ook in de zijstraat en uitte weer zijn persoonlijke mening over dit onderwerp tegenover Viera. Toen zij hierop verklaarde dat zij zich als kleurling gediscrimineerd voelt in haar eigen land, reageerde de ambtenaar in functie nogmaals en herhaalde zijn eerdere teksten en de opmerking: ‘Sinterklaas heeft ook rechten’.
De jongedame herhaalde fel en geëmotioneerd haar mening, waarop een collega agent de verhitte discussie, gestart door zijn collega, trachtte te sussen met de opmerking tegen Viera dat ze vooral niet moest luisteren naar zijn collega. Dit herhaalde de agent diverse keren, aangezien zijn collega doorging met het uiten van zijn mening op een provocerende wijze.
Viera bleef haar mening als reactie hierop ook herhalen, ondertussen omsingeld door 5 agenten, waaronder twee politie agenten te paard. Een van deze vrouwelijke agenten plaatste nog de opmerking dat er ‘tegenwoordig ook niets meer mag: geen jodenkoeken en geen negerzoenen.’
Even later werd Viera geboeid afgevoerd naar bureau Elandsgracht omdat zij weigerde te zwijgen.
Tijdens alle consternatie werd door diverse personen gefilmd. Een van deze personen was de rapper Reallity SoReall: een sympathisant van het groepje.
Hij filmde met zijn telefoon en verklaarde ondertussen tegen een AT5 cameraman dat hij het een racistisch feest vindt en het recht heeft zijn mening te uiten. Hierop werd hij aangesproken door verschillende agenten, die hem sommeerden te stoppen met het filmen van de arrestaties, terwijl de aangehouden personen herhaaldelijk riepen dat zij toestemming gaven aan iedereen om te filmen. De jongeman zei dat hij dit recht ook had en werd daarop ook in de boeien geslagen.
Hij droeg geen t-shirt, hij schold, beledigde of schoffeerde niemand en toonde ook geen enkele spoor van agressie in zijn lichaamstaal.
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
Het is ons grondrecht.
Een groot goed dat ons garandeert dat wij vrij zijn.
Vrij zijn om onze mening te mogen uiten.
Maar schijnbaar leven we anno 2011 in een land, waarin dit in toenemende mate uitsluitend lijkt te zijn weggelegd voor bepaalde politici, omdat het dan ineens niet valt onder de zogenaamde beperkingen die gelden bij dit grondrecht en die kunnen maken dat het uiten van jouw mening wordt beperkt.
Schijnbaar tast het dragen, of zelfs de intentie hebben om het dragen van een shirt met een tekst waarop een mening is te lezen, de nationale veiligheid aan: dit is namelijk een van de vermelde beperkingen.
Of valt dit wellicht onder een andere beperking die is vermeld in de grondwet van de vrijheid van meningsuiting: ‘…om de verspreiding van vertrouwelijke mededelingen te voorkomen.’
Wanneer mensen stelselmatig worden genegeerd zullen zij er niet het zwijgen toedoen.
Zij zullen luider gaan spreken, in de hoop een discussie te starten.
Maar wat zou jij doen wanneer je dan alsnog niet wordt gehoord? Je monddood wordt gemaakt door jou te arresteren omdat je stilzwijgend een protest shirt draagt?
Vrijheid is een groot goed en daar hebben heel wat mensen voor gestreden. Dat mag nooit worden vergeten.
Ik ben een Nederlander en bovenal een Amsterdammer.
Mijn vader, die de oorlog nog heeft mee gemaakt, wees mij altijd op de tekst die is te lezen op het Weteringcircuit.
Als kind begreep ik die tekst niet zo goed.
Nu wel.
Update: de politie verklaarde tegenover AT5 dat er pamfletten werden uitgedeeld waardoor er sprake was van opruiing (een reden voor aanhouding).
Dit is een leugen.
Er waren geen pamfletten. Er waren t-shirts, 2 tekst sjablonen en enkele verf spuitbussen om de shirts ter plekke te bespuiten. Helaas hebben diverse media klakkeloos de onjuiste politie verklaring overgenomen en gepubliceerd.
[facebook_ilike]

Reageren op deze posting? Prima, ook als meningen erg verschillen publiceer ik deze.
Maar beste key board warriors: racistisch, agressief, hatelijk, kort door de bocht, onnodig kwetsend en dom gelul dat inhoudelijk niets toevoegt aan de discussie, wordt geweigerd.
Deze regel geldt dus voor iedereen: ongeacht of je voor- of tegenstander bent van Zwarte Piet.
Tot nu toe heb ik trouwens slechts 3 reacties geweigerd.
Geplaatst in Media & meer, OverLeven, Straatrumoer
110 Reacties
22 jaar
‘Mensen komen, mensen gaan. En er is maar één persoon, die je vanaf je geboorte bij zal staan. Dat ben jij zelf. Zorg er dus voor dat je jezelf een beetje aardig vindt. Ga met jou om, zoals met jouw beste vriendin want je zit voor je leven lang aan jezelf vast.’
Ik sprak deze woorden tot vervelends aan toe tegen Nichtje.
De laatste jaren in toenemende mate bij stomme vriendjes waarvan zij niet zag hoe stom ze eigenlijk waren. Naarmate zij ouder werd ben ik, voor mijn doen dan, spaarzamer geworden in het aantonen, bewijzen en discussiëren over hun stupiditeit, want ooit was ik haar en eigenlijk duurde dat wel tot mijn 30e jaar.
‘Mensen komen, mensen gaan.’
Als zij dit stukje leest, wat ik overigens betwijfel, want helaas zoals vele jonge mensen kost lezen teveel moeite tenzij het op de ping is, dan zal zij glimlachen want ze moet deze woorden nog kennen.
Ik weet niet of ze zich zal herinneren wanneer ik ze voor het eerst tegen haar zei.
Ze was nog een kleuter en huilde dikke tranen toen haar vriendinnetje was ‘afgepakt’ door een ander meisje.
Ik veegde haar tranen en probeerde het uit te leggen.
‘Mensen komen, mensen gaan.’
Ik sprak ze zachtjes tegen haar toen ze als peuter na zijn zoveelste belofte, voor de zoveelste keer paraat zat op de bank met haar jasje aan, haar kindertasje met slaapspullen stevig tegen zich aangeklemd, wachtend op papa.
Haar moeder en ik veelzeggende blikken uitwisselend naarmate de afgesproken tijd verstreek. Blikken waarin woordeloos onze woede jegens hem werd geuit omdat hij haar, zijn eigen vlees en bloed voor de zoveelste keer liet vallen zoals hij altijd had gedaan en altijd zal blijven doen.
Elke keer als er een auto in de straat klonk, sprong ze opgelucht met een kreet van de bank om naar het balkon te rennen zodat ze papa al welkom kon zwaaien, want zie je wel: hij was er!
Maar hij was er nooit.
Ze wordt 22 jaar komende week.
Tweeëntwintig.
Volwassen.
Ik moet haar een vrouw noemen van de maatschappij. En ik doe net alsof ik dat heel goed kan en dat ook normaal vind.
Soms moet ik haar laten gaan, bijvoorbeeld als ik voor de zoveelste keer vraag of ze wel oppast met uitgaan en of ze wel goed heeft gegeten en vooral ook of ze niet net zo bijdehand wil doen tegen mensen zoals haar tante kan doen.
Stiekem ben ik dan een beetje droevig maar lach dapper mee omdat ze gelijk heeft wanneer ze lachend tegen mij opmerkt dat ze al 22 wordt.
Peinzend kijk ik even voor mij uit en in mijn hoofd zijn we ineens weer 19 jaar terug.
Ik woonde nog thuis, bij mijn vader en haalde haar zoals vaak gebeurde, op bij haar moeder om een weekend bij mij en opa te logeren.
Blij met deze onverwachte verrassing holde ze naar haar slaapkamertje om haar pyjama te pakken.
‘Is deze tof?’ klonk even later haar peuterstem en toen Zus en ik opkeken hield ze haar favoriete pyjama voor haar peuterlijf en wachtte gespannen mijn reactie af.
‘Prachtig, geweldig!’ antwoordden haar mama en ik in koor.
Niet veel later zaten we samen in de trein, haar korte beentjes bengelden over de rand van de bank en kwamen net tot aan de verhoging die aan de zijkant bij de zitplaatsen, onder de prullenbak in de meeste treinen zit.
‘Wat is dit?’ vroeg ze en wees op de verhoging waar ze net haar peutervoetjes op kon zetten.
Achteloos wierp ik een blik naar beneden om quasi afwezig te antwoorden: ‘Dat? Weet je dat niet?’
Verwoed schudde ze haar hoofd heen en weer en wachtte mijn antwoord af.
‘Nou, ik heb dus effe de baas van alle treinen een brief geschreven dat dit dus echt niet kan; al die treinen zonder die verhoging er in. Want mijn nichtje, jij dus, kan dan dus niet met haar voetjes op de grond zonder hulp van een voet verhoging. Dus die baas van alle treinen heeft toen direct in alle treinen een verhoging gemaakt. Voor jou, dus.’
Ik draaide mijn gezicht wat af, vertrok geen spier, tuurde wat naar buiten en gluurde ondertussen vanuit mijn ooghoeken naar haar.
Na een diepe stilte van een seconde of tien, klonk haar stem wantrouwend: ‘Echt?’
‘Ja, tuurlijk!’ riep ik bijna verbaasd en verontwaardigd uit, ’Waarom zou het er anders zitten? En dat verdien jij toch, zo’n voeten ding?’
Ik keek weer naar buiten.
Ze aarzelde want ze wist, ondanks haar 3 jaar, dat haar tante dol was op grapjes en beschikte over een ietwat vreemde en rijke fantasie.
Met een lichte frons bleef ze mij aankijken, ondertussen in haar hoofd toetsend hoe groot de kans was dat deze op zich logisch klinkende verklaring op waarheid berustte.
Ik keek haar aan en deed net alsof ik hetgeen al weer was vergeten wat ik haar even daarvoor vertelde: ‘Wat is er, schat?’
Ze besloot dat ik de waarheid sprak. Er brak een lach door op haar snoetje: ‘Niks.’
Na dik een half jaar vroeg Zus mij terloops wat Nichtje toch iedere keer bedoelde als zij bij hoog en laag volhield dat die voet verhoging in de trein voor haar was. Ik grijnsde en instrueerde Zus vooral nooit te vertellen hoe het echt zat.
Tweeëntwintig.
Ik kan haar niet meer wijsmaken dat ik de baas van de treinen brieven schrijf.
Ook niet dat de witte koeien melk geven en de bruine chocolademelk. En dat er een kaboutertje op mijn kast woonde, vond ze toen bij nader inzien toch best eng dus heb ik hem toen al vrij snel laten verdwijnen. Ik hoef niet meer elke avond te bellen voordat ze gaat slapen om samen drie liedjes te zingen die zij mag uitkiezen.
Maar er zijn een aantal verhalen die ik vertelde, die ze zal blijven geloven, omdat ze weet dat ze waar zijn.
Verhalen over mensen die komen en mensen die gaan.
Maar ook verhalen over onvoorwaardelijke liefde en hoeveel een tante van haar nichtje kan houden.
[facebook_ilike]
NB
Iedere jongen, man, knul, kerel, vent, kill die, al is het per ongeluk, enige vorm van lust en aantrekkingskracht ervaart bij het zien van deze foto van mijn nichtje, sla ik op zijn bek. Dan weet je dat.
![]()

Integreren doe je zo
Ik ben de beroerdste niet, dus lever ook ik graag een bijdrage aan de integratie.
Dat moet je gewoon gezellig samen doen, dat integreren.
Ik doe al jaren goed mee, al zeg ik het zelf.
Zo kom ik standaard te laat op privé afspraken en leer blanke Nederlanders op die manier iets authentieks van de Surinaamse en Antilliaanse cultuur. Twee vliegen in één klap want bij een afspraak met een Anti of Su vriend of vriendin, hebben ze bij mij direct dat vertrouwde gevoel van thuis.
Ook heb ik veel geleerd hoe je écht ruzie moet maken van Surinamers en Antilianen: niks rustig uitpraten terwijl je overkookt van razernij. Geen blokje omlopen om ‘even af te koelen’: gewoon die ander geven wat íe verdient op dat moment: een enorme scheldkanonnade (gillend) en wat gooien en smijten met huisraad, eventueel mag dat gericht op de ander.
Ik doe mijn schoenen uit zodra ik thuis kom en bezoek ik een Islamitisch persoon in zijn of haar huis, dan doe ik dit standaard al bij de voordeur.
In veel Amsterdamse trappenhuizen loop je dan wel het risico op je sokken naar huis te moeten, aangezien er altijd wel buren zijn die per ongeluk jouw schoenen aantrekken en dan vooral wanneer je net die dag je Air Jordans of Gucci pumps draagt.
Voor mij is het meer dan logisch als niet-Moslim om geen pizza met salami aan een Islamitische gast voor te schotelen en ook vooral níet naar de bioscoop te gaan in Amsterdam tijdens het Suikerfeest, maar dit laatste geldt ook voor veel moslims die klooien, rellen, zieken en provoceren niet als feest onderdeel beschouwen van deze viering.
Steekt een Marokkaanse/Turkse man of vrouw de hand uit, dan geef ik automatisch mijn hand. Letterlijk ‘geven’: ik leg mijn hand bewegingloos, bijna slap in de andere hand zonder deze beet te pakken en nog een keer stevig te schudden zoals je bij Nederlanders moet doen, wil je niet onmiddellijk het stempel ‘onbetrouwbaar, karakterloos’ krijgen opgeplakt.
Ben ik in het gezelschap van Turkse, Marokkaanse, Antilliaanse of Surinaamse vrouwen, dan kan ik zodra we elkaar een beetje leren kennen en de klik er is, schaamteloos typische vrouwen problemen ter sprake brengen. Ook sex, relaties en sex problemen zijn onderwerpen waar oeverloos en volkomen vrij over kan worden gesproken.
Stilzwijgend kennen alle vrouwen de ongeschreven regels en doen er direct het zwijgen toe zodra onze gemeenschappelijk buitenstaander, ook wel in sommige gevallen de gemeenschappelijke vijand genoemd, in beeld komt: de man.
In tegenstelling tot wat veel Nederlanders denken, praten veel allochtone vrouwen vele malen openlijker, vrijer, minder verkrampt en onderling veel sneller over relaties en sexualiteit, in vergelijk met blanke Nederlandse vrouwen waar met name onder de zogenaamde ‘nette’ categorie, pas na jarenlange vriendschap of helemaal nooit over deze onderwerpen wordt gesproken omdat je deze persoonlijke zaken ‘prive hoort te houden’.
Van nature ben ik nogal aanrakerig.
Zeer zeker niet altijd op een sexuele manier, maar gewoon, als onderdeel van mijn ietwat nadrukkelijke wijze waarop ik communiceer. Waarom mij uitsluitend beperken tot woorden, als ik ook nog mijn wapperende handen, armen en mimiek heb? Dus leg ik handen op schouders, aai over wangen en hoofden, omhels en wrijf ik bemoedigend over handen.
Dat wordt nogal eens raar gevonden onder veel van mijn blanke landgenoten.
Waar veel allochtonen het normaal vinden en dit een warme, normale onderbouwing vinden van hetgeen ik zeg op dat moment, schrikken veel blanke mensen ervan, van al dat gefrummel.
Komen ze van buiten Amsterdam, dan is het direct verklaard volgens hen zodra ze horen dat ik uit de hoofdstad kom: ‘Och, dat is dat typische, joviale Amsterdamse want die hebben dat allemaal daar, dat aan elkaar zitten enzo,’ denken ze dan.
Het integratie mes snijdt natuurlijk wel aan twee kanten, dus omgekeerd lok ik ook graag hier en daar wat mensen naar een wereld, die zij nog niet zo best kennen.
De blanke wereld bijvoorbeeld die, behalve door mensen, ook veelvuldig bevolkt wordt door huisdieren.
De eerste en tweede generatie van met name Turkse en Marokkaanse afkomst, hebben over het algemeen een panische angst voor honden, los nog van het feit dat ze honden vaak vies vinden.
Ongeacht of de hondjes er uitzien als fluffy knuffelbeertjes en het formaat hebben van een uit zijn krachten gegroeide cavia, de angst blijft:
hond = tanden=bijten= levensgevaarlijk!
Hoe vriendelijk mijn hondjes ook glimlachen, zelfs zwaaien naar mijn Islamitische buurtbewoners, ze blijven zich praktisch tegen de straatmuur aandrukken zodra wij hen passeren, daarbij hun kinderen mee sleurend.
Maar ik heb hoop, goede hoop!
‘Mevrouw!,’ hoor ik een kinderstem schallen over het pleintje waar ik mijn twee hondjes uitlaat.
Ik kijk op en zie twee jongentjes van een jaar of 8 bijna struikelend over hun schoenen mijn kant uit komen rennen. ‘Mevrouw mag ik aaien?,’ hijgt Mohammed zoals ik hem in gedachten doopte toen ik hem de eerste keer zag.
‘Die bruine mag je aaien, maar die zwarte is bang voor kindjes, dus laat die maar even met rust,’ glimlach ik.
Zijn vriendje kijkt gespannen en bewonderend toe, ondertussen om de drie seconden zijn snotneus ophalend.
Mohammed strekt zijn hand uit naar Diego waarop deze onmiddellijk aan de kinderhand wil snuffelen. Mohammed laat dit toe en aait dan Diego over zijn koppie en rug.
‘Zie je nou, hij doet niks. Jij moet ook aaien,’ zegt hij over zijn schouder tegen zijn maatje die het nog steeds niet helemaal vertrouwd en op veilige afstand toekijkt, ‘Of durf je niet? Je hoeft niet bang te zijn. Hij snuffelt om kennis te maken en met zijn staart zwaait hij nu naar mij. Daarom kwispelt hij, hij vindt mij aardig,’ legt Mohammed uit, precies zoals ik hem had uitgelegd toen hij voor de eerste keer, een hele poos geleden, Diego wilde aaien.
Zijn vriendje aarzelt, zet zich dan toch over zijn angst heen en doet een stap naar voren.
‘Zullen we het samen doen?’ vraag ik hem en steek mijn hand naar hem uit.
Hij knikt wat verlegen en legt zijn handje in de mijne. Samen hurken we.
Diego richt zijn neusje op en snuffelt aan zijn hand waarop het jongetje naar achter deinst en paniekerig uitgilt: ‘Hij wil mijn vingers eten met zijn tanden!’
Mohammed en ik lachen en nog voor ik het kan uitleggen, demonstreert Mohammed nogmaals dat er echt niks gebeurt omdat hondjes nu eenmaal zo groeten. Bij de tweede poging gaat het goed en hand in hand aaien we samen Diego. Inmiddels hebben zich zeker vier andere buurtkindjes om ons heen verzameld. Aanzien krijg je natuurlijk niet zomaar, je moet je strepen verdienen. Dat weet Mohammed als geen ander: ‘Mevrouw mag ik even de riem vasthouden en mee lopen met u?’
En daar gaan we. Mohammed wandelt als de Cesar Millan van Amsterdam oost met mijn hond en doet dit op een manier alsof hij niets anders doet in zijn leven, gevolgd door een hele kinderkaravaan die in omvang alleen maar toeneemt, want dit is natuurlijk niet iets wat elke dag gebeurt: Mo die een echte hond durft uit te laten.
De rest kan niet achter blijven, dus de een na de ander vraagt nu om te aaien en even de riem vast te houden.
Sinds die dag, heb ik twee uitlaat routes. De undercover route waar geen kind is te bekennen en, als ik tijd en zin heb, de route naar het pleintje, waarvan ik weet dat daar talloze Mohammed’s, Radjin’s, Soumaya’s, Ibrahim’s en Nadia’s spelen die allemaal willen aaien en mee willen helpen met uitlaten.
Uren en uren kost het mij, dat bijdragen aan wederzijds integreren.
Maar eigenlijk weet ik niet wie dat leuker vindt: ik zelf of de kinderen die na afloop altijd weer vol trots naar huis rennen om te vertellen over hun prestatie. Daar kunnen hun moeders nog wat van leren.
[facebook_ilike]
Geplaatst in OverLeven, Straatrumoer
1 reactie
Ongecensureerde levenslessen
Elk jaar verheugt de nieuwe lading zich er weer op: ‘Juf! Juffrouw! Vandaag krijgen we toch criminelen les en komt er toch een boef!?’
‘Er komen inderdaad een meneer en een mevrouw jullie vertellen over zijn of haar leven,’ corrigeer ik dan fijntjes, wat trouwens meestal niet eens meer wordt gehoord omdat ze alleen nog maar mijn bevestiging op hun vraag uit mijn woorden halen.
Sowieso is een onderbreking of verandering van de ‘gewone’ les altijd goed. Ongeacht wie of wat die les onderbreekt of vervangt. Maar dit is écht leuk want sensatie.
Van de 25 jonge tieners die verwachtingsvol, schreeuwend, duwend en sjorrend aan elkaar het leslokaal in komen denderen, kent een deel heus wel al wat boeven: uit de buurt of omdat ze er mee samenleven thuis. Deze kinderen lopen wat rustiger naar binnen, quasi onverschillig, waarbij een razendsnelle blik door het lokaal gaat om te kijken of de ‘boef’ er al is en zo ja, om deze in hetzelfde razendsnelle tempo op te nemen.
In veel gevallen glijdt er een lichte teleurstelling over de tienergezichten. Want er staat helemaal geen echte boef.
Er staat een gewone meneer of mevrouw. In het beste geval is er misschien een tattoo te zien, maar ja, dat heeft hun eigen oma, moeder, broer of zus ook.
Ik wacht tot ze stil zijn en kijk ze dan stuk voor stuk aan met mijn hele serieuze gezicht voor ik begin te praten: ‘We hebben vandaag gasten. Iemand die vast heeft gezeten en daar jullie over wil vertellen en ook over keuzes maken in je leven en de gevolgen daarvan. Dat is heel bijzonder en heel aardig van deze mensen, maar ook een beetje eng voor ze. Stel je voor dat jij een spreekbeurt moet houden. Dan ben je zenuwachtig, toch?’ Ernstige koppies knikken bevestigend op mijn vraag.
‘Nou, beeld je dan eens in dat jij tijdens jouw spreekbeurt over iets heel erg persoonlijks moet vertellen en dan ook nog eens aan een hele groep 13 jarigen, die jij nog nooit hebt gezien. Dan stel je je wel heel kwetsbaar op. Dat vergt moed, dat is dapper. Helemaal als je je bedenkt dat ze hier heel weinig geld voor krijgen. Ze doen dit dus voor jullie, helemaal speciaal voor jullie. Dat verdient respect. En hoe uiten wij dit respect?’
Veel vingers gaan de lucht in. Ik wijs er eentje aan van een jongentje die met zijn priemende blik mij smeekt hem de vraag te laten beantwoorden: ‘Door goed te luisteren. En niet uitlachen. En bedanken er na.’
‘Heel goed,’ knik ik, ‘en ook door goede vragen stellen. Want je moet in het leven altijd vragen durven stellen. Daar leer je van. Zolang je de vraag maar stelt om er echt wat van te leren, niet om stiekem je eigen mening op te dringen, stoer te doen of grappig te willen zijn.’
De enkele seconden stilte die ik nog laat vallen voor ik het woord geef aan de twee gasten, is oorverdovend en dat is precies wat ik wil voor deze bijzondere levensles die deze mensen gaan geven.
De jonge vrouw begint te vertellen.
Over toen zij hun leeftijd had en hoe verschrikkelijk mis het achteraf gezien eigenlijk al op die leeftijd ging.
Haar tienertijd waarin zij zich zo graag wilde laten gelden. Haar frustraties en aangedane onrecht omzette in woede en fysiek geweld in een grote boze wereld waarin zij leerde om haar masker steeds vaker op te zetten. Net zolang, tot het haar eigen werd en haar masker versmolten was tot haar eigen gezicht.
Maar het kon nog veel misser gaan.
Zo verschrikkelijk mis, dat ze op 21 jarige leeftijd in zuid Amerika vast kwam te zitten nadat ze gepakt was met een paar kilo. Op haar toch al niet geringe strafblad dat inmiddels volstond met veroordelingen wegens geweldsdelicten, roof en diefstal, prijkte nu ook nog drugssmokkel.
Ze vertelt er over en spaart zichzelf niet.
Er is een ding, waar ze geen woord over rept: het antwoord op de vraag waarom het toch zo mis ging toen zij nog een klein meisje was. Want het laatste wat zij wil, is zielig overkomen of de indruk wekken, zoals vele anderen bewust danwel onbewust te vaak doen, hun rugzak met verdrietige bagage als excuus aanvoeren voor hun wandaden van later.
Ze vertelt over hoe zij, ondanks haar jonge dochter, tóch drugs ging smokkelen, wetende, dat de pakkans er natuurlijk was. Wetende, dat ze haar kind daarmee liet vallen, maar tegelijk ook niet vanuit haar toenmalige, wanhopige perceptie: de stapel rekeningen en de torenhoge schulden konden na deze klapper immers eindelijk allemaal worden betaald. En dan, ja dan… Dan zou ze het echt allemaal anders gaan doen, samen met haar kleine meid helemaal opnieuw beginnen. Ze zou alsnog haar school afmaken, een baan zoeken en een rustig leven gaan leiden.
Haar eerste telefoontje vanuit het verre Amerika naar Nederland was de moeilijkste die zij ooit had moeten plegen.
De klas luistert ademloos. Hun honger naar sensatie is verdwenen.
Ineens is de boef, de les, dit alles helemaal niet meer spannend. Niet gangster. Niet stoer.
Na een half uur wordt het woord gegeven aan de andere gast, die op zijn beurt vertelt hoe zijn transport bedrijf met een dikke jaaromzet, een miljoenen omzet werd nadat er een hasjlijn als transportlijn werd toegevoegd.
Het kon niet op: nog een huis erbij, meer geld, succesvol, geliefd, feesten en nog heel veel meer geld.
Tot de boel werd opgerold en hij zijn huis, huwelijk, kinderen en de ontelbare vrienden kwijt raakte nadat hij als baas werd opgepakt in een noord Europees land.
‘Er komen inderdaad een meneer en een mevrouw jullie vertellen over zijn of haar leven,’ corrigeer ik dan fijntjes, wat trouwens meestal niet eens meer wordt gehoord omdat ze alleen nog maar mijn bevestiging op hun vraag uit mijn woorden halen.
Sowieso is een onderbreking of verandering van de ‘gewone’ les altijd goed. Ongeacht wie of wat die les onderbreekt of vervangt. Maar dit is écht leuk want sensatie.
Van de 25 jonge tieners die verwachtingsvol, schreeuwend, duwend en sjorrend aan elkaar het leslokaal in komen denderen, kent een deel heus wel al wat boeven: uit de buurt of omdat ze er mee samenleven thuis. Deze kinderen lopen wat rustiger naar binnen, quasi onverschillig, waarbij een razendsnelle blik door het lokaal gaat om te kijken of de ‘boef’ er al is en zo ja, om deze in hetzelfde razendsnelle tempo op te nemen.
In veel gevallen glijdt er een lichte teleurstelling over de tienergezichten. Want er staat helemaal geen echte boef.
Er staat een gewone meneer of mevrouw. In het beste geval is er misschien een tattoo te zien, maar ja, dat heeft hun eigen oma, moeder, broer of zus ook.
Ik wacht tot ze stil zijn en kijk ze dan stuk voor stuk aan met mijn hele serieuze gezicht voor ik begin te praten: ‘We hebben vandaag gasten. Iemand die vast heeft gezeten en daar jullie over wil vertellen en ook over keuzes maken in je leven en de gevolgen daarvan. Dat is heel bijzonder en heel aardig van deze mensen, maar ook een beetje eng voor ze. Stel je voor dat jij een spreekbeurt moet houden. Dan ben je zenuwachtig, toch?’ Ernstige koppies knikken bevestigend op mijn vraag.
‘Nou, beeld je dan eens in dat jij tijdens jouw spreekbeurt over iets heel erg persoonlijks moet vertellen en dan ook nog eens aan een hele groep 13 jarigen, die jij nog nooit hebt gezien. Dan stel je je wel heel kwetsbaar op. Dat vergt moed, dat is dapper. Helemaal als je je bedenkt dat ze hier heel weinig geld voor krijgen. Ze doen dit dus voor jullie, helemaal speciaal voor jullie. Dat verdient respect. En hoe uiten wij dit respect?’
Veel vingers gaan de lucht in. Ik wijs er eentje aan van een jongentje die met zijn priemende blik mij smeekt hem de vraag te laten beantwoorden: ‘Door goed te luisteren. En niet uitlachen. En bedanken er na.’
‘Heel goed,’ knik ik, ‘en ook door goede vragen stellen. Want je moet in het leven altijd vragen durven stellen. Daar leer je van. Zolang je de vraag maar stelt om er echt wat van te leren, niet om stiekem je eigen mening op te dringen, stoer te doen of grappig te willen zijn.’
De enkele seconden stilte die ik nog laat vallen voor ik het woord geef aan de twee gasten, is oorverdovend en dat is precies wat ik wil voor deze bijzondere levensles die deze mensen gaan geven.
De jonge vrouw begint te vertellen.Over toen zij hun leeftijd had en hoe verschrikkelijk mis het achteraf gezien eigenlijk al op die leeftijd ging.
Haar tienertijd waarin zij zich zo graag wilde laten gelden. Haar frustraties en aangedane onrecht omzette in woede en fysiek geweld in een grote boze wereld waarin zij leerde om haar masker steeds vaker op te zetten. Net zolang, tot het haar eigen werd en haar masker versmolten was tot haar eigen gezicht.
Maar het kon nog veel misser gaan.
Zo verschrikkelijk mis, dat ze op 21 jarige leeftijd in zuid Amerika vast kwam te zitten nadat ze gepakt was met een paar kilo. Op haar toch al niet geringe strafblad dat inmiddels volstond met veroordelingen wegens geweldsdelicten, roof en diefstal, prijkte nu ook nog drugssmokkel.
Ze vertelt er over en spaart zichzelf niet.
Er is een ding, waar ze geen woord over rept: het antwoord op de vraag waarom het toch zo mis ging toen zij nog een klein meisje was. Want het laatste wat zij wil, is zielig overkomen of de indruk wekken, zoals vele anderen bewust danwel onbewust te vaak doen, hun rugzak met verdrietige bagage als excuus aanvoeren voor hun wandaden van later.
Ze vertelt over hoe zij, ondanks haar jonge dochter, tóch drugs ging smokkelen, wetende, dat de pakkans er natuurlijk was. Wetende, dat ze haar kind daarmee liet vallen, maar tegelijk ook niet vanuit haar toenmalige, wanhopige perceptie: de stapel rekeningen en de torenhoge schulden konden na deze klapper immers eindelijk allemaal worden betaald. En dan, ja dan… Dan zou ze het echt allemaal anders gaan doen, samen met haar kleine meid helemaal opnieuw beginnen. Ze zou alsnog haar school afmaken, een baan zoeken en een rustig leven gaan leiden.
Haar eerste telefoontje vanuit het verre Amerika naar Nederland was de moeilijkste die zij ooit had moeten plegen.
De klas luistert ademloos. Hun honger naar sensatie is verdwenen.
Ineens is de boef, de les, dit alles helemaal niet meer spannend. Niet gangster. Niet stoer.
Na een half uur wordt het woord gegeven aan de andere gast, die op zijn beurt vertelt hoe zijn transport bedrijf met een dikke jaaromzet, een miljoenen omzet werd nadat er een hasjlijn als transportlijn werd toegevoegd.
Het kon niet op: nog een huis erbij, meer geld, succesvol, geliefd, feesten en nog heel veel meer geld.
Tot de boel werd opgerold en hij zijn huis, huwelijk, kinderen en de ontelbare vrienden kwijt raakte nadat hij als baas werd opgepakt in een noord Europees land.
Aan het eind van de les mogen de kinderen vragen stellen. Maar ze zijn stil. Doodstil.
‘Jongens, ik heb het al verpest al strijd ik elke dag mij kapot om het goed te maken. Maar dat gaat zo verschrikkelijk moeilijk. Alsjeblieft, maken jullie je school af. Alsjeblieft, ga niet gangster spelen of denken dat het stoer is om mee te doen,’ sluit de jonge vrouw haar verhaal af, die bij aanvang van de les nog als stoere chick werd gezien, maar nu bovenal een jonge vrouw en moeder is.
Ze haalt diep adem voor ze haar laatste vraag stelt aan de klas: ‘Aan het begin van deze les vroegen wij jullie of jullie vinden dat de straffen te licht zijn en of criminelen nog een kans verdienen. Het merendeel vond dat de straffen te licht zijn en criminelen geen kans meer verdienen. Nu wil ik wat vragen aan jullie. En eerlijk zijn hè, gewoon eerlijk zeggen als je die mening nog steeds hebt. Wie van jullie vindt dat wij nog steeds geen kans verdienen?’
Er gaat geen enkele vinger meer omhoog.
Na een daverend applaus voor de twee gasten is de les voorbij en stommelen de kinderen wat bedrukt het lokaal uit. Een enkeling treuzelt, kijkt tussen de wimpers door naar onze twee gasten en lijkt moed te verzamelen om nog wat te zeggen.
‘Kom maar, hoor,’ wenk ik hem, ‘als je wat wil zeggen of vragen mag dat.’
Hij loopt naar voren, samen met twee vriendjes en een vriendinnetje. Met een ernstig gezicht kijkt hij ze recht aan als hij zegt: ‘Ik wil u bedanken. En als ik later een baas ben dan zou ik u wel een baan geven, hoor. Echt waar.’ Zijn vriendjes en vriendinnetje knikken instemmend na zijn woorden.
Ik zie de jonge vrouw vechten tegen opkomende tranen als zij de hand schudt van de jongen, die meer wijsheid en mededogen heeft dan de grote mensen in onze wereld.
Laten we hopen dat hij voor eeuwig een jongen blijft wat dit betreft.
‘Jongens, ik heb het al verpest al strijd ik elke dag mij kapot om het goed te maken. Maar dat gaat zo verschrikkelijk moeilijk. Alsjeblieft, maken jullie je school af. Alsjeblieft, ga niet gangster spelen of denken dat het stoer is om mee te doen,’ sluit de jonge vrouw haar verhaal af, die bij aanvang van de les nog als stoere chick werd gezien, maar nu bovenal een jonge vrouw en moeder is.
Ze haalt diep adem voor ze haar laatste vraag stelt aan de klas: ‘Aan het begin van deze les vroegen wij jullie of jullie vinden dat de straffen te licht zijn en of criminelen nog een kans verdienen. Het merendeel vond dat de straffen te licht zijn en criminelen geen kans meer verdienen. Nu wil ik wat vragen aan jullie. En eerlijk zijn hè, gewoon eerlijk zeggen als je die mening nog steeds hebt. Wie van jullie vindt dat wij nog steeds geen kans verdienen?’
Er gaat geen enkele vinger meer omhoog.
Na een daverend applaus voor de twee gasten is de les voorbij en stommelen de kinderen wat bedrukt het lokaal uit. Een enkeling treuzelt, kijkt tussen de wimpers door naar onze twee gasten en lijkt moed te verzamelen om nog wat te zeggen.
‘Kom maar, hoor,’ wenk ik hem, ‘als je wat wil zeggen of vragen mag dat.’
Hij loopt naar voren, samen met twee vriendjes en een vriendinnetje. Met een ernstig gezicht kijkt hij ze recht aan als hij zegt: ‘Ik wil u bedanken. En als ik later een baas ben dan zou ik u wel een baan geven, hoor. Echt waar.’ Zijn vriendjes en vriendinnetje knikken instemmend na zijn woorden.
Ik zie de jonge vrouw vechten tegen opkomende tranen als zij de hand schudt van de jongen, die meer wijsheid en mededogen heeft dan de grote mensen in onze wereld.
Laten we hopen dat hij voor eeuwig een jongen blijft wat dit betreft.
Big up naar deze organisatie, een aanrader voor alle instanties, organisaties en instellingen die met jongeren werken: Delinkwentie & Samenleving
[facebook_ilike]
‘Im falling and I can’t turn back’
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
Geplaatst in OverLeven, Straatrumoer
Een reactie plaatsen
Droevige Dopjes, Stoïcijnse Slurfjes en Net-Nieters
‘Geeft niks, schatje, dan knuffelen we toch gewoon? Is toch ook fijn?’
Deze woorden, uiteraard afkomstig uit een vrouwenmond, zijn exact de woorden die geen een man wil horen. Nooit.
Net als: ‘Kan gebeuren, het maakt mij echt niet uit, eerlijk waar!’ en ‘Ik vind ‘m eigenlijk wel schattig zo.’
Dodelijk.
Het probleem is, dat álles dodelijk is wanneer zijn ondergelegen, fiere hoofd zomaar ineens inkakt. Een onwillig slakje, dat ineens in een razend tempo zich steeds verder terug lijkt te trekken in zijn huisje, tot er niets anders rest dan een dopje dat angstig de wereld in blikt.
Behalve deze, zijn er nog twee varianten: het stoïcijnse slurfje, die al vanaf de eerste kus met geen mogelijkheid tot leven is te brengen en de twijfelaar: de net-nieter, die maar geen beslissing lijkt te kunnen nemen om wel- of niet hard te worden.
Vrouwen zijn over het algemeen best aardig in dit soort situaties. Of ze doen in ieder geval aardig, zolang de man in kwestie tenminste in haar aanwezigheid is, want zodra hij zijn hielen heeft gelicht, zal zij haastig het nummer intoetsen van haar beste vriendin.
Dit zal zij minder snel of zelfs niet doen als zij een relatie heeft met de man, maar bij een one night stand is de man er van verzekerd dat zijn werkweigeraar het gesprek van de dag, week, maand en jaar zal zijn, dat keer op keer weer wordt aangehaald als zij een vrouwen avond heeft en zij gierend van het lachen alle stomme sex avonturen met elkaar doornemen.
Dat weet hij niet, dus gaat hij er vanuit dat zij de troostende woorden oprecht meent als zij deze uitspreekt wanneer zij samen in bed liggen nadat hun zinderende sexpartij zojuist als een leeggelopen ballon is geëindigd.
Ongeacht hoe lief, aardig of zelfs gemeend haar woorden ook klinken: hij zal zich een knulletje voelen. Het jongentje dat een aai over zijn bolletje krijgt of een kusje op zijn knie waarop hij net is gevallen.
Want hij faalt. Hij faalt als Echte Man want hij draagt voor eeuwig de stempel van de vent met de voormalige pik die transformeerde tot piemeltje .
De tweede reactie mogelijkheid van veel vrouwen is minstens zo pijnlijk: ‘We doen net alsof er niks aan de hand is!’. Het enige wat in zo’n situatie nog ontbreekt, is een quasi opgewekt neuriën van haar kant.
Terwijl zij stug doorgaat met lurken, strelen en kussen, ondertussen iets harder kreunend in de hoop hem te inspireren, worden haar ingestudeerde, hitsige kermgeluidjes overstemd door hun beide koortsachtige gedachten en opkomende paniek: hij doet het niet! Hij is kapot! Stuk! Fuck, wat nu!?
Beide hopen vurig dat de droevige slak zich weer uit zal rekken tot een ferme stam en zijn in dit stadium allang niet meer bezig met sex. Hard, zo hard als staal, dat moet ’ie worden, verdomme!
Niet eens meer zozeer om het nog af te maken, maar gewoon, zodat die akelige leeggelopen ballon sfeer niet blijft hangen in de slaapkamer lucht.
Dan breekt het onvermijdelijke moment aan waarop er geen ontkomen meer is aan deze blamage. De nederlaag moet worden onderkend: shit is out of order.
Pijnlijk.
Mannen ontlenen hun mannelijkheid voor een heel groot deel aan hun erectie.
Vrouwen die hierop verklaren dit ‘onbegrijpelijk!’ en ‘overdreven’ te vinden, zouden eens moeten ervaren als hun vulva en schede enige vorm van medewerking zou weigeren tijdens sex.
Dit is trouwens iets waar je zelden over hoort: een soort vrouwelijke impotentie. En ondanks dat 99,9% van de mannen nu uitroepen dat dit niet mogelijk is (‘Dat bestaat helemaal niet want het is toch een gat!? Beetje spuug en effe doordouwen.’) bestaat dit wel in de vorm van vaginisme: het onbewust aanspannen van haar inwendige spieren waardoor de daad vrijwel onmogelijk is en mocht hij inderdaad ‘effe doordouwen’, dan zal het voor haar fysiek én mentaal in het gunstigste geval pijn doen en in het ongunstigste geval aanvoelen als een verkrachting.
Ook een vocht tekort zou je kunnen zien als een vorm van vrouwelijk impotentie: iets, waar met name vrouwen na de overgang last van kunnen krijgen. Ook de pil, een stom of te kort voorspel, saaie sex of mannen die direct aanvallen op haar vrouwelijkste deel, kunnen hier negatief invloed op hebben.
Feit is wel dat mannen nu eenmaal vaker én zichtbaarder last hebben van sex killers als impotentie in vergelijk met vrouwen.
Mannen die in paniek raken in zo’n situatie, vooral als dit zich vaak of vaker voordoet,
kunnen behoorlijk vals worden. Zo kan hij opmerken dat hij dit ‘nooit had bij andere vrouwen. Integendeel!’ of suggereren dat zij er gewoon niks van kan, ongeacht haar pro skills.
Dit zijn de afschuivers, de ontkenners.
Dan heb je nog de categorie die nog net niet in tranen uitbarst en het liefst vanuit het bed in zijn blote reet naar de computer rent, om haastig te googlen op ‘impotentie’ (12.500.000 resultaten in 0,09 sec) en ‘erectie stoornissen leeftijd’ (390.000 resultaten in 0,30 sec).
Dat zijn de paniekeerders, de doemdenkers.
Mannen, er is hoop!
Speciaal voor jullie de feiten op een rijtje:
- 80% van de erectie stoornissen is psychologisch. Eenmaal geconfronteerd met de slappe hap, word hij bang dat het een volgende keer weer zal gebeuren waardoor hij lang voor de sex, al lichtelijk geobsedeerd voelt of zijn leuter wel in de starthouding staat én bereid is een meesterlijke run te maken zonder dat de man met de hamer genadeloos toe zal slaan. Hierdoor krijgt hij dus faalangst met als gevolg dat hij eigenlijk zijn eigen inkakkerij veroorzaakt
- zolang er regelmatig een ochtend erectie is, ligt de oorzaak dus niet in zijn lichaam: anders zou ‘ie het op dat moment namelijk ook niet doen
- vrouwen kunnen inderdaad snoeihard zijn als hij slechts een sextoy voor een nachtje was waarbij hij geen arbeid heeft kunnen verrichten. Feit is ook dat de meeste vrouwen echt wel begrip hebben als je een relatie met ze hebt en problemen hebt met je erectie.
Haar begrip zal aanzienlijk dalen en het probleem absoluut niet oplossen als hij het probleem blijft ontkennen, het bij haar neerlegt door haar de schuld te geven en weigeren er over te willen praten
- erectie moordenaars zijn onder andere: stress, oververmoeidheid, bepaalde medicijnen zoals antidepressiva (check deze lijst) maar ook veelvuldig alcohol/drugsgebruik, roken en de eerder genoemde faalangst.
Grijp nooit direct naar de blauwe wonderpil Viagra: levensgevaarlijk omdat het eigenlijk gewoon een medicijn is voor hartpatiënten. Stap liever over je schaamte heen als je vaker erectie problemen hebt en ga naar de huisarts of ga eens bij jezelf heel goed en eerlijk ten rade wat de werkelijke oorzaak is van je faalangst en hoe je dit kan oplossen
Leuk al die feiten, maar wat toch te doen, te zeggen, te laten of te negeren als zoiets gebeurt?
Stug doorgaan werkt dus niet. Troosten is zo mogelijk nog erger. Wat dan wel?
Heel simpel: de aandacht verleggen.
Er is dan namelijk één lichaamsdeel wat ab-so-luut niet mag worden aangeraakt.
Er mag eigenlijk niet eens naar worden gekeken.
Focus je op andere aanrakingen en ontspan. En dan niet schijn-negeren en ontspannen, maar voor het voor het eggie doen.
Deze tip werkt trouwens ook voor vrouwen die een onwillige vulva hebben.
Gewoon compleet negeren, die deserteur, dat zal hem leren!
Meer info:
http://www.erectiestoornis.nl/
http://www.dokteronline.com/erectiestoornis/oorzaken_erectiestoornis.html
[facebook_ilike]
Typical Dutch culture
‘Hello everybodie! I am ferry proud to be your guest today, at the integration school voor our new Hollanders. That is you, hè, everybodie! My name is Gerrie, with a G. You say Ggggerrie. I am a proud Hollander. Your tiecher ask me to tell you about Holland culture. It is almoost december, so let me start to tell everiebodie hier about a big party we have everie yeer. In December comes a old man with his boat and…’
‘Ah! Djerrie, he too new Hollander, like us?’
‘It is Ggggerrie. You trie: Ggggerrie. No. He just visit us for the partie.’
‘No problema con pasaporta?’
‘Haha, no. No problema.’
‘Why not?’
‘He only stay for some days, you understand, yes? Now let me tell you about the partie. The man on the boat is verrie old. He wear always a red dress and a big hat. He also have a baard. A long.’
‘He is homo, Djerrie?’
‘Gggggerrrrie. No. Why?’
‘He wear dress. Where his wife?’
‘He dont have a wife. But he have a lot of helpers. Hondreds! The helpers have same names: Piet.’
‘No wife?’
‘No. No wife. Helpers. Here. Let me show you everybody a foto. Here comes the boat in Holland on.’
……
‘Everybody see? They happy! Dancing on the boat! Making funnie moves! Nice, hè?’
‘Djerrie. He lives on boat. With a horse. With helpers. They are all black Djerrie. He homo racist.’
‘No no no! They all verrie happie! Loek! Loek at the foto: all the Piets are dancing, they happie! And loek: you see all the kids with smile and weef with the hands? Happie!’
‘Why kids smile to dirty man, Djerrie?’
‘Becos he and his helpers…’
‘Slaves. They are slaves of the old white man!’
‘No no no! Friends! Helpers! Kids happie to see him and the helpers. Everie yeer they kom to Holland. The old man, his name is Sinterklaas, talks wis all the kids. He is gonna sit and the kids sit on him.’
‘No wife?’
‘No.’
‘And kids sit on him?’
‘He is a kids frend.’
‘Why Djerrie?’
‘That is fun. He give them present. But only if the kid is a good kid. If the kid is no good kid, Sinterklaas will put the kid in his sack. He tell a helper to put the kid in the sack of Sinterklaas so they take the no good kids back on the boat.’
…..
‘You understand? But ofcorse it is not real. But the little kids dont know that it is not real, haha! Funnie, he?’
‘Djerrie, that old man is very dangerous.’
‘No no no! He is a good man.’
‘No Djerrie! He dont have wife. He have black slaves. And horse. He only loves kids. Crazy man Djerrie! Dangerous man. Dirty man!’
‘No no no! This is fun. This is culture party! Everbodie heppie! Ok? Everybodie very real happie! You understand everybody? Now this is typical Holland culture. And we are verrie verrie, real verrie prout of it!’
[facebook_ilike]
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
Geplaatst in Man vs Vrouw en ander relatie gedoe
1 reactie
Nette Hollanders versus Fatsoenlijke Nederlanders
Mijn nieuwe sportschool is geweldig.
Soepeltjes ren ik de hele aarde rond op de crosstrainer, ruk hier en daar aan apparaten en voel mijn spieren joelen van genot.
De eerste keer dat ik hun website bekeek, dik een maand geleden, was ik eigenlijk al om zodra ik de ongeveer 900 aanwezige apparaten mij tegemoet zag stralen.
En groot! Gróót!
Heel wat anders dan mijn ‘keet’ zoals vriendin Miss Brownie mijn sportschooltje noemde waar ik de afgelopen jaren had gesport maar nu met pijn in mijn hart moest verlaten omdat ik was uitgekeken.
Ok, het was een keet.
Een uit z’n krachten gegroeid theehuis, waar per ongeluk ook wat fitness apparatuur stond, maar dan weer wel twee serieuze les zalen aanwezig waren. De dames die er trainden deden dat namelijk het liefst: gezellig lesjes volgen en praten met elkaar. Veel praten.
Ik niet.
Ik ben een extreem a-sociale sporter. Ik sport dan ook het liefst alleen, met een headset op om vooral maar niet gezellig te hoeven praten. Bijkomend voordeel is dat ik mij stiekem een top sporter waan of een soort Shakira omdat ik helemaal op ga in de keiharde klanken die mijn oren vullen en mijn lichaam dwingen vol te houden.
Nu moet ik een ding duidelijk stellen: een extreem a-sociale sporter, is dus niet een ongemanierde sporter. Zoals mijn vaste lezers weten, heb ik een diepgewortelde haat voor onterechte onbeschoftheid.
Dus ik groet, ik glimlach zelfs echt, ik hou de deur open voor een ander, ik ruim mijn troep op in de kleedkamer en ben heus in staat een gezellig babbeltje te maken.
De allereerste keer dat ik mijn nieuwe sportschool binnenwandelde, werd ik hartelijk begroet door het voltallige personeel.
Bij de rondleiding viel het mij al op dat er ontzettend veel nette mensen trainden.
Veel Nederlandse mensen, van het type dat ik stug ‘Hollander’ noem omdat ik een Nederlander een heel ander type vind dan een Hollander.
Nette, Hollandse mensen.
Precies het type mensen wat Robert Vuijsje in zijn overigens geweldige boek ‘Alleen maar nette mensen’ beschrijft.
Het verontrustte mij een beetje.
In mijn voormalige sportkeet trainden geen Hollandse mensen.
Ach, sprak ik mijzelf streng toe, wat geeft dat nou? Ik ben een extreem a-sociale sporter, dus wat boeit het? Niet zo bevooroordeeld, hoor!
Ik had dan ook nadrukkelijk dat ene vakje opengelaten bij het inschrijfformulier waarbij ik moest aankruizen waarom ik kwam sporten. Daar stond namelijk behalve de opties ‘conditie verbetering’ en ‘gezondheid’ ook de optie ‘sociale contacten opdoen’.
Met frisse moed trap ik dus op mijn fiets zo’n vier keer per week richting mijn hysterische hightec sportschool die tegenwoordig de ‘gym’ (spreekt uit op zijn Amerikaans als ‘djim’) heet.
De eerste keren dat ik andere bezoekers een vriendelijke, beleefde goeiedag glimlach schonk en niets terug kreeg behalve een afgewende blik, schreef ik het nog toe aan het toeval.
Na dik een maand en talloze onbeantwoorde glimlachjes, weet ik dat het geen toeval is. Inmiddels raak ik aardig geïntegreerd in de wereld van de Nette, Hollandse Mensen en dan vooral Nette Hollandse vrouwen.
Zo weet ik nu dat het heel netjes is om de deur niet open te houden of de ander nadrukkelijk niet te bedanken als degene de deur voor jou openhoudt.
De nette meisjes en jongedames hebben ook een bloot etiquette waar ik nooit eerder van had gehoord: het is doodnormaal om pal voor de neus van een ander die op de kleedkamerbank zit, in je blote reet diep te bukken waardoor een stralende ster de bankzitter, mij bijvoorbeeld, tegemoet schijnt.
Ook in de sauna weten nette Hollanders zich keurig te gedragen.
Het is normaal om wijdbeens te liggen waardoor ik van menig baarmoeder uitzicht mocht genieten. Let wel, dat uitzicht varieert, want zo nu en dan werd mijn uitzicht opgeleukt door zo’n hardblauw touwtje.
Ontharen is trouwens ook vooral weggelegd voor de niet-netten onder ons, ben ik achter gekomen.
Ook leerde ik dat het heel netjes is om tijdens het omkleden te doen alsof je niet kijkt terwijl je stiekem gebiologeerd naar een ander staart.
Menig geschokte blik van hockey meisjes die vast in de toekomst een bakfiets gaan rijden, gleed over mijn tattoos die zo her en der over mijn lichaam zijn te zien.
Het is dan heel netjes om, als ik de dame in kwestie aankijk en alsnog vriendelijk toeknik, iets te snel met de ogen te knipperen waarna het nette meisje nadrukkelijk wegkijkt. Dat is fatsoen.
Vandaag was ik bezig om vanuit mijn laag gelegen kluisje, mijn spullen te pakken.
Terwijl ik overeind kwam, zag ik op het laatste moment dat een vrouw, die gezien haar opgejaagde blik, te dure sportoutfit en stomme kapsel, een nette Hollandse vrouw was die haast had om op tijd haar sportles bij te kunnen wonen.
Nette mensen vinden het dan niet meer dan logisch om mij op mijn hurken compleet te negeren en ook niet even te waarschuwen zodat ik bij het overeind komen, bijna mijn harses stootte aan haar geopende kluisjesdeur waar zij bezig was haar spullen in te smijten.
Zwijgend stond ik op. En keek. Woedend.
‘Ongemanierd kutwijf met je behaarde reet en poes! Vind je dit netjes?! Fatsoenlijk?! Zal ik jou effe heel hard voor je bek rammen of je kop hard klemmen tussen jouw kluisdeur?! Trut! Nuffige hockeyhoer! Vuile bakfiets bitch!’
Ik zei het niet, want ik wilde zo graag netjes zijn.
Tegelijk was het meer dan gerechtvaardigd haar duidelijk te maken wat voor lompe, ongemanierde Hollandse boerin zij was.
Ik communiceerde met mijn blik en geloof me, het is nog een wonder dat ze dát overleefde.
De nette trut deed net alsof ze mij niet zag en haastte zich de kleedkamer uit.
Ik slikte mijn woede in en focuste mij op mijn fijne fitness apparaten en goede prestaties.
Zet je overheen, maak je niet druk, zo sprak ik mijzelf moed in.
Ik zette mijn headset op en liep naar buiten, op zoek naar mijn fiets die ik had vastgezet aan een lantaarnpaal.
En daar lag ‘ie.
Helemaal verdrietig en licht gekneusd op de grond terwijl aan weerszijden triomfantelijk een te dure Holleeder scooter en een Amsterdam-zuid damesfiets mijn tweewieler uitlachten.
Hun nette eigenaren hadden mijn fiets om laten pleuren en zoals nette Hollanders betaamt, laat je die dan gewoon liggen.
Ik zal niet herhalen wat uit mijn niet zo hele nette mond kwam.
Ik betreurde het dat ik geen scherp voorwerp bij mij had om de banden van zowel de fiets als de scooter stuk te snijden.
Heel per ongeluk verlangde ik naar mijn sport keet, waar nauwelijks serieus valt te sporten, maar de niet-nette leden mij altijd vriendelijk goeiedag zeiden en de deur voor elkaar openhielden.
Ik heb niet gestudeerd, zal nooit een bakfiets rijden.
Mijn lichaam en nek hebben tattoos en ik draag een neusbel en veel te veel goud.
Als ik kwaad ben, scheld ik als een bootwerker waarbij ik tot mijn schaamte achteraf mij elke keer weer voorneem nooit meer met het woord kanker te schelden.
Ik train in een legging en t-shirt van H&M, draag een sport bh van de Hema.
Ik bewaar het voor mijn man om diep te bukken in mijn blote reet, ga geen sauna of zwembad in als mijn onthaarde poes haar periode heeft.
Als ik per ongeluk een fiets om laat vallen, zet ik ‘m weer overeind en parkeer mijn fiets nooit pontificaal op de stoep.
Nooit zal ik een glimlach negeren, ook niet als die van een onbekende is.
Kortom: ik ben geen nette Hollander en zal er alles aan doen dit nooit te worden.
Ik koester mijn Nederlandse fatsoen, vooral tegenover Nette Hollanders.
Die nette mensen, die later als ze groot zijn, rechters, bestuursleden en politici worden en onder andere mij willen vertellen en opleggen hoe je je netjes dient te gedragen.
Nou, dan heb ik een verassing voor ze: m’n Amsterdamse reet, die mogen ze kussen!
[facebook_ilike]
En toch blijf ik er trainen. Net zolang tot ik ook zo’n kont heb, die zij dan uiteraard allemaal mogen kussen: beloofd is beloofd.

Geplaatst in OverLeven, Straatrumoer
4 Reacties
Kinderlijke volwassenheid
Zo ongeveer vanaf mijn tienertijd, voelde ik mij oud. Althans, oud… In ieder geval vond ik zelf dat ik mij prima kon meten met volwassenen.
Echt oud als in oud-oud, zoals mijn ouders en alle andere mensen van boven de 25 jaar, voelde ik mij niet. Ik zou trouwens ook nooit oud worden, niet ouder tenminste dan ik mij op dat moment voelde.
Als dertienjarige kon ik mijn afschuwelijk gepermanente haren (‘ik wil krullen! Ik wil geen stom stijl haar!’) wel uit mijn hoofd rukken van frustratie, toen mijn vader volhield dat ik niet voor mijn 16e jaar uit mocht. Hij snapte er natuurlijk niets van dat ik in tegenstelling tot wat hij dacht, mij al prima kon redden. Eigenlijk zou ik ook best al zelfstandig kunnen wonen.
Na mijn eerste echte Ware Liefde waar ik vreselijk verliefd op was en die voor eeuwig mijn enige ware zou blijven (de verkering duurde uiteindelijk 3 maanden) voelde ik mij helemaal volwassen.
Ik wist het allemaal wel. Niemand hoefde mij wat uit te leggen.
Tuurlijk zag ik als tiener ook in dat kinderen begeleiding, opvoeding, sturing nodig hadden. Ik dus niet. Dat gold voor kinderen en daar viel ik al vanaf mijn 12e ongeveer niet meer onder vanuit mijn visie.
Roken paste ook goed in het oud-plaatje. Bovendien rookte oudere zus en wat zij deed, was standaard heilig.
Dat mensen mij ontsteld aankeken als ik goed geoefend een sigaret opstak als dertien jarige, liet mij trots voelen. Hun ontsteltenis interpreteerde ik als bewondering voor mijn volwassenheid en ik zorgde er dan ook voor dat ik duidelijk zichtbaar diep inhaleerde als een echte roker.
En trouwens, hoezo was roken slecht? Welnee! Roken werd pas slecht als je serieus oud werd, bovendien was het ook wel ontzettend stoer om na een bezorgde opmerking van iemand over mijn gerook, diep zuchtend op te merken dat ik niet zonder meer kon, tja…ik was nu eenmaal verslaafd, moeilijke shit enzo.
Het leven viel mij trouwens wel erg zwaar als oude tiener.
De tijd dat ik mij een hele dag kon verheugen op pannenkoeken eten, een naderende verjaardag of een bezoekje aan opa en oma was voorbij.
Alles was stom en ik piekerde er dan ook veelvuldig op los hoe het in godsnaam mogelijk was geweest dat ik ooit zo blij was geweest met niks en alles zo leuk nog leek.
Tegelijk leerde ik dat ik mij graag uitliet over het vele stomme van het leven. Iets, wat ik als kind nooit zo deed maar ja, toen was ik ook nog een kind en dus onwetend, aldus mijn logica.
Ik ventileerde graag, hard en veelvuldig mijn mening. Gevraagd en vooral ongevraagd. Zeiken over al het denkbare was ik trouwens ook ontzettend goed in.
Ik snapte absoluut niet waar volwassenen zo moeilijk over deden tijdens discussies.
Mijn discussies waren altijd kort. Het was zwart of wit, links of rechts en dat geouwehoer en moeilijk gedoe was nergens voor nodig. Grijs bestond niet en de middenweg al helemaal niet.
‘Godallemachtig,’ kon mijn vader wanhopig uitschreeuwen als ik weer eens met een zelfingenomen smoel de absolute waarheid zat te verkondigen tijdens een discussie met hem, – iets wat hem overigens tot mijn grote vreugde elke weer tot razernij dreef-, ‘er komt een dag dat je met het schaamrood op je kaken terug denkt aan al die ongenuanceerde uitspraken die je nu doet. Nou, ik zal mij de kolere lachen als ik dan nog leef en je daar nog aan mag herinneren tegen die tijd.’
Ik lachte zijn woorden weg. Ik wist immers alles al en ik had gelijk.
Ik had alles goed in vakjes, hokjes en lades gedeeld in mijn hoofd.
Zo had ik besloten 5 kinderen te willen (ik heb er geen 1 en wil ze ook niet).
Als klein meisje was ik er van overtuigd dat ik beroemd zou worden of dan in ieder geval eigenlijk een prinses was (ben geen van beiden geworden).
Ik zou een ideale man trouwen (vooruit, dat heb ik waargemaakt).
God bestond niet en als God wel bestond dan was God er absoluut op uit mij dwars te liggen in alles wat ik wilde (ik ben erg gelovig maar voel niet de behoefte mij aan te sluiten bij welke stroming of club dan ook).
Op mijn 15e jaar had ik een bruine broek en bijpassend jasje uitgekozen dat ik zou dragen als ik dood was en vertelde dit ook nadrukkelijk aan mijn naasten (geen idee waar die outfit is gebleven).
Ik zou nooit naar rock muziek luisteren want ik hield van rap (ik luister tegenwoordig gewoon alles wat ik mooi vind).
Ik zou nooit sex om de sex hebben, maar uitsluitend vrijen want zo hoorde het als meisje (dat heb ik gelukkig afgeleerd toen ik echt oud-oud werd).
Ik zou nooit bij een man blijven die mij sloeg (ik bleef niet nee, alleen duurde het slechts 7 jaar voor ik vertrok).
Ik zou nooit zo stom mij in de schulden te werken (13.000 euro was de diepste schuld die ik ooit had. Vooruit, merendeels buiten mijn schuld om, maar ik had het wel).
Ik zag zeer zeker niet het nut er van in om naar school te gaan, laat staan deze af te maken (zo rond mijn 20e jaar en maandelijks beteuterd kijkend naar mijn minimum loon, begon ik daar iets anders over te denken).
Kortom, de rij is eindeloos want dit is slechts een hele kleine greep uit mijn absolute waarheden, overtuigingen en visies.
‘Waarom snappen mijn ouders het niet!? Jezus! Ik ben verdomme geen kind meer, hoor!’, roept zij woedend tegenover mij uit. Ze is 14 jaar en weet alles.
Ik glimlach en maak een sussend gebaar als zij nog verontwaardigder kijkt na mijn glimlachende reactie.
‘Jij bent er echt van overtuigd dat je het allemaal weet. En ik weet, dat die overtuiging niet gespeeld is.’
‘U begrijpt me!’, reageert ze verheugd.
‘Ja. Klopt. Omdat ik net zo dacht op jouw leeftijd.’
‘Zie je! Dat bedoel ik dus. Nou, mijn ouders snappen er dus geen reet van.’
‘…maar ik weet ook nog hoe stom ik achteraf dacht. Hoe arrogant.’
Ze zwijgt en kijkt mij nukkig aan, waarna ik bij haar te biecht ga en vertel over al mijn absolute waarheden van toen, die achteraf gezien soms stom waren, maar bovenal eenvoudigweg verandert waren en dan met name de dingen waarvan mijn ouders ooit zeiden hoe stom ze waren of hoe anders ik hier tegenaan zou kijken als ik eenmaal oud was.
Pas wanneer je zo oud bent als je als tiener al dacht te zijn en vandaag de dag jongeren ziet die nu die leeftijd hebben die jij ooit had, realiseer je je pas echt hoe verschrikkelijk jong, dom, naïef, onwetend en onvolwassen je toen was.
Hoe ouder je wordt, hoe meer je beseft dat links of rechts niet bestaat en het leven vooral is gekleurd door duizenden verschillende grijs tinten waar in het ene geval iets meer zwart of wit lijkt te zijn verwerkt.
Al die handige vakjes, lades en hokjes in mijn tienerhoofd bleken uiteindelijk steeds weer van plek, vorm en kleur te veranderen.
Ik heb menigmaal met het schaamrood op mijn kaken mezelf als volwassene uitspraken horen doen, die lijnrecht staan tegenover uitspraken van toen en in mijn achterhoofd hoor ik mijn vader zich de kolere lachen.
En eigenlijk, ben ik daar ook nog verdomd blij om.
[facebook_ilike]
‘The man who knows something, knows that he knows noting at all’
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd
Een reactie plaatsen
De vrouw: valsheid in woord en geschrift
‘Het is voor vrouwen makkelijker om vreemd te gaan,’ merkte vriend T. op. 
T. en ik zijn er goed in: filosoferen en gewoon hangend op mijn bank binnen enkele minuten wereldproblematiek oplossen.
Mannen versus vrouwen, hun mindgames en hun relaties zijn natuurlijk onderwerpen waar je nooit over raakt uitgepraat.
Ik knikte. ‘Klopt. Los van het feit dat vrouwen schrikbarend eenvoudig een dick kunnen scoren, veel beter kunnen liegen, hun leugens beter onthouden, niet in de kroeg opscheppen over hun veroveringen maar slechts een of twee close vriendinnen informeren, levert de outside sextoy, in dit geval dus meestal een man, minder hoofdpijn op.’
‘Juist!,’ schreeuwde T. verheugd, ‘Vooral dat laatste, dát is het grootste probleem voor mannen: vrouwen krijgen verwachtingen. Ze kunnen nog zo hard beweren dat ze het geen probleem vinden, maar de meeste vrouwen kunnen het gewoon niet.’
Vrouwen krijgen verwachtingen.
Het kan lang of kort duren, maar dat moment waarop zij wrevelig reageert wanneer hij net als vorige keren, ranzig fijne porno sessies begeleid op de klanken van Lil’Wayne wil uitvoeren, zal aanbreken. Zij wil ineens vrijen op Alicia Keys waarbij hij het uitzicht op haar ferme reet moet verruilen voor weeë, diepe blikken in haar ogen. Onafgebroken, de hele sex sessie lang.
Al snel zal dan ook de onvermijdelijke vraag zich aandienen: ‘Wat beteken ik voor jou? Ik bedoel, ok, we zijn natuurlijk gewoon sex maatjes, dat weet ik heus wel, haha! Maar ja. Nou. Tja, er komen altijd toch wel wat gevoelens bij kijken. Toch?’
Deze vraag stelt zij het liefst vlak ná de sex, wanneer hij weerloos naakt naast haar ligt en zich heel goed bewust is dat haar quasi luchtige klank in haar stem slechts een héél dun laagje is, waaronder kilo’s dreiging en drama liggen verborgen die in volle hevigheid losbarsten als hij niet beaamt wat zij zojuist vroeg, maar wat eigenlijk een bevel was.
Verlamd ligt hij daar, zijn hersens op volle toeren draaiend, want liegt hij dat hij ook gevoel voor haar heeft om er in ieder geval voor nu even vanaf te zijn, dan is de kans groot dat er Drama met een dikke hoofdletter van komt.
Maar de tweede mogelijkheid, namelijk de waarheid (‘Goed, dit was dus de laatste keer, zo vind ik er geen reet meer aan, hoor. Ik wilde gewoon gezellig sexen. Im out.’) zal zo mogelijk voor nog meer drama zorgen.
Dilemma!
Dus zal hij de tussenweg kiezen, heel zorgvuldig zijn woorden kiezen waarbij hij haar niet echt tegenspreekt, maar haar woorden zeker ook niet zal beamen.
Haar onvrede over zijn antwoord zal als een steeds groter en donker wordende wolk in de slaapkamer hangen en de zweterige sexsporen van net, toen het nog leuk was, verdrijven. Na zijn onbevredigende, vage antwoord waar ze hem nergens écht op kan pakken, liggen ze daar zwijgend tot hij quasi luchtig opmerkt dat hij ‘er weer eens vandoor moet’.
Daarna slaat hij op de vlucht voor zijn outside sextoy en gaat zij huilen.
Huilen bij haar vriendinnen, huilen op zijn voicemail die zij sinds die laatste middag samen ineens standaard krijgt wanneer ze hem belt, huilen op whatsapp en ping en huilen in ellenlange sms-jes die vol verwijten staan.
‘Ja maar ze wist het toch!? Ze wist wat de deal was, ik was eerlijk tegen haar! Echt waar! Waarom doet ze nou zo?’, heeft menig man mij wanhopig gevraagd, wanneer zij hun klaagzang bij mij deden over hun voormalige buitenechtelijke meiske waar ze eerst zo euforisch over waren omdat zij ‘het echt begreep en het prima vond om alleen fuckbuddies te zijn!’.
Tuurlijk wist ze het.
Tuurlijk wist ze dat de kans dat hij zijn vrouw zou verlaten nul was, want dat had hij duidelijk gezegd voor ze zich te buiten gingen aan hun lust, die zij helaas uiteindelijk toch weer verwarde met liefde.
Ze wist het allemaal. Net zo goed dat zij weet dat ze diezelfde man een stuk minder interessant vindt zodra hij wel echt bereikbaar voor haar is.
Ze zal zeggen ‘maar toch…’.
Ze zal zeggen dat ze ‘dit niet had verwacht’.
Ze zal zeggen dat het ‘ineens zo is gelopen’ en het haar ‘ook echt is overvallen’.
Ze zal zoveel zeggen.
Ze zal jou, haar goede vriend of vriendin, tegenspreken wanneer je haar op voorzichtige toon vraagt hoe het ook alweer zat met die andere 82 keer dat ze dit ook zei.
Ze zal na jouw woorden vervolgens in tranen uitbarsten zodat jij uit medelijden er verder maar het zwijgen toe doet en wat aarzelend over haar rug wrijft om haar te troosten.
Vrouwen roepen ook graag dat ze als vrouw een stuk loyaliteit hebben dat mannen niet begrijpen. Nee, zal zij schamperen, de domme man die kent dat niet; die diepe, zusterlijke gevoelens, die echte diepgang en eenheid die vrouwen hebben naar elkaar toe. En niet alleen naar vriendinnen, hè.
Nee meneer, zo werkt dat niet bij vrouwen.
Vrouwen hebben eenheid want ze delen een pijn.
De pijn van het vrouw-zijn.
Bullshit! Gelul! Onzin!
Neem tien vrouwen die sex hebben met een gebonden man en zet daar tien mannen naast die sex hebben met een gebonden vrouw en zoek de verschillen.
Ga dan nog maar eens kijken hoe het gesteld is met die ‘zusterlijke eenheid’.
Vrouwen hebben dikke schijt in zo’n positie en lijken elke gelegenheid aan te grijpen om de opper vrouw schaamteloos in te wrijven dat zij het ook met haar man doet om daar nog vals aan toe te voegen of ze lekker smaakte.
Daarentegen hebben mannen een andere vorm van een groot ego: hij zal zich een beetje schamen tegenover de man van wie hij de vrouw diepgaand heeft verkend.
De buitenman zal zichzelf ergens een natte krant voelen en zal het een regelrechte afgang vinden als hij tot zijn schrik merkt dat hij haar eigenlijk best erg leuk vindt.
Het is zijn eer te na om zoiets te uiten, laat staan om als een hysterica drama te gaan schoppen voor de echtelijke woning, haar voicemail vol te huilen, naar de partner van die chick te bellen om niks te zeggen en op te hangen en dwangmatig de FaceBook pagina van haar man te volgen en alles te analyseren wat er wordt gepost.
De buitenman kent zijn plek.
Ik ken talloze verhalen van buitenvrouwen die hier iets anders mee omgaan.
Zo weet ik nog die dame te herinneren die een getrouwde man aan de haak sloeg.
Zij wist dat geen haar op zijn hoofd het overwoog zijn gezin te verlaten maar zij vond dat geen probleem aangezien zij stoer verklaarde toch niets meer dan een sex relatie met hem te willen.
Toch weerhield hun duidelijke deal haar niet om op een dag bij zijn vrouw aan te bellen om zijn boxershort terug te geven want ‘die was hij vergeten’ en ach, nu ze er toch was, toonde ze meteen aan dat ze echt niet loog over de affaire door sex opnamen te laten zien die de buitenechtelijke heks met de man had gemaakt.
Op mijn vraag waarom zij dit in godsnaam had gedaan, overigens nadat ik had opgemerkt dat ik haar, de boxershort en de beeld opnamen de trap zou hebben afgeschopt als zij dit bij mij zou hebben geflikt, verklaarde de buitenvrouw met droge ogen dit te hebben gedaan omdat zijn vrouw ‘daar tenslotte recht op had, op de waarheid’.
Vrouwen hebben een valsheid-gen dat bij veel mannen ontbreekt.
Dat zie je overigens ook altijd weer terug in reality programma’s waar onbekenden met elkaar zitten opgescheept.
De mannelijke deelnemers gaan over het algemeen lekker lullen, pakken een biertje, lachen met elkaar, maken er het beste van en slaan al snel broederlijk elkaar op schouders.
Vrouwen kruipen in elkaars reet, voelen een ‘hele bijzondere klik’ en zijn verenigd als zusters voor eeuwig. Tot ze drie dagen later knallende ruzie krijgen waarbij ze niet schuwen de vertrouwelijk gedeelde dingen van een paar dagen eerder in te zetten in de strijd de ander zo gemeen mogelijk te fileren.
Nee dan mannen! Als er al stront aan de knikker is, wordt er effe geschreeuwd en vooruit, een knal voor zijn bek kan ook nog gebeuren maar daarna is het klaar.
Vrouwen dóen vaak aardig, maar zijn een stuk minder aardig in vergelijk met mannen.
Vrouwen zéggen dat ze loyaal zijn, maar mannen zwijgen er over en zijn het zonder dat ze het echt doorhebben.
Vrouwen willen het allemaal zo graag kunnen, maar ze falen.
Nu blijft de vraag of ze als buitenechtelijke sextoy falen omdat ze echt zoveel emotioneler zijn of ze eenvoudigweg nog steeds graag vasthouden aan de rol die hun als goede, nette vrouw is toebedeeld en die geen ruimte biedt om te buiten te gaan aan ‘foute’ sex om de sex.
Hoe dan ook, een ding staat vast: ongeacht of ze een ‘goede, nette vrouw’ is of de stoere chick die sex om de sex kan hebben, dat hardnekkige valsheids-gen zal elke emancipatie tsunami overleven.
[facebook_ilike]
NB
Natuurlijk heb je uitzonderingen, dus bespaar mij teksten als ‘Ja, nou dat beweer jij hier allemaal nou wel mevrouw de zogenaamde deskundige maar dan ken je mijn ex niet. En ook niet de vrouw van mijn neef, want ik zal je vertellen…’.
Ik generaliseer graag in mijn blog, anders is er natuurlijk geen reet aan.

Geplaatst in Man vs Vrouw en ander relatie gedoe, Vrouwen, XXX met een ;-)
2 Reacties
‘Wacht maar tot ik later groot ben…’
Zo dichtbij mogelijk komen, oog contact maken, die luttele seconden die een uur lijken te duren voor die ander. Dat weet hij.
Zijn greep verstevigd om het handvat.
Zijn ogen, koud, kil, haatvol priemen in de ogen van de ander waarvan tot dit moment de vraag was of hij de jager of het prooi zou zijn.
Vandaag niet, vandaag zou hij zelf de jager zijn.
Een, twee, drie, vier keer voelt hij hoe het lemmet in het vlees glijdt van de ander. Het gaat zo snel en tegelijk lijkt de tijd stil te staan.
Hij steekt liever.
Dat vindt hij persoonlijker. Schieten wordt makkelijker gevonden, mede daarom prefereert hij ook een mes.
Hij is een man, een échte man. En een echte man staat achter zijn daden en dus steekt hij.
Praatjes heeft iedereen, maar weinigen maken waar wat ze door hun grote bek, stoere outfits en schreeuwerige tattoos claimen te zijn.
Hij niet.
Handen trekken hem weg, maar hij wil door.
Het is gerechtvaardigd. Hij had het zelf gezocht. Hij had het vermeden. Bovendien moet het afgemaakt worden want elimineren is altijd beter dan waarschuwen als het dan toch al geëscaleerd is.
Het geschreeuw rondom hem dringt nauwelijks tot hem door.
Duivelse razernij in zijn ziel die nog lang niet tot zwijgen is gebracht.
Het voelt akelig, slecht, monsterlijk en groots, maar is al zolang een wezenlijk onderdeel van wie hij is, dat hij het mist als het te lang zich verborgen heeft gehouden in een hoekje achterin zijn hart.
‘Weg, je moet weg!’ hoort hij ergens en tegelijk hoort hij sirenes klinken in de verte.
Adrenaline pompt door zijn bloedvaten.
Zijn lijf voelt strak als hij begint te rennen. Zijstraat in, nog eentje, het plein over, de hoek om, weer een zijstraat in en doorrennen. Zijn keel brandt, zijn hart lijkt uit zijn borst te willen bonken maar hij moet door, door, door.
Hij hijgt als hij leunt tegen een muurtje. Hij leunt voorover, steunt met zijn handen op zijn knieën. Verdomme. Zijn kleren onder het bloed. Denk na, denk na. Hij trekt zijn vest binnenstebuiten om aan en dwingt zichzelf dan om rustig richting huis te lopen.
Zijn gedachten tuimelen door zijn hoofd en hij moet zijn kop vasthouden om het niet te laten exploderen.
Wie waren er allemaal? Niemand deed aan snitchen, althans, zolang er over snitchen werd gepráát. Maar loyaliteit duurde zolang die ander niets zou hoeven offeren of het juist iets zou kunnen opleveren.
Dus hij was de lul. Dus mocht hij spoedig weer naar binnen. Dus moest hij weer de teleurgestelde blikken ondergaan.
Daar was hij goed in; shit opfokken, verpesten.
Hij had immers nog nooit iets anders gedaan in zijn leven.
Hij zou zichzelf niet melden. Flikker op. Zo makkelijk zou hij het ze niet maken. Kom me maar halen.
Zijn blinde haat tegen hen, de woede op de wereld, de vertrouwde razernij zou alleen maar toenemen als ze binnen zouden komen vallen en hij de blikken van zijn geliefden zou zien.
Hun angst, schrik, verdriet en teleurstelling zou zijn monster voeden en handig als hij daarin was geworden, zou hij zijn eigen schuldgevoel hierom transformeren in haat om het te kunnen projecteren op die klootzakken die zijn domein, zijn huis, zijn leven binnen waren gedrongen om hem af te kunnen voeren als een beest.
Hij zou zich zoals altijd verzetten, wetende dat het zinloos was maar toch ook niet.
Want hij was een man, een échte man. Een man met eer, een man met trots.
Zijn vuisten balden zich toen hij terugdacht aan hoe het was begonnen.
Waarom had die teringlijer keer op keer tegen hem aan gebotst? Hij was niet een keer, maar twee keer opzij gestapt. De derde keer had hij hem gezegd dat hij op moest passen. Die klootzak had hem een schampere blik gegeven, een kort spottend lachje had rondom zijn lippen gespeeld.
Hij had niet eens de moeite genomen sorry te zeggen.
Dus het was opzet. Dus hij had geen respect.
Dat was het moment geweest waarop hij zich was gaan voorbereiden en al wilde hij liever naar huis, weggaan, hij kon het niet.
Zijn eer, zijn trots had hem gedwongen in de buurt te blijven staan want weglopen was geen optie.
Hij zou nooit meer weglopen, voor niemand. Hij was geen pussy.
De vierde keer kwam sneller dan hij had gedacht en was het startschot geweest van de zoveelste keer dat hij shit weer zou verpesten. Maar eigenlijk ook niet, want hij had toch vermeden? Hij had toch gewaarschuwd? Waarom moesten mensen hem altijd zo ver drijven? Waarom konden mensen hem niet gewoon met rust laten?
Hij was soms bang voor zichzelf. Eigenlijk steeds vaker.
Hij wilde mensen waarschuwen, behoeden voor hem, maar ze bespotten hem, namen hem niet serieus.
Hij had die gast van vanavond écht willen behoeden, maar hij had niet geluisterd.
Net als al die anderen. Precies zoals hij zelf nooit luisterde naar anderen, die net als hem waren.
Onder de douche laat hij met gesloten ogen de warme stralen langs zijn huid glijden. Met trage bewegingen zeept hij even later zichzelf in en kijkt naar zijn handen.
Handen die hadden geslagen, gestoken, dichtgeknepen, handel gedreven, liefgehad, beroerd en afgeweerd.
Handen die hij heel lang geleden op zijn oren had gelegd om maar niet te hoeven horen.
Handen die hij voor zijn ogen had geslagen om naar niet te hoeven zien.
Handen die hij voor zich uit had gestrekt, met stijf dicht geknepen of juist wijd open gesperde ogen van doodsangst, om zich te verweren tegen de talloze klappen, stompen, trappen waarbij de duivelse razernij die te zien was in de ogen van zijn moeder, hem zoveel meer pijn deed, dan welke fysieke pijn ze hem ook aandeed.
Heel lang geleden, toen hij altijd in zijn broek en in zijn kinderbed plaste, waarop zijn moeder hem nog meer klappen gaf en hem voor straf de hele nacht rechtop liet staan in de keuken op de koude tegelvloer.
Of hij voor straf zijn eigen braaksel had moeten opeten nadat hij had moeten overgeven van angst toen zijn stiefvader zijn moeder de hele kamer had doorgeslagen.
‘Wacht maar tot ik later groot ben, dan pak ik ze allemaal,’ dacht hij al die ontelbare keren.
Aldus geschiedde.
[facebook_ilike]
Geplaatst in Ouders & opvoeding, Straatrumoer
Een reactie plaatsen
Big pimpin’
Ooit las ik dat bij ruim 70% van huiselijk geweld incidenten waarbij de politie moest komen opdraven, er sprake is van alcohol gebruik dat heeft geleid tot escalatie.
Berichten over jongeren die als favoriet weekend verdrijf coma zuipen hebben, vliegen ons om de oren en inmiddels zijn zelfs de meest baardige, a-sexuele sandaal dragende pedagogen het er ook mee eens dat het eigenlijk achteraf gezien toch niet zo’n best idee is om de kleine mee te laten drinken met papa en mama.
De oplossing van de overheid: laat alcohol overal vrij verkrijgbaar zijn, doe voor de vorm wat aan voorlichting en pak dik geld door er nog meer belasting op te heffen.
(Check het eea over de accijns tarieven: klik hier )
Aan roken ga je dood.
Voor rokende mannen is er nog iets veel ergers ontdekt dan doodgaan: het risico bestaat dat je leuter het hoofd laat hangen.
Niks geen ‘je bent een echte man als je roken kan’.
Integendeel.
In een tijd dat roken niet echt slecht was, eigenlijk bijna gezond werd gevonden, werd zwangere vrouwen op het hart gedrukt dat het écht geen kwaad kon; die paar sigaretjes op een dag. Net als dat glaasje alcohol, trouwens. Inmiddels weten we allemaal dat roken hartstikke slecht is. Dus moeten wij aan kinderen vertellen hoe heel erg dood je er aan gaat.
De oplossing van de overheid: zorg dat op elke straathoek sigaretten zijn te krijgen, maak sigaretten duurder, we pakken nóg meer geld en oh ja, we doen wat aan voorlichting enzo.
Harddrugs waren eigenlijk altijd al fout. Softdrugs niet zo heel erg, maar wel een beetje; al was het alleen al om naar andere landen in ieder geval te doen alsof.
De oplossing van de overheid: blowen mag best, verkopen ook, maar inkopen niet, maar toch ook weer wel, dus dan doen we gewoon alsof we het niet weten en we pakken alsnóg wel ons geld.
De overheid houdt enorm veel van ons en dus wordt er steeds meer geld gepompt in voorlichtingen, schreeuwerige teksten op sigaretten pakjes die voorzien zijn van een rouwadvertentie rand en moeten bovendien 15 jarige kassa meisjes in de Albert Heijn aan leeftijdsgenoten vragen naar een ID als zij tabak en alcohol houdende drankjes kopen.
Nu de overheid ogenschijnlijk er alles aan doet om de burgers op het verslavingsvrije, alcoholvrije, rokersvrije pad te krijgen, – met de nadruk op ogenschijnlijk -, is het tijd voor een nieuw project: de softdrugs.
Ondanks de feiten en cijfers die keihard aantonen dat Nederland relatief gezien een van de laagste aantal verslaafden heeft en keer op keer is aangetoond dat legalisering en dus meer controle op alle aspecten beter werkt, legt de overheid als een klein kind zijn handen op de oren: ‘Lalalalala ik hoor je lekker niet!’
Dat het softdrugs beleid al jarenlang een hypocriet, krom, achterlijk beleid is, klopt natuurlijk niet volgens de regering, want het heet ‘gedogen’ en dus is het goed, eerlijk en gerechtvaardigd.
Maar nu gaat er écht wat veranderen: wiet met een THC gehalte boven de 15% zou moeten gaan vallen onder harddrugs.
Los van de discussie of dit wel of niet zou moeten: hoe moeten coffeeshop houders dit meten? Er bestaat geen eenvoudige methode of een test voor coffeeshop houders om dit percentage te kunnen meten.
Dat is dus net zoiets als zeggen dat jij je stoep schoon moet vegen, maar een bezem is er niet en geld is er ook niet om middelen aan te schaffen die jouw stoepje blinkend schoon kunnen krijgen.
‘Legaliseren en reguleren!’ zou het antwoord zijn van ieder mens met enig gezond verstand in zijn knar.
Maar nee hoor, de overheid blijft liever in de rol van hustler.
Want natuurlijk is het niet écht de bedoeling dat de rokers, drinkers en blowers stoppen.
Dat zou een ramp zijn.
Een ongekende ramp van pakweg 2,5 miljard euro die de overheid jaarlijks verdient aan alleen al de rokers. Om nog maar te zwijgen wat het met de economie zou doen wanneer alle drugs (wereldwijd!) zou worden gelegaliseerd, zij geen geld meer zouden verdienen aan de accijns op alcohol die in 2009 alleen al 989 miljoen euro in het overheid laatje bracht.
Eigenlijk, hè… Eigenlijk zou ik dus alleen al willen stoppen met roken om de overheid te zieken, want als ik dan tóch een pimp in mijn leven heb, wil ik daar meer voor terug dan alleen een rolletje papier met tabak waar ik aan mag zuigen.
[facebook_ilike]
Check de reportage over de Franse drugsoorlog en een interview met de Franse burgermeester van de stad waar o.a. onderstaande clip is opgenomen:
Link Brandpunt-drugsoorlog in Parijs
En dit, beste burgers, is de toekomst van onze Nederlandse wijken dankzij ons huidige kabinet:
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
Geplaatst in Media & meer, Straatrumoer
1 reactie
Mrs Bruja en het Grote Computer Complot
‘Zie je nou! Het is een complot!’ gil ik door de drukbezochte, gemeenschappelijke computerruimte op mijn werk waar iedereen in stilte aan het werk is.
Een aantal collegae komt geschrokken aanrennen.
Met een woeste blik kijk ik naar mijn dwarsligger van de dag.
‘Ik moet vijf cd’s branden en dat rot apparaat doet het er gewoon om! Kijk nou! Kijk! Hier, ik heb het gedaan zoals het hoort! Hij doet het niet en op de koop toe jat hij mijn cd! Geef mijn cd terug!’
Verbeten ram ik steeds harder op het knopje op de pc, dat mij uitlacht middels zijn knipperende lampje en verder het zwijgen er toe doet.
Vier collegae kijken van de schuldige naar het slachtoffer.
De blikken variëren van medeleven, – al ontgaat mij op dat moment waar deze het meest naar uitgaat – tot puur leedvermaak.
‘Niet slaan,’ klinkt het verwijtend uit de IT man zijn mond.
‘Wél slaan! En hard ook! Als ‘ie bij mij thuis was geweest had ik hem allang helemaal in elkaar getrapt!’
Ik heb een medestander, zij knikt geestdriftig na mijn laatste opmerking.
‘Ach, ik ken dat, hoor, ik heb ook altijd dit soort gelazer.’
Gesterkt door haar support voeg ik er nog aan toe: ‘En….en…en daarna er op gestampt en dan het raam uit gegooid. Tot ‘ie dood was! Nou, een beetje dood, dan,’ mompel ik iets zachter als mijn supportende collega mij nu ook lichtelijk bevreemd aankijkt.
Langzaam maar zeker verzamelen zich meer en meer collegae om zich te mengen in dit gevecht.
De operatie begint, geleid door de IT man. Om mijn gelijk te halen, hoop ik dat het hem ook niet lukt, zelfs als dat betekent dat ik een mega probleem heb aangezien de cd’s met spoed moeten worden gebrand.
Natuurlijk lukt het hem.
Probleemloos.
Soepeltjes glijden de te branden cd’s in de gleuf om er binnen no time keurig gefikt uit te komen.
Ik verlies terrein, ik voel het. De hele groep collegae begint steeds breder te grijnzen, zelfs die zojuist begripsvolle collega.
‘Nou, ik deed precies hetzelfde! Echt!’ Ik steek mijn hand uit naar de muis en onmiddellijk loopt alles vast. ‘Zien jullie het nu zelf?’ roep ik triomfantelijk uit. ‘Hij haat me. Dit is geen toeval!’
De IT man glimlacht vriendelijk. Zoals een arts kan glimlachen naar zijn patiënt die verklaart zojuist de afspraak te hebben afgezegd met Obama omdat zijn Batman pak besmeurd was door de vijand met een mysterieus verlammend poeder.
En ja hoor, de IT man aait, klopt, mompelt en hopla: de computer snort weer als een tevreden poes en spuugt de een na de andere gebrande cd uit.
Met gemengde gevoelens neem ik de stapel in ontvangst en kan uiteindelijk de IT man toch wel zoenen.
Ik ben uit mijn trip en weer helemaal blij! Voor eventjes. Want dan merkt mijn 106 jaar oude collega op: ‘Ach dat moet je ook aan de jonkies overlaten, wij kunnen dat niet meer. Wij snappen dat met die machines niet, dat is iets van de jonge generatie.’
[facebook_ilike]
Blijft geweldig, niet in de laatste plaats omdat ik dit ook het liefst zou doen.
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd, Vrouwen
Een reactie plaatsen
OverLeven
‘…en als u toch mijn ouders uitnodigt… Nou… Nou dan kom ik dus nooit meer terug hier! Nooit meer!’
Ze is een verdwaalde tiener.
Ooit, toen ze nog klein was, is ze de weg kwijt geraakt.
Niet zo verwonderlijk, als iedere bewegwijzering in het leven ontbreekt.
Zelfs een eenvoudig plattegrondje was er niet.
Een huis heeft ze wel, maar een thuis heeft ze nooit gekend. En dus moest ze zelf haar route uitstippelen.
Met vallen, opstaan en ernstige struikelpartijen, maar ze staat nog steeds.
Op een dag kruisten onze wegen zich en zowaar mocht ik haar vergezellen op haar hobbelige weg.
Soms wil ik links, zij rechts.
Zoals nu.
‘Ik zie het probleem niet,’ lieg ik, in de hoop dat ze doet wat we aldoor hebben geoefend: praten, in plaats van weglopen of schreeuwen.
‘Ik wil het niet. Dus het gebeurt niet. Discussie gesloten,’ roept ze de ferme woorden uit met een wanhopige blik in haar ogen.
Ik kijk haar zwijgend aan.
‘Dus, nou. Dan weet u dus dat. Het gaat dus niet door,’ klinkt het kleintjes.
‘Waar ben je bang voor?’
‘Ik ben voor niets bang. Helemaal niets en voor niemand! Ik ben een baas, u weet zelf, haha! Ik wil het niet. Punt.’
‘Maar waar ben je dan toch een beetje bang voor?’
‘Gewoon! Ik wil het gewoon niet hebben.’
Ik leg voor de zeshonderdste keer uit waar het gesprek over zal gaan, biedt aan dat ze er zelfs bij mag zijn, móet zijn, en ik haar stem zal vertegenwoordigen.
Ze is onverbiddelijk.
Ik blijf stil.
Haar defensieve houding kakt ineens volledig in. Met haar hoofd gebogen zit ze tegenover mij.
De stilte wordt doorbroken door haar woorden die nauwelijks hoorbaar klinken in mijn werkkamer: ‘Omdat… Omdat ik dan niemand meer heb. Ik heb niemand meer dan met wie ik kan praten. U gaat slecht over mij denken als u die dingen van hun gaat horen over mij.’
‘Ik beloof, ik zweer op alles wat ik liefheb, dat ik je niet laat vallen.’
‘Dat zeiden die anderen ook. Ook dat kutwijf van jeugdzorg die er bij is. En die andere, die van de kinderbescherming.’
‘Ik ben ik, ik ben die anderen niet.’
‘En toch kom ik dan nooit meer naar hier als u echt dat gesprek gaat doen.’
‘Dan kom je toch lekker niet? Ik ga je niet dwingen.’
Haar hoofd schiet omhoog na mijn woorden en terwijl we elkaar even aankijken, breekt een lach door op haar gezicht.
‘U zou me missen!’
Ik lach en geef geen antwoord.
‘Ziet u, u lacht! Jaaa, u zou me kapot erg missen!’
‘Ik kom je persoonlijk van straat trekken als jij niet komt morgen,’ grijns ik.
Ineens gieren we het samen uit.
Ze staat op, pakt haar jas en slaakt een diepe zucht.
‘Tot morgen, Mevrouw Bruja.’
‘Tot morgen, schat. En je weet het hè, half negen wil ik je zien, geen minuut later.’
Een knik en een zwaai en ik weet dat ze er morgen zal zijn, net als ik.
Geplaatst in Ouders & opvoeding, OverLeven, Straatrumoer
Een reactie plaatsen
This is a serious war!
Ze willen er voor moorden.
Hun hoofden lopen rood aan, afwisselend veroorzaakt door opwinding en woede jegens hun soortgenote, die net iets eerder was en met een triomfantelijke blik het in haar ijzeren knuisten klemt.
Verbeten monden.
Ogen waar hebberigheid en alertheid elkaar afwisselen.
Diezelfde ogen, die constant heen en weer schieten, klaar om toe te slaan. Want stel je eens voor, dat je iets over het hoofd ziet.
En daar sta ik dan tussen, volkomen misplaatst. Een alien.
Ik ben bijna vergeten waarom ik in godsnaam nou ook alweer perse die leuke nep bonten handschoenen moest hebben.
Ik ben te druk voor de handschoenen zoektocht, want ik hou alleen maar paniekerig de vluchtroute naar de uitgang in de gaten.
Jeuk op mijn rug.
Mijn truitje is ineens veel te warm, ook als het -10 zou zijn.
Zelfs in mijn tepel en venusheuvelbedekkende Braziliaanse bikini zouden de zweet stralen nog langs mijn lijf lopen.
De trui gaat steeds strakker zitten tot het voelt alsof mijn hele lijf tot vacuum gezogen wordt.
Mijn schouder doet zeer van mijn handtas. Mijn hoofd bonkt. Ik heb kramp in mijn kaken van het op elkaar klemmen van mijn kiezen in een poging mijn razernij te onderdrukken. Haat.
Pure haat voel ik opkomen.
Rustig in- en rustig uit ademen.
Hand op mijn buik. Naar mijn hand ademen.
In- en weer uit.
Bijenkorf meditatie.
Schijt, ik doe even mijn ogen dicht, dan gaat het vast beter.
Het gaat niet beter.
Fuck die handschoenen met leuk nep bont. Dan maar die lompe van de Hema.
Ik verdom het. Ik doe het niet meer, want ik ga vast heel erg dood als ik hier nog langer moet blijven.
Ik vlucht, de wantrouwende blik van de beveiliger negerend die het onbegrijpelijk vindt dat er een vrouw binnen is geweest die niets heeft gekocht.
Hoezeer ik mijn best ook doe, ik zal er nooit echt bij horen.
Ik kan het niet en wil het ook niet meer kunnen.
Ik haat winkelen.
Ik haat winkels met veel vrouwen.
Ik haat winkelende vrouwen die met hun moegestreden, rode hoofden en hun zeshonderd tassen in de tram en trein stappen om door elkaar heen schreeuwend hun zojuist gevoerde grondoorlog te evalueren.
Ze praten te luid, lachen te luid.
Ik verzamel in mijn ogen alle afkeer en haat als ik naar hen kijk, maar zelfs dat deert hen niet.
Beloof deze duivelse creaties een etmaal gratis winkelen in een winkel naar keuze als het hen lukt de meest gezochte boef op te sporen en geloof me, ze vinden hem.
Ik weet het heel zeker. Dit is mijn voornemen voor dit leven: ik moet rijk worden.
Echt heel erg, serieus rijk; dan kan ik een hele winkel laten ontruimen zodat ik op mijn gemakkie de hele Bijenkorf fluitend door kan lopen.
[facebook_ilike]
Kill dem ALL!
The video cannot be shown at the moment. Please try again later.
Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd, Vrouwen
Een reactie plaatsen
#MrsBruja @ziekenhuis #HerrieInHoofd
Dit is wat veel Twitter addicts een perfect Twitter moment zouden vinden. Tiet-Twitter Tijd.
Alliteratie. Fijn woord, ook: a-lli-te-ra-tie. Liefst met een foto erbij ter vergroting van de hilariteit. Niet van hun tieten, want dat is veel te persoonlijk. Dat dan wel.
Raar, eigenlijk.
En dan zouden ze ook nog elke minuut Twitteren over de meedogenloze TL verlichting die alle lelijkheid van het lichaam toont waar met geen mogelijkheid aan te ontkomen is, mede dankzij de spiegel die er hangt en die steeds maar roept: ‘Kijk! Kijk in mij!’.
En je moet. Je moet kijken.
Moest ik zelf naar binnen gaan of zou ik worden geroepen? Ik hoor stemmen achter de deur. Straks ruk ik de deur open en staat daar net patiënt Rinus in zijn Hema onderbroek en verpest ik hun fotoshoot. Ik wil Rinus zo graag niet in een tent onderbroek zien. Ik wil nog veel minder dat Rinus mijn blote tieten ziet.
Toch dan maar afwachten tot ik gehaald word. Jezus, wat moet ik doen?
Klote spiegel!
Huh?!
Sinds wanneer heb ik echte volwassen vrouwen borsten? Waar zijn mijn meisjes borsten gebleven? En wat doet in godsnaam die rimpel daar? Die zat er gister helemaal nog niet! Oh! En als ik opzij leun zit er half op mijn rug een walgelijke rol!
Weg bij de spiegel. Ik word hier geen blij mens van.
Jezus.
Jeeeeeeezus!
Wat moet je in hemelsnaam doen, terwijl je in je blote ketsers moet wachten in een kale, kille kleed- en wachtruimte in het ziekenhuis tot je geroepen wordt voor een röntgenfoto?
Zitten? Staan? IJsberen? Neuriën? Armen over elkaar of losjes laten hangen?
Rommelen in mijn handtas. Mijn mobiel.
Ik ga maar wat spelen met mijn mobiel. Wat een klote moment: half naakt, maar dan wel met lompe Timberlands aan mijn voeten. Stom.
Die spiegel in combinatie met dit klote TL licht… Vast en zeker van dezelfde ontwerpers die de krappe pashokjes met nietsverhullende verlichting in een gemiddelde kledingwinkel bedenken.
Dezelfde ontwerpers, die de verschrikkelijke straatsteentjes hebben verzonnen in het centrum en op de Dam in Amsterdam, die standaard je hakken slopen. Als je echt pech hebt, blijf je klemzitten met je beeldige, peperdure, gehakte schoenen.
Homo’s.
Die ontwerpers zijn vast hele valse, gemene nichten, die stiekem een hekel aan vrouwen hebben. Pure kift. Dat is het.
‘Komt u maarrrrr!’
De deur zwaait open, Jan Joris wenkt mij en ik mag naar binnen.
Een slecht verlichte ruimte.
Achterin, in een soort DJ hokje, nog twee hoofden met daaronder witte jassen.
‘Hallo!’ galmt mijn stem, (te hard! Je schreeuwt te hard!) en ik zwaai joviaal alsof ik de plaatselijke kroeg binnen stap.
Doe normaal! Doe verdomme voor een keertje nu eens normaal!
‘Wil je je staart omhoog doen?’ vraagt Jan Joris.
‘Tuuuuurlijk! Anders heb ik ineens zwaar behaarde longen op de foto, hè? Haha!’
Lachen. Flink lachen en grapjes maken, want dan is het minder eng en kunnen we gewoon doen of dit heel normaal is.
Maar komop, het is toch ook normaal?
Jahaa, die kennen we: zogenaamd zien deze mensen de hele dag niets anders! Trap je daar echt in? Nou ik zal je vertellen…
‘Sta ik zo goed?’ onderbreek ik het geschreeuw in mijn hoofd.
‘Prima. En dan op mijn teken diep ademhalen.’
Niet veel later ben ik klaar en bedank de witte jassen, waarop Jan Joris zegt: ‘Ja, jij ook bedankt, hè!’
Ik glimlach heel normaal terug en loop de kleedruimte in.
Niet kijken, niet kijken in die rot spiegel. ‘Jij ook bedankt’? Waarvoor? Waarom zei hij dat? Rare opmerking…toch?
Welnee, daar bedoelde die Jan Joris niets mee.
Oh nee?! Oh nee?! Nou, misschien dus wel. Misschien bedankte hij omdat ze zo hebben gelachen om mij, toen ik raar aan het drentelen was in de wachtkamer terwijl zij mij met een verborgen camera aan het bespieden waren. Of omdat ik kroeg-joviaal deed toen ik binnenkwam. Of om mijn behaarde longen grapje. Of…mijn borsten! Zei hij het daarom?!
Ik kom er niet uit.
De discussie stopt pas als ik thuis kom en de hondjes mijn gepieker wegvagen met hun gejoel van blijdschap dat ik weer thuis ben.
Thuis. Fijn.
Thee, de bank, de hondjes, oogkneuzend joggingpak en een dekentje.
Rust.
Oh ja.
De longen verkeerden in goede staat.
Opluchting. Discussie gesloten.
Ja, dat zeg jij nu wel zo makkelijk, maar er al bij stil gestaan dat jij nog steeds niet weet wie die witte jassen in het DJ hokje waren en dat misschien wel…
[facebook_ilike]
Geplaatst in Een kijkje in Bruja's hoofd
Een reactie plaatsen

































